vaandel

broeder kijkt naar sterrenhemel

EEN FRANCISCAANSE HEILIGENKALENDER

/januari/februari/maart/april/mei/juni/juli/
/augustus/september/oktober/november/december/

In deze - door de Franciscaanse Beweging samengestelde - kalender zijn iets meer dan veertig data opgenomen, waarop mensen herdacht kunnen worden die ons zijn voortgegaan op de weg van het evangelie. We hebben allereerst onder de franciscaanse heiligen gezocht waarvan de verering officieel door de kerkelijke overheid is goedgekeurd. Die keuze is echter eenzijdig: mannen komen veel meer dan vrouwen en bovendien gaat het dan alleen om rooms-katholieken. Daarom is het aantal vrouwen uitgebreid en ook een aantal protestanten, een jodin en een hindoe opgenomen.

datum

feest

4 januari

 

Angela van Foligno (1249-1309) leidde eerst een „werelds" leven. Daarna brak een periode van bezinning aan, waarin op een beslissend moment Franciscus aan haar verscheen (1285). Zij werd een franciscaanse leek (1291). Op een bedevaart naar Portiuncula ervoer zij voortdurend de aanwezigheid van de Drie-eenheid. Toen die ervaring verdween, reageerde zij zo vreemd dat haar biechtvader, een minderbroeder, haar vroeg om haar autobiografie te dicteren. Later kreeg zij talrijke visioenen. Zij verzamelde veel gelijkgezinden om zich heen en zorgde onder meer voor melaatsen.

4 januari

Juniperus werd rond 1210 minderbroeder. Toen hij Clara op haar sterfbed op kwam zoeken, vroeg die hem of hij nog „nieuws van God" had. Hij was geliefd om zijn eenvoud en liefde voor de armen. Hij stelde zich niet tevreden met het wegschenken van zijn habijt, maar gaf ook boeken, kerkgewaden, mantels en alles wat hij vinden kon aan de armen. En daarom lieten de broeders niets onbeheerd achter. Hij stierf in 1258 in Rome.

16 januari

Berardus en Gezellen, de eerste minderbroeders-martelaren van Marokko (1220).

30 januari
 
 

 

Mahatma Gandhi werd in 1869 in India geboren en studeerde enige tijd in Engeland. Twintig jaar lang werkte hij in Zuid-Afrika, waar hij opkwam voor de rechten van de Indiërs. Weer terug in India (1919) speelde hij een prominente rol in het verzet tegen de Engelse koloniale heerschappij, waarbij hij met de principes van de geweldloze weerbaarheid ontwikkelde. Zo leidde hij in 1930 een mars tegen het zoutmonopolie waaraan duizenden mensen deelnamen. In 1947 onderhandelde hij met de Engelsen over de onafhankelijkheid van India. Tot zijn spijt werd daarbij besloten tot een scheiding tussen het islamitische Pakistan en het overwegend hindoeïstische India. Op 30 januari 1948 werd hij door een fanatieke hindoe vermoord.

7 februari

Coleta van Corbie (1381-1447) probeerde verschillende vormen van religieus leven uit: ze woonde een tijdje bij de begijnen, benedictinessen en clarissen. Daarna werd zij kluizenares tot zij de roeping ontving om de franciscaanse orde te hervormen. De paus wijdde haar op 25-jarige leeftijd tot abdis en gaf haar de opdracht om de geeft van Franciscus en Clara te laten herleven. Zij stichtte of hervormde zeventien clarissenkloosters en stichtte ook een mannelijke tak, de minderbroeders-coletanen. Zij overleed in Gent.

18 februari

Maarten Luther (1483-1546) trad in 1506 in bij de augustijnen en ontwikkelde zich tot bijbelgeleerde en predikant. Op 31 oktober 1517 plakte hij 95 stellingen aan, waarin hij de middeleeuwse aflatenhandel ter discussie stelde. Geleidelijk was hij tot de overtuiging gekomen dat alleen Gods genade de mens kan redden, niet allerlei goede bedoelingen van de mens, laat staan aflaten die te koop zijn. Zijn optreden sloot aan bij een wijdverbreid verlangen naar een diepgaande hervorming van de kerk „in hoofd en leden", maar leidde uiteindelijk tot een spitsing van de ene westerse kerk in een rooms-katholieke en een reformatorische tak. Luther leidde de kerk der hervorming door een periode vol vervolgingen en oorlogen heen, tot zij zich op een groot aantal plaatsen vrij kon vestigen.

