| naar top | naar hoofdstuk 2 | naar hoofdstuk 3 | naar hoofdstuk 4 | naar hoofdstuk 5 | naar hoofdstuk 6 | naar hoofdstuk 7 | naar hoofdstuk 8 |
Het bieden is een poging om samen te bepalen hoeveel slagen
we straks tijdens het spelen kunnen maken. Bij dat onderzoek hebben twee zaken
de hoogste prioriteit:
1 achterhalen wat de beste speelsoort is.
2 Uitvinden of er een manche gemaakt kan worden.
Hoeveel punten zijn er nodig voor een manche?
3Sa : 25punten
4♥/♠ : 25punten
5♣/♦ : 27punten
Hierbij moet worden aangetekend dat dit richtlijnen zijn.
Elk spel is anders.
Bijstellen voor korte kleuren:
Renonce= 3
singleton=2 doubleton= 1
Punten voor korte kleuren mogen pas bijgeteld worden als de
troefkleur bekend is.
1 Partner zal negen van de tien keer 1Sa antwoorden. Dat betekent dat 3Sa in de “verkeerde” hand komt.
2 Na een antwoord op twee-niveau zou je
moeten springen
naar 3Sa om de 18-19 punten aan te geven. 3Sa is echter een dermate
hoog
bod
dat het nauwkeuriger omschreven moet zijn dan 18-19 gebalanceerd.
Advies: Open met 4-3-3-3 verdelingen altijd met de vierkaart, maar
maak een uitzondering voor de 4-3-3-3 en 3-4-3-3 met 18-19 punten. Daarmee open
je 1♣ en herbied je in de volgende
biedronde 2Sa.
Strijdpunt: de 4-4-4-1
De achilleshiel van Acol, zo wordt de 4-4-4-1 verdeling vaak
genoemd.
Open met een 4-4-4-1 altijd met de laagste vierkaart.
Van twee vijfkaarten openen we de hoogste.
| naar top | naar hoofdstuk 2 | naar hoofdstuk 3 | naar hoofdstuk 4 | naar hoofdstuk 5 | naar hoofdstuk 6 | naar hoofdstuk 7 | naar hoofdstuk 8 |
Schematisch zien de antwoorden na een 1Sa opening er zo uit:
1Sa - 2♣
Stayman
2♦/♥
Jacoby
transfer
2Sa
limietbod,
8-9 punten
3♣/♦/♥/♠ 6+kaart,
forcing
3Sa/4♥/♠ eindbod
één of twee
vierkaarten hoog
0-7 punten pas
8-9 punten eerst 2♣ en dan een limietbod
10+ punten eerst 2♣ en dan een manchebod
een vijfkaart hoog
0-7 punten Jacoby transfer en dan pas
8-9 punten Jacoby transfer en dan 2Sa
10+ punten Jacoby transfer en dan 3Sa (of
tweede kleur)
een zeskaart hoog
0-6 punten Jacoby transfer en dan pas
7-8 punten Jacoby transfer en dan 3♥/♠
9-12 punten Jacoby transfer en dan 4♥/♠
13+ punten direct 3♥/♠
De 2-Openingen
De kracht van de 1-openingen loopt van minimaal 11 tot maximaal 19 punten.Met sterkere handen wordt normaliter op het tweeniveau geopend.
De 2♣ opening
De 2♣-opening is in Acol de sterkst mogelijke opening.
Het is mancheforcing, wat wil zeggen dat er niet gestopt mag worden onder de
manche. De 2♣ opening kan gebaseerd zijn op
twee verschillende handtypen:
1 Een kaart waarmee je op je eentje een manche kunt maken.
2 Een gebalanceerde hand met 23 punten of meer.
In de twee klaveren zit de
23-24 Sa verdeling ( 2Sa) en de 25+ punten Sa verdeling (3Sa).
De 2♦/♥/♠ opening
Deze
openingen zijn gereserveerd voor handen die te sterk zijn voor een 1-opening, maar niet sterk genoeg
voor de 2♣. Ze beloven 8-9 speelslagen
met de geopende
kleur als troefkleur.
De
openingen zijn meestal gebaseerd op een zeskaart. Bij uitzondering is een goede
vijfkaart mogelijk.
De 2Sa opening
De
eenvoudigste 2-opening, 2Sa belooft 20-22 punten met een Sa verdeling.
Schematisch
ziet het bieden met Sa-verdelingen er zo
uit:
1 12-14 : open met één in een kleur en herbied
1Sa
2 15-17 : open met 1Sa
3 18-19 : open met één in een kleur en spring
naar 2Sa
4 20-22 : open met 2Sa
5 23-24 : open met 2♣ en herbied 2Sa
6 25+ : open met 2♣ en herbied 3Sa
3-openingen en hoger
Voor
preëmptieve openingen geldt:
De
regel van twee en drie, die zegt:
Niet
kwetsbaar mag je drie slagen hoger mag bieden dan je in je handen hebt.
Kwetsbaar
moet je iets voorzichtiger zijn en niet meer dan twee slagen hoger bieden.
Preëmptieve
openingen op vierniveau worden meestal gedaan met achtkaarten of langer.
Zeer
belangrijk is de regel van twee en drie toe te passen.
Open
met een dichte 7 kaart laag
3Sa (Gambling) maximaal 10 punten en géén belangrijke plaatjes naast de dichte
zevenkaart (hoogstens een Vrouw).
| naar top | naar hoofdstuk 2 | naar hoofdstuk 3 | naar hoofdstuk 4 | naar hoofdstuk 5 | naar hoofdstuk 6 | naar hoofdstuk 7 | naar hoofdstuk 8 |
Hoofdstuk 3: Verder bieden na een 1Sa opening
1. Hij weet het juiste
eindcontract en wil dat bieden.
2. Hij weet het juiste
eindcontact nog niet en wil nadere informatie.
Daarom
zijn de antwoorden op 1Sa grotendeels conventioneel.
De Stayman conventie
Één
van de belangrijkste doelstellingen bij het bieden is het vinden van een
achtkaart fit in een hoge kleur.
Na
een 1Sa opening gebruiken we daarvoor een conventie Stayman.Deze conventie is
feitelijk niet meer
dan
een vraag- en antwoordspelletje.
De
antwoorder vraagt met 2♣ naar het hoge kleurenbezit
van de openaar. Die moet vervolgens braaf
antwoord
geven volgens het volgende schema:
1Sa - 2♣
2♦ - geen
vierkaart in harten of schoppen
2♥ - vierkaart
in harten
2♠ - vierkaart in
schoppen
2Sa - met
vierkaart harten en vierkaart schoppen
De partner van de 1SA openaar kan na het antwoord op Stayman nog steeds een limietbod doen.
Dit heet een uitgesteld limietbod.
Hoeveel punten moet de antwoordende hand hebben om de Stayman conventie te mogen gebruiken?
Normaliter zul je minstens een inviterend (8+) spel hebben.. Er zijn echter uitzonderingen denkbaar.
De Jacoby transfers
2♣ wordt dus gebruikt om een
eventuele 4-4 fit hoog te ontdekken.
Maar
wat als de antwoordende hand een vijfkaart hoog heeft?
Met
Jacoby transfers bied je niet de kleur
die je hebt, maar de kleur daaronder.
De
1Sa openaar is vervolgens verplicht om
de opvolgende kleur te bieden.
Dus:
1Sa - 2♦ 5+ kaart harten, verplicht
partner tot het bieden van 2♥
1Sa - 2♥ 5+ kaart schoppen, verplicht
partner tot het bieden van 2♠.
Na het verplichte opvolgende bod pas je met 0-7 punten.
Met sterkere handen ga je je
kaart nader omschrijven. Wat je je daarbij moet realiseren is dat je de
vijfkaart
harten al aangegeven hebt.
Het grote voordeel van deze methodiek is dat je als antwoorder automatisch nog een keer aan de beurt komt.
Verder na een transfer
Daarmee komen we aan een belangrijk punt: hoe bied je verder nadat de openaar het verplichte opvolgende bod heeft gedaan?
Normaliter moet de 1SA openaar na een transfer altijd braaf de volgende kleur bieden. Er is één uitzondering.
Met een vierkaart steun en een maximale 1SA opening mag de openaar de transfer "breken"
| naar top | naar hoofdstuk 2 | naar hoofdstuk 3 | naar hoofdstuk 4 | naar hoofdstuk 5 | naar hoofdstuk 6 | naar hoofdstuk 7 | naar hoofdstuk 8 |
De one over one
Een
nieuwe kleur op éénniveau is forcing; de openaar mag er niet op passen. Dat betekent dat er
geen bovengrens zit
aan het aantal punten dat de antwoordende hand kan hebben.
Van
twee of meer vierkaarten bied je de goedkoopste.
Met
twee vijfkaarten begin je met de hoogste.
Voor een antwoord in een nieuwe kleur op tweeniveau zijn
minimaal 10 punten vereist.
Verder
blijven de basisregels van kracht:
1 De laagste vierkaart eerst, bij drie
of twee vierkaarten.
2 De hoogste vijfkaart eerst bij twee
vijfkaarten.
Een
nieuwe kleur belooft normaliter minstens een vierkaart. Er is één uitzondering:
een 2♥ antwoord op 1♠
opening
belooft een 5 kaart. Waarom? Het
ontdekken van een achtkaart fit in een hoge kleur behoort tot de
hoofddoelen
van het bieden. Het spreekt voor zich zelf dat een 5-3 fit moeilijker te
ontdekken is dan een 4-4 fit.
Het bieden wordt aanzienlijk vereenvoudigd als 1♠-2♥ een vijfkaart belooft.
Wanneer
1♠-2♥ een vijfkaart harten belooft,
kunnen er problemen ontstaan met de 10+ hand met een 3-4-3-3
Hiermee
moet wat anders verzonnen worden.
Bij
een 4krt.♥ , géén ♥
bieden maar evt. 2♣. 10+ punten (improviseren).
Na
2♣ zal partner zijn kaart verder omschrijven.
Geef
partner zoveel mogelijk ruimte om zijn kaart te omschrijven. Daarna bepaal jij
het eindcontract!
Het 1Sa antwoord
Het
1Sa antwoord op een kleuropening is een vuilnisbakkenbod: het toont 6-9 pnt. en
ontkent een 4krt in kleuren die
op het éénniveau geboden hadden kunnen worden.
1Sa
antwoord belooft geen Sa-verdeling en daarmee onderscheidt het zich van alle
andere Sa-verdelingen.
Na
een 1♣ opening is het 1Sa antwoord geen vuilnisbakkenbod.
Hiervoor is een eenvoudige reden: alle kleuren
kunnen op éénniveau geboden
worden! En met een 3-3-3-4 kun je partner steunen. Kortom, na een 1♣ is 1Sa een
vrijwillig bod. Dit betekent dat je
graag Sa speelt.
2Sa e 3Sa
Ook
2Sa en 3Sa zijn vrijwillige Sa-biedingen. Ze beloven een Sa-verdeling.
2Sa
is een limietbod. Het toont 10-11 punten met een verdeelde hand. Partner mag
passen, maar zal met enige
overwaarde doorgaan naar de manche.
Wat
geldt voor 2Sa, geldt in versterkte mate voor het 3Sa antwoord, dat 12-15
punten aangeeft.
Gebruik
het 3Sa bod spaarzaam. Langzaam opbouwen biedt nauwkeuriger en leidt vaak tot
betere eindcontracten.
Fit
biedverlopen
Met
een fit in een hoge kleur steun je altijd direct.
Een
enkele verhoging geeft 6-9 punten aan.
Een
dubbele verhoging is een limietbod en toont 10-11 punten.
Vanaf
12 punten kun je direct naar de manche gaan. Het maximum aantal punten voor dit
bod ligt met het oog op een eventueel slem op 15.
Steunen op een driekaart?
Mag
je partners 1♥/♠ opening wel eens steunen op
een driekaart? Het antwoord luidt: ja.
