CAMPERREIS NAAR TURKIJE en
SYRIE via
de BALKAN
Inhoud:
Turkije
deel 1
[westkust, zuidkust]
Turkije
deel 2
[oosten, noordkust]
Lijst
met
waargenomen soorten vogels
Lijst
met
waargenomen soorten orchideeën
In het voorjaar van 2005 [20 maart
t/m 15 juni, totaal 87
dagen] hebben wij een trektocht van 3 maanden gemaakt
door Turkije en [een deel van] Syrië via de
Balkan. Heen via de snelweg, terug via kleinere wegen door
Servië, Montenegro,
Bosnië en Kroatië. Wij gaan altijd speciaal in deze
tijd omdat dit voor bloemen
en vogels de meest geschikte tijd is, het nog niet te heet is en
bovendien het
overal nog heel rustig is, zelfs bij de meest toeristische
bezienswaardigheden.
Wij reizen met een tot camper
omgebouwde 4WD Toyota
Landcruiser [voorheen] pickup, onze vrienden met een tot camper
omgebouwde 4WD
Ivecobus. Beiden nemen wij onze honden mee.

ons reisgezelschapje
We overnachten in principe altijd
vrij, slechts 3x hebben we
op een camping gestaan. Turkije is naar ons gevoel een veilig land, ook
in het
Koerdengebied. Er zijn veel politie- en militaire controles, vooral
naarmate je
verder naar het oosten komt. Ergerlijk is het vuilnis en de rotzooi die
op veel
plaatsen weggesmeten wordt. Wel lijkt het iets minder dan in 1998; en
m.n. in
het noorden zijn gebieden waar het er gelukkig heel wat schoner uit
ziet. Water
kun je in Turkije overal makkelijk innemen, meestal langs de weg bij
speciale
watertappunten waar ook de Turken zelf water tappen, soms bij
tankstations of
particulieren. In Syrië is het een stuk lastiger, daar moet je
het vnl. van de
tankstations hebben. Brandstof [voor ons diesel] is overal in Turkije
en Syrië
goed te verkrijgen. In Turkije ca. € 1,20 en in Syrië
€ 0,10 [maar daar betaal
je wel $ 100 dieseltoeslag per week!]. Boodschappen kun je overal in de
hele
wereld doen in kleine winkeltjes en op markten, maar in Turkije zijn de
laatste
jaren in de grotere plaatsen ook grote supermarkten gekomen en dan kun
je mooi
je voorraden aanvullen.

watertappunt
De voorbereidingen bestonden ten
eerste uit het uitzetten
van de routes, waarbij rekening werd gehouden met natuurgebieden in het
algemeen, orchideeënrijke gebieden en vogelgebieden in het
bijzonder, en
cultuurhistorisch interessante plaatsen. Omdat we in 1998 ook al in
Turkije
zijn geweest hebben we zoveel mogelijk alternatieve routes opgenomen.
Het zal
opvallen dat veel van de highlights in het westen, zuiden en midden
[zoals
Troje, Pergamon, Efese, Priene, Milete, Didyma, Pamukkale, Afrodisias,
Aspendos,
Anamur, Uzuncaburç,
Harran,
Nemrut Dağı, Cappadocië, İstanbul]
niet besproken
worden omdat we deze plaatsen toen al bezocht hebben.
Ten tweede moesten inentingen voor
mens en dier [voor de
hond volgens de speciale voorschriften voor Turkije] geregeld worden.
Het is
raadzaam daar tijdig mee te beginnen omdat dit nogal wat tijd in beslag
neemt.
Euro Atlas: Türkei 1:800.000
Euro
Country map: Turkey 1:750.000
Hildebrand’s
Travel map: Jordan, Syria, Lebanon 1:1.250.000
Lonely
Planet Jordan & Syria
Trotter
Syrië / Jordanië
Capitoolreisgids
Turkije
ANWB
reisgids Turkije
Cantecleer
natuurreisgids Turkije [DHKD]
Important
bird areas in Turkey
Die Orchideeën der
Türkei [Kreutz]
Feldführer der
türkischen Orchideen [Kreutz]
Taalgids Turks onderweg
Het is handig om wat contant geld mee
te nemen om diverse
betalingen te doen, zoals tol [m.n. in Servië], grensovergang
Bulgarije, visum
Turkije en kosten grensovergang Syrië.
Verder zijn veel betalingen van
brandstof, snelweg en geld
pinnen met creditcards
mogelijk. Behalve
in Syrië; daar kun je niet met de creditcard terecht.
Wij hadden $ 300 en €
500 meegenomen.
Nuttig is ook een lijst met
omrekening per land van de locale
munteenheid :
€
100 = …….
locale munt
100
locale munt =
…….
€
We zijn i.v.m. het seizoen tegen de
klok ingereden.
De totale afstand bedroeg 17.777 km,
waarvan bijna 10.000 in
Turkije en 2000 in Syrië. We passeerden 30 grensovergangen en
kwamen in 16
verschillende landen.

Via de routeplanner zochten we de
kortste weg naar Edirne
[TR].
Duitsland via Frankfurt,
Würzburg, Nürnberg waar we van de
snelweg zijn afgegaan voor de eerste overnachting in een klein dorpje
op een
parkeerplaats.
De volgende dag via Passau, Graz
[Oostenrijk] naar Maribor
[Slovenie], waar we weer een klein dorpje voor de 2e
overnachting
opzochten. De 3e dag via Zagreb
[Kroatië] en Beograd [Servië]
richting Niš. Ca. 20 km. voor Niš
overnachtten we bij een voormalig motel,
waar nu vluchtelingen uit voormalig Joegoslavië gehuisvest
waren. De 4e
dag bij Dimitrovgrad [Gradina] de grens met Bulgarije over en richting
Sofija.
Dit was een smalle, maar landschappelijk zeer mooie tweebaansweg met
veel
tunnels en een zeer slecht wegdek vol diepe kuilen. [ 3 maanden later
op de
terugweg bleek de weg opgeknapt te zijn.] Voor Sofija werd je via
borden om de
stad heengeleid, maar dit bleek zo’n
grote omweg en bovendien zo’n slecht wegdek dat we op de
terugweg dwars door
Sofija gereden zijn, wat prima ging en veel leuker was. In
tegenstellling tot
berichten die we her en der hadden gelezen hebben we nergens last van
overijverige politieambenaren gehad die altijd wel iemand willen
bekeuren. Wel werd
er veelvuldig op snelheid gecontroleerd.
Rond
18.00 uur
kwamen we bij de Turkse grens. Het visum kan betaald worden met
€ 10 of $
10 [dit laatste is dus goedkoper]. Direct
over de grens aan de linkerkant op een parkeerterrein bij een
hotel/eetgelegenheid zijn we voor de nacht gaan staan.
Turkije
deel 1 [westkust,
zuidkust]
Ondanks
de
constante stroom vrachtwagens die ronkend voor de grens naar Bulgarije
staan te
wachten prima geslapen. Naar Edirne waar we meteen de 16e
eeuwse
Selimiye moskee bezoeken. Dit is de belangrijkste Osmaanse moskee en
met de
Sabancı moskee van Adana en de Blauwe Moskee van İstanbul
de enige met 6 minaretten.

