Het AC gewicht { het acromio claviculaire gewricht}

 

Praktijk Manuele Therapie en Fysiotherapie

R.M. & J.W.Boonstra

Santpoorterstraat 1B††

2023†† DA Haarlem 023 5260909

 

 

O Frozen shoulder/Capsulitis adhaesiva
O Schouderinstabiliteit Luxatie en Subluxatie

O Vormen Instabiliteit schouder
O CorticosteroÔden Infiltraties Schouder

O Schouder tests

O Zelftests Frozen Shoulder

O Behandeling na eerste schouder Luxati
e
O Therap. principes Frozen Shoulder
O Het AC gewricht Luxaties etc

O Behandeling Frozen Shoulder

O Slijmbeursontsteking of Bursitis

O Therapeutische principes Bursitis

O Oefenprogramma bij acute Bursitis

O Impingement Syndroom

O Scheuren/Rupturen in schouderspieren
O Wat is manuele Therapie
O Oefeningen voor de schouder
O Bestel een oefenprogramma

 

 

Anatomie:

 

De verbinding tussen het sleutelbeen {clavicula} en een deel van het schouderblad {het acromion} wordt ac gewricht genoemd. Dit gewrichtje heeft veel te maken met de bewegingen van de arm. Voorbeeld; als dit gewricht helemaal vast zit zal dit de arm bewegingen 20 % beperken.

Met andere woorden dit gewricht is belangrijk voor, en bepaald mede, de gehele beweeglijkheid van de arm en schoudergordel. Het sleutelbeen ligt pal onder de huid is S-vormig gebogen en is over zijn gehele lengte goed te voelen {palperen}.

Het extremitas acromialis van het sleutelbeen ofwel het uiteinde aan de zijde van het acromion bevat een klein gewrichtsvlakje wat naar buiten en iets naar onder is gericht {facies articularis acromialis}. Dit gewrichtsvlakje maakt dus een gewricht met een deel van het schouderblad {het acromion}.

 

1. Ligamentum coracoacromiale

2. Ligamentum trapezoidem en conoideum

3. Ligamentum coracoclaviculare

4. schouderblad {scapula}

5. sleutelbeen {clavicula}

6. bovenarm {humerus}

7. acromion

8. ligamentum acromioclaviculare

 

Omcirkelt is het ac gewricht. Rechts in de cirkel het extremitas acromialis van het sleutelbeen. En links het acromion, het deel van het schouderblad. Over het ac gewricht ligt het ligamentum acromioclaviculare

 

 

De ligamenten 2 en 3 zijn belangrijk voor de stabiliteit van het ac gewricht. Zij zorgen er mede voor dat het sleutelbeen en dat het ac gewricht in positie blijven met het schouderblad.

 

Instabiliteit van het ac gewricht. Acromioclaviculaire instabiliteit.

 

Subluxatie of luxatie van het ac gewricht is zeker onder sportieve jongeren een veel voorkomende schouder pathologie. Meestal wordt het veroorzaakt door een ongeval {trauma}. Bijvoorbeeld een val op de schouder waarbij de schoudergordel naar beneden wordt gedrukt zie plaatje hieronder fig. 2.

 

fig.2††††††† ††

 

Denk hierbij aan ijshockey, voetbal of andere contact sporten en fietsen. Bij deze ongevallen komt er dus teveel spanning op het gewricht en de boven genoemde ligamenten die dan eventueel geheel kunnen afscheuren. De mate van ontwrichting {luxatie}, en dus de ernst van het ontstane letsel wordt benoemd in Tossy 1,2 of 3. Zie de plaatjes hieronder fig.3 en 4

 

Luxatie Tossy 3 pianotoetsfenomeen

Van een rechter schouder.

Goed zichtbaar het gescheurd zijn van de ligamenten 2, 3 en 8. En de separatie van sleutelbeen en acromion {Tossy 3}

†† fig.3††††††††††††††††††††††† ††fig.4

 

 

 

Tossy gr 1 fig. 4

Kleine luxatiestand van het gewricht. Het acromioclaviculaire ligament is overrekt of gedeeltelijk gescheurd. Verder geen letsel. Dit is het meest voorkomende traumatische letsel van het ac gewricht.

