Parenteel Balthasar Cornelis Van Alblas (den Briel)

 

 

Wapen: In goud 5 zwarte ruiten, geplaatst (3 - 2). Helmteken: een zwarte ruit tusschen een goud-zwarte vlucht. Zie Rietstap, Arm.Gen.

Een aan het einde der 16e eeuw in hoog aanzien staand geslacht te Brielle was de familie van Alblas. Voor zoover mij bekend is thans deze familie uitgestorven. Als eerste vertegenwoordiger dezer familie treffen we aan:

I.  Balthasar Cornelis, geb. plm. 1520, "eertijds ambachtsheer tot Alblas"(zie het Bodboek,blz. 95) had ten minste 4 kinderen (volgorde onbekend):

1. Joost, volgt II:

2. Clara Balthasers van Alblas, huwde Gojaert Jan Rovers, leefde nog 8 Dec. 1581.

3. Cornelis van Alblas.

4. Jan van Alblas, beide laatsten in leven 1 Oct. 1581.

II.      Mr. Joost van Alblas, geb. plm. 1545, ontvanger en rentmeester v.d. gemeene middelen in den "quartiere van Voorne etc." (Res. Holl. het eerst 4 Oct. 1574) en van de geannoteerde en geestelijke goederen, tr. voor 4 Mrt.1587 Laurentia Mathijsdr. van Nijenstadt (haar broer was Prof. Mr. Cornelis Matthiasz. van der Nieustadt, alias Neostadius, 1549 - 1606, stammende uit den Cleyburg-stam, waarover uitvoerig in mijn opstel in het "Gedenkboek van Voorne" en in "Euro­peesche Totemdieren:), zie het Memoriaelboek, blz.12 en de Rekening v.h. Oude Mannenhuis over 1598 - '99. Zij overl. voor 1598.

Uit dit huwelijk:

1.      Jacob, volgt III

2.      Catharina van Alblas, tr. te Brielle 14 Juni 1592, Dr. Harman Verbies of Vebus van Dordrecht, woonde in 1592 te 's Gravenhage, advocaat voor den Hove van Holland, aangesteld 14 Mei 1618 als stadsadvocaat te Brielle. Na de dood van haar man, tusschen 14 Mei 1618 en 13 Sept. 1619, verhuurde Catharina kamers voor gedeputeerden ter dagvaart (zie de Jager, blz. 121). Zij overl. in 1636.

3.      Jonkvrouwe Johanna van Alblas, geb. te Brielle en tr. Brielle 21 Jan. 1596, Willem Gans, geb. te Brielle, "ontvanger ende rentmeester generael vande domeynen slants van Voorne".

4.      Joost van Alblas, ged. Brielle 6 Oct. 1591, getuigen Jacob de Milde en de huisvrouw van den raadsheer Nyeustadt (d.i. Cornelis Matthiasz. van der Nieustadt, boven vermeld).

III.     Jacob van Alblas, voor wien zijn vader in 1597 tot de Staten wendde, met het verzoek hem aan te stellen in zijn plaats, niet alleen als "ontvanger der gemeene middelen over den Quartiere van den Brielle, landen van Voorne tec.", maar ook als "ontvanger van de inkomsten ende goederen, gecomen van de Regulieren van Rugge buyten Brielle en de Susteren van Catharinen binnen den Brielle ende Oost-Voorne". De Staten namen een gunstige beschikking op het verzoek. In 1602 of '05 volgde Jacob van Alblas zijn vader in genoemde functies op. Hij tr. Brielle 23 Dec. 1601 "joffrouwe Maria van Cleyburg, J.D. van Sommelsdijk en begraven te Brielle 31 Mei 1607". Zij wonnen 2 dochters, resp. Laurentia, ged. Brielle 5 Nov. 1602 (doopget. Mr.Joost Alblas, Margriete Cornelisdr. van der Nieustadt en Jacob Abramze Graeswinckel van Delft) en Petronella, jong overl., doopget.: de ontvanger Philips Doublet, Willem Arentze Berckel en juff. Verbiese Laurentia van Alblas.