Na
1Sch-opening mag er gesteund worden met een 3krt en evt. een singleton in
andere kleur.
Want
partner heeft negen van de tien keer een vijfkaart.
Een fit in een lage kleur
Met
een fit in een lage kleur, niet altijd meteen steunen er kán ook een fit in een
(beter betalende) hoge kleur aanwezig zijn.
Bij
sterke handen met een lage-kleurenfit vanaf 12+ pnt: improviseren, springen naar 5-niveau is meestal niet goed.
Soms
is 3Sa het beste bod dus ga op zoek. Aangezien 1♣-2♣ 6-9 belooft en 3♣ 10-11, moet er
geïmproviseerd worden. Met 1♦ bijvoorbeeld!
Dit laat
partner de meeste ruimte om zijn hand beter te omschrijven. Bij een ♦
fit eerst 2♣ bieden, steunt partner met 3♣ kun je altijd nog 3♦
bieden.
Met
een sprongantwoord vertel je aan partner: “De manche staat vast, het is
mogelijk slem en ik weet voor 90% zeker wat de troefkleur moet worden”.
| naar top | naar hoofdstuk 2 | naar hoofdstuk 3 | naar hoofdstuk 4 | naar hoofdstuk 5 | naar hoofdstuk 6 | naar hoofdstuk 7 | naar hoofdstuk 8 |
Verder na een one-over-one
De one-over-one is rondeforcing, de openaar mag dus niet
passen. Er zijn twee mogelijkheden:
1 Er is een fit ontdekt.
2 Er
is nog geen fit ontdekt.
Met een gebalanceerd spel zal de openaar gaan herbieden in
Sa. 1Sa toont een Sa-verdeling met 12-14 punten,
2Sa eentje met 18-19 punten.
De nieuwe kleur op éénniveau
Er
is een uitzondering op de regel dat de openaar met een Sa-patroon in zijn
tweede biedbeurt Sa biedt, namelijk
wanneer hij 12-14 punten heeft en een nieuwe
kleur op het éénniveau kan bieden.
Daarom
de volgende gouden regel:
Kleuren die je
op 1-niveau kunt bieden mag je nooit overslaan.
♠ H6
♥ 9865 1♣-1♦ De kwaliteit van de kleur doet hier
niet ter zake: een vierkaart is een vierkaart.
♦ 7 1♥
♣ AHV876
Een sprong in een nieuwe kleur is mancheforcing. Aangezien
de antwoorder voor zijn one-over-one slechts zes
punten hoeft te hebben,
belooft zo’n sprongherbieding 18-19 punten. Het garandeert tenminste een
vijfkaart in de openingskleur.
Een
5-4 waarbij de vijfkaart een hogere
kleur is dan de vierkaart is gemakkelijk te bieden. Je begint met de vijfkaart
en noemt in tweede instantie de vierkaart.
Een
nieuwe kleur op tweeniveau belooft geen overwaarde. De puntenrange loopt van
11-17. Met 18-19 spring je.
Met
een 6-4 verdeling heeft het bieden van de vierkaart normaliter de voorkeur
boven het herhalen van de zeskaart.
De
zeskaart herhalen komt alleen in aanmerking als je er een hele slechte
vierkaart lang naast hebt.
De hogere vierkaart
Het bieden met een 5-4 is vrij eenvoudig als de vierkaart
in een lagere kleur zit dan de vijfkaart. Met de vierkaart in
een hogere kleur
liggen de zaken minder simpel. We krijgen dan namelijk het volgende,
oneconomische biedverloop:
1♦-1♠
2♥
West
heeft een vijfkaart ruiten en een vierkaart harten. Wanneer de openaar zijn
tweede kleur op het tweeniveau moet
bieden en die tweede kleur een hogere is
dan zijn eerste, biedt hij reverse.
Een
reversebod belooft minimaal 16 punten, tevens toont het een 5-kaart in de eerst
geboden kleur.
Een reverse is
100% forcing; er mag niet op gepast worden. De range ligt tussen 16-19pnt.
De sprongreverse
Een
sprong-reversebod is ook 100% forcing en belooft een 6-5 of langer.
Dus 1♣-1♠ 2♥ is al forcing, dus is 3♥
niet nodig om een 5-4 met 18-19 punten aan te geven.
3♥ Het is eigenlijk een
“overbodig”bod. Je kunt het daarom gebruiken voor iets speciaals.
Het is een
redelijke, maar niet al te sterke 6-5.
Met
een echt sterke 6-5 bied je eerst reverse en daarna nogmaals harten om de 6-5
aan te geven.
Met
een subminimale 6-5 is het beter om met de hogere vijfkaart te beginnen. Hierna
bied en herbied je de lagere
zeskaart om een 5-5 aan te geven.
De kleurherhaling
Wanneer
je geen tweede kleur hebt en ook geen Sa-verdeling, dan valt je hand in de
categorie éénkleurenspellen.
Dit zijn handen met een zeskaart of langer.
Met
een zeskaart of langer en geen tweede kleur, ga je je kleur herhalen.
Qua
kracht kunnen we de handen grofweg onderverdelen in drie categorieën:
1. 11-14 punten
2. 15-17 punten
3. 18-19 punten
De handen uit de eerste categorie worden
aangegeven via een zo goedkoop mogelijke kleurherhaling.
Het
éénkleurenspel met 15-17 punten wordt kenbaar gemaakt via een jump rebid.
♥ AB6 1♣-1♠ Met 19
punten is deze kaart wat te sterk voor een non-forcing 3♣ bod.
♦ AV7 3Sa!! Een nog grotere sprong gaat 3Sa
voorbij, wat met een lange lage kleur
♣
AHB943
zo
ongeveer een doodzonde is. Nee, het meest praktische bod is ….3Sa!
Deze
dubbele jump in Sa heb je niet nodig om een Sa- verdeling met een bepaald
aantal punten aan te geven; een jump naar 2Sa belooft 18-19 en met 20-22 open
je 2Sa.
Een
dubbele sprong naar 3Sa toont een sterk spel met een lange openingskleur. Je
hoeft er niet gebalanceerd voor te zijn. Je zult soms
moeten improviseren! Je
kunt een singleton hebben en een 3-kaart in partners hoge kleur.
Het
belooft 18-19 pnt.
Een
kleurherhaling kan op een 5-kaart gedaan worden als je een 5-4 verdeling hebt die
te zwak is voor een reverse.
Een
kleurherhaling met sprong is altijd gebaseerd op tenminste een 6-kaart. Tevens
ontkent het een tweede kleur.
Zoals
gezegd is de 4-4-4-1 een beetje het zorgenkindje van het biedsysteem.
Na
een one-over-one is er echter maar één situatie die rebidproblemen oplevert: de
1♠-4-4-4 in combinatie met een biedverloop
dat begint
met 1♣-1♠.
♠ 8
Hiermee
kun je uiteraard geen 1Sa (of 2Sa) herbieden. Wat dan? Er zit niets anders
♥ AV76 1♣-1♠ op dan
een reverse te geven. Dit belooft eigenlijk een 5-4, maar wederom verliest
♦ AV76 ?? de keizer zijn recht. Je
hebt trouwens nog een luxe probleem: je kunt zowel 2♦
♣ HV62
als 2♥
bieden. 2♥ is het beste bod. De kans
is groot dat je niet meer toe komt aan
het vertellen van je derde
vierkaart. Hoge kleuren zijn belangrijker dan lage kleuren, dus moet
het noemen
van
de vierkaart harten
prioriteit hebben.
Herbiedingen met fit
Tot
nu toe is alleen aangegeven wat je moet herbieden als er nog geen fit gevonden
is. Het komt natuurlijk ook voor
dat partner antwoordt in een kleur waarin je
een vierkaart hebt. Dan zul je hem in de regel gaan steunen, zeker als
het een
hoge kleur is. Dit kan op drie manieren:
1. de enkelvoudige verhoging
2. de verhoging met sprong
3. de verhoging met dubbele sprong
2 De verhoging met sprong
toont een iets sterker spel dan minimale opening. Het toont 15-17 punten
en is in hoge mate inviterend.
3 De verhoging met
dubbele sprong toont een kaart die sterk genoeg is om tegenover een
partner met zes punten de manche te proberen.
Normaliter zal je dus 18-19
punten hebben.
Wanneer
er een fit gevonden is mag je je kaart gaan herwaarderen.
1
punt voor dubbelton 2 voor
singleton 3 voor een renonce.
Steunen op een driekaart
Steunen
op een driekaart komt in aanmerking als er geen enkel ander bevredigend bod is.
Het steunen van partners lage kleur ontkent een 4-kaart hoog!
een dubbele jump in een nieuwe kleur is een splinterbid. Het toont een sterk spel met fit in en een singleton of renonce in de
Ook
een two-over-one is rondeforcing; de openaar moet dus doorbieden.
Het 2Sa rebid
Het
laagst mogelijke Sa-rebid toont een Sa-verdeling met 11-14 punten.
Strijdpunt: hoeveel punten
toont een sprong naar 3Sa?
Het meest voor de hand ligt natuurlijk: 18-19. Gewoon de
lijn van de one-over-one doortrekken.
Toch
is dat geen vanzelfspekendheid. Aangezien een antwoord op tweeniveau 10+ punten
belooft valt er ook wat voor te
zeggen om de puntenvereisten voor 3Sa te
verlagen tot 15.
Conclusie:
de sprong naar 3Sa dient met beleid gebruikt te worden.
De lagere vierkaart
Het
bieden van een lagere vierkaart belooft nog steeds een 5-4 verdeling met een
vrij wijde range. Maar in tegenstelling tot een nieuwe
kleur na een
one-over-one is een nieuwe kleur na een two-over-one forcing.
Een nieuwe
kleur op 3-niveau is mancheforcing.
Na een two-over-one betekent dit dat je minstens 15
punten (15+10=25) moet hebben om een
nieuwe kleur op drie-niveau te mogen bieden.
De reverse
Ook
na een two-over-one is het bieden van een hogere nieuwe kleur een reverse! Het belooft overwaarde en is
mancheforcing.
Maar aangezien je partner tenminste 10 punten belooft, ligt de
ondergrens voor een reverse hier een tikkeltje lager: bij 15 punten.
De nieuwe kleur met sprong
Een
nieuwe kleur met sprong belooft ruime overwaarde (17-19 punten) en is uiteraard
mancheforcing.
In
situaties waar een nieuwe kleur zonder sprong al overwaarde belooft – reverse,
nieuwe kleur op drieniveau – is springen om een sterke hand aan te geven niet
nodig. Aan zo’n sprong kan een andere betekenis gegeven worden.
1♦ - 2♣ Deze sprong-reverse toont een redelijke, maar niet
al te
3♥ sterke 6-5 (analoog aan 1♦-1♠-3♥). Iets als:
♠ 6
♥ AH765 Met sterkere handen kun je
eerst 2♥ (reverse) bieden en daarna de
♦ AV8765 hartens herhalen. Met een zeer
minimale 6-5 verdient het aanbeveling
♣ 5
om met de hoogste
kleur te beginnen en je kaart te verkopen als een 5-5.
2. De controlebieding
1♠ -2♥ Een ongebruikelijke sprong naar het
vierniveau (3♣ geeft al een sterk spel aan) kunnen we
4♣ heel goed gebruiken als een controlebieding.
♥ AV65 4♣ stelt harten vast als troef
en toont een controle in klaveren.
♦
82
♣
AV
Kleurherhalingen
Ook
na een two-over-one zijn éénkleurenspellen eenvoudig te bieden. Je herbiedt je
kleur met of zonder sprong, al naar je
gelang je overwaarde hebt of niet. Een
simpele kleurherhaling is niet forcing.
Kleurherhaling met sprong
Evenals
na een one-over-one garandeert de kleurherhaling met sprong een zeskaart. Na
een two-over-one is de kleurherhaling met
sprong echter mancheforcing. Dat is
een groot voordeel want het betekent dat zeer sterke
éénkleurenspellen geen
akelige rebidproblemen opleveren.
