![]() |
|||||
| aangeboden bulletin
clubinfo
evenementen
gezocht
home
knutselen links Neuheiten onderdelen vragen |
|||||
| TIPS voor ONDERHOUD van LOCOMOTIEVEN | |||||
| Als de loc lange tijd opgeborgen is geweest, dan geven wij het volgende advies: | |||||
|
1. |
De loc voorzichtig uit de doos halen en kijken of er onder in de doos nog een beschrijving van de loc ligt. | ||||
|
|
De kap los
schroeven en kijken of er haren
en pluisjes te zien zijn. Zo ja, deze dan eerst met een pincet verwijderen. Hierna controleren of de koolborstels nog wel op hun plaats zitten en of de bedrading vast zit. Zo nodig vastzetten. Voorzichtig met solderen |
||||
|
3. |
Nu alle
draaipunten oliën volgens de
eventueel gevonden tekening.
Niet teveel, een druppel aan een
speld is voldoende. (Alleen
TRIX olie gebruiken!) Indien er geen tekening is gevonden, dan beginnen met de motoras, zowel de voorkant als de achterkant, maar vooral niet op de collector (dat is waar de koolborstels op drukken), de wielen en assen en vooral bij de stoomlocs alle draaipunten van de schuifbeweging. |
||||
|
4. |
Om te
controleren of de motor nu ook
op stroom loopt, kan men twee
draadjes nemen, deze aansluiten
op de trafo en de uiteinden van
de draadjes tegen de twee
koolborstels houden - let op
niet teveel stroom
(transformator op 1/4 van de
schaalverdeling) want als de
motor weigert kan er van alles
doorbranden met grote schade als
gevolg! Loopt de motor zonder kraken of schuren, dan de spanning wat opvoeren tot bijvoorbeeld 6 Volt (een halve trafostand). |
||||
|
5. |
Geen
problemen meer? Dan de loc op de
baan zetten (natuurlijk zijn de
slepers schoongemaakt of
vernieuwd) en voorzichtig
rondjes rijden, totdat alles
goed lijkt. Tot slot de kap weer monteren. |
||||
| Als u op deze manier uw oude locs behandelt, kan dat weer veel rijplezier opleveren. | |||||
| ONDERHOUD voor de grote STOMERS | |||||
|
De grote
stoomlocs, zoals de BR 01, BR
18, S 3/6 en de BR 42, willen
nog wel eens contactproblemen
hebben, waarvan de oorzaak
meestal in hun tenders zit. Om dit eenvoudig te verhelpen dient eerst gecontroleerd te worden of de contactveertjes op de asjes van de tender goed gemonteerd zitten. Als dat het geval is, dan wat TRIX vet of zuurvrije vaseline op de asjes aanbrengen op de plaats van de contactveertjes. Succes verzekerd!! |
|||||
|
PLANMATIG
ONDERHOUD VAN LOCOMOTIEVEN eenvoudig en doeltreffend |
|||||
|
Bij het aanschaffen van een loc,
nieuw of gebruikt, moet er
altijd eerst gekeken worden of
er geen onderdelen ontbreken of
stuk zijn. Bij de huidige nieuwe
locomotieven wil er nog wel eens
een leiding of iets dergelijks
stuk zijn. Bij de oudere locs is
hier minder kans op, omdat
leidingen e.d. vak meegegoten
zijn op de ketel. Na deze eerste inspectie geeft men de loc een nummer (b.v. aan de onderkant met een plakkertje) zodat er bij meerdere locs van hetzelfde type geen verwisseling plaats vindt. |
|||||
|
Kaart Hierna brengt men de loc in kaart, d.w.z. alle aan slijtage onderhevige en eenvoudig te vervangen onderdelen worden op een kaart gezet. Een voorbeeld van zo'n kaart ziet u hieronder. |
|||||
|
V 36 |
![]() |
||||
| Cat. nr. 2263 | Datum aanschaf | Locnummer 20 | |||
| 30-10-1987 | Nieuw | ||||
| Techn. Bijzonderheden | Onderhoud dd. | Bijzonderheden: | |||
| 30-10-1987 | Geïnspecteerd | ||||
| Art.nr. / | |||||
| Motornummer | 0121 1 x | ||||
| Koolborstel | 0151 2 x | ||||
| Lampje | 0312 2 x | ||||
| Sleperset | 0205 1 x | ||||
| Slipbandjes | 0501 2 x | ||||
|
Te denken
valt aan de registratie van de
nummers van de motor,
sleepcontacten, lampjes,
slipbandjes en koolborstels. Bij
vervanging of reparaties kan men
hier veel gemak van hebben. Boven aan de kaart schrijft men links het loctype en zonodig de asindeling. Rechts bovenaan zet men bijvoorbeeld de aanschafdatum, het locnummer en bij wie gekocht (eventueel de prijs). Rechts op de kaart vermeldt men de onderhoudsdatum en bijzonderheden. |
|||||
|
Zuinig Voor het onderhoud van de locs kan men een injectiespuit met TRIX-olie en een tube TRIX-vet gebruiken. Nu de loc "in kaart" is gebracht, vindt een lichte smeerbeurt plaats. Dit betreft vooral bij nieuwe locs het drijfwerk (schuifbeweging). Van fabriekswege is men bijzonder zuinig met de smering van dit drijfwerk. Vaak heb ik nieuwe locs zeer droog aangetroffen. Van het drijfwerk smeert men alleen de draaipunten, meestal zijn die verbonden met een asje of een boutje. Eén druppeltje, dat blijft hangen aan een naald is genoeg. Bij stoomlocs smeert men ook aan het eind van de schuifbeweging, die in het frame van de loc loopt. Kraakt of kreunt de loc erg, dan dienen ook de overige oliepunten (kijk op de explosietekening van de loc), vooral de motoras, licht geolied te worden. Verder de tandwielen van iets vet voorzien, niet te veel, want na enig rijden vliegt het teveel aan vet er toch af. Dit geheel wordt licht smeren en controleren genoemd en wordt op de kaart met datum genoteerd. Voor het rijden dienen alle locs op deze manier gecontroleerd te worden. Deze inspectie voorkomt veel schade. Vooral tweedehands locs zijn na jaren stilstand volledig uitgedroogd. |
|||||
![]() |
|||||
|
Checklijst Het normale onderhoud dat nu gepleegd moet worden, is erg eenvoudig en verloopt als volgt:
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9. |
|||||
|
OPGELET!
Motoren die in de tender van de locomotieven zitten, vergen meer aandacht. Vooral dat deel van de motor waar de koolborstels zitten. Een en ander wordt snel smerig bij veel en langdurig gebruik. Verder dient vermeld te worden dat grotere reparaties, koolborstels verwisselen, schuifbeweging repareren, tandwielen herstellen, enz. beter uitgevoerd kunnen worden door deskundige personen, wil e.e.a. niet op een fiasco uitdraaien. |
|||||
| HOOFDPAGINA | |||||