‘Gemeente moet wijkoverleg serieus nemen’


Stroperigheid, onduidelijkheid, weinig communicatie. Dat zijn de verwijten die sommige wijkoverleggen hebben tegen de gemeente. Het zit met name de voorzitters van Oud-Koog en Zaandam-Zuid hoog. Terwijl het contact tussen de gemeente en andere wijken wel goed gaat.


Voor Mark Bakker van het wijkoverleg Oud-Koog is de maat vol. ,,Ik probeer er altijd eerst in goed overleg uit te komen, maar dan moet het wel iets opleveren. Telkens gaat er iets mis in de communicatie naar de gemeente: bewoners zijn tegen, maar de gemeente drijft zijn zin door.’’
Bakker doelt onder andere op de kapvergunning voor de plataan aan de Breestraat in Koog aan de Zaan die is afgegeven. En parkeerplaatsen die toch komen aan het Troelstraplein ondanks hevig protest van bewoners.

In Zaandam-Zuid rommelt het al langer. Afgelopen september dreigde het wijkoverleg al op te stappen als de samenwerking met de gemeente niet zou verbeteren. In november gaat wethouder Ronald Ootjers in gesprek met het overleg. ,,Je ziet hoe belangrijk de gemeente dit vindt: er moet bijna twee maanden overheen gaan voor we eens met de wethouder om de tafel zitten,’’ smaalt Zaandam-Zuid-voorzitter Wim Kwast.
Ootjers schreef eind september op zijn weblog: ,,Als het wijkoverleg zich enkel en alleen bezig zou houden met klachten en uitgaat van de gedachte dat een klacht bij de volgende wijkvergadering opgelost zou moeten worden, dan heeft geen enkel wijkoverleg en zeker niet dat van Zaandam-Zuid een lang leven’’. Dat is tegen het zere been van Kwast. ,,Het gaat niet over acute oplossingen voor klachten. Het gaat erom dat bewoners snel duidelijkheid krijgen: wannéér er een oplossing komt.’’

,,Als wijkvoorzitter moet je soms de ambtenaren flink achter hun vodden zitten om iets gedaan te krijgen,’’ weet Onno Ooms, oud-voorzitter van Kalf. Ook tussen ‘zijn’ wijkoverleg en de gemeente was het contact een tijdlang ‘heel slecht’. ,,Je moet ervoor zorgen dat je onderling goede afspraken maakt. Dat betekent wel dat je soms zes of zeven keer ergens achteraan moet bellen. Tegelijkertijd moet je ook de hand in eigen boezem steken als bijvoorbeeld een werkgroep niet duidelijk één aanspreekpunt heeft. Dan moet je niet raar staan te kijken als een brief van de gemeente niet aankomt.’’

Carl Lechner van het wijkoverleg Rosmolenwijk is weinig onder de indruk van de boosheid van zijn voorzittercollega’s. ,,Wij wonen in een wijk waarin veel gebouwd en gerenoveerd wordt. Dan zijn er wel eens zaken waarover wij laat worden ingelicht. Dat soort dingen gebeuren nu eenmaal. Wij hebben via het platform herstructurering een keer in de maand overleg met de gemeente, waardoor de lijntjes kort zijn. Maar verder is het net als in het gewone bedrijfsleven: pas als een bestuur ergens helemaal zeker van is, brengen ze het naar buiten.’’

Jan Hauer van wijkoverleg Assendelft zegt helemaal geen problemen te hebben met de gemeente: ,,Communicatie is zelfs een van de punten die goed gaan. De uitbreiding van parkeerplekken ging keurig in overleg met onze werkgroep verkeer.’’ Hoe anders ging dat in Oud-Koog. Mark Bakker: ,,Toen er verkeersonderzoek plaatsvond bij de Leliestraat, heeft de gemeente ons daar pas heel laat bij gehaald. We mogen komen opdraven als het gaat waar een paaltje moet komen, maar we worden niet betrokken bij de vraag of een paaltje er überhaupt wel moet komen.’’

Dat ziet Henk van Kimmenaede van het wijkoverleg Westerkoog ook. ,,Vooral bij informatiebijeenkomsten die de gemeente organiseert als een besluit al is genomen. Bewoners komen dan met ideeën of tips, maar in die fase is het vaak al te laat om er dan nog wat aan te doen. Dat geeft wantrouwen.’’ In de negen jaar dat hij voorzitter is heeft hij de samenwerking met de gemeente wel zien verbeteren. Toch kan het volgens hem nog ‘vele, vele malen beter’. ,,Neem nu de rondweg. De informatie daarover kwam veel te laat, waarna er aanpassingen moesten komen. Het is beter geworden, maar nog steeds zijn mensen niet tevreden. Dat is nu niet meer op te lossen.’’

Volgende week is een wijkvoorzittersoverleg met Ootjers; daarna wil de wethouder pas commentaar geven. Voor Wim Kwast blijft het duidelijk: ,,Als de communicatie niet verbetert, gooi ik de handdoek in de ring en dan zoekt de gemeente het maar zelf uit. Dan zijn ze hun aanspreekpunt voor de bewoners kwijt. Wat de gemeente lijkt te vergeten, is dat het voor ons vrijwilligerswerk is. Maar je moet er tijd in stoppen alsof het een betaalde baan is.’’


Dit artikel stond in Dagblad Zaanstreek, 20 oktober 2007