Improviseren met de 4-4-4-1
De
enige 4-4-4-1 die na een two-over-one problemen kan opleveren, is die met een
singleton klaveren.
♠ HB76
Met een hand van 11-14
punten ben je gedwongen
♥ AV83 1♦-2♣
om 2Sa te herbieden.
♦
H872 2Sa
♣ 6
Met
alle sterkere 4-4-4-1 verdelingen ga je uit nood reverse bieden.
Improviseren met de 18-19 Sa
Als
we het 3Sa rebid na een two-over-one als 15-17 spelen zitten we in ons maag met
de Sa-verdeling met 18-19 punten. Daarmee
zullen we moeten improviseren.
Gelukkig staan ons vele forcing biedingen ter beschikking. Dat moet ook wel,
want er moet regelmatig
gelaveerd worden om het goede contract in de goede
handen te krijgen.
Het
steunen van partners lage kleur na een two-over-one is forcing!
Het
heeft als voordeel dat je nog flexibeler kunt bieden met handen waarmee
geïmproviseerd moet worden.
Speel
je een enkelvoudige steun als forcing, dan wordt de sprong naar het vier niveau
gebruikt om een uitgesproken
kleurenspel met fit aan te geven:
1♠-2♣ Biedt direct 4♣ om je aspiratie kenbaar te
maken voor slempotentieel.
1♠-2♥ Het biedverloop is een buitenbeentje
in de two-over-one. In de eerste plaats is ♥
een hoge kleur en in de tweede plaats belooft 2♥
een vijfkaart.
Dit heeft twee konsekwenties:
1 3♥ is niet forcing. Met
overwaarde springt openaar gewoon naar 4♥.
Met een fit in een hoge kleur heb je geen angst om 3Sa
voorbij te
gaan.
2 De openaar mag vrijelijk steunen op een driekaart.
Met
nog sterkere fithanden kun je na 1♠-2♥
springen naar 4♣ of 4♦.
Dit zijn controlebiedingen. Ze beloven een 1e of 2e
controle in de kleur die geboden is.
Verder na Sa-antwoorden
De herbieding na Sa-antwoorden wijken in de grond niet
zoveel af van die na one-over-one Toch
is er een essentieel
verschil: Sa-antwoorden zijn niet forcing. De openaar mag
in zijn tweede biedbeurt dus passen.
Verder na 1Sa
Ook na een 1Sa antwoord vallen de handen voor de
herbieding weer uiteen in de vertrouwde categorieën: gebalanceerde handen,
éénkleurenspellen, de lagere tweede kleur en de hogere tweede kleur.
Gebalanceerde handen
Het 1Sa antwoord toont 6-9 punten. Als de openaar geen
verdere manche-aspiraties heeft, zal hij met een gebalanceerd spel passen.
De lagere tweede kleur
Een
lagere tweede kleur toont een 5-4 verdeling (of langer) met 11-17 punten. Het
is niet forcing.
De lagere tweede kleur met
sprong
Een sprongbod in een nieuwe kleur is ook na een 1Sa
antwoord mancheforcing. Een 5-4 met 18 punten is het minimum.
De hogere tweede kleur
De reverse herbiedingen zijn nog steeds van kracht. Het
bieden van een nieuwe hogere kleur op het tweeniveau is rondeforcing,
toont
forse overwaarde en belooft een vijfkaart in de openingskleur.
De kleurherhaling
Een simpele kleurherhaling is na 1Sa altijd puur
contractverbetering. Het is absoluut niet inviterend voor de manche.
Een
kleurherhaling met sprong is inviterend voor de manche, maar niet forcing. Het
toont een zeskaart met 15-17 punten.
Verder na 2Sa
2Sa toont een Sa-verdeling met 10-11 punten. Meestal zal
de openaar moeten passen of hij al dan niet op de mancheinvite ingaat.
Verder na 3Sa
Wanneer partner op jouw opening 3Sa biedt is dat negen van
de tien keer het einde van het biedverloop. Er kunnen slechts twee redenen zijn
om door te bieden:
1 Je hebt een kaart die veel geschikter is voor een kleurcontract.
2 Er zijn slemperspectieven.
| naar top | naar hoofdstuk 2 | naar hoofdstuk 3 | naar hoofdstuk 4 | naar hoofdstuk 5 | naar hoofdstuk 6 | naar hoofdstuk 7 | naar hoofdstuk 8 |
Verder bieden met fit
Verder na 1♥/♠ - 2♥/♠
1♠-2♠
Normaal wordt er met 3♠ nu gevraagd partner ben je
max. of min. Bij max bied je 4♠ en bij
?? min. Pas.
De
methode om er achter te komen of de handen goed of slecht fitten noemen we:
De
long suit trial.
Met long suit trials vragen we niet alleen aan partner of
hij max. of min. is, maar tevens of hij met extra aandacht wil kijken
naar zijn
bezit in de geboden kleur.
Dus
1♠-2♠
3♥-3♠…… géén steun in harten
3♥-4♠…… wél steun in harten (kan
ook bij een singleton ♥ gedaan worden)
Ook
na reverse kan met long suit trial gevraagd worden naar de geboden
kleur.
Een nieuwe kleur na 1♣/♦ – 2♣/♦
Ook
na een enkelvoudige verhoging in een lage kleur is een nieuwe kleur een
manchepoging. De situatie ligt echter wezenlijk
anders dan bij een fit in een
hoge kleur. De meest waarschijnlijke manche is nu 3Sa. Voor dat contract is het
belangrijk dat we
voldoende punten samen hebben en dat alle zijkleuren gestopt
zijn.
1x - 2x – 3x
Na
een biedserie 1x-2x-3x is 3x barrage.
Een nieuwe kleur na 1♣/♦-3♣/♦
Een
nieuwe kleur na 1♣/♦-3♣/♦ is
een poging voor 3Sa.
De bedoeling is om uit te zoeken of alle zijkleuren
gestopt zijn.
Verder na 1♥/♠-3♥/♠.
Na
1♥-3♥ is
er geen ruimte meer voor een manchepoging dus wordt het een slempoging.
1♥-3♥
4♣ is nu: partner ik heb interesse in 6♥ en
een controle in Klaveren.
The principle of fast
arrival
2♣-2♦
1♣-1♦
1♦-2♥
2♥-3♥
2♥-3♥
3♥-
In
al deze situaties is 3♥ een sterker bod dan 4♥.
Dat komt omdat het bieden mancheforcing is en 3♥
niet nodig is als invite voor 4♥.
3♥
stelt de troefkleur vast en nodigt uit tot controlebiedingen. Een direct 4♥
toont geen enkele sleminteresse.
Het
principe geldt niet in situaties als:
1♥-3♥
1♣-1♦ 1♥-1♠
1♥-3♥
2♣ –3♥
Op
basis van het “principle of fast arrival” bied je met een minimale hand direct
de manche.
Bieden na een sprongantwoord
in een lage kleur
Na
een sprongantwoord in een lage kleur hebben alle biedingen op drie-niveau 3Sa
als oogmerk.
Na 1♥-3♣
3♠ Hier komt de reverse te vervallen. 3♠ toont waarden in schoppen
en smeekt partner om met een ruitendekking 3Sa te bieden.
Wanneer je partner
gaat
steunen geldt het “principle of fast arrival” onverkort:
Na 1♠-3♦ Je hebt sleminteresse en maakt dat bekend met 4♦
4♦ De 3-antwoorden op een
opening beloven een éénkleurenspel.
1♠ - 3 ♥ is
het sprongbod dat de meeste biedruimte wegneemt. Het gebrek aan ruimte om een
sterk steunbod te doen lossen we
op met advanced cue bids.
Na
1♠-3♥ is zowel 4♣ als 4♦
een sterke hand met hartensteun! Tevens belooft het een controle in de geboden
kleur.
| naar top | naar hoofdstuk 2 | naar hoofdstuk 3 | naar hoofdstuk 4 | naar hoofdstuk 5 | naar hoofdstuk 6 | naar hoofdstuk 7 | naar hoofdstuk 8 |
Verder na een initiële
one-over-one
Bij
een nieuwe kleur op éénniveau is de range voor het eerste bijbod ontstellend
groot: 6+ punten. In zijn tweede biedbeurt zal de antwoorder kenbaar
maken in elke van de volgende drie ranges zijn hand valt:
1 de minimale range: 6-9 punten
2 de inviterende range: 10-11 punten
3 de mancheforcing range: 12+ punten.
Verder na een one-over-one
Na
een herbiedings one-over-one, bijvoorbeeld 1♣-1♥-1♠, is de puntenrange van de
openaar nog niet zo nauw begrensd: 11-17.
Mede daarom heeft de antwoorder de
taak om zijn kaart nu nauwkeurig mogelijk te limiteren. Als er een fit gevonden
is dient hij dat
natuurlijk te melden.
Sa-biedingen
De
Sa-biedingen hebben dezelfde puntenranges als bij een dirct Sa-antwoord, dus:
1Sa 6-9
punten
2Sa 10-11
punten
3Sa 12-15 punten
Voor
2Sa en 3Sa geldt dat een dekking in de ongeboden kleur noodzakelijk is. Ook
voor 1Sa is een dekking aan te bevelen.
Het steunen van partners
kleuren
Ook
hier gelden dezelfde regels als bij direct steunen: een enkelvoudige verhoging
toont 6-9 punten en eentje met sprong 10-11 (limietbod).
Een
steun met sprong belooft 100% zeker een vierkaart.
Kleurherhalingen
Een kleurherhaling van de antwoordende hand belooft in
principe een zeskaart in de geboden kleur en 6-9 punten.
De vierde kleur
Als er drie
kleuren geboden zijn, is het bieden van de vierde kleur conventioneel. Het
toont manche-interesse en vraagt aan partner om
zijn kaart nader te
omschrijven.
De vierde kleur is dus
een mechanisme om partner aan de praat te houden. Je gebruikt het als je
redelijk sterk bent en meer
informatie nodig hebt om het juiste eindcontract te bepalen. Je kunt met
het bieden van de vierde kleur meerdere oogmerken hebben:
1 Interesse in een driekaart steun voor
je eerste kleur.
2 Interesse in een stopper voor Sa.
Er
zijn echter nog twee situaties waarin we de vierde kleur gebruiken, ditmaal
niet om informatie van partner te vergaren, maar puur
om het bieden aan de gang
te houden.
1 Steun voor partner, maar geen forcing bod voorhanden.
Als je de vierde kleur biedt en vervolgens partners
kleur steunt, toon je een sterk spel met sleminteresse.
2 Een lange eigen kleur, maar geen forcing bod voorhanden.
Je hebt een éénkleurenspel een goede openingshand en
de zeskaart is alleen met de V10xxxx.
Strijdpunt: is 1♠ ook de vierde kleur?
Ja!! 1♠ is ook de vierde kleur.
De vierde kleur met sprong
Een
sprong in de vierde kleur toont een sterk spel met een vijfkaart;
♠
6 De
enige manier om je ruitenkleur nog uit de verf te laten komen.
1♣ – 1♥ ♥ AH762 Misschien
is het wel 6♦!
1♠
- 3♦ ♦ AVB82
♣ B6
Verder bieden
na de lagere vierkaart
De fit voor partners
eerste kleur
1♥ –
1♠ Dankzij
het 2♣ bod is bekend dat de openaar een vijfkaart harten
heeft (met een 4-4 opent hij 1♣).
2♣ De antwoorder mag de hartens dus op een driekaart
steunen.
De fit voor partners tweede
kleur
Het
steunen van de tweede kleur van partner geeft meer problemen. Er is immers
slechts één steunbod beschikbaar onder de 3Sa.
We spreken af dat 3Kl/Ru in dit
biedverloop een vierkaart steun met 8-11 punten aangeeft.
Een
fit in de tweede kleur van partner ♣/♦
wordt gedaan met 8-11 punten met 6-9 kun je passen.
