Vlinder

Van tussen de bloemen klom een vlinder,
hij danste en sprong door de lucht.
Ik vroeg: wat is je naam, kleine vlinder:
hij fladderde naar me toe en staakte zijn speelse vlucht.

Mijn naam is liefde,
ik ben de weg voor hen die luisteren,
de weg van de liefde.
Slechts enkele mensen horen me fluisteren.

Ik vroeg de kleine vlinder:
toon me de weg van de liefde.
De vlinder groeide en zijn kleuren schitterden in de zon.
Klim op mijn rug, want er is geen weg naar liefde,
ik ben het, vlieg met me mee.

De vlinder voerde me mee
hoog in de lucht, boven de aarde
toonde hij me de mooiste dingen:
bomen, bloemen en ogen van een kind.

Bij het kleine beekje zette hij me neer
zijn stem fluisterde:
wacht hier op mij, mijn kind,
en wanneer ik terug ben,
word je een deeltje van de Liefde.

De vlinder kromp ineen en fladderde weg,
hij kwam zitten in je handpalm
en je vroeg hem:
vertel me, kleine vlinder, wat is je naam?

Hij zei "mijn naam is liefde"
en hij nam je mee op zijn rug
gedragen door zijden vleugels
zag je de mooiste dingen
en hoorde je zijn stem:

Mijn kind, vlieg met me mee
naar het kleine beekje tussen de bomen
en wanneer je daar bent, mijn kind,
word je een deeltje van de Liefde.
--------------
door: Mark Leutem
--------------

TERUG NAAR VLINDERSITE

HOME

MEER GEDICHTEN