Sabancı moskee
van Adana
We voelen
ons meteen weer vertrouwd; de Turken zijn
nog steeds zo vriendelijk als in onze herinnering en dat gevoel zou
tijdens de
komende tijd alleen maar versterkt worden. De mensen zijn heel
hartelijk, heel
erg gastvrij [soms is het bijna genant; zelf hebben ze geen enkele luxe
en
desondanks word je onthaald op van alles] en ze vinden het ook geweldig
dat je
helemaal met je eigen auto naar hun land komt. Er wordt heel vaak met
de
lichten geknippperd en getoeterd om je te begroeten en toe te zwaaien,
vooral door
vrachtwagenchauffeurs.
We buigen
al snel af naar het zuiden en na een
overnachting op een strandje met vissersbootjes buiten Kocaçeşme nemen we de westelijke route over
het schiereiland Gelibolu naar Eceabat vanwaar we overvaren naar
Çanakkale. Nu
zijn we in Azië.
Langs de
kust
rijden we de westelijke route naar Behramkale. Hier liggen de
ruïnes van de
oude stad Assos op een heuvel aan zee. Je kunt van hier het Griekse
eiland
Lesbos zien liggen. Ook ligt hier een mooie Osmaanse brug. Onderweg
naar
İzmir valt
op dat er ontzettend veel nieuwe
vakantiecomplexen worden gebouwd. De kust wordt er niet fraaier op.
We komen
langs een prachtig gelegen vakantieoord met
huisjes en campingterrein op een groene heuvel in zee dat nog niet open
is,
maar waar we door de eigenaar uitgenodigd worden om gratis de nacht
door te
brengen. En als we de volgende ochtend wakker worden, heeft hij de
tafel al met
[een paar jaar oude] kranten gedekt en een ontbijt met brood, kaas en
çay [de
turkse zoete thee in tulpglaasjes] klaar staan!

gedekte
tafel met ontbijt
Via kleine
wegen rijden we binnendoor naar
İzmir. In Manisa bleken alle Turken op pad te zijn en stonden we vast
in
het chaotische verkeer. Een aantal kleine vervelende jongetjes heeft
voor het
autoraam Juno [onze Jack Russell] zo gek gemaakt dat hij de hele
verdere reis
een hekel aan [Turkse] kinderen had.
Een plekje
voor de nacht was moeilijk te vinden en
uiteindelijk zijn we aan de rand van een dorp achter wat ommuurde
huizen gaan
staan. Al snel kwam een gezin poolshoogte nemen en binnen de kortste
keren
zaten we binnen [in een bloedhete ruimte want de kachel brandde op
volle
toeren! ] en werden op allerlei lekkers onthaald. Het taalgidsje deed
weer
goede dienst bij het communiceren. Bij het vertrek kregen we beiden nog
een
grote zak rozijnen mee van de baas des huizes die druiventeler annex
rozijnenboer was.
De dagen
daarna het
schiereiland ten noorden van
Urla en Çeşme verkend. In het
zuidelijke deel weer veel
lelijke nieuwe vakantienederzettingen. Het noordelijk deel heeft
daarentegen
prachtige ruige natuur en hier vond ik de eerste orchideeën.
Dus op de buik;
meten, noteren en fotograferen! Door slechte bewegwijzering reden we
verkeerd
en bleken op verboden militair terrein te komen. Een busje kwam later toen we allang
weer op de goede
weg zaten, met de lichten knipperend midden voor ons op de weg staan en
eruit
sprongen gewapende militairen. Maar na uitleg en een beetje ouwehoeren
hebben
ze ons vriendelijk uitgezwaaid. Op de verdere reis zouden we nog vaker
controles etc. krijgen van politie, jandarma en militairen, maar zij
waren
altijd heel voorkomend en vriendelijk .
Langs de
kust
richting Dilek Milli Parki [nationaal park] en het Bafameer. We
bezoeken Teos
[antieke villa] en overnachten bij een vogelrijk moerasgebied met ’s nachts een
kikkerconcert. In Selçuk
bekijken we de Byzantijnse citadel, Byzantijnse kerk en Seldjoekse
moskee.
Het Dilek
M.P. is
erg mooi groen en bergachtig, maar je mag er niet niet ’s
nachts blijven en
moet ook toegang betalen. Het Griekse eiland Samos ligt op
‘zwemafstand’ voor
de kust. Ook het
‘Grote Meander’ gebied
aan de zuidkant van Dilek is landschappelijk erg mooi. Helaas werd het
weer steeds
slechter; regen en koud. Bij het Bafameer kwam de regen met bakken uit
de
lucht, maar weerhield mij er niet van weer mooie orchideeën te
fotograferen.
Het onverharde weggetje aan de noordkant was flink modderig, maar de
4wd
bewijst dan goede diensten. We overnachten op een voetbalveldje dat in
een
modderpoel was veranderd, maar beter vinden we niet. Gelukkig zien we
in de
dagen daarna weer de zon, hoewel het winderig en fris blijft.
Bij het
wandelen
veel hardoens [agamensoort] en
gekko’s
op de muren.
We
bezoeken Euromos en Iasos waar
we overnachten aan een
erg leuk haventje. Op de berg bij de resten van de oude nederzetting
Iasos
liggen mozaïekvloeren zomaar in de open lucht en half
overwoekerd. Op de kleine
prachtige bergwegen in deze omgeving veel zeldzame orchideeën,
dus smullen voor
mijn vriendin en mij. Via Yatağan en Muğla
een prachtige
binnenlandroute door de tot 1300 m. hoge bergen. Onderweg Stratonikeia
[antieke
plaats] aangedaan. Nog steeds veel te koud.
Ook zeer
de moeite
waard blijkt het schierleiland Datça met helemaal aan het
eind de Dorische
antieke havenplaats Knidos, waar we op de parkeerplaats met fantastisch
uitzicht aan de baai overnachten.
De
volgende dagen
brengen we door in de omgeving van het Köyceğiz meer. In 1998
zijn we hier
ook geweest, maar het is zo mooi dat we hier graag weer komen. De
bergen,
bossen , het meer met uitgestrekte rietvelden zijn schitterend. Bij de
baai die
in verbinding staat met de zee zie je ook af en toe de grote
schildpadden lucht
happen. Heel bijzonder is ook het beschermde İztuzu
strand, waar de
schildpadden uit zee
in het seizoen hun
eieren komen leggen. Indrukwekkend zijn ook de in de rotsen uitgehouwen
graven
van de Lyciers bij Dalyan.