Het 2Sa bod
Wat moet de antwoordende hand doen als er geen fit
voorhanden is? Het eerste waar je aan denkt is 1Sa. Na een lagere tweede
kleur
is 2Sa het goedkoopste Sa-bod 10-11 punten. Daar zijn verschillende redenen
voor:
1 De openaar kan nog steeds een minimale opening hebben
en het verdient geen aanbeveling om met 19 à 20 punten samen zonder
fit in 2Sa
te gaan spelen.
2 De openaar moet het puntenaantal van de antwoordende
hand vrij precies weten, anders kan hij niet beoordelen of
hij moet verhogen
naar 3Sa. Voor inviteren is geen ruimte meer.
De zwakke handen zonder fit
In
de bieding: 1♦-1♠
2♥-3♥ Mag je passen op 3♥
(In standaard Acol)
Sterke handen zonder fit
Het bieden met sterke fitloze handen is in principe geen
probleem. Je biedt 3Sa, en als je kaart daar niet geschikt voor is gebruik je
de
vierde kleur om het bieden aan de gang te houden.
Overigens
is het bieden van de vierde kleur op 3 niveau mancheforcing.
Nadat de openaar in zijn tweede biedbeurt een hogere
tweede kleur heeft geboden (reverse), bijvoorbeeld 1♣-1♠-2♥,
gelden voor het verdere bieden andere regels dan voor het bieden na de
one-over-one en de lagere tweede kleur. Dat komt omdat de openaar een sterk bod
heeft gedaan waarop de antwoorder niet mag passen. Een reverse belooft 16-19
punten en is rondeforcing.
De zwakke handen
Met zwakke handen staan de antwoorder enkele non-forcing
biedingen ter beschikking. Eén daarvan is 2Sa:
Het toont een hand die tegenover een minimale reverse niet
sterk genoeg is om 3Sa te spelen. Vanaf negen punten springt de antwoordende
hand naar 3Sa. Partner heeft immers minimaal 16 punten.
Ook biedingen waarmee zonder sprong wordt teruggekeerd
naar een eerder geboden kleur, zijn zwak en non-forcing.
Strijdpunt: het
steunen van partners tweede kleur
Als we de Acol-lijn van limietbiedingen doortrekken, zou
ook het steunen van de tweede kleur van partner niet forcing moeten zijn.
Nog sterkere handen met troefsteun zul je dus via de
vierde kleur moeten bieden.
Het nadeel van deze aanpak is dat steunbiedverlopen via de
vierde kleur na een reverse niet erg soepel lopen:
Pas
op vierniveau wordt duidelijk dat de antwoordende hand hartensteun met een
sterk spel heeft.
1♦-1♠ Voor
slemonderzoek is nu bijna geen ruimte meer. Het is om die reden dat veel goede
paren het
2♥-3♣ steunen
van partners tweede kleur na een reverse als forcing spelen. Dit heeft als
voordeel dat de
3Sa- 4♥ troefkleur al
op drieniveau vast staat.
♠ AH876
1♦-1♠ ♥ HV43
2♥-3♥ ♦ 92
♣ 86
Hartensteun
met een sterk spel. Er kan begonnen worden met het slemonderzoek.
De
konsekwentie van deze afspraak is dat er niet meer in 3♥
kan worden afgestopt.
Als
3♥ forcing is, zul je met zwakkere fithanden 4♥
moeten bieden.
Speel het steunen van partners tweede kleur
na een reverse als forcing. (Bij
B.Westra)
Sprongherbiedingen
Biedingen waarmee met sprong wordt teruggekeerd naar een
eerder geboden kleur, zijn na een reverse mancheforcing.
♠ AHB765
1♣-1♠ ♥ 82
2♥-3♠ ♦
V93 Dit
belooft uiteraard een zeskaart schoppen
♣ 83
De vierde kleur
Met sterke handen zonder fit of herbiedbare eigen kleur
moet direct 3Sa worden geboden of de vierde kleur van stal worden gehaald.
Aangezien
de openaar met zijn reverse 16+ punten heeft beloofd, mag de vierde kleur al
vanaf een punt of negen worden geboden.
Na een reverse is de vierde kleur
overigens mancheforcing.
Verder na een
sprongherbieding
Naast
de one-over-one, de lagere tweede kleur en de hogere tweede kleur is er nog een
vierde en laatste categorie biedverlopen, waarbij
er in de eerste drie
biedingen door openaar en antwoorder drie kleuren geboden zijn, namelijk
wanneer de openaar een sprongherbieding in een
nieuwe kleur heeft gedaan,
bijvoorbeeld 1Kl-1Ru-2Ha. In dat geval is de situatie mancheforcing. De
antwoordende hand hoeft zich dus niet
langer zorgen te maken dat het bieden plotseling “doodvalt”.
Bij
het steunen van de hoge kleuren geldt het “principle of fast arrival”.
In een mancheforcing situatie belooft het hanteren van de
vierde kleur geen overwaarde.
Verder na kleurherhalingen
Het bieden na een kleurherhaling verschilt enigszins van
het verder bieden na een nieuwe kleur.
Daar
zijn twee redenen voor. Ten eerste heeft de openaar zijn kaart scherper
gelimiteerd en ten tweede is er geen vierde kleur
beschikbaar; er zijn immers
pas twee kleuren geboden!
Verder na een enkelvoudige
kleurherhaling
Een
enkelvoudige kleurherhaling, zoals 1♣-1♦-2♣, toont een minimale opening
met een lange kleur. Als de antwoordende hand
minimaal is zal hij er in de
regel het passen toe doen.
Na een kleurherhaling
is een nieuwe kleur forcing voor een ronde.
Een
reverse van de antwoordende hand is mancheforcing
♠ HB5 Merk
tevens op dat het bieden van de driekaart (improviseren) “veilig“ is:
1♦-1♥ ♥ AVB76 partner
heeft reeds een vierkaart in de betreffende kleur ontkend.
2♦-2♠ ♦ V54
♣ 87
Verder na een kleurherhaling
met sprong
Een
kleurherhaling met sprong is een veel omschrijvender bod dan een enlelvoudige
kleurherhaling: het belooft overwaarde en garandeert een éénkleurenspel met een
zeskaart. De antwoordende hand kan dus meestal het eindbod bieden.
Verder na een 1Sa-rebid
Het verdere bieden na een 1Sa rebid is vrij eenvoudig. De
openaar heeft zijn kaart nauwkeurig omschreven: 11-14 met een Sa-verdeling.
De
antwoordende hand is nu de baas van de bieding.
De zwakke handen
Met
een evenwichtige hand en 6-10 punten zul je in de regel passen op 1Sa. Er zijn
te weing punten voor een manche en Sa bevalt uitstekend
als speelsoort.
Met
ongebalanceerde zwakke handen zul je in de regel weglopen uit 1Sa ten faveure
van een kleurcontract.
Alle kleuren die je op het tweeniveau biedt, zijn niet
forcing.
De sterke handen
Met
een sterke kaart zal de antwoorder in tweede instantie een manche bieden of een
mancheforcing bod doen.
Het
bieden mancheforcing maken kun je doen via het bieden van een nieuwe kleur op
drieniveau.
Improviseren met de
vijfkaart hoog
Sterke verdeelde handen met een vijfkaart hoog vormen een
probleem na 1x-1y-1Sa. Het is immers nog niet bekend of partner
een doubleton
of een driekaart mee heeft.
Ga
hier dus improviseren en een nieuwe kleur op drieniveau bieden. Het is 100%
forcing.
Limietbiedingen
Ook
na een 1Sa rebid zijn er limietbiedingen Ze zijn inviterend voor de manche,
maar niet forcing. Ze beloven derhalve 11 punten.
Strijdpunt: steunen met
sprong, limiet of forcing?
In ouderwets Acol was het steunen met sprong te alle
tijden een limietverhoging.
In dit biedverloop is 3♦
een uitgesteld limietbod. Sterkere handen met ruitensteun worden via de
1♦-1♥ vierde
kleur geboden: je biedt eerst 2♣ en gaat daarna de ruitens
steunen om het bieden
1♠-3♦ mancheforcing te maken.
Het ligt natuurlijk voor de
hand om deze lijn door te trekken naar het biedverloop:
1♦-1♥ Er
doet zich echter een probleem voor: na het 1Sa rebid heb je geen “vierde kleur”
tot je
1Sa-3♦ beschikking!
Hierdoor kunnen grote problemen ontstaan voor de sterke handen met fit:
1♦-1♠
♠ HV82
1Sa-??
♥ 8
♦ AV832
♣ HB7
Wat
moet je in vredesnaam bieden als 3♦
niet forcing is? 3Sa gokken lijkt nog het meest praktische. Maar wat als je nog
sterker bent?
Knal je dan 6♦? Of begin je met 3♣ om daarna de ruitens te
steunen?
Wat
je ook doet, je kaart zal nooit echt uit de verf komen.
Daarom
is het beter om na 1♦-1♠-1Sa het steunen van partners
kleur op drieniveau als forcing te spelen. Je kunt vervolgens rustig
onderzoeken
of het 3Sa, 5♦ of 6♦
moet worden.
Advies: speel het
steunen van partners kleur op drieniveau na 1x-1y-1Sa als mancheforcing.
Verder na een 2Sa rebid
Een
sprongherbieding naar 2Sa belooft 18-19 punten. Het zal na dit begin
zelden voorkomen dat er geen manche gespeeld wordt
Alleen met een subminimaal
antwoord zul je wel eens in een deelscore willen afstoppen. Dat kan slechts op
twee manieren: passen op 2Sa
of je eigen kleur herhalen.
Alle
andere biedingen zijn mancheforcing. Met een Sa-verdeling ga je meestal naar
3Sa.
| naar top | naar hoofdstuk 2 | naar hoofdstuk 3 | naar hoofdstuk 4 | naar hoofdstuk 5 | naar hoofdstuk 6 | naar hoofdstuk 7 | naar hoofdstuk 8 |
Wanneer
de antwoordende hand begonnen is met een antwoord op het tweeniveau ligt de
situatie anders dan na een initieel antwoord op
het éénniveau. Hij heeft in
zijn eerste biedbeurt immers al 10+ punten beloofd
Verder na een
lagere kleur op tweeniveau
Als partner een lagere tweede kleur op het tweeniveau
geboden heeft, is het steunen van die kleur niet forcing:
Partners eerste kleur kan op meerdere manieren “gesteund”
worden. Op tweeniveau kan er sprake zijn van preferentie geven.
Strijdpunt: het
steunen met sprong
In standaard Acol is het steunen met sprong van partners
kleur sterk inviterend maar niet forcing.
Het Acol-systeem zit echter al barstensvol
limietbiedingen. Dit betekent dat heel veel sterke handen via de vierde kleur
geboden moeten worden.
Om de vierde kleur enigszins te ontlasten spelen veel
paren na een two-over-one een sprong in partners eeste kleur als sterk en
forcing.
Speel het met sprong steunen van partners
eerste kleur na een two-over-one als forcing.
♠ H76
1♠-2♣ ♥ A7 Sterk
met een driekaart steun. Er kan begonnen worden
2♥-3♠ ♦ B43 met slemonderzoek.
♣ AHB82
Verder na een reverse
Wanner partner reverse geboden heeft, is de situatie na
een two-over-one mancheforcing.
Elke
kleur kan dus forcing gesteund worden, hetgeen een geweldige ontlasting van de
vierde kleur betekent; die kan nu worden
gereserveerd voor fitloze handen zonder
dekking in de ongeboden kleur.
Verder na een nieuwe kleur
op drieniveau
Ook
na een nieuwe kleur op drieniveau is de situatie mancheforcing. Nu staat de
vijfkaart in partners eerste kleur echter 100% zeker vast.
In deze situatie
geldt weer “principle of fast arrival”.
Verder na een kleurherhaling
Ook na een two-over-one is een kleurherhaling door de
openaar niet forcing. Met een minimaal spel mag de antwoorder passen.
