Remembering George Orwell
1903, June 25. - 1950, January 21.



Coming Up for Air - Het boek dat u leven veranderde.
Schrijfwedstrijd maandblad ‘Psychologie magazine’

door Mark de Boer
Gepubliceerd in Psychologie Magazine, maart 2000


Afgelopen maandag dacht ik terug aan die eerste keer. Het was onder de douche. De eerste keer dat ik een roman van Orwell las, vijftien jaar geleden. Het water werd kouder, de boiler raakte leeg. Paniek sloeg weer toe; heb ik de zeep al onder mijn oksels weggespoeld?

It’s a rotten thing to have a soapy neck. It gives you a disgusting sticky feeling, and the queer thing is that, however carefully you sponge it away, when you’ve once discovered that your neck is soapy you feel sticky for the rest of the day.

Sindsdien is die gedachte van George Bowling, de dikkige hoofdpersoon met het steenrode gezicht, met boterkleurige haren en bleke, blauwe ogen uit Coming Up for Air niet meer uit mijn leven weg te denken. In een tijdsbestek van enkele weken ontwikkelde ik een fobie. De angst dat zeepresten in mijn huidplooien achterblijven, de angst die mij kan demoraliseren, die mij moedeloos en futloos kan maken.
Thuis heb ik het aardig onder controle maar buitenhuis kan het een kwellende invloed hebben op mijn humeur. Altijd bang voor te weinig muntjes in de douchecabine op de Spaanse camping, bang voor de wegvallende waterdruk in het hotel in Mexico-City,  bang in de kleedkamer van de sportvereniging voor de reacties van de mensen die staan te wachten om ook te kunnen douchen.
Achter mijn fobie schuilt een andere angst, dat ik net zo kan worden als George Bowling, een kleine middenstander, gevangen in het web van de maatschappij. Getrouwd, een dochter en een zoon. Wonend in een nieuwbouwbuurt waar er vele van zijn, waar u misschien ook in woont. Het leven; een grijze routine van opstaan, werk, avondkrant, RTL 4 en slapen. 52 weekenden en 23 vakantiedagen en toch bijna nooit vrij.

‘But in every one of those little stucco boxes there’s some poor bastard who’s never free except when he’s fast asleep and dreaming that he’s got the boss down the bottom of a well and is bunging lumps of coal at him.

George Bowling’s bittere mijmering over vrij zijn is niet die van mij, maar de angst dat Bowling’s leven het mijne wordt probeer ik weg te spoelen. Met zeep en veel water.






back  to the Orwell home page