Lycische
graven bij Fethiye
Bij het
zoeken naar een overnachtingsplekje aan het
eind van de middag zien we een mooi baaitje liggen en er lijkt een
kleine onverharde
weg heen te lopen.
We hebben het
geweten! Vreselijk steil, rollende stenen en hele scherpe bochten, dus
een
aantal keren steken, maar terug kon niet. Eindelijk beneden troffen we
een Turk
die niet kon geloven dat we met onze auto’s naar beneden
gekomen waren. Zelf
was hij gelopen. Uiteindelijk hebben we overnacht in een andere baai;
we wilden
toch eerst weer veilig naar boven! Het moge duidelijk zijn dat deze
actie niet
geschikt is voor ‘gewone’ auto’s, laat
staan voor campers.

We
vervolgen de grote weg langs de kust met af en
toe een flinke afsteek via het binnenland voor de afwisseling. Het weer
wordt
ook steeds beter gelukkig.
Aan te
raden voor een bezoek zijn de Saklıkent kloof, Ölü Deniz
[lagune en strand], het Lycische
Tlos en Pınara in de omgeving van Fethiye.
Overal hier de
bijzondere uitgehouwen graftempels en grafmonumenten, soms zelfs midden
op
straat. Inmiddels hebben we prachtig weer met hoge temperaturen, mag
ook wel
half april.
Via Kumluca
willen we naar Olympos, maar dat slaan
we gauw over, zo’n toeristenbende, huisjes, kraampjes en
lawaai. Wel de moeite
waard vinden we de ruïnes van de Lycische havenstad Phaselis
iets verderop.
Bij Antalya
gaan we het Termessos Milli Parki in.
Tegen betaling evenals de iets zuidelijker gelegen spectaculaire kloof, waar je vanaf speciale
uitkijkpunten prachtig
uitzicht hebt de diepte in. Heel apart is de necropolis van het door de
Solymiërs gestichte Termessos. Kris kras verspreid liggen hier
vele
grafmonumenten in het struweel.
Vanaf
Manavgat verlaten we voorlopig de kust en
trekken door het prachtige bergachtige [tot ca. 2000 m.] binnenland
over
kleinere wegen via İbradi, Akseki, Bozkır, Taşkent,
Ermenek, Gülnar naar Silifke. Vandaar nog een rondje via Mut
en Uzuncaburç. Her
en der gaan we begraafplaatsen op, vooral de wat oudere om naar
orchideeën te
zoeken. Vaak moesten we dan met mijn orchideeëngids laten zien
wat we aan het
doen waren daar, maar het werd altijd leuk gevonden.
Veel
authentieke
dorpjes en [meestal] hartelijke bevolking. We worden veel op de thee
genodigd
en krijgen nog een rondleiding door een sesampastafabriekje.
Voor een
klein
afgelegen dorpje op 1500 m. hoogte,
parkeren we bij een verlaten gebouwtje voor de nacht. Na
enige aarzeling
komt een afvaardiging onder aanvoering van de dorpsoudste
‘informeren’.
Taalgidsje erbij en de overnachting is geregeld. Een poos later zien we
in de
pikdonker een zwaailicht aankomen. Een ongeluk ergens dachten we. Niet
dus, het
was de Jandarma Trafik voor ons, 4 man politie, die ook al wilden weten
wat
hier gaande was. Uiteindelijk ook weer oke. Maar net toen we naar bed
wilden
gaan, kwam met veel lawaai een zware militaire terreinwagen
aangescheurd. Grote
lampen op onze campers gericht en eruit sprongen 4 militairen in
gevechtspak
met geweer op ons gericht! Ook zij moesten van alles weten, visa
controleren
etc. Maar heel voorkomend en vriendelijk. We wisten ons in ieder geval
goed
bewaakt hier.
Later
zijn we nog
regelmatig op onze overnachtingsplaatsen gecontroleerd, kregen soms
zelfs
telefoonnrs. en adressen voor evt. problemen en nooit zijn we
weggestuurd. We
hebben bij haventjes gestaan, op
parkeerplaatsen bij hospitaals, in dorpjes, langs riviertjes en zijn
zelfs door
de burgemeester bij het gemeentehuis achter een hek gezet. Voor onze
veiligheid! We hebben ons in heel Turkije echter nooit onveilig gevoeld.
Iets ten
oosten van
Silifke ligt het kleine havenplaatsje Narlıkuyu waar in een klein
gebouwtje het bijzonder mooie mozaïek van de 3
gratiën [op de badkamervloer van een voormalig
paleis] ligt, dat
speciaal voor ons als enige bezoekers met water opgepoetst wordt.
We gaan
via de
grote weg richting İskenderun
en Syrië. Dit is niet het mooiste
deel van Turkije, heel druk, de laatste jaren zijn veel flats gebouwd.
Bij Mersin
maken we nog een bergtocht het binnenland
in naar Arlansköy. Mooi, maar druk, want het is zondag en dan
gaat iedere Turk
met familie picknicken, zelfs als het regent zoals nu en het naar onze
begrippen veel te koud is. Bij Tarsus gaan we [net als in 1998] de
vogelrijke
delta in. We zien hier o.a. veel smyrna-ijsvogels. Bij de monding van
de Tarsus
overnachten we en hebben het geluk een ichneumon [een soort sluipkat]
bij de camper
te kunnen filmen en fotograferen die zich tegoed deed aan de
achtergelaten
resten van een Turkse bbq!

