Melolontha melolontha

Melolontha hippocastani

Melolontha pectoralis

Foto van www.natuurwetenschappen.be/expo/ccbb/meikever.htm

Meikever

Het is aanvankelijk niet onze opzet geweest om in onze Website aandacht te besteden aan de Meikever of een ander Insekt. Onze Homepage is alleen als grapje voorzien van een aantal 'bugs'. Maar omdat ons is gebleken dat er met name veel belangstelling is voor de Melolontha en wij onze bezoekers niet helemaal willen teleurstellen besteden we op deze pagina toch enige aandacht aan deze kever.

De insektenfamilie Scarabaeidae kan in twee hoofdgroepen worden verdeeld: de mestkever-achtigen en de plantenetende meikever-achtigen. Terwijl de afval opruimende mestkevers over het algemeen nuttig zijn, zijn de meikever-achtigen, beslist schadelijk. De gewoonste soort is de gewone meikever (Melolontha melolontha), in Nederland ook wel molenaar of mulder genoemd, die in de voorzomer vaak hard tegen verlichte vensters aanvliegt. Door zijn grootte (tot 35 mm lang) en zijn gonzende vlucht is het dier een beetje afschrikwekkend, maar hij doet in het geheel geen kwaad - dat wil zeggen, hij doet ons geen kwaad. De meikeversoorten zijn naast de grootte en de vlucht ook gemakkelijk te herkennen aan de kleurcombinatie: halsschild zwart met witte beharing, dekschilden lichtbruinrood, wit bestoven. Onderzijde met langere witte beharing, langs de zijden van het achterlijf in de vorm van krijtwitte driehoeken. Bij de gewone meikever en de aan hem verwante soorten is het verschil tussen mannetje en wijfje het duidelijkst te zien aan de vorm van de tasters (oranje, gewimperde voelsprieten). De waaiers aan het uiteinde van de tasters bestaan bij het mannetje uit zeven lange plaatjes, bij het wijfje uit zes kortere. Bovendien is bij het wijfje de vorm van de voorste poten anders: deze zijn tot graafpoten vergroeid. Ten tijde van het eieren afzetten graaft zij zich hiermee 5 tot 10 centimeter diep in de aarde. Ze legt ongeveer 70 eieren in verscheidene hoopjes in losse grond. Deze kevers brengen enorme schade toe aan bomen en gewassen door bladeren en bloemen te eten. De kevers verschijnen al eind april op jonge blaadjes van eiken, haagbeuken en andere loofbomen. Eind mei sterven de mannetjes en de wijfjes leggen tot in juni eieren. De vette, witte larven, met donkere kop en een dik donker achtereind, engerlingen genaamd, kruipen na 4 tot 6 weken uit de eieren, vervellen tweemaal en zijn nog vernielzuchtiger. Ze leven drie tot vier jaar in de grond en verorberen in die tijd een grote hoeveelheid plantewortels, vooral van granen en andere grassen. De engerlingen verpoppen zich en kruipen na 2 maanden in de lente van het vijfde jaar naar buiten. Jaren waarin meikevers in groot aantal voorkomen noemt men meikeverjaren. Ze vinden regelmatig plaats met tussenpozen van drie of vier jaar, wat ongeveer overeenkomt met de ontwikkelingstijd van een generatie. Meikevers waren vroeger erg algemeen. Het waren de meest bekende kevers! Tegenwoordig zie je ze veel minder. Misschien is dat een gevolg van de veranderde bedrijfsvoering (kunstmest?) of de bespuitingen met insektenbestrijdingsmiddelen? Heeft u er gezien, ga dan naar De site voor al uw waarnemingen! De achterlijfspunt van de Melolontha melolontha is toegespitst en langer dan bij de kastanjemeikever (Melolontha hippocastani), die vooral in de duinstreek voorkomt en in ons land zeldzaam is. In Midden-Europa komt zo nu en dan de Melolontha pectoralis voor. Het centrum van zijn verspreidingsgebied ligt echter in de Kaukasus, waar hij zich voornamelijk in de bossen ophoudt. Behalve de meikever kennen we ook nog de veel kleinere junikever, Amphimallon solstitialis, en de aanmerkelijk grotere julikever, Polyphyla fullo. Andere belangrijke meikever-achtigen zijn bijvoorbeeld de gouden tor en het rozenkevertje of Johanneskevertje.

Bronnen: Eigen waarnemingen, 1968-1978; De grote encyclopedie der insekten, 1972; Elseviers Insektengids voor West-Europa, 1975; De wereld van de insekten, 1978; de wonderwereld van de Insekten, 1981; Het grote dierenboek, 1982; Encyclopedie van de Natuur, 1983.