Tossy gr 2fig. 4

Als 1, echter nu is wel degelijk het acromioclaviculaire ligament gescheurd. De andere ligamenten {bijv. het lig. coracoclaviculare} zijn intact. Er kan tijdens het onderzoek twijfel zijn omdat de stand van het ac gewricht niet altijd zichtbaar veranderd is.

Tossy gr 3fig.4

Er zijn nu meerdere ligamenten gescheurd waaronder ook de coracoclaviculaire ligamenten. De stand is duidelijk afwijkend en het pianotoetsfenomeen is zichtbaar en voelbaar. Zie ook fig.3

 

Fig. 4

 

Tossy gr 4-6

Er zijn nog meer gradaties lopend t/m Tossy 6. Hier zijn zeer ernstige afwijkingen die operatieve ingreep onvermijdelijk maken. Deze bijv. bij zware motorongevallen.

 

Behandeling:

 

Na een trauma zal er pijn zijn in rust rond dit gewrichtje. Bewegen zal ook pijnlijk zijn en is niet gewenst i.v.m. herstel van weefsel rond het gewricht. Er op liggen is niet mogelijk i.v.m. pijn maar ook voor het herstel niet goed.

Het functieherstel is in de meeste gevallen goed. Het blijft echter wel een cosmetisch probleem want de stand blijft zoals vlak na het trauma. Er zijn in het verleden veel operatieve reposities gedaan die echter in verhouding meer problemen gaven (in het bijzonder voor het schoudergewricht zelf) dan het conservatieve beleid.

 

Eerste 2 weken.

 

In verreweg de meeste gevallen {t/m Tossy 3} wordt voor een conservatieve nabehandeling gekozen waarbij enkele dagen tot 2 weken rust wordt gehouden in een positie (mitella zie fig. 7 en 8) waarin het weefsel dat nog kan herstellen de kans krijgt dit te doen en eventueel gunstige littekens gevormd kunnen worden die toch nog kunnen bijdragen tot stabiliteit in het ac gewricht. Tijdens deze periode kan er in de rustpositie isometrisch pijnvrij getraind worden binnen bepaalde bewegingsgrenzen waarbij nog geen beweging optreedt in het ac gewricht. In de omgeving van het letsel kan eventueel met fysiotechnische applicaties{ultrageluid of elektrotherapie} of thermische applicaties {ijs of ďwarmteĒ}, zwelling en/of pijn tegen gegaan worden.

Belangrijk in deze periode is dat:

 

 

2e/6e week

 

Na deze eerste periode van rust voor het gewricht {immobilisatie periode} zal er meer geoefend gerevalideerd moeten worden. De nadruk zal komen te liggen op functieherstel waarbij in eerste instantie meer Isotonische krachtoefeningen pijn vrij gedaan worden. Verder zal de patiŽnt een automobilisatie programma aangeleerd krijgen om in de nieuw ontstane gewrichtsruimte pijnvrij te kunnen leren bewegen. Belangrijk hierbij is een juiste bewegingscoŲrdinatie die door de fysiotherapeut kan worden beoordeeld en gecorrigeerd.

In deze fase tussen 2 en 6 weken is het soms heel prettig voor patiŽnten als en over het ac gewricht een tape wordt aangelegd. Hiervoor is geen bijzondere tapetechniek nodig.4 tot 8 strepen over het gewricht aangetrokken over de huid geeft voor de patiŽnt een prettig veilig stabiel gevoel en lijkt beter bewegen te stimuleren.

Vanaf 4 e week kan als de pijn dit toelaat ook met apparatuur (fitness onder begeleiding van fysiotherapeut) worden gewerkt om grotere spieren rond de schouder te trainen.