ichneumon
In Adana
bezoeken we de Sabançı
moskee en daarna hebben we weer genoeg van de drukte. Bij Ceyhan
verlaten we de grote weg en gaan binnendoor naar İskenderun.
Bij
Dörtyol zien we overal op de wegen en
parkeerplaatsen lange colonnes tankwagens met brandstof [uit
Syrië of Irak?].
Een vieze bende. Ook veel zwaar bewaakte militaire complexen,
industrieën en
overslaghavens.
Wie hier in
de buurt komt, mag zeker Yakacik [Payas]
niet overslaan. Hier bevindt zich het vrij onbekende, maar
indrukwekkende
Osmaanse Sokollu Mehmet Paşa
complex uit de 16e
eeuw. Binnen een fortificatie zijn hier een moskee, baden,
een herberg
en theologische school.
Na
İskenderun nemen we de [na Konacık
onverharde] kustweg naar
Samandağ. Deze weg is werkelijk schitterend
en ook voor
gewone campers mits niet te laag op de wielen, goed te berijden.

kustweg
naar Samandağ
Bij Samandağ
ligt de Romeinse Titustunnel en de ruïnes van Seleukia, ook
zeer de moeite
waard.
De
volgende dagen
blijven we nog rondtoeren in dit deel van Turkije tegen de Syrische
grens, het
oude Antiochië, want er is veel dat het bekijken waard is.
Niet in
de laatste
plaats het archeologisch museum van Antakya. Nooit zagen we zoveel
mooie
mozaïeken!
We gaan
op weg naar
de Syrische grens bij Reyhanlı. Vlak voor de grens ontmantelen en
verstoppen we nog onze bakkies, want die zijn verboden in
Syrië.

vloermozaïek
in het
Archeologisch Museum van Antakya
De grensovergang Bab el Hawa passeren kost 4 uur. 1
uur om Turkije uit
te komen en 3 uur om Syrië binnen te gaan. Gelukkig worden we
door iemand
geholpen met het invullen van de alleen in het Arabisch gestelde
formulieren.
Visum, carnet de passage en een toeslag voor onze dieselvoertuigen. [Natuurlijk betalen we hem
hier wel voor].
Het is 22 april en we zijn eindelijk in
Syrië.
Als eerste gaan we naar het mooie en nog zeer gave
Qalat al Sam’an [klooster
van Simon de Pilaarheilige], waar we op de parkeerplaats overnachten.
Syriërs blijken hele aardige mensen die
vaak een praatje willen maken
[om hun engels te oefenen, zeggen ze] en veelvuldig met je op de foto
willen.
Ook de gesluierde meisjes, die voor de foto n.b. hun sluier voor het
gezicht
wegnemen. Alleen willen ze niet met de [onreine] honden gefotografeerd
worden
en sommigen lopen zelfs met een grote boog om de hond heen [soms uit
angst; ze
zijn bang voor honden].
Aleppo is een grote zeer drukke stad met vooral
veel gele taxi’s. We
bezoeken hier de zeer imposante citadel en gaan de soek in. De soek is
sfeervol
en volgens de boekjes één van de mooiste van het
hele Midden Oosten, maar wij
verkiezen toch de Marokkaanse soeks. Na Aleppo gaan we naar Tell Mardiq
waar de
archeologische site Ebla ligt. Een uitgestrekt terrein, waar niet veel
meer te
zien is.
Dan willen we naar de dode stad Sergilla. Heel
lastig te vinden, als er
al bewegwijzering is, is het in het Arabisch; dus niet te lezen. Na
heel wat
vragen met handen- en voetenwerk worden we de laatste 20 km
[ongevraagd] door
een jongen per brommer naar de plek gebracht. Onder begeleiding van een
heel
groepje gaan we in de regen naar nog meer dode steden en blijven bij
één
daarvan overnachten. Fooien willen ze absoluut niet hebben:
‘we are not
Americans, we are Arabs!’ Sergilla is fantastisch mooi in
fotogenieke
aardetinten. Het is hier ook totaal verlaten, geen bewaking, geen
toerist,
niets.
<
de
dode stad Sergilla
Via binnenwegen vervolgden we onze weg
richting Latakia. Ten oosten van Latakia ligt het Qalat Salah ad Din
[Saladins
kasteel], met de uitgegraven gracht met naaldvormige monoliet. Plan was
daar
beneden te overnachten en het kasteel de volgende dag te bezoeken. Maar
hier
kregen we voor het eerst met één van de geheime
Syrische veiligheidsdiensten te
maken. Wat eerst een ontspannen informerend gesprek van enkele jonge
mannen op
scooters leek, ontaardde in een nogal intimiderend vraaggesprek.
Geprobeerd
werd ons meningen over Bush en Blair te ontlokken; er moest in de
camper
gekeken worden en een pasje met foto werd vlak voor Leo’s
gezicht gehouden. In
ieder geval voelde geen van ons zich nog erg prettig daar en
uiteindelijk zijn
we in het donker nog vertrokken en bij een restaurant in de buurt gaan
staan.
We zijn niet meer teruggegaan; het kasteel staat nu voor de volgende
keer op
het programma.
De wegen in Syrië zijn goed te berijden,
veel
beter dan de smalle vol met gaten zittende wegen in Turkije, maar de
meeste
Syriërs rijden als beesten.
Onderweg laten we onze auto’s wassen bij
een
tankstation, het gebeurt zeer grondig door twee man en kost omgerekend
€ 2,25
incl. fooi! En olie verversen € 12,75 [10 ltr. olie gaat erin
bij onze auto].
Ten zuiden van Baniyas bezoeken we het uit
zwart graniet opgetrokken Qalat al Marqab, dat aan de kust boven op een
berg
[met prachtig uitzicht] ligt en via een smalle steile weg te bereiken
is. Dan
op naar één van de hoofddoelen van Syrië
:het Qalat el Hosn ofwel Krac des
Chevaliers. Het ligt vlak bij de Libanese grens in een groen
heuvelachtig
gebied. De Krac is fantastisch en je kunt prima op de parkeerplaats bij
de
ingang overnachten. Wel werden we weer goed in de gaten gehouden, nu
door 3
militairen die recht tegenover onze campers alles wat we deden
nauwgezet
volgden vanuit hun auto.