2 maart
 

 

Agnes van Praag werd in 1211 geboren als dochter van de koning van Bohemen. Nadat ze een aantal huwelijkskandidaten, onder wie keizer Frederik ii, had afgewezen, stichtte zij in Praag een hospitaal en een clarissenklooster. In 1234 trad zij daar in. Clara van Assisi schreef haar brieven; Agnes ondersteunde haar inspanningen om een betere regel voor de clarissen te krijgen. Toen Clara's regel werd goedgekeurd (1253), gingen de zusters in Praag die onderhouden. Agnes hield haar leven lang vast aan de allerhoogste armoede, ook toen haar familie in ongenade was gevallen en er in Praag een hongersnood heerste. Zij stierf in 1282, maar werd pas in 1989 heilig verklaard.

2 maart

 

 

Silvester was een priester van het bisdom Assisi, die Bernardus van Quintavalle zijn bezittingen aan de armen zag uitdelen. Hij wilde er een graantje van meepikken en klaagde dat hij in het verleden Franciscus te goedkoop stenen had gegeven. Franciscus gaf hem prompt een handvol van Bernardus' geld. Silvester kwam daardoor tot inkeer en trad na een visioen bij de minderbroeders in. Hij was de eerste priester in de orde. Franciscus vroeg hem in Arezzo duivels uit te drijven, waarop in de stad de vrede weerkeerde. Toen Franciscus niet wist of hij moest rondtrekken om te preken of zich alleen aan het gebed moest wijden, adviseerde Silvester net als Clara, hem om „niet voor zich zelf alleen te leven". Volgens de overlevering stierf hij rond 1240.

10 maart

Broeder Petrus Catani was een geleerd man, een „kenner van het kerkelijk en burgerlijk recht", die de tweede broeder van Franciscus werd. Hij ging met Franciscus in 1219-1220 mee naar het Midden-Oosten. Toen Franciscus op het kapittel van 1220 aftrad als generale minister, volgde Petrus hem op. Hij stierf op 10 maart 1221.

14 maart

Filippus Longus was een van de eerste broeders van Franciscus. Hij was geen geleerde of priester, maar wel erg goed thuis in de Schrift. Clara hoorde hem graag preken. In het leven van de eerste clarissen speelde hij een grote rol als visitator. Hij overleed vóór 1253.

24 maart

 

Oscar Romero (1917-1980) was een voorzichtige, wat conservatieve priester die in 1977 aartsbisschop van San Salvador werd. El Salvador was in een burgeroorlog gewikkeld. Na de moord op een bevriende pastoor werd Romero de spreekbuis van de armen en verdrukten. Op 24 maart 1980 werd hij door een rechts-extreme terrorist met toestemming van de veiligheidsdiensten doodgeschoten terwijl hij in een ziekenhuis de mis deed.

4 april

 

Martin Luther King (1929-1968) was een baptistenpredikant in het zuiden van de Verenigde Staten die vanaf 1955 leiding gaf aan het zwarte verzet tegen rassendiscriminatie. Hij stond geweldloos verzet in de lijn van Gandhi voor. Door zijn meeslepende preken („I have a dream") wist hij talloze mensen op de been te brengen. In 1964 ontving hij de Nobelprijs voor de vrede. In 1968 werd hij door een sluipschutter neergeschoten.

9 april
 
 

 

Dietrich Bonhoeffer (1906-1945) werd al jong een belangrijk theoloog. Toen grote delen van de Evangelische Kerk in Duitsland de kant van Hitler koos, was hij een van de oprichters van de Bekennende Kirche die zich daartegen verzette. Hij werd de leider van een seminarie in Finkenwalde, waar hij een boek over gemeenschapsleven schreef. Hij nam deel aan het Duitse verzet tegen Hitler en werd in april 1943 gearresteerd. Vanuit de gevangenis schreef hij brieven die na de oorlog groot opzien baarden omdat hij opkwam voor de mondigheid van de mens en zich tegen God als stoplap keerde. Op 9 april 1945 werd hij in Flossenburg terechtgesteld.