Na 6 weken

 

Uiteindelijk zal na 6 weken langzaam naar maximale belastbaarheid van de hele arm en schoudergordel worden toegewerkt waarbij vooral ook de steunfunctie en de werpfunctie en zwaardere boven schouderactiviteiten moeten worden getraind en verder worden versterkt.

 

 

Artrose van het ac gewricht.

 

fig. 5 osteoarthritis met osteophyten

 

Sommige gewrichten hebben meer te lijden dan andere gewrichten en zijn meer onderhevig aan slijtage. Het ac gewricht is zeker zoín gewricht. Het beeld dat kan ontstaan is osteoarthritis ofwel genoemd arthrose {zie fig 5}.

Deze aandoening ontstaat meestal tussen 30-50 jaar en kan pijn gaan doen bij dagelijksebezigheden.

Bij activiteiten boven het hoofd is de stress op dit gewricht groot maar ook vroeger toen er vele lasten nog op de schouders werden getransporteerd werd dit gewricht alleen al door de druk zwaar belast. Zeker bij jongeren die grote gewichten boven hun macht verzetten hebben een verhoogd risico verhoogde slijtage in dit ac gewrichtje te stimuleren. Maar ook een ongeval waarbij instabiliteit optreedt (zie boven tossy 1,2 of 3) geeft op langere termijn mogelijk verhoogde slijtage en leidt tot arthrose in dit ac gewricht.

Symptomen:

 

Diagnose:

 

Na het verhaal van het ontstaan van, en uitleg over de klachten te hebben aangehoord zullen enkele testen worden gedaan om de diagnose te bevestigen. Het voelen (palperen) van de regio, en het doen van bewegingen die leidden tot compressie of overrek van het gewrichtje zullen het vermoeden van irritatie in dit gewricht moeten bevestigen.

Een lokale infiltratie in het gewricht met lidocaine zal als differentiaal diagnosticum het vermoeden kunnen bevestigen als blijkt dat dezelfde tests na de infiltratie niet meer pijnlijk zijn. Zie pagina over corticosteroÔden. Een rŲntgen foto kan de vermoedens van arthrose bevestigen.

 

Behandeling:

 

Als besloten is niet te opereren zal een behandeling met fysiotherapie of manuele therapie veel verbetering kunnen geven. Arthrose hoeft geen pijn te doen en hoeft zeker niet te belemmeren. Zeker wanneer de arthrose in een beginstadium is kan er veel gedaan worden om het proces te stabiliseren en de vervelend symptomen te verhelpen. Meestal vind ik een beperkte beweeglijkheid in de schoudergordel op basis van bewegingsbeperkingen in dit ac-gewrichtje. Het herstel van deze beweeglijkheid via manueel therapeutische mobilisatie technieken en via het aanleren van een automobilisatie programma is in vrijwel alle gevallen voldoende. Adviezen en uitleg over het ontstaan en verloop en de verdere omgang met de schouder is van groot belang voor de patiŽnt om in de toekomst zelf goed te kunnen beslissen. Operaties zullen bij ernstige gevallen worden overwogen als de osteophyten (zie fig. 5)(uitsteeksels van het bod door de irritatie en slijtage) aan de onderzijde ook de pezen van de schouderspieren gaan irriteren. Dit is niet voelbaar maar wel evt. met rŲntgen en MRI onderzoek te verifiŽren. Als u bij de huisarts komt met deze aandoening zal toch in eerste instantie geprobeerd worden de pijn medicamenteus te verhelpen met ontstekingsremmers { aspirine paracetamol of ibuprofen} en met een rust advies. Ook een infiltratie met cortison is te overwegen als pillen en bewegen niet het gewenste resultaat geven. Echter dit resultaat is vaak van korte duur en er zullen meerdere infiltraties nodig zijn om ook langer pijnvrij te zijn. Als echter ook hier de grenzen zijn bereikt zal voor een operatieve ingreep worden gekozen {een arthroplastiek}. Het uiteinde van het sleutelbeen zal worden verwijderd {resectie van het extremitas acromialis} zodat in feite er geen gewricht meer is tussen schouderblad en sleutelbeen. Dit blijkt in de praktijk een zeer effectieve maatregel te zijn die de pijn vrijwel elimineert en ook veel functieherstel tot gevolg heeft. Het litteken weefsel dat ontstaat tussen het acromion en het nieuwe uiteinde van het sleutelbeen zal toch een mate van bewegingsbeperking geven {dus enige stabiliteit} en tevens er voor zorgen dat niet opnieuw de botstukken elkaar raken bij bewegen wat opnieuw tot klachten aanleiding kan geven.

