Werk- 
 plekken 
Beroepen-
  veld  
 Arbeids- 
 markt 
 Vacature- 
sites
 Adviezen   Opleidingen  Beroeps-
organisatie
  Site  
 Contact 
DE ARBEIDSMARKT IN GETALLEN

 

 Vraag en aanbod op de markt voor biologen (16 nov. 2019)


Schatting aanbod (via uitstroom afgestudeerden).
De situatie op de arbeidsmarkt wordt bepaald door vraag èn aanbod. Om de vraag naar afgestudeerde biologen in te schatten gebruiken we op deze site de uitkomsten van eigen tellingen van 'biology' vacatures op de site van Academic Transfer.
Het aanbod van afgestudeerden in de biologische sector is moeilijker in te schatten. Het CBS houdt weliswaar de aantallen afgestuurden in het WO en HBO bij maar onderscheidt daarbij grotere en andere sectoren als 'Natuurwetenschappen' en 'Technische studies'.
Een andere methode is om te kijken naar de aantallen instromende studenten van enkele jaren terug. Deze komen immers na vijf (WO) of vier jaar (HBO) studeren op de markt en bepalen dan het aanbod van nu. De getallen zijn ontleend aan de jaarlijks in november gepubliceerde opgaven in Bionieuws. Voor het WO kon zo voor de studies 'Biologie' en "Medische biologie' een bruikbare reeks getallen worden verkregen. Onder de door Bionieuws onderscheiden 'Biologie-gerelateerde richtingen' vallen een in aantal veelal kleinere en meer lokale studies als 'Life Science & Technology', 'Gezondheid & Leven', 'Psychobiologie'' en 'Nanobiologie'. Deze zijn hier niet verder opgesplitst.
Voor het HBO is hier gekozen voor de grote en maatgevende opleiding 'Biologie en Medisch Laboratoriumonderzoek' en twee middelgrote richtingen, de 'Toegepaste biologie' en de 'Lerarenopleiding'. De door Bionieuws onderscheiden kleinere en veelal lokale studierichtingen als 'Bos- en Natuurbeheer', 'Diermanagement', 'Biotechnologie', 'Bioinformatica' en 'Applied Science' zijn hier samengevat onder de noemer 'Overig'.
Instroom
WO
Instroom
HBO
Enkele problemen op de korte termijn
Bij het WO zien we bij de Biologie een lichte daling van de instroom in de jaren 2014 en 2015 hetgeen in 2019 en 2020 zal resulteren in iets minder afstudeerders. Bij de oveirige WO-opleidingen veranderd er voorlopig weinig. De echte problemen komen pas in latere jaren wanneer het aantal afstudeerders fors zal stijgen. Het is de vraag of en hoe de markt deze verhoogde uitstroom zal t.z.t. weten op te vangen.
In het HBO is alleen bij de opleiding 'Biologie en Medisch laboratoriumonderzoek' sprake van een flinke stijging van de aantallen instromende studenten vanaf 2015 hetgeen zich op termijn zal vertalen in grotere aantallen afstudeerders in 2019 en 2020.
 

Aanbod aan vacatures stijgt, aantal PhD-plaatsen daalt (15 okt. 2019)


Telling advertenties op Academic Transfer
De auteur van deze site houdt de aantallen vacaturemeldingen op de site van Academic Transfer sinds 2011 wekelijks bij. Academic Transfer neemt alle door de universiteiten, academisch-medische centra, rijksinstituten en ook enkele aan de overheid gerelateerde instellingen opgegeven vacatures in haar bestanden op. Deze weektellingen zijn vervolgens omgerekend naar kwartaalgemiddelden en in de onderstaande grafieken weergegeven.
 
Wijziging methodiek tellingen
- Eind oktober 2018 wijzigde Academic Transfer de tellingsmethode door vooraf de vacatures in te delen in WP en NWP. De eigen tellingen zijn vanaf die tijd alleen gebaseerd op het WP. De 'totaal' tellingen komen daardoor nadien dan ook een stuk lager uit. Dit geldt in veel mindere mate voor de tellingen van de aantallen promotieplaatsen die immers vrijwel altijd tot het WP behoren.
 
