Klacht

Waarheen toch is verdwenen
jaar na jaar na jaar?
Droomde ik dat ik leefde?
Is er niets van waar?

Waar ik in geloofde,
was dat alles echt?
Ik heb zo lang geslapen
dat het me niets meer zegt.

Nu ik weer ontwaakt ben,
gaat boven mijn verstand
wat vroeger zo vertrouwd was
als mijn eigen hand.

Ik ben in deze streken
geboren en getogen.
't Is me zo vreemd geworden
alsof het was gelogen.

De vriendjes waar 'k mee speelde,
zijn traag en oud.
De bossen zijn verdwenen
en het veld bebouwd.

Door vanouds bekenden
nauwelijks gegroet,
loop ik me af te vragen
wat ik hier nog moet.

Dagen vol verrukking
heb ik hier beleefd -
er is niets meer over
dat er weet van heeft.

Niets dat mij kan troosten
dan dit ene hier:
in dezelfde richting
stroomt nog de rivier.



Willem Wilmink
gezongen door Herman Van Veen