Non-forcing biedingen zijn 2Sa, drie in de eigen kleur en
het steunen van partners kleur.
Voor een reverse van de antwoordende hand moet je dus een
punt of 12 hebben.
Verder na 2Sa
Een 2Sa-rebid van de openaar geeft 11-14 punten aan met
een Sa-verdeling. De antwoordende hand heeft hierop naast pas maar
één
non-forcing bod: de kleurherhaling.
Het bieden van een nieuwe kleur is uiteraard forcing.
Ook het steunen van partners kleur is forcing
Verder na een initieel 1Sa antwoord
Met de 1Sa heeft hij zijn kaart immers gelimiteerd tot maximaal 9 punten.
Verder na een
lagere tweede kleur
Na een lagere tweede kleur, heeft de 1Sa bieder de keus
uit vier biedingen:
1 pas
2 het steunen van de eerste kleur
3 het steunen van de tweede kleur
4 en het bieden van een eigen kleur
The impossible positie
In
een aantal biedsituaties heeft de 1Sa antwoorder de mogelijkheid om een kleur
die hij reeds ontkend heeft op het twee-niveau te bieden.
1♥-1Sa 1Sa
onkent een vierkaart schoppen. 2♠ kan dus niet echt zijn en
komt daardoor vrij voor een
2♣-2♠ andere
betekenis. Je geeft er het volgende mee aan: Partner, ik heb een hand die door
jouw
laatste bod enorm in
waarde is gestegen.
♠ 82
1♥-1Sa ♥ 7 Op
1♥ was 1Sa het aangewezen antwoord. Na 2♣ stijgt je kaart gigantisch
in
2♣-?? ♦ AV987 waarde.
3♣ voelt wat slap aan; dat bied je ook op een
verdeelde kaart met negen
♣ H10543 punten.
Tijd voor de “impossible positive”: 2♠! Je toont daarmee een
maximaal 1Sa antwoord met een
superfit voor partners
tweede kleur.
Verder na een reverse
Ook na een reverse is een nieuwe kleur non-forcing met een
zeskaart.
♠ 84
1♥-1Sa ♥ 92
2♠-3♣ ♦ H76 Een
minimale kaart met een lange kleur
♣ VB9843
Andere
non-forcing biedingen na een reverse zijn 2Sa en het steunen van partners
eerste kleur.
Partners
tweede kleur zul je vrijwel nooit steunen: je kunt immers geen vierkaart mee
hebben. Bij hoge uitzondering mag je wel eens op
een driekaart verhogen.
Verder na een kleurherhaling
Na een enkelvoudige kleurherhaling zul je negen van de
tien keer passen. Partner zegt dat hij geen manche ziet zitten en het liefst in
zijn eigen
kleur speelt. Je moet wel een heel goede reden hebben om daar nog
wat aan toe te voegen.
Verder na 2Sa
Als partner 2Sa biedt over 1Sa is dat een invite voor de
manche. Het toont 16-17 punten. Normaliter zul je passen of 3Sa bieden.
Verder nadat de fit is vastgesteld
keus uit drie opties:
1 passen
2 de manche bieden
3 of een manchepoging doen.
Verder nadat partner een
hoge kleur heeft gesteund
Als
partner je hoge kleur heeft gesteund, staat de speelsoort voor 95% vast. Jij
zult vervolgens moeten gaan beoordelen of er al dan niet
manchekansen zijn.
Ook
het bieden van partners eerste kleur is een long suit trial
♠ H982
1♦ - 1♠ ♥ 82 Het
scheelt een slok op een borrel of partner ♦
HV-vierde of vier kleintjes heeft.
2♠
- 3♦ ♦ B65
♣ AH76
Verder nadat partner een
lage kleur heeft gesteund
Na het vaststellen van een fit in een lage kleur staat de
speelsoort nog allerminst vast. Wanneer de gezamenlijke handen sterk genoeg
zijn om
een manche te proberen, zal het vaak 3Sa worden. Daar zal het onderzoek
dus in eerste instantie op gericht zijn.
Na
een two-over-one gelden dezelfde principes.
| naar top | naar hoofdstuk 2 | naar hoofdstuk 3 | naar hoofdstuk 4 | naar hoofdstuk 5 | naar hoofdstuk 6 | naar hoofdstuk 8 |
Het verdere
bieden
In de vier biedingen hebben beide spelers hun kaart binnen
redelijke grenzen gelimiteerd. Stilaan wordt duidelijk wat het gezamenlijke
potentieel van de handen is en vaak zal nu het eindcontract bepaald worden.
De
biedverlopen vallen grofweg uiteen in vier categorieën:
1 contractverbetering
2 inviterende biedverlopen
3 onderzoek naar de juiste manche
4 slemonderzoek
Contractverbetering
In zwakke biedverlopen wordt louter doorgeboden voor
contractverbetering. We willen tenslotte in onze beste speelsoort eindigen.
Inviterende biedverlopen
Wanneer een manche mogelijk maar niet zeker is, zal er
doorgaans geïnviteerd worden.
Verder na preferentie
In principe belooft de openaar met doorbieden een hand van
circa 16-17 punten. Met minder sterke handen zal hij passen.
Partner heeft met
het geven van preferentie zijn kaart tot maximaal 9 punten gelimiteerd
Wanneer ingaan op een invite?
Voor het al dan niet ingaan op een invite zijn niet alleen
je punten van belang. Kaartwaardering speelt eveneens een rol.
Onderzoek naar de juiste
manche: verder na de vierde kleur
In zijn antwoord op de vierde kleur gaat de openaar zijn
kaart nader omschrijven.
1 De driekaart steun voor partners eerste kleur heeft bij het antwoord op
de vierde kleur eerste prioriteit. Heel vaak zit de vierde
kleurbieder daar om
te springen!
2 De vierde kleur kan ook een stop in de geboden kleur vragen. Indien een
stop in die kleur: biedt Sa
3 Geen dekking in de vierde kleur: herbiedt je eigen kleur.
4 Het uitbieden van de distributie gaat overigens voor het aangeven van
een stop voor Sa.
Antwoorden met sprong
Indien
er ruimte voor is kan de openaar met een sprong overwaarde aangeven.
Het steunen van de vierde
kleur
Het steunen van de vierde kleur betekent normaliter dat de
openaar een vierkaart in die kleur heeft. Het is tenslotte niet uitgesloten dat
onze beste fit in die vierde kleur zit
Het
steunen van de vierde kleur belooft overigens wel enige overwaarde.
Wanneer is de vierde kleur
mancheforcing?
Omdat de vierde kleur niet per definitie mancheforcing is,
kan hij ook gebruikt worden in inviterende biedverlopen. Voor het bieden
na de
vierde kleur is het essentieel om af te spreken op welk niveau het biedverloop
mancheforcing is. We hanteren het volgende axioma:
De vierde kleur in een later
stadium
De
vierde kleur kan ook in een later stadium van het biedverloop voorkomen
Slemonderzoek
Er
staan forse premies op, vandaar dat het de moeite loont om slemcontracten uit
te bieden. Je zet met het bieden van een slem echter ook iets op het
spel: als
je down gaat scoor je niet alleen min, maar je verliest ook de gemakkelijk op
te strijken manchepremie.Het verdient dus aanbeveling grondig te onderzoeken of
slem al dan niet een haalbare kaart is. Dat gaan we stapsgewijs doen.
1 de troefkleur vaststellen
2 uitvinden of alle zijkleuren gecontroleerd zijn
3 checken of er genoeg azen aanwezig zijn.
Het vaststellen van de
troefkleur
Vaak is vrij snel bekend of er voldoende gezamenlijke
kracht is om slem te overwegen. Als er eenmaal een fit is gevonden, is het zaak
om de troefkleur
op een zo laag mogelijk niveau vast te stellen; des te meer
ruimte heb je immers voor onderzoek. Je moet echter wel te allen tijde in de
gaten houden
of het biedverloop forcing is. Het is vrij frusterend om partner
te zien passen op een bod terwijl jij slemvisioenen hebt! Daarom zullen we
eerst op
een zo laag mogelijk niveau forcing kunnen vastleggen.
1 Steunen
Dit is natuurlijk de gemakkelijkste manier. Als
slempoging kan die echter alleen gebruikt worden in mancheforcing situaties.
2 De vierde kleur
Als er in non-forcing situaties reeds drie kleuren
geboden zijn, kun je een sterke hand met troefsteun via een
“omweg” kenbaar maken. Je biedt eerst de vierde
kleur om daarna pas te steunen.
De vierde kleur is een oplossing voor het forcing
steunen van een kleur in alle non-forcing situaties waarin
drie kleuren geboden zijn.
3a De ongebruikelijke sprong naar het
vierniveau
Met de ongebruikelijke sprong naar
het vierniveau stellen we de troefkleur vast door middel van een
controlebieding.
♠ A76
1♠-2♦ ♥ 76
2♠- ?? ♦ AHV82
♣ A93
3♣ zou inviterend voor de
manche zijn, en een vierde kleur is niet beschikbaar. Om de schoppenkleur toch
forcing als troefkleur vast te stellen,
spring je naar 4♣. Dit is een zogenaamde
advanced cue: het stelt de laatst geboden kleur vast als troefkleur, toont
sleminteresse en belooft
een controle in klaveren. 4♣ hebben we niet nodig als
natuurlijk bod omdat 3♣ al forcing is.
3b De dubbele jump na 1♣/♦
Na een opening in
een lage kleur belooft een dubbele sprong in een nieuwe kleur een fit voor de
kleur van partner en een singleton
of renonce in de geboden kleur. We noemen
dit een splinterbod.
4 Het bieden van een nieuwe kleur op vierniveau zonder sprong
Een enkele keer komt het voor dat partner al dermate
hoog heeft geboden dat er geen ruimte meer is voor een ongebruikelijke sprong
naar het
vierniveau om de troefkleur vast te stellen en sleminteresse te tonen.
Bijvoorbeeld:
1♠-2♥ Schoppensteun
met sleminteresse kun je heel moeilijk kenbaar maken. Om dit te ondervangen
3♠ gebruiken we ook in deze situatie een nieuwe kleur
op vierniveau als advanced cue;
4♣ of 4♦
stelt schoppen vast als de troefkleur en toont sleminteresse.
Controlebiedingen
Na
het vast stellen van de troefkleur moet worden uitgevonden of alle zijkleuren gecontroleerd zijn.
Het
mag niet zo zijn dat de tegenstanders in een bepaalde kleur twee slagen kunnen
oprapen.
Controles
zijn dus: azen, heren, renonces, singletons.
Een
aas of een renonce noemen we eerste controle, een singleton of een heer een
tweede controle.
Controlebiedingen
worden zo goedkoop mogelijk gedaan. Zodra een kleur wordt overgeslagen, ontkent
dat een controle in die kleur.
Wanneer één van
beide spelers weet dat een kleur niet gecontroleerd is, houdt hij onmiddellijk
op met het slemonderzoek. Hij zwaait af naar de manche in de troefkleur.
Eerst
moet nog gecontroleerd worden naar het azenbezit van partner. Dit wordt gedaan
met de Avarelli conventie.
De antwoorden zijn als volgt:
5♣ 0 of 3 azen
5♦ 1 of 4 azen
5♥ 2 azen
5♠ 2 azen + troefheer
Slem in Sa
Uiteraard
is slem ook mogelijk als er geen troeffit voorradig is. Met twee gebalanceerde
handen tegenover elkaar heb je een aanzienlijke hoeveelheid
punten samen nodig
om een goede kans van slagen te hebben.
6Sa 33 punten
7Sa 37 punten
Dit
zijn uiteraard weer richtlijnen. Als er goede tot dichte lange kleuren in het
spel zijn, kun je ook in Sa met veel minder punten slem maken.
| naar top | naar hoofdstuk 2 | naar hoofdstuk 3 | naar hoofdstuk 4 | naar hoofdstuk 5 | naar hoofdstuk 6 | naar hoofdstuk 7 |
de opening van 2Sa is niet forcing.
