De Vijftien  De ‘Vijftien’

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De 15 gevluchte missionarissen na hun behouden aankomst in Scheut (1900).

 

Ferdinand Hamer geeft op 6 juli 1900 de zes missionarissen die bij hem in Eul-che-se-king’ti (de ‘24 bunders’) verblijven de opdracht naar San-tao-ho te vluchten. Ivo Stragier, Jules De Wolf, Willem Lemmens, Désiré Leesens, Ange Verstraeten en Henri Verwilghen vertrekken in het holst van de nacht.

 

Désiré Leesens krijgt van Ferdinand Hamer een valies mee met daarin zijn lepel, mes, vork en eetstokjes ‘om als het zijn kan aan de familie te bezorgen’. In een brief, van 5 april 1901, aan de familie Hamer in Nijmegen bevestigt Désiré Leesens de echtheid van de voorwerpen.

 

In San-tao-ho treffen de zes missionarissen negen confraters aan: Achilles Lateur, Albert Botty, Florent Lauwers, Stefaan Zech, Eugeen Van Havere, Remi Van Merhaeghe, Hubert van de Meerendonk, Alfons Hulsbosch en Frans De Boeck.

 

De 15 Scheutisten moeten ook San-tao-ho verlaten. Zij vertrekken op 23 augustus, maken een barre tocht door de Gobi woestijn en bereiken Scheut op 10 november 1900.

 

De foto met de ‘Vijftien’ is in Scheut gemaakt. Van links naar rechts (*):

-      Onder: Frans De Boeck, Ivo Stragier, Willem Lemmens, Désiré Leesens, Alfons Hulsbosch, Eugeen Van Havere.

-      Midden: Remi Van Merhaeghe, Ange Verstraeten, Achilles Lateur, Stefaan Zech, Henri Verwilghen.

-      Boven: Albert Botty, Hubert van de Meerendonk, Jules De Wolf, Florent Lauwers.

 

(*) Drs. Leo van den Berg C.I.C.M. (1935 – 2008) heeft geholpen bij het uitzoeken van de namen van de 15 missionarissen op de foto.

____________________________________________________________________________________________________

 

Afscheidsbrief Mgr. Hamer

 

Mgr. Hamer gaf aan zijn zes uit Eul-che-se-king’ti vluchtende missionarissen een afscheidsbrief mee.

De brief mocht pas in San-tao-ho geopend worden, in het bijzijn van de andere missionarissen.

 

 

Eerw Heeren,

 

Gij zult begrijpen, dat het geen tijdstip is om veel te schrijven: De Heeren, die dezen brief medebrengen, kunnen U alles vertellen.

 

Ik blijf hier, offer mij geheel op voor het heil van het Vicariaat, de Eerw Missionarissen en de Christenen. Moge mijn offer aangenaam zijn aan O.L. Heer en tot heil der missie strekken. Zulks hoop ik te verkrijgen door Uwe gebeden.

 

Ik bedank U allen en ieder in ‘t bijzonder voor Uwen ijver, voor de hulp en troost die Gij mij verleend hebt en voor zoo ver ik U beleedigd mocht hebben of door mijn slecht voorbeeld ontsticht, vraag ik U om vergeving en verzoek U mij in Uwe gebeden en H. Offerande indachtig te zijn.

 

In den geest omhels ik U en geef U mijnen bisschoppelijken zegen,

 

Ferd. Hamer Vic. Ap.

 

 

Afgeronde rechthoek: Terug naar de eerste pagina