OPVOEDING
BELONEN EN STRAFFEN
Laten we eerst even kijken
wat belonen en straffen inhoudt:
Belonen is alle aandacht die
u op dat moment aan uw hond schenkt en alle dingen die u doet, die de hond iets oplevert.
Straffen is heel krachtig “foei”
zeggen (of wat voor woord u daar zelf voor heeft verzonnen) bij ongewenst
gedrag, op het moment dat negeren van dit gedrag geen optie is.
Het straffen en belonen van
uw hond moet binnen de seconde gebeuren, want hij begrijpt anders niet waar u
het over heeft of wat u bedoelt. Straffen voor het slopen van uw nieuwe
schoenen heeft alleen maar zin als u straft op het moment dat hij daar mee
bezig is (echt op heterdaad). Komt u thuis en u ziet de gesloopte schoenen,
terwijl de hond u op dat moment kwispelend begroet, dan heeft straffen geen
zin, integendeel. Omdat u boos wordt op uw hond, terwijl hij u begroet, zal de
hond hier de link leggen. Uiteindelijk zal hij dat begroeten achterwege gaan
laten, immers iedere keer als hij dat doet, wordt u boos. Dat u boos bent
vanwege de grote hoop in huis of omdat de vullingen van uw kussentjes door het
hele huis verspreidt liggen, begrijpt uw hond niet. De hond gaat wegkruipen als
u thuiskomt en wat wordt er dan gezegd: “Hij heeft vast iets gedaan, want hij
voelt zich schuldig”. Onzin natuurlijk!
Veel belangrijker dan
straffen, is het belonen van gewenst
gedrag. Gedrag dat beloont wordt, zal zich herhalen.
Dit houdt tevens in, dat ongewenst gedrag dus
genegeerd moet worden. Dat kan natuurlijk niet altijd. Als uw hond de tuin
staat om te spitten, kan dat natuurlijk niet genegeerd worden. Ongewenst gedrag
dat wel genegeerd kan en moet worden is angst. Als u een bange hond (bijv. met onweer) optilt en ermee kroelt dan beloont u hem!!! En….
beloont gedrag zal zich herhalen. U zegt dus
eigenlijk: “Goed zo, braaf, blijf dit gedrag vooral vertonen. Blijf maar je
hele leven bang voor onweer”! Hetzelfde geldt voor een hond die tussen uw benen
kruipt als er een andere hond aankomt. Niets zeggen, negeren! Aandacht vragen
door blaffen of bijv. voor de televisie gaan staan, is
ook ongewenst gedrag dat genegeerd moet worden. Als u boos wordt, zal de hond
dit toch zien als beloning. Immers het levert iets op: aandacht.
Nog even een voorbeeld
waaruit blijkt hoe belangrijk uw timing is v.w.b. straffen en belonen. U gaat
uw puppy leren te komen als u hem roept. De hond komt aangerend, is bij u en
gaat zitten. U zegt: “goed zo”! Heeft u hem nu beloont
voor het komen?? Nee, u heeft hem beloont voor het
gaan zitten! Zo nauw luistert het. U beloont de hond voor datgene dat hij op
dat moment doet en dat is zitten.
Het hele principe van het
belonen van gedrag (gewenst of ongewenst gedrag) moet u in uw achterhoofd
houden als het gaat om de kambeurten. Iedere keer dat u stopt met kammen als uw
pup begint te piepen, te bijten of weg wilt, beloont u de hond voor dat
vervelende gedrag. Uw hond zal steeds eerder dit gedrag gaan vertonen, immers
het levert wat op: uw stopt met kammen en dat is dus
de beloning. Bent u bijna klaar met kammen en uw hond wil weg, denk dan niet
“laat maar gaan, ik was toch bijna klaar”. Ga op dat moment door met kammen,
ook al valt er niets meer te kammen! Op het moment dat uw
hond zich gedraagt, stop dan onmiddellijk en zeg bijv. “goed zo, ga maar
vrij”.
BEDELEN
Als u het verhaal boven heeft
gelezen, dan is het heel simpel: bedelen is ongewenst gedrag dat genegeerd moet
worden. Geeft u één keer toe, dan weet de hond dat het blijven bedelen hem
altijd iets oplevert. En niets is zo irritant als een hond die steeds zijn poot
tegen je aantikt, zit te piepen en kwijlen als je zit te eten. En dan is er nog
iets. Het eten dat u op uw bord heeft is geen hondenvoer!
Heeft u er problemen mee om uw hond niet een stukje karbonade te geven als hij bedelt, houd uzelf dan
iedere keer het volgende voor:
“Als ik niets geef, ben ik
een betere baas, want je geeft je hond toch niet iets wat slecht voor hem is”?
“Ik heb zo’n
waardeloos karakter, dat ik het makkelijker vind om toe te geven, zelfs als ik
weet dat het slecht voor hem is”!
Als ik in de trimsalon een
hond een hondenkoekje geef en de hond moet dit niet, dan hoor ik vaak de baas
vol trots zeggen: “Hij is een beetje verwend”. Dat dit in deze context niet
iets is waar je trots op moet zijn, realiseren ze zich niet. Je hond vier keer
per dag een uur uitlaten en los laten rennen, dat is verwennen! Maar meestal
mogen de hondjes die rosbief en kipfilet te eten krijgen blij zijn, als ze de
tijd krijgen om bij de boom voor de deur te plassen.