Totaal aantal vacatures verder gestegen
Het resultaat van de tellingen van de laatste zeven jaar zijn hieronder in beeld gebracht. Over de hele onderzochte periode is er sprake van een gestage stijging van de aantallen vacatures die zich maar gedeeltelijk vertaalde in een stijging bij de promotieplaatsen (bepaald met de zoekterm "PhD student'). Lag het jaargemiddelde in 2013 nog rond de 400, in 2018 kwam dit al flink boven de 700 uit. Het aantal promotieplaatsen wordt veel minder door de opgaande economie gestuurd en is daarom maar gedeeltelijk met de algemene stijging meegegaan.
Een punt van belang is dat een stijging in aantal vacaturemeldingen niet automatisch betekent dat er ook meer feitelijke banen zijn. Immers in tijden van hoogconjunctuur zoals nu is er meer noodzaak om om te adverteren en blijven vacatures ook langer open staan.
De scherpe daling in het laatste kwartier van 2018 komt voornamelijk op rekening van een gewijzigde tellingsmethode (- zie hiervoor bij bovenstaande alinea). In de eerste 6 maanden van 2019 is de stijging uit de voorafgaande jaren dan ook weer opgepakt.
 
-
ALLE vacatures:
 
Totaal
 
waarvan
 
Promotieplaatsen

 
('PhD-student')
 

Aantal vacatures 'Biology' is gestegen maar aantal 'Promotieplaatsen Biologie' volgt niet
Bijna de helft van de afgestudeerden in de biowetenschappen gaat verder als promovendus. Het aantal promotievacatures is derhalve een belangrijk gegeven. De auteur van deze site heeft dan ook het totaal aantal vacatures (met de zoekterm 'Biology') wekelijks bijgehouden alsmede het aantal promotieplaatsen (zoektermen 'Biology' + 'PhD student') binnen dat totaal. Met deze zoekterm worden alle vacatures gevangen waarin het woordje 'biology' voorkomt, dus biology 'sec', molecular biology, medical biology, environmental biology, microbiology enz.
Zoals in onderstaande grafiek (B) is te zien volgden ook de vacatures 'Biology' zowel in totaal als alleen de promotieplaatsen, aanvankelijk een patroon van pieken en dalen maar vanaf 2017 zette een gelijdelijke stijging in die na de 'technische' dip eind 2018 in 2019 weer leek te worden voortgezet. Maar het 3e kwartaal van 2019 liet toch een daling zien.
 
-
Vacatures 'Biology' :
 
Totaal
 
waarvan
 
Promotieplaatsen

 
('PhD-student')
 

Voortgaande daling aandeel promotieplaatsen 'Biology' lijkt in 2019 af te zwakken
Door het aantal promotieplaatsen 'Biology' te betrekken op het totaal van alle getelde promotieplaatsen ontstaat een goed beeld van het aandeel dat de biologische wetenschappen in het geheel hebben.
- - In 2012-2013 schommelde dit aandeel rond de 23% maar kwam in 2104 flink lager uit, zo rond de 20%, Dit aandeel kon in 2015 worden vastgehouden maar 2016 vertoonde een verdere daling tot 18%. In 2017 volgde een licht herstel dat in 2018 echter niet kon worden vastgehouden. De eerste drie kwartalen van 2019 laten een beperkte verdere daling zien. Op de lange termijn bezien is het aandeel promotieplaatsen duidelijk teruggelopen, een terugloop die overigens ook gedeeltelijk zichtbaar was in het aandeel van alle 'Biology' vacatures ten opzichte van het totaal van alle vacatures.
 

Recent onderzoek arbeidsmarkt SEO (1 aug. 2019)


SEO rapport 2019
- Ieder jaar brengt het SEO Economisch Onderzoek in opdracht van Elsevier een rapport uit over de situatie op de arbeidsmarkt voor academici en HBO'ers. Het laatste onderzoek betrof de situatie van de WO-afgestudeerden van het examenjaar 2016/2017, anderhalf jaar na afstuderen waarvan de resultaten medio 2019 werden gepubliceerd. Het onderzoek uitgevoerd met behulp van gegevens van het CBS met als sluitingsdatum 1 januari 2019. Voor het onderzoek van dit jaar werden 1254 HBO-bachelor en WO-masteropleidingen geclusterd tot resp. 90 HBO- en 72 WO-studierichtingen.
 
