Remembering George Orwell
1903, June 25. - 1950, January 21.


Orwell, een gluiperige verklikker?

door Rob Hartmans

De Groene Amsterdammer
5 juli 2003


Stel je voor, binnenkort ontdekt een ijverige historicus dat Menno ter Braak in 1939 een lijst heeft opgesteld met daarop de namen van 38 collega-intellectuelen, die hij ervan verdacht nationaal-socialistische sympathieën te koesteren. Drie van hen bleken later inderdaad voor de Gestapo te hebben gewerkt, terwijl een groot aantal ook nog lange tijd na de oorlog het nazi-regime heeft goedgepraat. Aanvankelijk had Ter Braak deze lijst «voor eigen gebruik» aangelegd, maar uiteindelijk heeft hij hem overhandigd aan een juffrouw op wie hij verliefd was, en die voor het ministerie van Buitenlandse Zaken werkte.
Hoe erg zou dit Ter Braak worden aangerekend? Zou hij voortaan te boek staan als een smerige verklikker? Om misverstanden te voorkomen, het verklikken van een medemens is niet bepaald de moreel meest hoogstaande bezigheid. Maar het maakt toch wel enig verschil of je een WAO-gerechtigde en zwart bijklussende buurman aangeeft, of dat je bij de politie meldt dat je sterke aanwijzingen hebt dat je andere buurman een terroristische aanslag voorbereidt.
Maar los hiervan, zou Ter Braak in dit hypothetische geval worden uitgemaakt voor een «gluiperige dienaar van een verklikkersysteem»? Ik geloof er niets van. Toch is dat de kwalificatie die Elsbeth Etty vorige week zaterdag gaf van George Orwell, wiens honderdste geboortedag werd gevierd met de bekendmaking van de volledige blacklist die hij in 1949 had opgesteld van kunstenaars en intellectuelen die hij van communistische
sympathieën verdacht. Hoewel het bestaan van die lijst al sinds 1996 bekend was –zij het dat de namen geheim bleven -heeft dit in Engeland voor veel tumult gezorgd. In een recensie van twee Orwell-biografieën in NRC Handelsblad noemde Joost Zwagerman het «een smet op Orwells blazoen», terwijl Etty hem ervan beschuldigde dat hij «uit angst voor het communisme zijn vroegere medestrijders tegen het fascisme als de eerste de beste verklikker en heksenjager bij de geheime politie aanbracht».
Waarom wordt dit Orwell toch zo aangerekend, en dat in dezelfde week dat veel aandacht werd geschonken aan de tentoonstelling die in het Letterkundig Museum is geopend ter ere van de 96-jarige Theun de Vries? Dezelfde Theun de Vries die niet alleen lofdichten op Stalin heeft geschreven, maar die ook collega Koos Schuur telefonisch bedreigde, die het verhaal rondbazuinde dat de vader van Gerard en Karel van het Reve in de oorlog met de Duitsers had samengewerkt, en die in 1954 de Russen aanbeval om, zodra ze daartoe in de gelegenheid waren, de sociaal-democratische politicus en essayist Jacques de Kadt op te sluiten in een gevangenis of zenuwinrichting. Ach, dat zijn natuurlijk oude koeien, en wie wil die nog uit de sloot vissen? Ik heb er in elk geval niets over gelezen.
De Vries was van 1936 tot 1971 lid van de communistische partij. Hij werd dat dus op het hoogtepunt van de zogeheten «zuiveringen», en zag daarna in het Molotov-Ribbentrop-pact, Praag' 48, Berlijn' 53, Hongarije' 56 en Praag '68 blijkbaar geen aanleiding op te stappen. Toen hij er eindelijk uitstapte, stond een groot deel van «de generatie van 68» te trappelen om het partijboekje in ontvangst te nemen. En dat terwijl ze niet alleen Orwell, maar ook Koestler, De Kadt en nog een hele bibliotheek vol hadden kunnen lezen over de misdaden en gevaren van het communisme.
Maar de waarschuwingen van Orwell c.s. waren, volgens Etty, inmiddels «propagandistische gemeenplaatsen» geworden, die op de opstandige jeugd heel wat minder indruk maakten dan de geschriften van Sartre en De Beauvoir. Waarom wilde men de gruwelijke aard van het communisme niet onder ogen zien? Waarom dweepte men met Sartre, die niet, zoals Orwell, in de Spaanse burgeroorlog ging vechten, maar wel in nazi-Duitsland filosofie ging studeren? Waarom koesterde men de illusie dat de mensheid, desnoods met geweld, kon worden gedwongen het klassenloze paradijs te betreden? Waarom wordt men nog steeds zenuwachtig dan wel agressief als communisme een even misdadige ideologie als het fascisme wordt genoemd? Waarom wordt over Theun de Vries vertederd en vergoelijkend geschreven, terwijl Orwell wordt aangeklaagd?
Het zijn vragen die alleen door de betrokken leden van de protestgeneratie zelf kunnen worden beantwoord, maar waarmee tot nu toe alleen Gijs Schreuders een oprecht begin heeft gemaakt. Als de rest dat niet kan of wil, dan zegt dat vooral iets over henzelf. Ondertussen zou het van fatsoen getuigen als men het eigen kwade geweten niet trachtte te ontlasten door de reputatie te bekladden van een groot schrijver die, met Camus, tot de weinige intellectuelen van zijn generatie behoorde die niet zijn bezweken voor de totalitaire verleiding. Overigens was Orwell zelf van mening dat het met die voormalige communistische gelovigen nooit meer goed kon komen: «Don 't imagine that for years on end you can make yourself the boot-licking propagandist of the Soviet regime or any other regime, and then suddenly return to mental decency. Once a whore, always a whore.»


Lees ook: Joustra, RD 26 juni 2003.




back  to the Orwell home page