 

††† †† Fig. 8

Fig.6 fig.7 mitella om rust te geven aan schouder of ac-gewricht

Revalidatie na operatie:

Na een operatie zoals hierboven beschreven zal de arm een tijdje in een mitella tot rust moeten komen (fig. 7). Dit echter hoogstens meerder dagen tot een week want er kan vrij snel op geleide van pijn begonnen worden met het bewegen van de arm om te voorkomen dat de spieren teveel verslappen en het schoudergewricht zelf te weinig beweegt. De pijn van de operatie kan met ijs of andere fysische applicaties worden behandeld. Echter het op geleide van pijn weer zo snel mogelijk normaal leren bewegen is het belangrijkste doel. Teveel doen en te zwaar moet vermeden worden. Wanneer de operatie {de resectie} is gedaan via een arthroscoop waarbij weinig weefselbeschadiging is ontstaan kan dit de revalidatie zeker in het begin doen bespoedigen. Echter op de lange termijn zijn de resultaten tussen de arthroscopische resectie en de open resectie dezelfde. De revalidatie zal in het begin meer gericht zijn op het bewegen van de gewrichten binnen de grenzen van pijn en het vermijden van teveel stress op het operatie gebied. Het doen van spierkrachtoefeningen is niet noodzakelijk in de eerste 2 weken van de revalidatie . Wel kan na enkele dagen begonnen worden met het uitvoeren van lichte bewegingen zodat de patiŽnt weer voelt en waarneemt dat hij zijn eigen ledematen weer kan bewegen. Dit is goed voor het bewegingsgevoel en de coŲrdinatie van bewegingen. Ook lichte isometrische oefeningen zijn zinvol om te voorkomen dat spieren teveel atrofiŽren en de actieve stabiliteit van de schoudergordel achteruit gaat.

Na 4 weken kan er in de regel begonnen worden met actieve mobilisatie. De patiŽnt kan dan met eigen kracht bewegingen gaan maken om de normale bewegingsuitslagen te oefenen echter nog steeds zonder het operatiegebied teveel te stressen. Ook zwaardere isometrische oefeningen kunnen nu gedaan worden waarbij ook de pijn de grenzen bepaald.

Na 6 weken dan kan er zwaarder worden geoefend met grotere spiergroepen rond de schouder {de cuff} en de scapulothoracale spieren. Het oefenprogramma dient gericht te zijn op de dagelijks benodigde bewegingen en kracht die u thuis en in uw werksituatie tegenkomt.

 

 

Deze website geeft informatie over verschillende onderwerpen die met uw gezondheid te maken hebben. Het is niet bedoeld als instructie wegwijzer van een medische diagnose en behandeling. De informatie op deze site is verzameld uit vele bronnen en ervaringen van de schrijver over het thema de schouder. Het is zeker niet compleet en loopt altijd achter op de feiten. Niet alle aandoeningen van de schouder worden beschreven. U moet geen conclusies trekken ten aanzien van uw eigen schouderprobleem op grond van het geschrevene maar dient te allen tijde uw huisarts specialist of eigen therapeut om raad en adviezen te vragen. Deze informatie vervangt niet het individuele consult, onderzoek, visite, of telefonische consult van/bij een gekwalificeerd {para}medicus.

Adviezen gegeven door uw huisarts specialist of fysiotherapeut dient u niet na het lezen van deze of welke website dan ook in de wind te slaan. Overleg eventuele twijfels altijd met uw behandelaar.

 

Rob Boonstra Manueeltherapeut te Haarlem