Een titel hoeft niet

Hier zit ik dan onder een boom
aan de oever van een rivier,
op een zonnige morgen.
Een nietige gebeurtenis,
die niet de geschiedenis ingaat.
Hier zijn geen veldslagen en geen pacten
waarvan de motieven worden onderzocht,
of gedenkwaardige tirannenmoorden.

Toch zit ik aan de rivier, dat is een feit.
En nu ik hier ben,
moet ik ergens vandaan zijn gekomen
en daarvoor
op nog vele andere plaatsen zijn geweest,
net zoals veroveraars van landen
voor ze aan boord gingen

Zelfs een vluchtig ogenblik heeft een rijk verleden
een vrijdag voor een zaterdag,
een mei die aan juni voorafging.
Het heeft zijn eigen horizonnen, even werkelijk
als in de veldkijkers van bevelhebbers.

De boom is een populier die hier al jaren wortelt.
De rivier is de Raba die langer stroomt dan vandaag.
Het paadje is niet eergisteren pas
door de struiken gebaand.
Om die wolken te kunnen verjagen
moet de wind ze eerst hierheen hebben gewaaid.

En hoewel in de buurt niets groots gebeurt
is de wereld daardoor nog niet armer aan details,
Niet minder gefundeerd, niet zwakker gedefinieerd
dan toen de volksverhuizingen haar in hun greep hielden.

Niet alleen geheime complotten worden in stilte gehuld,
niet alleen kroningen gaan van een gevolg van oorzaken vergezeld.
Rond kunnen niet alleen de jubilea van opstanden zijn,
maar ook de omspelde steentjes aan de waterkant.

Dicht en verstrengeld is het borduursel van de omstandigheden,
De steken van de mier in het gras.
Het gras dat aan de aarde is genaaid.
Het golfpatroon waardoor een twijgje wordt geregen.

Het is zo gegaan dat ik hier ben en kijk.
Boven me fladdert een witte vlinder in de lucht
met vleugeltjes die alleen van hem zijn
en over mijn handen vliegt zijn schaduw,
geen andere, niet zomaar een, alleen de zijne.

Wanneer ik zoiets zie, verlaat me altijd de zekerheid
dat wat belangrijk is
belangrijker is dan wat onbelangrijk is.

Wirlawa Szymbarka

 

Home  
Volgend gedicht