ZINDELIJK MAKEN
Als u een pup in huis haalt,
bent u de eerste tijd alleen maar bezig met de hond uitlaten. Heeft hij
gegeten, direct naar buiten! Heeft hij geslapen, direct naar buiten! Heeft hij
gespeelt, direct naar buiten! Als u dit consequent volhoudt, heeft u na een
paar dagen een hond die door te piepen aangeeft dat hij naar buiten moet. Gaat
u daar dan niet direct op in, zal de behoefte natuurlijk binnen worden gedaan.
Maar dat is dan niet de schuld van de hond.
Werk niet met een krant, ga
gewoon met uw hond naar buiten. Er zijn rassen, zoals de Yorkshire Terrier,
waarbij de kans zeer groot is, dat ze het nooit op een normale manier leren en
dat ze alleen nog maar op een krant hun behoefte willen doen. Handig toch, als
je altijd het AD bij je moet hebben! En dan zo’n
verhaal van iedere keer de krant een stukje dichter bij de voordeur. Gewoon
naar buiten en uitlaten! Ook als het op dat moment regent of midden in de nacht
is. Het is alleen maar in het begin; even doorbijten. U heeft
er voor altijd plezier van.
HONDEN EN KINDEREN
Om uw hond toch een leuk
leven te geven, terwijl er kinderen in huis zijn, moet u uw kinderen een aantal
regels meegeven.
Als de hond slaapt of gewoon
in z’n mand ligt: afblijven en laten liggen! In
principe moet de hond naar hen toekomen en niet andersom. Dit is zeker het
geval met een pup in huis. Die slapen veel en moeten ook veel slapen.
De hond staat in de roedel boven
de kleine kinderen. Kinderen geven geen
commando’s aan de hond en kinderen mogen de hond niet straffen.
Als de hond gromt, stoppen en
weggaan. Een hond die bijt heeft bijna altijd van te voren gewaarschuwd.
Een normale gezonde hond die
uitvalt naar uw kind, is getreiterd.
Ik heb wel eens een verhaal
gehoord van een hond die afgemaakt moest worden, wegens het bijten van een
kind. Nadat de hond zijn spuitje had gekregen, aaide de dierenartsassistente de
hond nog even. “Wat voel ik daar nou”? De hele oorrand van de hond zat vol met
nietjes. Toch lief van de hond dat hij pas bij het achtste nietje beet!
EEN TWEEDE HOND ERBIJ
Als u een tweede hond in huis
haalt, zal er vaak een soort machtsstrijd gaan plaatsvinden. De eerste hond is
de baas en de tweede hond vindt op een gegeven moment dat hij dat moet worden.
Dat kan een hoop ellende opleveren, vooral als de eerste hond deze plaats niet
wil afstaan. U kunt een handje helpen door de tweede hond nooit op het idee te
brengen, de plaats van de eerste in te willen nemen. Als u thuiskomt en u wordt
begroet door de twee honden, aai dan altijd eerst uw eerste hond. Geef uw
eerste hond altijd net iets eerder te eten. Altijd eerder een hondenkoekje enz.
Doe dit bij alles zo: uw eerste hond gaat bij alles voor. Als ze ruzie hebben,
straf nooit uw eerste hond. Uw tweede hond wordt gesterkt in de gedachte dat u
achter hem staat en zal steeds vaker proberen een trapje hoger op de ladder te
komen.
PROBLEMEN MET ETEN
Een gezonde hond is blij als
hij te eten krijgt en eet direct alles op. Tenminste
als hij niet is volgepropt met van alles en nog wat. Natuurlijk kan het
voorkomen dat de hond gewoon geen honger heeft. Ga dan niet direct beginnen met
het eten “lekker” maken. Voordat je het weet, eet de hond
zijn normale brokjes niet meer en wordt hij baggervet van al uw toevoegingen. Als
een hond na een half uur nog niet heeft gegeten, haal de bak dan weg. Zet de
bak na een uurtje weer terug. Herhaal dit gewoon en doe verder niets. Ga hem
niet zitten voeren! Als de hond gewoon drinkt, een natte neus heeft en tierig
is, is er niets aan de hand. Dan eet hij maar niet. Totaal geen probleem.
Wolven in de vrije natuur eten soms een week niet. Ik heb eens een leuke
anekdote gelezen over twee boeren die een gesprek hadden over hun honden.
Boer A: “Het is wel een
kostenpost hoor, die hond. Dat eten is zo duur”.
Boer B: “Dat valt wel mee. Ik
geef hem suikerbieten afval”.
Boer A: “Dat
lust mijn hond nooit”.
Boer B: “Die van mij de
eerste maand ook niet”.
Geef uw hond goede brokjes en
alles wat er aan voedingsstoffen nodig is, krijgt de hond binnen. Tevens is het
voordeel van harde brokjes boven blikvoer, dat het
goed is voor de tanden. Doet uw hond het goed op een
bepaald voer, blijf daar dan bij. Houd wel in de gaten dat u voer geeft dat bij
de leeftijd van uw hond past.
Het is net als bij kinderen:
slechte eters worden gemaakt en niet geboren!!
GAAT U AL MET UW HOND NAAR PUPPYCURSUS? ECHT EEN AANRADER. U EN UW HOND HEBBEN SAMEN PLEZIER EN LEREN EEN HOOP.