16 april

Op 16 april 1208 sloten de eerste gezellen zich bij Franciscus aan. Het waren Bernardus van Quintavalle en Petrus Catani. Op deze dag wordt in veel gemeenschappen de hernieuwing van de geloften gevierd.

16 april

Benoît-Joseph Labre (1748-1783) was een heilige zwerver. Hij probeerde eerst kartuizer en trappist te worden en trok daarna rusteloos en zonder geld door Europa van heiligdom naar heiligdom. De laatste jaren woonde hij in Rome, waar hij na zijn dood als heilige vereerd werd. Hij was lid van de zogeheten broederschap van het koordje, een franciscaanse lekenbeweging.

23 april

Egidius van Assisi was van boerenfamilie en werd de vierde broeder van Franciscus (op 23 april 1208). Op de eerste preektocht nam die hem mee naar de Marken van Ancona. Na Franciscus' preek riep Egidius dan: „Hij zegt het goed, geloof hem maar." Egidius trok met Bernardus naar Florence en met de eerste twaalf gezellen naar Rome. Hij ging naar Santiago en het Heilige Land op pelgrimstocht en was aanwezig bij Franciscus' sterven. Daarna legde hij zich bijna uitsluitend toe op contemplatie. Hij woonde onder meer in de Carceri. In 1234 trok hij zich terug in Monteripido. In de laatste jaren werd hij beroemd om zijn uitspraken, zoals „de mens mag niet rusten eer hij liefheeft" of „de grootse gave die een mens op aarde kan hebben, is in vrede leven met degenen met wie hij samen is." Egidius van Assisi, Wijsheid van een eenvoudig mens. Gouden woorden van broeder Egidius, Haarlem 1984, bevat een bloemlezing uit de bronnen van en over Egidius. Hij stierf op 22 april 1262.

28 april

Luchesius van Poggibonsi werd rond 1200 in het Chianti-gebied geboren. Hij trouwde met Bonadonna, maar moest wegens zijn politieke bemoeienissen vluchten naar Poggibonsi waar hij penitent werd. Volgens de traditie was hij de eerste Derde-ordeling en werd hij in 1221 door Franciscus persoonlijk in die orde opgenomen. Hij deed veel goede werken, zoals het versjouwen van zieken uit moerassige streken naar de steden. Hij overleed kort na zijn vrouw in 1260.

16 mei

Margareta van Cortona (ca. 1247-1297) leefde een tijd ongehuwd met een edelman van wie ze een kind kreeg. Hij weigerde haar te trouwen. Nadat hij vermoord werd, verstootte haar vader haar. Zij zocht haar toevlucht bij de minderbroeders in Cortona, waar zij na twee jaar opgenomen werd in de Derde Orde. Uit berouw over haar jeugd leidde ze een leven van liefdadigheid. Later ging zij in een kluis contemplatief leven.

20 mei

Bernardinus van Siena werd in 1380 geboren uit een adellijke familie. Hij ging rechten studeren. In 1400 verzorgde hij pestlijders. Daarna wilde hij als kluizenaar gaan leven, maar al snel trad hij in bij de nog jonge observanten (1402). Hij viel op door zijn welsprekendheid. Jarenlang trok hij Midden-Italië door om overal te preken en het volk op te roepen tot boetvaardigheid. Daarbij propageerde hij de devotie tot de Naam van Jezus door middel van een schild met ihs erop (de afkorting van de naam Jezus volgens de middeleeuwse schrijfwijze Ihesus). Vanaf 1435 was hij de leider van de observanten, die hij op een nieuw spoor bracht: de kluizenarijen uit, de preekstoel op. Hij stierf in 1444 in L'Aquila, de hoofdstad van de Abruzzen, waar hij in de kerk begraven werd die zijn naam draagt. Al in 1450 werd hij heilig verklaard.

30 mei

Henriette Swellengrebel was de drijvende kracht bij het stichten van (protestantse) diaconessenhuizen in Nederland. In 1844 werd zij eerste besturend zuster van het huis in Utrecht. In haar dagboeken schrijft zij onder meer: „Ik wil het Diaconessenhuis maken tot een asiel voor ellendigen, onverschillig van welke aard." Onder haar invloed werden veel jonge vrouwen diacones. Zij bleef haar taak vervullen tot zij op 30 mei 1874 stierf.