Gewijzigde opzet
Helaas is de opzet in dit en het vorige jaar ten opzichte van die van de eerdere jaren flink veranderd en zo ontbreken ook dit keer een aantal voor ons juist interessante gegevens zoals over het uitwijken naar een lager niveau van de baan en het al dan niet spijt hebben van de studiekeuze. Ook wordt niet meer per studierichting het gemiddelde van de zoekduur naar een baan gegeven maar de mediane waarde hiervan. Een belangrijk verschilpunt is verder dat het onderzoek gebruik maakte van gegevens van het CBS terwijl vóór 2016 eigen enquêtes onder afgestudeerden de basis vormden voor het onderzoek. Zo ontbreken nu belangrijke gegevens zoals over het al dan niet (nog) werkzoekend zijn en het spijt hebben van de eerdere studiekeuze. Ook aard en niveau van de gevonden baan blijven door de gekozen definitie nu buiten beschouwing. Een vergelijking met de uitkomsten van vóór 2017 zijn daardoor niet goed mogelijk
De uitslag van het voor ons doel eigenlijk geschiktere SEO-onderzoek uit 2016 zal daarom voorlopig nog op deze site te zien blijven (zie vederop op deze pagina bij 'Beperkte informatie . . ').
 
De resultaten
Het belangrijkste gegeven uit het onderzoek zijn de verschillen in zoekduur naar een substantiële baan waarbij 'substantieel' gedefinieerd is als een baan in Nederland van minimaal 0.6 fte en met een salaris van minimaal 140% (HBO) of 150% (WO) van het minimumloon. In onderstaande grafieken zijn, gebruik makend van de gegevens van het SEO-rapport, de studierichtingen gerangschikt naar zoekduur. Bij het HBO treffen we richtingen als Verpleegkunde en Optometrie & Audiologie bovenaan in de grafiek aan en Kunstacademie en Dans onderaan. In het WO zitten b.v. Geneeskunde en Accounting in de top en vormen Letterkunde en Kunst- & Cultuurstudies hier de hekkensluiters.
 
In de onderstaande grafieken zijn vervolgens de posities van de voor de doelgroep van deze site relevante studierichtingen ingetekend. Bij het HBO zijn dat de Lerarenopleiding Biologie (2e graads), de Biologie & Medisch Laboratorium onderzoek en de Milieustudies. De getallen geven de plaats in de ranglijst weer met die van vorig jaar tussen haakjes. De laatste twee richtingen zijn t.o.v. vorig jaar in rangorde achteruit gegaan, de lerarenopleiding bleef opmerkelijk hoog in de ranglijst staan.
Bij het WO zijn de Biomedische wetenschappen, de Milieu- en Natuurwetenschappen, de Biologie en de Biotechnologie. Een blik op de figuur hieronder maakt duidelijk dat de afgestudeerden in de Milieu & Natuurwetenschappen en de Biologie in zwaar weer verkeren. Het duurt bij deze laatste studierichting 11 maanden voordat tenminste 50% een substantiëlebaan heeft gevonden. De Biomedische wetenschappen komen met 5 maanden hier het beste uit de bus.
Een vergelijing met de waarden van vorig jaar laat zien dat verbeterde economische stiutatie zich bijna overal vertaald in een wat kortere zoekduur naar een baan met als enige uitzondering de Lerarenopleiding Biologie (2e graads) die er juist iets langer over doen.
-
Relatieve
positie

(verticaal)
 
en
 
Mediane
zoekduur

 
(horizontaal)
 
 
 
-

De lering uit dit verhaal
 
Voor student en pas afgestudeerde is het van belang zich te realiseren dat het nog al eens de nodige tijd en energie kan kosten alvorens een passende baan gevonden is.
Bij de 'Biologie' (WO) bij voorbeeld gaan zo.n 11 maanden (!!) overheen voordat tenminste de helft van de afgestudeerden een baan heeft gevonden. Dit betekent dat tegenover iedere afgestudeerde die vrijwel direct meteen een baan vindt een ander staat die er juist heel lang over doet of binnen de onderzochte periode zelfs helemaal niet aan de bak komt.

Opmerkingen
(1) Het SEO onderzoek gaat erg in detail en verschaft veel gegevens over salarishoogte, regionale herkomst, man-vrouw verschillen e.d., gegevens die althans voor onze doelgroep niet zo interessant zijn.
(2) Door het gebruik van CBS-gegevens als bron vallen de buiten Nederland gevonder banen buiten de tellingen hetgeen met name voor de op onderzoek gerichte opleidingen in het WO een zekere vertekening van het beeld kan opleveren.
 