Verder na 2♣
De
2♣ opening is mancheforcing.
Je
mag ook een eigen kleur bieden. Dat doe je pas als die kleur van een zodanige
kwaliteit is dat hij met enige steun van partner geschikt is om
te dienen als
troefkleur. Dit zijn de vereisten voor het bieden van een eigen kleur na een 2♣ opening:
1 een goede vijfkaart of langer
2 acht of meer punten
Wat is een goede vijfkaart? Als richtlijn
kun je aanhouden dat de kleur twee tophonneurs (aas, heer of vrouw) moet
bevatten.
Dit is natuurlijk geen wet van Meden en Perzen.
Behalve
een eigen kleur kan de antwoordende hand na 2♣ ook nog 2Sa bieden. We
spreken af dat je met gebalanceerde handen vanaf
10 punten 2Sa mag antwoorden.
De herbieding
De
2♣ openaar gaat in zijn rebid vertellen waar zijn
mancheforcing op gebaseerd is.
Na
2♣-2Sa zal de openaar eveneens zijn kaart nader
omschrijven.
De
23-24 Sa geeft de openaar aan door Sa te bieden.
Verder na 2♣-2♦-2Sa
2♣-2♦-2Sa is het sterke equivalent van een 2Sa opening. De
antwoorden zijn dan ook identiek.
Op
2Sa mag gepast worden met 0-2 punten.
Verder na een semi-forcing 2♦/♥/♠
2♦/♥/♠
zijn semi-forcing openingen; ze beloven acht à negen speelslagen met de geboden
kleur als troef.
De
antwoorden op een semi-forcing lijken sterk op die na een 2♣ opening. Zonder fit bied je
2Sa of een nieuwe kleur. Het laatste belooft wederom
een vijfkaart met minstens
8 punten. Met fit is “principle of fast arrival” weer van kracht.
Verder na preëmpts
Het
is de preëmpter absoluut verboden om zelf door te bieden wanneer de tegenpartij
er nog inkomt.
Na een preëmpt in een lage kleur is het bieden van een nieuwe kleur echt en ronde forcing. Het is een constructief bod.
Bied na een
preëmptieve opening geen 3Sa zonder fit voor partners kleur.
Het bieden van een nieuwe
kleur
3♦-3♠ Partner mag 4♠ bieden met een
schoppenfitje zonder schoppen aansluiting zal hij moeten kiezen
uit
3Sa of 4♦.
Na
een preëmpt in een hoge kleur maken we onderscheid tussen het bieden van een
nieuwe major en het bieden van een nieuwe minor.
3♠-4♣ Het is uiterst zeldzaam dat
je hier 4♣ als echt en forcing wilt bieden. We kunnen
het bod veel beter gebruiken als advanced cuebid.
Het enige wat je nodig hebt
voor slem is een ruitencontrole bij partner. 4♣ stelt schoppen vast als
troefkleur en toont een controle in klaveren. Als de
openaar 4♦
kan bieden, ligt de weg naar slem open. Een nieuwe hoge kleur blijft echter
natuurlijk.
Na
een preëmpt in een lage kleur liggen de zaken in principe hetzelfde. Een steun
naar 4♣ of 4♦ is
barrage en niet inviterend voor de manche. Het is zuiver bedoeld om het de
tegenpartij lastig te maken.
Een
verfijnde methode om achter de controle van de troefkleur te komen is de
gestroomlijnde Grand Slam Force.
Met
deze conventie kun je na het azen vragen informeren naar partners troefbezit.
Je doet dat met het opvolgende bod, mits dat niet de troefkleur is.
De
antwoorden zijn:
1e
stap: geen troefvrouw of
troefheer Voorbeeld:
2e
stap: troefvrouw
1♠ – 4♠
3e
stap: troefheer
4Sa
– 5♦
4e
stap: troefvrouw + troefheer
5♥ –
6♣ (troefheer)
5♦
toont één aas en 5♥ vraagt vervolgens naar
partners schoppenbezit. Troefaas wordt bij het antwoord geven niet meer
meegeteld omdat via Avarelli al duidelijk is geworden hoeveel azen er
ontbreken.
Met
harten troef zou 5♥ een eindbod zijn: -“we
hebben te weinig azen, maat”- en 5♠ vragen naar het troefbezit van partner.
| naar top | naar hoofdstuk 2 | naar hoofdstuk 3 | naar hoofdstuk 4 | naar hoofdstuk 5 | naar hoofdstuk 6 | naar hoofdstuk 7 | naar hoofdstuk 8 |
Namen der spelers: W.v.Doorn - Gast
Basis-systeem: Acol + LTC
1 ♦ 11-19 pnt 4krt+ Limiet antwoorden
1 ♥/♠ 11-19 pnt 5krt+
1 Sa 15-17pnt.
Stayman - Jacobi- Transfer 2♠=♣ 3♣=♦
2 Sa
20-22pnt.
Niemeijer
2 ♣ Mf. 23+- Sa. 23/24- Zw.♦. 2♦= afw- 2♥/♠= echt Nf- 3♦=om te spelen
2 ♦ zw ♥/♠- Sa 25+- Smf♣/♦/♥/♠ 2♥=afw.
2Sa=forcing
2 ♥/♠ Muiderb.6-11 pnt.
2Sa=vraagb.
3 ♣/♦/♥/♠ 6-11 pnt. 7krt
3Sa=
Sign off
3 Sa
Gambling
4♣= afw.
4 ♣/♦/♥/♠ 6-11 pnt.
8krt
4 Sa=Avarelli- azen vragen
5♣
= 0 of 3 azen
5♦ = 1 of 4 azen
5♥ = 2 azen
5♠ = 2 azen
met troef-heer
Reverse
bieden= 16/19 pnt.
Conventies bij het verdere
bieden:
Neg. Doublet t/m 2♠, Compt. doublet, Vierde kleur, Sprongvolgbiedingen (zwak 6-12),
Dopi/Ropi, Dont na 1Sa opps.
Conventies na opening door
tegenpartij:Unusual Sa
Doublet=13-15 bieden= 16+
Na.preëmptief = Marmic
Uitkomsten: AHX HVX XXX Laag
= aanmoedigend
* * * Hoog = afwijzend
Signaleren: Rom. Lavinthal Oneven= aanm. Even= afw.
Signalen: Hoog/Laag= even (afw.)
Laag/Hoog= oneven (aanm.)
2Sa
3♣
3♦
: één of twee vierkaarten hoog
3♥ : vierkaart in schoppen niet in harten
3♠ : vierkaart in harten niet in schoppen
3Sa : géén vierkaart
hoge kleur
4♣
: "lage kleuren vraag" géén vierkaart hoge kleur,
wèl interesse in een ♣ of ♦-slem
4♦
2♣-2♦
pas zwak in ruiten
2♥ echt
en sterk - 2♠/3♦
5+krt,
6+ pnt.
2Sa
positief
3♣
negatief,
0-5
3♥
sterker dan 4♥
3♠/4♣/4♦ splinter
4♥
sign-off
2♠ echt
en sterk - als na 2♥
2Sa 23-24 balanced - als na 2Sa opening
3♣ echt
en sterk - 3♦
echt of waiting
3♥/♠ 5+krt
4♦/♥/♠ splinter
3♦ echt
en sterk - 3♥/♠
echt
of waarden
2♣-2♥/♠
pas zwakke twee in ruiten
2Sa 23-24 balanced - als na 2Sa opening
3♦ max.zwakke
twee in ♦+ fitje
3♥ invite
rest sterk
2♣-2Sa
3♦ minimale
zwakke twee
3♣/♥/Sch maximale
zwakke twee + plaatje in geboden kleur
3Sa dichte ruitens
rest sterk
2♦-2♥
pas zwakke twee in ♥
2 ♠ zwakke
twee in ♠ - 2Sa
manchepoging
3♣/♦/♥ om
te spelen
3 ♠
barrage
2Sa 25-26 balanced - als na 2Sa opening
3Sa 29-30 balanced - 4♣
Stayman
-
4♦/♥
transfer
-
4 ♠
lage
kleuren
2♦-2 ♠
pas zwakke twee in ♠
2Sa 25-26 balanced - als na 2Sa opening
3♣/♦ zwakke twee in ♥, manchepoging
3 ♥ zwakke
twee in ♥, minimum
4♦ transfer
naar 4♥
4♥ wil
zelf spelen
2♦-2Sa
3♣ zwak in ♥,
min. of med - 3♦
relay
- 3 ♥
min.
-
3 ♠
med. unbal.
3Sa
med. bal.
4♣/♦
4krt
3 ♥
sign-off
3 ♠
echt en forcing
3Sa
to play
3♦ zwak
in ♠, min. of med - zie boven
3 ♥ zwak
in ♠, maximaal 3 ♠
N.F.
4♣/♦
slempoging ♠
4 ♥
to play
3 ♠ zwak in ♥
maximaal - 3Sa
to
play
4♣/♦
slempoging ♥
3Sa dichte zeskaart ♥of ♠ - 4 ♥/♠ to
play
2♦-3♣/♦
3 ♥/ ♠ maximale zwakke twee + fit
3Sa 25-26 balanced
2♦-3♥
pas zwakke twee in ♥
3♣ zwakke
twee in ♠
3Sa 25-26 balanced
2♥-2Sa
3 ♣ - 3 ♦/♠
echt
en forcing
3 ♥
invite
4 ♣
slempoging, ♣ troef
4 ♦ slempoging, ♥ troef
4 ♠
to play
3 ♦ - 4 ♣
slempoging, ♥ troef
4 ♦
slempoging, ♦ troef
3♥ 5♥ + 6 ♣ - zie na 3 ♣
3 ♠ 5♥ + 6 ♦ - zie na 3 ♦
2 ♠-2Sa
Zie na 2♥- 2Sa
Doublet
Na een Muiderberg is elk doublet informatief zolang
partner nog geen ander bod dan PAS heeft gedaan. Twee vereisten:
Het doublet belooft een hand met
openingswaarden (13 punten of meer). Op de laatste hand is wat minder
honneurkracht toegestaan,
maar zeker een hand met maximaal 8 losers.
Het doublet belooft een hand die kort is in
de geopende kleur met, liefst, een vierkaart in de andere hoge kleur
De antwoorden op het doublet zijn natuurlijk.
Je kan evenwel gebruik maken van een handige conventie die tegenwoordig vaak
wordt gebruikt: de negatieve 2SA.
Dat werkt bijvoorbeeld zo (na bijvoorbeeld (2 ♠)-dbl-(pas): Pas: Strafpas
2SA Zwakke hand, maximaal 10 punten, minimaal
8 losers; verplicht partner (tweede hand) met een "normaal"
informatiedoublet tot 3 ♣
Daarna pas je met klaveren of biedt je je eigen kleur bij wijze van
verbetering. Is partner (tweede hand) veel sterker (6 losers of minder),
dan
moet hij in plaats van 3 ♣
zijn eigen kleur bieden.
3 ♣/♦/♥ : Eigen kleur, inviterend (goede 5+ kaart en
maximaal 8 losers)
3 ♠
Sterk, manche forcing
3SA Om te spelen.
4 ♣/ ♦ : Eigen kleur,
forcing
4 ♥
Om te spelen
Volgbod van 2SA
Op de tweede hand beloof je met 2SA tussen de 15+ en 18
punten. Op de vierde hand (alleen in de uitpas-situatie) wordt de range
verlaagd tot 14-17 punten.
Dit ontkent geen 5-kaart hoog, dus na het 2SA
volgbod is het handig om Niemeyer of Puppet-Stayman te gaan spelen.
Volgbod in een kleur
Dit doe je alleen met een degelijke hand: je hebt iets te
zoeken in de bieding. Als je nu niet biedt, loop je het risico dat partner dat
ook niet meer kan
zodat mogelijk een manche gemist gaat worden. Deze gedachte
geldt, in wat mindere mate, ook voor de uitpas-situatie.