Krac
des Chevaliers
Via Hama, waar we de noria’s [grote
houten
waterraderen] bekijken, naar Homs om vanaf daar de woestijnweg naar
Palmyra, de
volgende topattractie, te nemen.
Als je na 160 km. door de kale
woestijn bij Palmyra komt,
worden je stoutste verwachtingen overtroffen. Temidden van heuvels, met
daarop
een 13e eeuws kasteel,
ligt
de enorme antieke stad van Zenobia: Palmyra. Je kunt overal vrijelijk
rondlopen, alleen voor de Beltempel,
de
ondergrondse graven en torengraven in de ‘Vallei van de
Graven’ betaal je
toegang.

Palmyra

Ga vooral tegen het einde van de dag naar het
kasteel, vanwaar je een prachtig uitzicht hebt over de stad en
bovendien is het
licht dan heel mooi.
De volgende dagen zijn we via As Suknah en Ar
Rasafah [archeologische stad waar alleen de vestingmuur nog intact is]
naar Ar
Raqqah aan de Euphraat gereden.
Vandaar
naar Dayr Az-Zor. 50 km. voor Dayr Az-Zor ligt Halabiye.
Ruïnes van een oude
stad, mooi gelegen tegen een helling aan de Euphraat, waarover een
Baileybrug
gelegd is.
Dan weer noordwaarts naar Al-Hasakah
en Ras al Ain, waar we
de grens naar Turkije weer over willen. Maar de grens blijkt gesloten,
wordt
alleen nog bewaakt en we moeten 100 km. oostelijker langs de zeer zwaar
bewaakte grens naar Qamishly/Nusaybin. Op deze tocht worden we
voortdurend
gevolgd door weer een veiligheidsdienst. De auto’ s lossen
elkaar af als wij
pauzeren. Overigens leggen ze ons geen strobreed in de weg. Als we in
Qamishly
de grensovergang niet kunnen vinden, zijn ze er echter wel als de
kippen bij en
brengen ons tot in het douanekantoortje!
Het zuiden en Damascus hebben we dus niet
bezocht; we willen heel oost Turkije graag doen en dan wordt de tijd
wat
kort, maar we nemen
dat deel de volgende
keer mee bij onze [geplande] reis naar Jordanië.
Turkije deel 2 [oosten,
noordkust]
De grensovergang was een hele kleine met een 3
m. hoog metalen hek, dat voor iedere passant ontdaan moest worden van
een
kettingslot, dat er ook meteen weer opgedaan werd. Het ging hier een
stuk
sneller; bij de Syriërs een uur, bij de Turken vijf kwartier.
Eerst weer de
bakkies installeren, dat is toch heel wat makkelijker communiceren.
Via Midyat naar Batman, halverwege een stop in Hasankeyf.
Hier liggen de resten
van een 12e eeuwse brug over de Tigris,
waarlangs we ook
overnachten. Een prachtig plekje, waar in de steile wand aan de
overkant o.a.
verschillende paartjes scharrelaars, bijeneters en kleine torenvalken
broeden.
Bij de brug veel alpengierzwaluwen en rotszwaluwen. De politie komt ook
weer
langs en wijst ons waar ze zitten in geval van nood. Ook de omgeving
hier is
prachtig. We maken een rondje via Diyarbakır,
waar we een nieuw dieseloliefilter [voor slechts
€ 25] laten plaatsen; de auto liep al vanaf
halverwege Syrië slecht, maar de problemen zijn meteen over.
Voorbij
Ergani
overnachten we in het dorpje Maden in een kloof, en dit is de enige
plaats waar
we last hadden van vervelende jongetjes. Van bovenaf werden stenen op
de camper
gegooid. We zijn verkast en enkele honderden meters verderop gaan staan
in de
buurt van een militaire post.
Een
prachtige orchideeënrijke
route via Lice en Kulp naar Muş. Het stuk tussen Kulp en Muş was onverhard, langs een
woeste rivier door
bergen. Schitterend. In Muş wisten ze nog niet eens dat deze weg weer
te
berijden was. Door het slechte weer van de afgelopen tijd was de boel
versperd
geweest.

Ophrys schulzei
We komen steeds meer militaire
controles tegen. In elke
plaats zitten ze in van gaas voorziene hokjes langs de weg achter
zandzakken,
het geschut gericht op de weg, pantservoertuigen erbij etc. Maar we
zitten ook
in het Koerdengebied.
Het weer is al een aantal dagen slecht; veel
regen en koud zo’n 8 gr. Vanaf hier overnachten we eigenlijk
steeds bij
tankstations. Deze zijn alle de hele nacht bemand en je hebt er
tenminste een
droge parkeerplaats. Naar Tatvan een prachtige route over een
hoogvlakte, maar
wat een wateroverlast. Bij de armoedige dorpjes is het
één grote modderbende,
waar ze in rond lopen te soppen.
Bij Tatvan willen we naar de krater
van de Nemrut [niet te
verwarren met de
veel westelijker
gelegen Nemrut Dağı met de
beelden bij Kahta] . Helaas moeten we terug in een modderig dorp; de
rest is
afgesloten wegens de sneeuw. We zijn te vroeg in het seizoen. Het is
begin mei
en pas in juni maak je kans er te komen.