3 juni

Paus Johannes xxiii (1881-1963) was van eenvoudige komaf. Hij was in diplomatieke dienst van de pauselijke curie tot hij in 1953 kardinaal en patriarch van Venetië werd. In 1958 werd hij tot veler verrassing tot paus gekozen. Omdat hij al een bejaard man was, dacht men aan een onbeduidende overgangsfiguur, maar met zijn aankondiging van het tweede Vaticaans Concilie (1959), dat voor modernisering („aggiornamento") van de kerk moest zorgen, bracht hij een grote vernieuwingsbeweging op gang. Door zijn eenvoud en sympathieke optreden werd hij in korte tijd een van de meest geliefde mensen ter wereld die de kerk een nieuw, menselijker gezicht gaf.

13 juni

Antonius van Padua (1195-1231) was eerst kanunnik in Portugal, maar werd minderbroeder omdat hij onder de indruk raakte van de eerste minderbroeders-martelaren in Marokko. Vanaf 1222 werd hij een beroemd predikant in Noord-Italië en Zuid-Frankrijk. Franciscus gaf hem verlof om theologie te onderwijzen. Hij stierf in Padua, uitgeput van het preken. Zijn grote verering als patroon van verloren zaken („Heilige Antonius, goede vrind, geef dat ik mijn ... vind") dateert eerst uit de zeventiende eeuw.

9 juli

De martelaren van Gorcum zijn de patroon van de Nederlandse minderbroedersprovincie. Het gaat om negentien religieuzen, merendeels minderbroeders, die kort na de inname van Den Briel (1572) door de Geuzen vermoord werden.

10 juli

Pacificus werd de „koning van het lied" genoemd omdat hij een hoofse zangmeester was. Op bezoek bij een van de oudste clarissenkloosters kwam hij onder de indruk van Franciscus en werd minderbroeder. In 1217 leidde hij de eerste tocht van de broeders naar Frankrijk, maar hij kwam na een paar jaar terug. Toen Franciscus ziek was, wilde hij dat Pacificus citer voor hem speelde; later zag hij graag dat Pacificus de wereld introk om het Zonnelied voor de mensen te zingen. Na Franciscus' dood werd Pacificus visitator van alle clarissen. Volgens de traditie stierf hij in 1230.

13 juli

Angelina van Montegiove of van Marsciano werd vóór 1357 geboren uit een adellijke familie. Rond haar dertigste overleed opeens haar man. Zij deelde haar geld en goed uit en ging met vrome vrouwen samenleven. Van ketterij verdacht, ontkwam ze door een wonder: ze droeg in de plooien van haar habijt gloeiende kolen zonder zich te branden: „Als u mij wilt verbranden: hier is het vuur."
In Foligno ging zij vóór 1388 in een observanten-vrouwenklooster wonen, waarvan zij rond 1400 de leiding kreeg. Deze vrouwen wilden zo onafhankelijk mogelijk blijven en haalden zich moeilijkheden op de hals toen bepaald werd dat zij zich moesten onderwerpen aan de oversten van de minderbroeders. Zij stierf in 1435.

15 juli

Bonaventura (1217-1274) werd in Italië geboren, maar studeerde in Parijs waar hij minderbroeder werd (1243). Zijn leermeester beschreef hem als iemand „in wie Adam niet gezondigd heeft". Hij gaf les in de theologie toen hij tot minister-generaal werd gekozen (1257). Hij was een daadkrachtig bestuurder en leider. Hij schreef de officiële levensbeschrijving van Franciscus (1263) en talloze theologische en spirituele werken. Verschillende malen weigerde hij om bisschop te worden, maar in 1273 werd hij kardinaal-bisschop. Hij stierf een jaar later in Lyon.

2 augustus
 
 

 

De traditie vertelt dat Franciscus paus Honorius iii in 1216 een aflaat vroeg voor de Portiunculakapel. Ieder die daar vanaf de avond van 1 augustus, de wijdingsdatum van het kerkje, tot de vespers van de volgende dag komt, kreeg een volle aflaat. Een aflaat is de kwijtschelding van straffen die een mens na zijn dood in het vagevuur zou moeten uitboeten alvorens de hemel te kunnen betreden. Hoe hoger de aflaat, hoe minder tijd men dus in het vagevuur door moet brengen. Normaal werden volle aflaten alleen bij kruistochten gegeven. In later tijden werd deze aflaat uitgebreid tot alle franciscaanse kerken.