Een zwak sprongvolgbod geeft alleen aan, dat de bieder een
6+ kaart heeft in de geboden kleur en zwak is: minder punten dan een opening.
In de meeste gevallen is een manche uit beeld en zal partner
passen of, min of meer preëmptief, het bod met 1 verhogen.
Dat wordt
uitsluitend gedaan om het de tegenstanders moeilijk te maken een fit te vinden
en de kracht af te stemmen.
Doel van een zwak sprongvolgbod is de tegenstanders
uit de manche of zelfs uit slem te houden.
Meestal wordt er door de partner
gepast. Als het contract vervolgens 1 of 2 down gaat (meestal ongedoubleerd),
dan is dat vaak een betere score dan dat je de openaar op zoek laat gaan naar
hun beste contract.
Bij deze methode van signaleren is een oneven kaart (3,7, 9) een aansignaal (‘on = aan’), een even kaart (2, 4, 6, 8, 10) een afsignaal in de kleur van de gespeelde kaart. Een plaatje (boer of hoger) is nooit een Romeins signaal.
Gewoonlijk past men Romeins signaleren alleen toe bij de eerste afgooi. Elke volgende afgooi – voor zover überhaupt nog een signaal – geeft de verdeling in de afgegooide kleur aan (op dezelfde wijze als in het bijspelen). Sommigen signaleren ook Romeins op partner's uitkomst of voorspelen (in het afspreeklijstje aangegeven als ‘oneven’ bij ‘Signaleren’); de meeste spelers echter verstaan onder ‘Romeins’ alleen de conventie bij het afgooien.
Gebruikers van Romeins signaleren zijn het niet eens over de volgorde van de kaarten naar ‘afnemende mate van aanmoediging’, maar een veel gebruikt schema en waarschijnlijk het beste is: 3, 5, 7, 9, 10, 8, 6, 4, 2. Dus de 3 is de ‘meest aanmoedigende’ kaart, de 2 de ‘meest afwijzende’. Dit betekent:
Het spelen van een even kaart kan tevens een Lavinthal-betekenis hebben: een hoge even kaart is dan een aansignaal in de hoogste overgebleven kleur, een lage even kaart een aansignaal in de laagste overgebleven kleur. In het licht van het bovenstaande echter geldt dit alleen als signaleerder voldoende kaarten in de signaalkleur blijkt te hebben, namelijk twee of meer even kaarten (anders is de enige even kaart alleen een afsignaal, maar geen Lavinthal) plus een oneven kaart (anders dient een hoge even kaart als aansignaal). Daardoor is deze Lavinthal-betekenis in de praktijk niet zo vaak ondubbelzinnig van toepassing.
Stel partner opent met 1 ♣. Je hebt 8 punten en een vierkaart ♥.
Je bent dus van plan om 1♥ te bieden, maar rechts van je wordt gevolgd met 1 ♠. Wat nu?
Als je past, vertel je niet aan je partner dat je wat hebt in ♥ en je vertelt
je 8 punten niet. Als je 2 ♥ biedt, verwacht partner minimaal 10 punten en als
je 1SA biedt, geef je wel je 8 punten aan, maar vertel je nog steeds niet dat
je een vierkaart in ♥ hebt. Bovendien geef je aan mogelijk een stop in ♠. te
hebben (kleur van de tegenpartij).
Om dit probleem op te lossen werd het negatief doublet uitgevonden. Het
meest praktisch kan het als volgt worden gehanteerd:
Een negatief doublet belooft minimaal een vierkaart in de hoogste van de
overgebleven kleuren en het belooft minimaal 7 punten. Het maakt in dit geval
niet uit wie de kleuren heeft geboden (partner of tegenstander(s)). Als beide
hoge kleuren reeds geboden werden, belooft een negatief doublet een verdeelde
kaart en vraagt partner "iets" te bieden.
In het voorbeeld in de eerste alinea zou je dus doublet hebben gezegd.
Als je negatief doublet speelt, kan je meteen gebruik maken van het
tussenbod van de tegenpartij om je lengte aan te geven: als je de overgebleven
hoogste kleur noemt (in plaats van een doublet) beloof je een vijfkaart. Dat is
handig om een 5-3 fit te vinden.
Partner opent en er wordt
tussengeboden
Stel, het
bieden gaat als volgt:
Partner Rechts Jij Links
1♣
pas 1♠ 2♥
pas pas
….
Daar zit je dan. Je hebt wel de
meerderheid van de punten en je wilt de tegenpartij niet zonder meer 2 harten
laten spelen. Voor 3♣ heb je een vierkaart Klaveren nodig, 2♠ belooft een zeskaart of een heel
goede vijfkaart schoppen en 3♦ is een reverse-bod en is manche forcing. Voor 2SA heb
je een stop in Harten nodig. Door nu Doublet te geven, zeg je tegen partner
precies zoals het ervoor staat. Partner heeft nu een aantal keuzes. Hij kan
passen (en maakt er een strafdoublet van), hij kan jouw schoppen bieden,
desnoods op een driekaart, hij kan SA bieden of 3♣ herbieden. Meestal eindigt de bieding dan.
Dit doublet is een competitief
doublet en gebeurt dus altijd in de tweede biedbeurt van de partner van de
openaar. Het is een zgn. Optioneel doublet: partner mag passen en er een
strafdoublet van maken of partner mag nogmaals bieden (en dan wellicht niet aan
alle biedvoorwaarden voldoen).
Wanneer hanteer je een Competitief doublet:
Als de tegenpartij tussenbiedt en de strijd dreigt
te eindigen in een deelscore (onder het motto: bied nog eens wat)
Als de tegenpartij tussenbiedt en een fit heeft
gevonden (we geven ons niet te snel gewonnen).
Onderstaande situatie is een
illustratie van de laatste regel:
Partner Rechts Jij
Links
1♦
pas 1♥
1♠
pas 2♠ dbl
In dit geval is doublet competitief.
Je vraagt partner nog een keer te bieden. Op elk bod pas je. Partner kan nu
zelfs 3♣ bieden, terwijl dat zonder jouw doublet overwaarde
moet beloven en minstens ronde forcing is. Nu dus niet.
Partner doet een volgbod
Links
Partner Rechts Jij
1♦
1♥ 2♦
…
Je weet eigenlijk heel weinig van
partner, maar je hebt zelf een goede, verdeelde, kaart. Als je nu een doublet
geeft vraag je partner zijn beste (ongeboden) kleur te bieden of zijn eigen
kleur te herhalen. In deze situatie (partner volgt en jij geeft een doublet)
heb je een minimale steun in partners kleur nodig (2-kaart) om in het geval van
een kleur-herhaling in een maakbaar contract te komen.
Uiteraard bied je iets anders als je wel steun in partners kleur hebt of als je
voldoende punten en/of lengte hebt om zelf een nieuwe kleur te introduceren.
Uitzondering op de regel
Er zijn twee
uitzonderingen:
Partner Rechts Jij
Links
1♦
1♠ pas
2♠
pas pas
dbl
Als de partner van de openaar eerst
past op het volgbod en daarna doubleert, is het doublet voor straf. In eerste
instantie werd namelijk gepast (strafpas) omdat dit ook de kleur van partner is
en daarna wordt voor straf gedoubleerd.
Als de tegenpartij SA biedt en er wordt een doublet gegeven, dan is dit voor
straf. De doubleerder gaat ervan uit, dat de tegenpartij down gaat.
In
mijn systeem spelen we de vierde kleur vooral wanneer we willen achterhalen of
onze partner dekking heeft in de vierde kleur. Is dat het geval, dan wordt SA
geboden. In de overige gevallen zal onze partner proberen de hand zo goed
mogelijk te omschrijven. Bijvoorbeeld door extra lengte aan te geven in een
geboden kleur. Passen mag niet!
Als de tegenpartij een sterke Sans
Atout opent (15-17 punten), zijn er allerlei mogelijkheden om een zo goed
mogelijk contract te bereiken. Denk daarbij aan de Stayman varianten, Jacobi en
Niemeijer. Veel tegenstanders houden echter geen rekening met tussenbiedingen
en weten niet goed hoe daarmee om te gaan.
Tegelijk is het als tegenstander een
frustrerende zaak als blijkt, dat de 1 SA openaar zijn contract precies kon
maken, terwijl er voor ons ook een (deel)contract in zat, want we hebben een
fit in een kleur. De Amerikaanse topspeler Mike Lawrence heeft hiervoor een
conventie uitgevonden met als titel "Disturbing Opponents No Trump"
(Het verstoren van de Sans van de tegenstander, afgekort DONT) en heeft een
aantal uitgangspunten:
- We laten de tegenstander niet op
een goedkope manier zijn punten verdienen
- Als wij een fit hebben, kunnen we net zo goed spelen
- Voor ons is een manche onbereikbaar
Om een fit te kunnen vinden, moet je
als tegenstander over minimaal twee vierkaarten (liefst 4- kaart en 5- kaart)
beschikken. Daarnaast gelden dezelfde criteria voor wat betreft het aantal
losers als elk ander volgbod op 2-hoogte: maximaal 8 losers niet kwetsbaar en
maximaal 7 losers kwetsbaar. Partner kan dan, als er een fit gevonden is (een
4-3 fit op twee hoogte is ook een fit) aan de hand van zijn eigen losers het
maximum haalbare bod bedenken.
Om het een en ander "in
kaart" te brengen, onderstaand schema, uitgaande van een 1SA opening
(15-17) van de tegenpartij:
|
Bod |
Betekenis |
Antwoord |
Opmerking |
|
Doublet |
6 kaart |
2♣ = relay voor kleur |
Ieder ander bod belooft 6+ kaart |
|
2♣ |
4 kaart ♣ en een vierkaart in een hogere
kleur |
2♦ =relay voor tweede kleur, 2SA is
forcing (15+ punten) |
Ieder ander bod belooft een 6
kaart |
|
2♦ |
4 kaart ♦ en een vierkaart in een hogere
kleur |
2♥ =relay voor 2e kleur, 2SA is
forcing (15+ punten) |
Ieder ander bod belooft een 6
kaart |
|
2♥ |
4 kaart ♥ en vierkaart ♠ |
Ieder kleurbod is om te spelen,
2SA is forcing (15+ punten) |
Bod in de lage kleuren belooft 6+
kaart |
|
2♠ |
6 kaart ♠ , zwakker dan eerst doublet |
2SA is forcing (15+ punten) |
Ander bod belooft 6+ kaart |
|
2SA |
Vijfkaart ♣ en vijfkaart ♦ |
3♣=relay |
|
Houd er dus rekening mee, dat uw partner op elk willekeurig moment kan passen.
Vandaar dat er een 2SA forcing bod tussen zit dat ook tegelijk vraagt om de
tweede kleur.
Larry Cohen heeft nog een
bijkomstigheid bedacht::
Als de tegenstander opent met 1SA (15-17 punten) dan is het totaal aantal
slagen volgens de LAW gelijk aan het aantal kaarten in uw langste fit + 7 (vast
getal).
Dit betekent, dat wanneer u samen
met uw partner 8 hartens heeft, er 15 slagen in het spel zitten. Dus als 1SA
precies gemaakt wordt, wordt ook 2 harten gemaakt. Gaat 2 harten 1 down, dan
wordt 1 SA met een overslag gemaakt. Voor een deelscore kan het een verschil
tussen een top of een (gedeelde) nul betekenen.
Het risico is natuurlijk, dat u te
hoog biedt en twee of drie (gedoubleerd) down gaat waar de tegenstander
ternauwernood 1SA kon maken. Vandaar de vereiste, dat u een maximaal aantal
losers moet hebben om tussen te bieden, ook bij DONT.
Mocht u toevallig een hele sterke kaart hebben met slechts 1 vierkaart,
dan is het in eerste instantie een kwestie van afwachten en kijken wat partner
biedt. Als partner niets biedt, kan u altijd de 1SA nog tegenspelen
Verdediging tegen zwakke twee, muiderberg,
preëmptieve openingen met minimaal een goede eigen opening, maakt het bieden
mancheforcing.