het
Vanmeer
We nemen de zuidelijke route rond het
enorme Vanmeer. Landschappelijk
fantastisch mooi. Bergen tot 4000 m. Het is erg winderig en koud en
regelmatig
regent het.
Hoogtepunt is het eilandje Akdamar
bij Gevaş. Hier overnachten we op een
kleine
camping [€ 1,20] en gaan de volgende dag met een bootje naar
dit eiland om de
10e eeuwse Armeense kerk van het Heilig Kruis te
bezoeken. Het is
heel schilderachtig gelegen op een heuvel op het eilandje temidden van
bloeiende fruitbomen. De buitenkant zit vol bas-reliëfs van
bijbelse
taferelen. Zelden
zagen we een mooier kerkje
en we fotograferen ons suf.

kerk van het Heilig
kruis op Akdamar
De stad Van is o.a. bekend om zijn
witte poezen met één
blauw en één groen oog. We hebben ook inderdaad
zo’n poes zien lopen.
De diesel is in deze streek
behoorlijk goedkoop,
waarschijnlijk is dit diesel uit het nabijgelegen Iran of Irak.
Het gebied doet hier heel Aziatisch
aan, uitgestrekte hoogvlaktes
met runderen en dorpjes met lage platte woningen. Voorbij Muradiye kun
je de Şeytan
Köprösü [Duivelskloof] en de
Bendimahi watervallen bezoeken. Vooral de watervallen zijn spectaculair.
We rijden
nu vlak
langs de Iraanse grens door een schitterend vulkanisch landschap, maar worden tijdens het
fotograferen meteen door
militairen weggestuurd.
Het volgende hoogtepunt is de İşak
Paşa Sarayi bij Doğuebayazıt. Een fotogeniek Osmaans paleis dat
werkelijk prachtig gelegen is en het weer werkt ook nog mee. Vlak
eronder ligt
een leuke kleine camping waar we voor € 1,80 overnachten. En
dan hebben we hier
ook nog het buitengewone geluk om de 5165 m. hoge berg Ararat [Ağrı Dağ]
zonder bewolking te kunnen fotograferen, hetgeen
so wie so, maar zeker in deze tijd een zeldzaamheid is.

İşak Paşa Sarayi
Langs de Armeense grens gaan we in
noordelijke richting naar
Kars en vandaar oostelijk naar Ani. Onderweg op de hoogvlakte naar İğdır worden we bij een militaire
controlepost op de thee genodigd en na gezellig daar gezeten te hebben
mogen we
zelfs een foto maken van het hele gezelschap tussen de tanks!
Ani is een uitgestrekte Armeense
ruïnestad die op de grens
met Armenië ligt. Je hoeft geen verklaring van de politie in
Kars te halen, in
tegenstelling tot wat nog in de boekjes staat. Bij de vestingmuren kun
je prima
overnachten en je ziet hier veel kleine grondeekhoorns uit hun
holletjes komen.
Bij Kars nemen we de oostelijke route
langs het Çıldır Gölü.
Het is een
prachtig meer; helaas is het weer zeer slecht, flinke regen en fiks
onweer.
Bij Ardahan overnachten we voor we de 2640 m. hoge pasweg nemen, bij
een in de
open vlakte gelegen tankstation op 1800 m. hoogte en krijgen daar een
onweer
waar de honden geen brood van lusten! De camper staat te schudden in de
vliegende storm en knallende bliksem! Heel angstig.
Voor Artvin merk je al de nabijheid
van de Zwarte Zee; de
bergen worden veel groener en minder kaal. We willen eerst naar Hopa
aan de
kust. De rivier Çoruh
Nehri is
door het vreselijk
slechte weer tot een
woest bruisende bruine stroom geworden. Er liggen ook veel pasgevallen
stenen en
rotsblokken over de wegen.
Bij Artvin moeten we wegens
werkzaamheden een poosje
wachten. Links de rivier, rechts rotswanden. Er valt wat gruis en
kleine
keitjes. Omdat het ons niet lekker zit verplaatsen we onze
auto’s wat dichter
naar de rivier en waarschuwen ook enkele Turkse bestuurders. Niet veel
later
komen met donderend lawaai flinke brokken rots naar beneden! Op de
plaats waar
wij hebben gestaan zijn andere auto’s flink beschadigd!
Gelukkig zijn er geen
persoonlijke ongelukken gebeurd, maar we staan te trillen op onze benen
en we
kijken sindsdien toch anders naar rotshellingen. We parkeren b.v. nooit
meer
vlak onder rotswanden e.d.
De tocht naar Hopa is prachtig.
Weelderige bergen met
theeplantages en overal wilde geel en paars bloeiende rhododendrons. In
Hopa
een afgesloten haventerrein opgereden. Na enig getelefoneer werden we
naar een
extra bewaakt haventerrein achter hekken geloodst, dat was dus heel
rustig
slapen.
Terug via Artvin om het Kaçkargebergte boven Yusufeli
te verkennen. Mooie, soms zeer
smalle, onverharde wegen door kloven, langs bergbeken.
Niet geschikt voor grotere campers.
Op onze planning stond een rondje via
Oltu en terug langs
het Tortum Gölü. Dat gaat niet door; de weg is
afgesloten wegens instorting.
Eerst een bezoek aan het hoog gelegen en via een steile mooie weg te
bereiken İşhan
Kilise; een Georgische kerk uit 1030.

İşhan Kilise
De
volgende dag gaan
we uit nieuwsgierigheid toch kijken bij de instorting en inderdaad de
weg is
totaal verdwenen. Een grote shovel ligt ook al in de rivier beneden,
maar en
wordt druk gewerkt om de boel weer vrij te krijgen. We gaan weer
gezellig op de
thee bij de wegwerkers.
De weg Yusufeli İspir is
zeldzaam mooi, maar
door de vele regen van de afgelopen tijd veel rotsblokken op de weg,
waar we
zigzaggend omheen moeten. Opvallend zijn de schitterende kleuren in de
bergen,
variërend van bruin en geel tot rood.