Het volledige SEO-rapport (pdf) is te vinden op de site van het: SEO 
 

Beperkte informatie vanuit de studierichtingen (21 jan. 2019)


Een kleine rondgang
Een kleine rondgang begin 2019 langs de websites van de 7 biologieopleidingen in Nederland leert dat deze uiterst karig zijn met het geven van informatie over de arbeidsmarkt voor biologen.
De UvA meldt 'dat je na je master breed bent opgeleid waardoor je op zeer diverse functies kunt solliciteren' en dat '80% van onze afgestudeerden binnen het jaar een betaalde baan vinden'.
Bij de VU staat helemaal niets te lezen over de arbeidsmarkt en de kansen voor biologen.
De UU geeft een opsomming van een rijtje mogelijke beroepen en vermeldt dat afgestudeerden vinden werk in adviesbureaus, ziekenhuizen of de industrie.
De RUG vermeldt dat veel biologen onderzoeker worden maar dat er ook 'uitstekende andere mogelijkheden zijn in functies als voorlichter, leraar, educatief medewerker of (wetenschaps)journalist'.
De Radbouduniversiteit geeft een kort rijtje van potentiële beroepen: 'consultant, policy maker, researcher and teacher'.
De UU volstaat ook met een rijtje mogelijke beroepen als 'biotechnoloog, klimaatonderzoeker etc'.
De WUR tenslotte weet (dank zij onderzoek van de KLV van 2011!) te melden dat tweederde van de Wageningse biologen vlak na afstuderen een functie heeft in het onderzoek. Maar 'je kunt ook in het onderwijs gaan werken of als deskundige bij overheden of particuliere organisaties'.
 
Nergens feitelijke voorlichting!
Nergens zijn gegevens te vinden waaruit kan blijken dat de opleidingen zelf enig onderzoek doen naar het wel en wee van hun afgestudeerden. Waar vermeld wordt dat zoveel procent van de afgestudeerden binnen het jaar een betaalde baan heeft wordt niet vermeld wat die baan dan wel inhoud (niveau, omvang). De studenten worden met mooie voorbeeldverhalen op pad gestuurd maar nergens gewezen op een mogelijk andere afloop dan de gedachte vlotte doorstroming naar een gepaste baan. Op de UvA na verwijst geen enkele opleiding naar het NIBI en zijn informatieve carrière pagina's (laat staan naar deze website 'biolned.nl').
 
Eerdere gegevens onderzoek 'Stichting Economisch Onderzoek' (SEO)
- Kijken we naar het landelijke onderzoek zoals jaarlijks werd uitgevoerd door SEO/Elsevier dan ontstaat een heel ander beeld. Afgestudeerden van de biologie (en een aantal andere studierichtingen) hebben grote moeite met het vinden van een op de studie aansluitende baan. De gevonden baan kan maar zeer tijdelijk zijn en het kan ook behoorlijk lang duren voor die baan binnen bereik komt, aldus het rapport van 2018.
Door verandering van bron (niet meer gebruiken van gegevens uit eigen enquêtes maar van het CBR) en methodiek (andere vraagstellingen) ontbreken helaas in de onderzoeken van de laatste twee jaren een aantal voor ons juist interessante gegevens zoals over het uitwijken naar een lager niveau van de baan en over het al dan niet (nog of opnieuw) werkzoekend zijn. Vooral dit laatste gegeven is essentieel om dat daaruit is af te leiden of de gevonden banen al dan niet in het verlengde van de studie ligt en dus geen 'noodbaan' betrof. De gevonden baan kan verder zeer tijdelijk zijn, een (ongewenste) deeltijdbaan betreffen of inhoudelijk flink tegenvallen. Allemaal gegevens die uit de onderzoekingen van de laatste twee jaar niet meer te halen zijn. Het SEO-beste onderzoek dateert dan ook van vóór 2017 en hieruit zijn de onderstaande gegevens ontleend.
 