2 augustus
 
 

 

Ermentrudis van Brugge is de stichters van de clarissen in Vlaanderen. Zij was een krachtige en ondernemende persoonlijkheid. Eerst leefde zij als kluizenares in Brugge, maar in 1255 gaf de paus haar verlof om van haar kluizenarij een clarissenklooster te maken. Vijf jaar later had zij bovendien een klooster in Ieper opgericht en kreeg ze van de paus verlof om maar liefst tien kloosters te stichten. Volgens de traditie correspondeerde zij met Clara, die een exemplaar van haar zegen aan Ermentrudis stuurde.

4 augustus
 
 

 

Anne Frank (1929-maart 1945) werd in Duitsland geboren, maar vertrok met haar familie naar Amsterdam toen het klimaat in Duitsland jodenvijandig werd. In juli 1942 moest haar familie onderduiken in „het Achterhuis". Daar hield zij een dagboek bij, dat na de oorlog wereldberoemd werd omdat zij daarin onbevangen getuigenis aflegde van het leven als joodse tiener die moet onderduiken. „Ondanks alles", schreef zij daarin, „blijf ik geloven dat de mensen in hun hart toch echt goed zijn." Op 4 augustus 1944 werd zij opgepakt en weggevoerd naar Bergen-Belsen, waar zij omkwam.

8 augustus
 
 
 


 

 

Dominicus (± 1170-1221) werd in Spanje geboren. Als kanunnik ontmoette hij in Zuid-Frankrijk de katharen, die hij niet te vuur en te zwaard wilde bestrijden, maar enkel met woorden en een goede levenswijze wilde overreden om terug te keren naar het katholieke geloof. Daartoe stichtte hij de orde der predikheren, naar hem meestal dominicanen genoemd. Zijn orde lijkt in veel opzichten op die van de minderbroeders: leven in armoede en veel aandacht voor de prediking. Volgens de traditie heeft hij Franciscus verschillende malen ontmoet. De eerste keer herkenden ze elkaar onmiddellijk hoewel ze elkaar nooit eerder gezien hadden. Bij kardinaal Hugolinus drongen beiden erop aan, dat hun broeders „mensen van de vlakte" waren, die niet op de bergtoppen van roem en macht thuishoorden.

11 augustus
 
 
 
 
 
 

 

Clara van Assisi werd in 1193 of 1194 in Assisi uit een adellijk geslacht geboren. Tijdens de troebelen in de stad vanaf 1198 verhuisde haar familie, net als andere adel, naar Perugia. Tussen 1203 en 1209 keerden zij terug. Al vroeg werd Clara aangetrokken door het leven van Franciscus en zijn broeders. Na gesprekken met hem koos zij voor een leven in boetvaardigheid. Zij ontvluchtte haar ouderlijk huis in 1211 of 1212 en ging naar de broeders. Die brachten haar eerst onder in het klooster San Paolo delle Abbadesse, na enige dagen in Sant'Angelo di Panzo en uiteindelijk bij het kerkje van San Damiano, waar zij haar verder leven bleef. Zij gaf het leven van de „arme, besloten levende vrouwen" vorm, de latere clarissen, die zich al snel over heel Europa verspreidden. Na Franciscus' dood werd zij voor de minderbroeders ook de behoedster van de oorspronkelijke idealen van Franciscus. Twee dagen voor haar overlijden in 1253 werd haar levensregel door de paus goedgekeurd.

13 augustus
 
 

 

Florence Nightingale werd in een gegoede familie geboren (1820). Door veel tegenstand heen stelde zij zich ten dienste van ziekenhuispatiënten. Mede onder invloed van de diaconessenbeweging in Duitsland werd zij verpleegster in Londen. Tijdens de Krimoorlog werkte zij als vrijwilliger voor Engelse soldaten (1854-56). Daarna reorganiseerde zij de gezondheidszorg in het leger, stichtte opleidingen voor ziekenzorgsters, wijkverpleegsters en kraamvrouwen. Zij richtte de Britse Rode-Kruisvereniging op en ijvert voor hervormingen in India. Zij stierf op 13 augustus 1910.