Vanaf nu
nemen we steeds een stuk kustweg waar we
vaak groepjes dolfijnen zien srpingen, dan weer een rondje binnenland.
Wat
opvalt is dat steeds aan de kust de bewolking toeneemt, terwijl het
binnenland
mooi weer heeft. De Zwarte Zeekust staat ook bekend om de vochtige
lucht,
vandaar ook de theeplantages. Hier zijn ook vele honderden vierkante
kms.
hazelnootplantages, waar vooral op de oudere en verwaarloosde plantages
verschillende soorten orchideeën voorkomen.

theeplantage
In Trabzon
bezoeken we de Aya Sofya [13e
eeuwse Byzantijnse kerk met mooie fresco’s]. En natuurlijk
gaan we naar het
Sumela klooster bij Maçka, dat prachtig tegen de rotsen in
een zeer groene omgeving
gelegen is. De fresco’s op de wanden en plafonds van de
kerkmuren zijn
werkelijk schitterend.
We nemen de
route Kelkit, Giresun, Ordu [een
binnenlandpiste naar] Fatsa, Ünye, Niksar, Ladik, Samsun.
Onderweg bij het
water tappen langs de kant, stopt een keer een luxe auto met chauffeur.
De man
achterin was zeer geïnteresseerd in ons doen en laten en
ervaringen met
Turkije. Hij bleek ‘the
governer of the
district’ te zijn. Ik zie in Nederland de commissaris van de
koningin nog niet
zo gauw stoppen om aan een paar toeristen te vragen hoe het gaat! En
dit is ons
een paar keer overkomen.
Bij Bafra
ten n.w. van Samsun brengen we enkele
dagen door in de delta van de Kızılırmakrivier. Natuurlijke
moerasbossen, duingebieden met nog enkele wilde dromedarissen,
moerassen en
veel vogels zoals o.a. kleine zilverreigers, ibissen en
zwarte ooievaars. Op de uitgestrekte
grasvlaktes kuddes runderen, die ons ’s nachts wakker maken
door tegen de
camper te schurken.

Safranbolu
We
trekken verder
de mooi beboste Zwarte Zeekust langs en gaan via Kastamonu naar
Safranbolu, de
beroemde plaats met zijn vele [gerestaureerde] Osmaanse woningen, de
zgn.
konaks.
In
Devrek, bekend
vanwege zijn onbreekbare wandelstokken, bezoeken we het
wandelstokkenfabriekje
waar mannen de stokken aan het snijden en bewerken zijn.
Via Adapazarı waar je nog steeds
herinnerd wordt aan de
grote aardbeving van enkele jaren geleden, gaan we naar İstanbul.
Deze keer nemen we de noordelijke brug over de Bosporus om vandaar
binnendoor
terug te rijden naar Edirne en de grens. Het is eind mei.
Op het
stukje niemandsland tussen de Turkse en Bulgaarse
grens kun je heel goedkoop tanken. € 0,53. Het is ons niet
duidelijk of dit op
de heenreis ook kan, we wisten het toen in elk geval nog niet. Dezelfde
weg
naar Sofija, maar deze keer dus dwars door de stad. Helaas rijden onze
vrienden
door een diep gat, waardoor de auto beschadigd raakt en we een garage
op moeten
zoeken [en dat natuurlijk op zaterdag]. We brengen 3 dagen door in
Sofija dat
een mooie stad blijkt en overnachten op de parkeerplaats bij de garage!
Dinsdag konden we verder naar Niş in Servië waar we overnachtten op de
parkeerplaats van het Motel
Nias. Het is van beide kanten van de snelweg te bereiken en bij het
motel is
[gewapende] bewaking.
We
blijven op de
snelweg tot Pojate en buigen dan af naar Kruševac en
Kraljevo. Daar gaan we
naar het mooie klooster Žiča.

klooster
Žiča
We overnachten in de buurt van een
klein tankstation en
passeren de volgende dag de grens met Montenegro. Dit is geen
internationaal
erkende grens, maar de Serven en Montegrenijnen beschouwen hem wel degelijk als grens
met alle controles
die daarbij horen. Tussen
de 2 grenzen
ligt ook een behoorlijk stuk niemandsland.
In Montenegro is tot onze verrassing
de euro het wettig
betaalmiddel. Montenegro is een land met veel natuurschoon, heel groen,
met
prachtige bergen, kloven en rivieren en een vriendelijke bevolking. Ons
eigenlijke doel was de rivier de Tara, in het noorden van Montenegro,
die door
een enorme kloof stroomt en in de bovenloop helemaal niet toegankelijk
is. We
overnachten op een alpenwei. Bij het klooster Morača komen we weer op
de
doorgaande weg. Dit nog bewoonde klooster is zeer de moeite waard met
hele
mooie fresco’s op alle wanden en plafonds van de kerk en
kapel.

Tara

kapel bij het
klooster Morača
Voorbij Podgorica [het oude Titograd]
vinden we een heel
leuke overnachtingsplek in het kleine dorpje Vranjina aan een inham van
het
Skadarsko Jezero [het grootste Balkanmeer].
De volgende dag gaan we naar de Baai
van Kotor. We drinken
koffie op een terrasje aan de haven om mijn verjaardag te vieren en
onze honden
nemen een duik in de zee. Helaas zitten ze onder de teer als ze eruit
komen!
Meegenomen garagezeep blijkt wonderen te doen, maar we zijn een hele
poos zoet.
’s Avonds vieren we mijn verjaardag nog eens uitgebreid op
onze
overnachtingsplek aan het water in Kotor, na een prachtige tocht over
de
Lovčen pas, met schitterende vergezichten op de baai van Kotor.

baai van Kotor

het oude
stadsgedeelte van Dubrovnik
We doen verder het prachtige [ na de
oorlog weer gerestaureerde]
Dubrovnik in Kroatië nog aan en maken een omweg via
Bosnië om in Mostar de
nieuw opgebouwde brug [Stari Most] te bekijken. Nog veel sporen van de
oorlog
hier; in puin geschoten gebouwen en kogelgaten in huizen etc.
We overnachten op een parkeerplaats
vlakbij de brug en
hebben het geluk een jongen van de 20 m. hoge brug af te zien springen
onder
toeziend oog van een juichende menigte.