Omstreeks 1979 verscheen in het Brabants Nieuwsblad het volgende stukje:

Meikevers, meulenaers en mulders

Meikever en Engerling

Vorig jaar heb ik - Jan Stroop is de schrijver van het stukje - in West-Brabant nog een meikever gezien, één dus. Dat verraste en verbaasde me tegelijk, want ik dacht dat dat alleraardigste beestje ook al volledig uitgeroeid was. Veel zullen er in elk geval wel niet meer van zijn, terwijl je vroeger maar een beuken- of eikenhaag hoefde te schudden om ze met handen vol te kunnen oprapen, waarna ze in jampot of luciferdoosje werden opgeborgen. Natuurlijk is het niet mijn bedoeling de landbouw iets te verwijten, maar ik moet konstateren dat de meikever praktisch verdwenen is daardat zijn larf, de engerling, die zich meestal in akkergrond ophield en zich bezig hield met het eten van plantenwortels, niet bestand is gebleken tegen de bestrijdingsmiddelen.

Dat de boeren het vooral op de engerling en de imagogedaante (zo heet dat) meikever gemunt hebben of beter hadden, is wel begrijpelijk. In vroeger tijden werden engerling en meikever met recht als de schadelijkste gedierten beschouwd. Men kende toen nog echte meikeverplagen, vergelijkbaar met de tegenwoordige sprinkhanenplagen in Afrika: er bleef geen blad aan boom of struik, terwijl ondertussen die engerlingen onder de grond bezig waren. Ze vulden elkaar dus mooi aan. De meikever heeft zeven jaar nodig om volwassen te worden. Dat betekende dat een extra-grote meikeverinvasie om de zeven jaar terugkwam. Ook op kleinere schaal is de meikever een beestje dat zich aan de kalender houdt. Het draagt zijn naam niet voor niets, want precies in mei verschenen ze altijd en daarna: spoorloos verdwenen.

Zo gehaat als de meikever was bij de boeren, zo geliefd was hij met zijn harde dekschilden en grote borstels bij de kinderen. De meikever was de vreugde van onze jeugd, altijd 'bereid' voor een spelletje of een gesprek. Ik denk er met vertedering aan terug en omdat het wereldnatuurfonds toch wel nooit een aktie zal beginnen tot behoud van de meikever, draag ik hem dit stukje op.

De kinderen vingen de meikevers om ze weer te laten vliegen, maar niet zomaar, nee, aan een draadje dat aan een van de achterpootjes was vastgemaakt. Het moet gezegd dat niet alle diertjes daarbij onbeschadigd uit de strijd kwamen. Om het beestje aan het vliegen te krijgen werd een stimulerend versje gezongen, dat wijd en zijd en in verschillende variaties bekend was. Ik ken o.a. de volgende:

Meulenaerke teld oew geld

En gaat dan nog es vliegen

Aanders kommen de dieven;

De dieven nemen oe mee naor 't veld

Meulenaerke teld oew geld.

Vroeger hielden we bij het zingen van dit liedje zo'n meikever in de samengevouwen handen. Dat hij dan inderdaad ging vliegen, is niet verwonderlijk. Door de temperatuurstijging werd de kever geactiveerd.

Dat 'geldtellen' doelt op de buigende bewegingen die het beestje maakte vlak voordat het van start ging. In het versje komen we verder een van de tientallen namen tegen die er voor de meikever, naast het officiële meikever, bestaan. Hoe komt hij nu aan zo'n naam meulenaer? Dat is waarschijnlijk zo gegaan. Doordat de kinderen zoveel met het kevertje omgingen, ontdekten ze dat er soorten waren, niet zozeer mannetjes en vrouwtjes, als wel donkere en witachtige. Er werd dan gezegd dat de ene soort beter vloog dan de andere; daarom was het nuttig ze uit elkaar te houden. De witte soort kreeg op een gegeven ogenblik de naam meulenaar, omdat het net was alsof hij onder het meel zat, net als de echte molenaar, die in West-Brabant toen nog meulenaer heette. In een later stadium is meulenaer in onze streken de naam voor alle meikevers geworden.

Nu bestaat er in West-Brabant nog een versie van het meikeverlied en die begint aldus:

Mulder, mulder gij moet malen.

In deze tekst draagt de meikever de naam mulder, waaruit blijkt dat niet overal dezelfde naam in gebruik was, maar ook dat op meer plaatsen toch dezelfde verschuiving: naam voor witte meikever, naar naam voor elke meikever, valt op te merken. Deze verschuiving moet wel samenhangen met het feit dat de witte kever het meest de aandacht trok en als belangrijkste beschouwd werd.

Meikever

 Feedback / Guestbook / Homepage

 

www.HILDERS.tk

www.RIJSDIJK.tk

Copyright A en J Hilders - Rijsdijk
datum van laatste update: januari 19, 2011 .

 

Foto Clemens van Rijthoven

 

Link: Meikever - Wikipedia

Free counter and web stats