14 augustus
 
 

 

Maximiliaan Kolbe (1894-1941) werd al jong minderbroeder-conventueel. Hij stichtte de Ridderschap van de Onbevlekte, een lekenbeweging, en wist de conventuelen in Polen tot nieuwe bloei te brengen. In 1939 werd hij gearresteerd vanwege zijn hulp aan joden en aan de Poolse ondergrondse. Toen een huisvader in Auschwitz tot de hongerdood veroordeeld werd, nam Kolbe zijn plaats in.

19 augustus

 

Lodewijk van Toulouse (1274-1297) was de oudste zoon van de koning van Napels. Hij deed afstand van de troon om minderbroeder te kunnen worden. Ondanks zijn tegenstribbelen werd hij benoemd tot aartsbisschop van Toulouse (1296), waar hij opviel door zijn liefde voor de armen. Hij stierf op 23-jarige leeftijd.

25 augustus

 

Koning Lodewijk de Heilige (1214-1270) is een van de twee patronen van de Franciscaanse Lekenorde. Hij was een voorbeeldig vorst, die zijn staat vanuit een diep geloof leidde. Hij was toegankelijk voor de mensen en begunstigde de bedelordes zeer. Hij kwam om toen hij voor de tweede keer op kruistocht ging.

4 september
 
 

 

Rosa van Viterbo (1235-1252) verbaasde de burgers van Viterbo toen zij op tienjarige leeftijd begon te preken. Omdat zij zich tegen keizer Frederik ii en voor de paus uitsprak, werden zij en haar ouders verbannen. Toen zij na de dood van de keizer terugkwam, probeerde ze tevergeefs om claris te worden. De zusters vonden haar te onnozel. Daarop trad zij toe tot de derde orde. Zij stierf toen zij zeventien jaar oud was.

4 september
 
 

 

Albert Schweitzer (1875-1973) was een vooraanstaande protestantse theoloog uit de Elzas, die in 1906 een beroemd overzicht van het historisch onderzoek naar Jezus van Nazareth publiceerde. Geleidelijk raakte hij ervan overtuigd dat hij zijn leven beter kon besteden aan praktische naastenliefde. In 1913 stichtte hij een tropenhospitaal in Lambarene. Hij werd zo een pionier van ontwikkelingshulp en het streven naar een betere verdeling van de welvaart en de vrede over de wereld. In 1954 ontving hij de Nobelprijs voor de vrede.

17 september
 
 
 
 

 

Stigmatisatie van Franciscus. In augustus-september 1224 bracht Franciscus een veertigdaagse vastentijd op de berg La Verna door. Hij had een zwakke gezondheid en leed aan een diepe depressie: had zijn leven wel zin gehad, nu de broeders andere wegen insloegen. Rond het feest van Kruisverheffing (14 september) kreeg hij een visioen van een gekruisigde engel, waarna in zijn handen, voeten en zijde dezelfde wonden verschenen, die Christus op het kruis had gehad, de zogeheten stigmata of kruiswonden. Franciscus was hierover tijdens zijn leven zeer terughoudend: „Mijn geheim behoort aan mij". Waarschijnlijk heeft hij de stigmatisatie als Christus' bevestiging van zijn levensproject ervaren.

26 september
 
 

 

Elzearius (1286-1323) en Delphina (1284-1360) trouwden in 1299 met elkaar, maar besloten samen de kuisheid te bewaren. Elzearius werd in 1310 graaf van Ariano; daarom moesten zij van de Provence naar Napels verhuizen. Elzearius was een vredelievend vorst, die zijn vijanden wist te vergeven. Toen hij stierf, deed Delphina afstand van al haar rechten en bezittingen en legde een gelofte van armoede af. Zij stond in nauw contact met leiders van de minderbroeders die een strenge uitleg van het leven in armoede nastreefden.

4 oktober

 

Franciscus (1181 of 1182-1226) stierf op de vooravond van vier oktober. Broeder Egidius zei over hem: „De naam Franciscus zou nooit door een mens mogen worden uitgesproken, zonder dat hij van vreugde zijn lippen likte. Hij miste maar één ding, namelijk een sterk lichaam."