Stari Most in Mostar
We nemen de oostelijke weg langs de
Bosnische grens in
Kroatië en ook hier nog veel sporen van oorlogsgeweld. Het
geeft ons een heel
dubbel gevoel. In sommige dorpen is de helft van de huizen leeg en
uitgebrand,
in huizen ernaast wonen gewoon mensen. Je kunt goed zien dat hier
systematisch
een bepaalde bevolkingsgroep verdreven is. Ook onderweg nog regelmatig
waarschuwingsborden voor mijnen, die nog niet opgeruimd zijn.
Na nog wat dagen in de Alpen rond
gehangen te hebben, wordt
het tijd om naar huis te gaan.
We kunnen terugkijken op een
fantastische reis, waarop we
veel bijzondere dingen gezien hebben. Voor de liefhebber voeg ik nog
lijsten
bij met de verschillende waargenomen soorten vogels en
orchideeën.
Misschien gaan we
volgend jaar weer naar Turkije, evt. met een bezoek aan
noord Cyprus en
dan het zuidelijke gedeelte van Syrië en Jordanië.
Mollie Merkx en Leo Derksen
e-mail:
of
Waargenomen
vogels Turkije – Syrië –
Balkan maart t/m juni 2005
fuut
kievit
gekraagde
roodstaart
roodhalsfuut
sporenkievit
tapuit
dodaars
wulp
blonde
tapuit
roze pelikaan
tureluur
izabeltapuit
kuifaalscholver
oeverloper
woestijntapuit
aalscholver
dunbekmeeuw
finsch’ tapuit
dwergaalscholver
kokmeeuw
rode rotslijster
roerdomp
geelpootmeeuw
blauwe rotslijster
wouwaapje
armeense
meeuw
merel
ralreiger
zilvermeeuw
kleine karekiet
grote zilverreiger
kleine
mantelmeeuw
cetti’s zanger
kleine zilverreiger
visdief
gestreepte
prinia
blauwe reiger
zwarte
stern
kleine
zwartkop
purperreiger
witvleugelstern
rüppells grasmus
zwarte ibis
rotsduif
orpheus’
grasmus
ooievaar
turkse
tortel
provençaalse grasmus
zwarte
ooievaar
zomertortel
grauwe vliegenvanger
flamingo
palmtortel
rouwmees
wilde
zwaan
koekoek
koolmees
casarca
steenuil
pimpelmees
wilde eend
dwergooruil
winterkoning
krakeend
bosuil
waterspreeuw
zomertaling
alpengierzwaluw
klapekster
kuifeend
gierzwaluw
kleine klapekster
tafeleend
ijsvogel
grauwe
klauwier
slangenarend
smyrnaijsvogel
roodkopklauwier
aasgier
hop
maskerklauwier
bruine
kiekendief
bijeneter
vlaamse gaai
blauwe
kiekendief
scharrelaar
ekster
steppekiekendief
groene specht
alpenkraai
sperwer
syrische bonte
specht
roek
buizerd
veldleeuwerik
bonte kraai
steppebuizerd
kuif/theklaleeuwerik
kauw
arendbuizerd
strandleeuwerik
raaf
dwergarend
temmincks strandleeuw.
wielewaal
steenarend
rotszwaluw
spreeuw
schreeuwarend
huiszwaluw
sneeuwvink
steppearend
roodstuitzwaluw
spaanse mus
sakervalk
boerenzwaluw
huismus
torenvalk
graspieper
kneu
kleine
torenvalk
wittte kwikstaart
sijs
aziatische
steenpatrijs
grote gele kwikstaart
putter
zwarte
frankolijn
balkankwikstaart
grauwe gors
porseleinhoen
arabische buulbuul
geelgors
waterhoen
nachtegaal
zwartkopgors
meerkoet
rosse
waaierstaart
ortolaan
steltkluut
roodborst
rietgors
vorkstaartplevier
roodborsttapuit
vink
kleine
plevier
zwarte roodstaart
europese kanarie
Waargenomen
orchideeen Turkije – Syrië –
Balkan * maart t/m juni 2005
Platanthera bifolia
Ophrys
schulzei
Platanthera chloranta
Ophrys
omegaifera
Neotinea maculata
Ophrys
iricolor
Dactylorhiza sambucina
Ophrys
blithopertha
Dactylorhiza romana
Ophrys
cinereophila
Dactylorhiza fuchsii
*
Ophrys
sitiaca
Dactylorhiza incarnata *
Ophrys
sicula
Dactylorhiza euxina var. euxina
Ophrys lesbis
Dactylorhiza euxina var. markowitschii
Ophrys umbilicata
Dactylorhiza flavescens
Ophrys
levantina
Dactylorhiza osmanica
Ophrys
bornmuelleri of ziyaretiana ?
Gymnadenia
conopsea
Ophrys
transhyrcana
Anacamptis
pyramidalis
Ophrys
reinholdii
Barlia
robertiana
Ophrys
mammosa
Serapias
feldwegiana
Ophrys
caucasica
Serapias
levantina
Ophrys
caucasica x Ophrys oestrifera
Serapias
orientalis ssp. carica
Ophrys
oestrifera
Serapias
bergonii
Ophrys
ferrum-equinum
Serapias
politisii
Ophrys
labiosa
Serapias
cordigera
Oprhys cilicica
Cephalanthera
damasomium
Ophrys
apifera
Cephalanthera
longifolia
Ophrys
heterochila
Cephalanthera
epipactoides
Ophrys
heterochila x Ophrys oestrifera
Cephalanthera
kurdica
Ophrys
tenthredinifera
Limodorum
abortivum
Listera
ovata
Orchis
papilionacea ssp. papilionacea
Orchis
papilionacea ssp. heroica
Orchis
morio ssp. morio
Orchis
morio ssp. picta
Orchis
syriaca
Orchis
pinetorum
Orchis
pallens
Orchis
provincialis
Orchis
anatolica
Orchis
sezekiana ?
Orchis
ustulata
Orchis
tridentata
Orchis
italica
Orchis
simia
Orchis
caucasica
Orchis
purpurea
Orchis
laxiflora