® X : voor straf
® bieden
van een eigen kleur:
- kies uit de twee
over gebleven kleuren
- 6-kaart in deze
kleur
Door deze kleur te
herhalen na partners antwoord wordt de 6-kaart variant aangegeven.
– Een bod in de kleur van de tegenpartij. – ♣,♦,♥,♠ –
De betekenis van een cuebid is afhankelijk van het moment
waarop deze gegeven wordt, maar heeft veelal ten doel
de bieding op gang te
houden.
Een algemene veel toegepaste betekenis is:
Partner heb je een stop in de geboden kleur? Zo ja, bied SA
en anders bied een eigen kleur. Een cuebid is forcing voor één ronde.
– Na een één opening in een kleur door de tegenpartij toont
een 2SA volgbod een 5/5 kaart of langer in de twee laagste
ongeboden kleuren -
min 10 pnt in de lange kleuren.
Daarna kan je ook de heren gaan vragen met antwoorden
volgens hetzelfde schema. Dat heren vragen kan je weer op twee verschillende
manieren doen: "traditioneel": je biedt 5♣ en partner antwoordt
analoog aan de 4♣ vraag, of "geleidend": je biedt de kleur volgend
op het antwoord van partner (waarbij je de troefkleur natuurlijk overslaat) en
partner biedt de opvolgende kleuren volgens voorgaand schema (0 of 4, 1, 2, 3).
Voordeel van geleidend vragen is dat je vaak nog op 5 hoogte kan eindigen als
het antwoord van partner tegenvalt.
Stel, je hebt twee azen en twee heren. Je wilt naar slem en
je vraagt de azen aan je partner. Hij heeft 1 aas en op de vraag om de heren krijg
je 1 heer als antwoord. Je kan nu op een snit gokken en 6 bieden, al weet je
vaak niet welke aas c.q. heer partner heeft. Als de tegenpartij dan met aas en
heer start, ben je down voordat je aan de beurt kwam.
Doublet toont 0 of 3 azen
Pas toont 1 of 4 azen
Eerstvolgende bod toont 2 azen
Redoublet toont 0 of 3 azen
Pas toont 1 of 4 azen
dat ♥ troef is;
dat opener 7 verliezers heeft;
dat de antwoorder 8 verliezers heeft;
dan luidt de LTC formule;
18 - ( 7 + 8 ) = 3 ♥
Herwaarderingen
De toepassing van de LTC levert het meeste profijt op
wanneer een troefaansluiting is gevonden.
Op dat moment kunnen niet alleen correcties worden
aangebracht op het aantal verliezers in de troefkleur, maar kan ook door beide
partners met een verrassend grote mate van nauwkeurigheid worden begroot wat
het aantal is van de gezamenlijke verliezers, en dus worden bepaald wat de
hoogte moet zijn van het te spelen contract.
Een correctie van kleiner belang is de herwaardering van
vrouw x x in de troefkleur; moet dit
bezit in vrij veel handen als 3 verliezers worden geteld, in de troefkleur zijn
het er maximaal twee.
De waarde van de vrouw
Het is duidelijk dat aas x x
beter 2 verliezers bezit is dan vrouw x x .
Er zijn verschillende manieren om hiermee rekening te
houden.
Vrouw xx ( x en langer ) telt als 3 verliezers, tenzij;
1 - het de voorgestelde troefkleur betreft;
2 - de kleur door partner is geboden;
3 - de vrouw wordt gesteund door de boer ( vrouw boer x );
4 - de vrouw wordt gecompenseerd door een aas in een andere
kleur.
Aangezien meetellende vrouwen in de basistelling gelijk
worden beoordeeld als azen en heren, dient daar correctie op te komen:
1 - positief voor meer azen dan meetellende vrouwen
2 - negatief voor meer meetellende vrouwen dan azen.
3 - de vrouw in combinaties als vrouw boer x is dus ook een
meetellende vrouw.
4 - Niet meetellende vrouwen worden alleen opgewaardeerd als
het troefvrouw of een andere belangrijke vrouw is
( in door partner geboden kleur )
voorbeeld:
♠ A V 9 4
♥ V 7 3
♦ H V 8 2
♣ A B
In de basis telling telt deze hand 6 verliezers: 1 in ♠ - 3 in ♥
- 1 ♦ en 1♣ .
♠. en ♦ vrouw zijn meetellende vrouwen, aangezien ze
respectievelijk voorkomen in combinatie met een aas en een heer.
♥ vrouw is een niet
meetellende vrouw.( 3 verliezers).
Stel nu dat er met deze hand 1♦ wordt geopend en dat partner 1♥ antwoordt en later nog een ♥ herbiedt.
Er is dan sprake van een ♥
fit ( 5 - 3 ) en ♥ vrouw promoveert
van niet meetellende vrouw naar meetellende vrouw.
Troefcorrectie regel
Op grond van ervaring wordt aangenomen dat het bezit van een
9de en 10de troef doorgaans leidt tot een extra slag en dus moet worden
gehonoreerd door aftrek van een verliezer, terwijl het ontbreken van een 8ste
troef doorgaans leidt tot het verlies van een slag, en dus moet worden herleid
tot het bijtellen van 1 verliezer.
Indien de antwoorder 5 troeven bezit, en dus weet dat er
tenminste 9 troeven in beide handen aanwezig zijn, trekt hij 1 verliezer van
zijn verliezers af.
Men doet hetzelfde ingeval men over een sterke troefkleur
beschikt. bv A H B x of A V B 10.
De correctieregel voor ( het ontbreken van ) eerste
controles en sleutelkaarten
De aanwezigheid van eerste controles en sleutelkaarten, zoals gunstig geplaatste heren of een singleton in een door de tegenpartij geboden kleur, resp. de afwezigheid hiervan, leidt tot een correctie op de telling der verliezers.
- het aantal azen en renonces dat hij bezit, groter is dan
zijn bieding tot dusverre heeft aangegeven;
- de heer of heren die hij bezit, gezien het bieden van de
tegenpartij, gunstig geplaatst lijkt ( lijken );
- men een singleton
bezit in de kleur van de tegenpartij, hetgeen nog niet eerder in zijn bieden
tot uitdrukking is gebracht.
- opmerking; er moet voor worden gewaakt dat er geen dubbel
telling optreedt;
Iedere partner trekt een verliezer bij wanneer;
- men geen azen bezit of minder dan de bieding suggereert;
- men geen renonce of singletons bezit in de kleur(en) van
de tegenpartij;
- de heer of heren die men bezit, gezien het bieden der
tegenpartij, ongunstig zijn geplaatst.
De telling voor de eerste biedronde
De vereisten voor een openingsbod en voor het antwoord op
het openingsbod worden onder enkele beperkende
voorwaarden uitgedrukt in verliezers.
A. Vereisten voor een openingsbod van 1 in een kleur;
- niet meer dan 7
verliezers;
- voldoende kracht in hoge kaarten, waaronder tenminste 2
vaste slagen;
- een verantwoorden herbieding.
Uitzonderingen;
- een hand met 8 verliezers maar met goede controles ( 3 of
meer vaste slagen );
- een hand met een SA patroon en 13 of meer punten;
- in de derde hand kan een openingsbod om tactische redenen
worden gedaan, ook als er meer dan 7 verliezers of minder dan 2 vaste
slagen zijn.
Opmerkingen:
De bovengrens voor een opening van 1 in een kleur hangt af
van het biedsysteem.
In de sterke klaveren systemen ligt dat uiteraard anders dan
in natuurlijke systemen.
In Acol is de bovengrens 5 verliezers; met 4 verliezers
wordt een Acol-twee geopend.
voorbeeld:
♠ A B 10 7 = 1 verliezer ( 2 van de 3 tophonneurs )
♥ A V 10 4 = 1
verliezer
♦ B 9 7 = 3 verliezer
♣ V B = 2
----------
= 7 Correctieregel; 2 azen tegenover 1
meetellende vrouw, een ½ verliezer minder; 6 ½
voorbeeld:
♠ H 7 = 1 De vrouwen in
de lage kleuren gelden als verliezers.
♥ H V 2 = 1 De hand is
geen openingsbod waard.
♦ V 6 5 4 = 3 Volgens
de correctieregels komt er zelfs nog een ½ verliezer bij ( 1 meetellende
vrouw
♣ V 8 7 3 = 3 tegenover
0 azen ).
----------
verliezers = 8
na correctie = 8 ½
voorbeeld:
♠ H 9 8 7 5 3 = 2 Geen openingsbod omdat er geen twee vaste
slagen zijn.
♥ 9 8 7 6 2 = 3
♦ 6 = 1
♣ 4 = 1
----------
= 7
B. Vereisten voor een antwoordbod;
- op een hoogte; niet meer dan 9 verliezers, soms echter met
10 verliezers als de hand compenserende waarden bevat;
- nieuwe kleur op tweehoogte; niet meer dan 8 verliezers
soms echter met 9 verliezers als de hand compenserende waarden bevat;
- verhoging van partners kleur; 9 (soms 10) verliezers;
- dubbele verhoging van partners kleur 8 verliezers;
- driedubbele verhoging van partners kleur 7 verliezers.
A. Vereisten voor een herbieding van de opener.
- voor een herbieding in SA gelden de punten die het
biedsysteem voorschrijft;
- voor een herbieding in de geopende kleur; 7 verliezers
- voor een verhoging van antwoorders kleur; 7 verliezers;
- voor een herbieding in een nieuwe kleur lager dan de
openingskleur; 7 verliezers
- voor een herbieding met een sprong; 6 verliezers.
- voor een herbieding met een dubbele sprong; 5
verliezers
Met behulp van "Splinters" kun je na een opening
van partner in één klap sleminteresse met een korte kleur aangeven. Een dubbel
of onnodig sprongbod of in een nieuwe kleur belooft minstens een vierkaart
steun en een singleton of renonce in de geboden kleur, met in elk geval genoeg
punten voor de Manche, ook na evt. herwaardering.
Opening Splinter
1 ♣ 3 ♦ =
singleton/renonce ♦ en een 5+ ♣ (ontkent 4-kaart ♥/♠)
3 ♥ = singleton/renonce ♥ en een 4+ ♣
(ontkent 4-kaart ♥/♠)
3 ♠ =
singleton/renonce ♠ en een 4+ ♣ (ontkent 4-kaart ♥/♠)
1 ♦ 3 ♥ =
singleton/renonce ♥ en een 4+ ♦ (ontkent 4-kaart ♥/♠)
3 ♠ =
singleton/renonce ♠ en een 4+ ♦ (ontkent 4-kaart ♥/♠)
4 ♣ =
singleton/renonce ♣ en een 4+ ♦ (ontkent 4-kaart ♥/♠)
1 ♥ 3 ♠ = singleton/renonce ♠ en een 4+ ♥
4 ♣ =
singleton/renonce ♣ en een 4+ ♥
4 ♦ =
singleton/renonce ♦ en een 4+ ♥
1 ♠ 4 ♣ =
singleton/renonce ♣ en een 4+ ♠
4 ♦ = singleton/renonce ♦ en een 4+ ♠
4 ♥ = singleton/renonce ♥ en een 4+ ♠
Na een Splinter van de antwoordende hand is slechts een een bod in de openingskleur niet forcing. Welke betekenis een bod in een nieuwe kleur heeft is afhankelijk van de afspraken (controlebod of echt), maar het toont in ieder geval sleminteresse. Als de openaar een mooie hand heeft kan hij azen vragen of controles in de zijkleuren aangeven. Met een zwakkere hand biedt hij direct de manche.
| naar top | naar hoofdstuk 2 | naar hoofdstuk 3 | naar hoofdstuk 4 | naar hoofdstuk 5 | naar hoofdstuk 6 | naar hoofdstuk 7 | naar hoofdstuk 8 |