Nog of opnieuw werkzoekend
Het SEO stelde aan de geënquéteerden in 2016 nog wel de belangrijke vraag of zij al dan niet werkzoekend waren op het tijdstip van anderhalf jaar na afstuderen.
Uit de onderzochte 99 WO- en 99 HBO-studierichtingen zijn de voor ons meest relevante gekozen en de uitkomsten weergegeven in onderstaande tabel. Bij het WO komen de Biologie en de Milieuwetenschappen uit boven het gemiddelde van alle WO-richtingen waarbij aangetekend moet worden dat het algemeen gemiddelde door de slechte situatie bij veel alfa- en gamma studies laag ligt. Bij het HBO zijn het de Milieustudies die het niet goed doen.
Let wel: deze uitkomst betekent dat circa één op de vijf afgestudeerde biologen bij het WO na anderhalf jaar nog of opnieuw op zoek is naar een geschikte baan! Bij het HBO is de situatie wat beter met uitzondering dan van de Milieustudies waar ook één op de vijf afgestudeerden werkzoekend is.
Studierichting WOWerkzoekend  (%)
Biologie18
Biomed.wet./Toegep. biol.16
Milieuwetenschappenxxxxx17
Heel WO gemiddeld16
Studierichting HBOWerkzoekend  (%)
Biol./Med.laboratoriumopl.13
Milieustudies21
Lerarenopleiding exact  9
Heel HBO gemiddeld17

Arbeidsmarktinformatie bij het NIBI
- Bij het NIBI loopt op dit moment een mini-enquéte onder biologen afgestudeerd in de jaren 2015 t/m 2017 met vragen over de zoekduur naar een baan, het al dan iet hebben van betaald werk, de werkgever en de functie. De uitslag van dit onderzoek kan medio 2019 verwacht worden.
Op de site van het NIBI, onder 'Carriëre' staat nog de uitslag van het vorige onderzoek uit 2015. Ook kan daar worden doorgelinkt naar de 'Werkwijzer' uit 2018 waarin de resultaten uit een eerder NIBI arbeidsmarktonderzoek onder werkgevers alsmede zes interviews van starters op de marktzijn opgenomen.
 

Raming behoefte aan biologie leraren (24 aug. 2018)


Raming behoefte leraren (OCW) 
CentERdata stelt jaarlijks voor het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) arbeidsmarkt-ramingen op voor o.a. voortgezet onderwijs (mavo, havo, vwo). De arbeidsmarktramingen geven onder meer inzicht in vraag en aanbod van leraren voor de komende jaren.
Onderstaande tabellen tonen de onvervulde vraag als percentage van de werkgelegenheid voor de exacte vakken 1e graad en 2e graad) en is ontleend aan een veel uitgebreidere tabel in genoemd rapport. Een blik op de tabel maakt duidelijk dat de biologie de grote uitzondering is in het geheel. Een getal in de buurt van de 0 voor de onvervulde vraag betekent dat er vrijwel geen vacatures openstaan en dat de nieuwkomers dus moeten wachten op open vallende plekken die ontstaan door vertrek, ziekte of pensionering. De natuurkunde en de sheikunde staan er in dit opzicht veel beter voor en laten in vergelijking met de uitkomst van vorig jaar ook hogere cijfers zien.
  1e graads2018  2019  2020  2021 2022 2023
  Biologie 0,4%  0,2%  0,1%  0,1%  0,0%  0,0%
  Natuurkunde 1,6%  1,4%  1,4%  1,0%  0,7%  0,6%
  Scheikunde 3,0%  2,8% 3,0%  2,5%  2,1%  1,6%
  Wiskunde 1,1%  1,1%  1,6%  1.6%  1,3%  1,3%

  2e graads2018  2019  2020  2021 2022 2023
  Biologie 0,3%  0,3%  0,3%  0,3%  0,3%  0,3%
  Natuurkunde 3,8%  5,3%  7.1%  8,4%  9,2% 10,3%
  Scheikunde 3,9%  5,0% 6,5%  7,8%  8,5%  9,3%
  Wiskunde 1,0%  1,3%  2,3%  2,8%  3,2%  3,7%

Voor een volledig beeld van de kansen van de bioloog op een baan in het middlebaar onderwijs zijn ook gtegevens over de verwachte uitstroom van de lerarenopleidingen van belang maar die konden nog niet worden achterhaald. Het lijkt er toch op dat de bioloog die voor een baan in het onderwijs kiest zich goed moet realiseren dat de banen hier bepaald niet voor het oprapen liggen en er nog al eens gewacht moet worden tot er een geschikte plek vrij komt.
 
Bron: CentERdata Rapport 'De toekomstige arbeidsmarkt voor onderwijspersoneel' (pdf, okt. 2017)