19 oktober
 
 

 

Petrus van Alcantara (1499-1562) was provinciaal van een Spaanse minderbroedersprovincie toen hij overging naar de discalceaten, een uiterst strenge hervormingsbeweging onder de minderbroeders, die nadruk legde op armoede, contemplatie en boetedoeningen. Hij nam al snel de leiding op zich van deze groep. Het was een begenadigd geestelijk schrijver, een van de leermeesters van Teresa van Avila.

7 november

Willibrord (± 737-739), patroon van Nederland. Hij werd in Noord-Engeland geboren en werd in een klooster opgevoed. Rond 690 kwam hij naar de Nederlanden, waar hij onder de Friezen missioneerde. Door de paus tot bisschop der Friezen gewijd, ging hij in Utrecht wonen. Hij stierf in Echternach, waar hij een klooster gesticht had.

14 november

Broeder Rufinus, een neef van Clara, was aanwezig op La Verna bij Franciscus' stigmatisatie. Hij was bijzonder contemplatief. Franciscus prijst in de Spiegel van Volmaaktheid „het deugdzame en voortdurende gebed van broeder Rufinus, die zonder onderbreking altijd aan het bidden was. Of hij nu sliep of iets aan het doen was, in zijn geest was hij altijd bij God." Hij stierf in 1270.

15 november

Broeder Leo was priester voor hij bij de minderbroeders intrad. Hij was de biechtvader, secretaris en gezel van Franciscus in diens laatste jaren. Franciscus schreef hem een brief die in Spoleto bewaard wordt en gaf hem een schriftelijke zegen. Franciscus prijst „de eenvoud en onschuld van broeder Leo, die werkelijk van een allerheiligste zuiverheid was". Hij noemde Leo (= leeuw) broeder Pecorella (= schaapje). In 1246 schreef Leo samen met de broeders Rufinus en Angelus zijn herinneringen op in het Verhaal van de Drie Gezellen. Leo schreef later een levensbeschrijving van Egidius en van Bernardus van Quintavalle. In de laatste jaren van zijn leven haalde hij graag herinneringen op over de begintijd van de minderbroeders. Delen daarvan zijn in de Herinneringen aan broeder Franciscus terug te vinden. Hij stierf in 1271.

17 november

Elisabeth van Thuringen of van Hongarije (1207-1231) is een van de twee patronen van de Franciscaanse Lekenorde. Zij was een dochter van de koning van Hongarije, die al op zeer jonge leeftijd naar Thuringen ging, waar zij in 1221 met de landgraaf trouwde. Na hun gelukkige huwelijk en zijn dood (1227) zag zij af van alle pracht en praal en leefde ze als arme met armen in het Franciscushospitaal dat zij in Marburg stichtte. Haar naastenliefde maakte in haar tijd zeer grote indruk.

17 november

Broeder Masseüs, eveneens een van Franciscus' vaste gezellen, was onder meer aanwezig bij de verlening van de Portiuncula-aflaat. Franciscus prijst van hem „de innemende wijze van optreden en het gezonde verstand, samen met zijn goede en vrome wijze van spreken". Later leefde hij teruggetrokken in de Carceri. Hij stierf in Assisi in 1280 en overleefde Franciscus dus meer dan vijftig jaar.

19 november

Agnes van Assisi was een jongere zus van Clara. Al twee weken na Clara vertrok zij uit het ouderlijk huis om Clara's leven te gaan delen. Volgens de traditie sticht zij verschillende clarissenkloosters. Vanaf 1230 leidde zij het klooster in Florence, dat dankzij haar het privilege van de armoede ontving. Toen Clara op haar sterfbed lag, keerde Agnes terug naar San Damiano, waar zij een paar maanden na Clara stierf (1253).

24 november

Op deze dag worden alle overledenen van de franciscaanse familie herdacht.

29 november

Op de dag dat in 1223 de regel van de minderbroeders door paus Honorius iii werd goedgekeurd, worden alle heiligen van de franciscaanse familie herdacht.

8 december

Maria Onbevlekt Ontvangen, patrones van de minderbroeders, clarissen en tertiarissen. Franciscaanse theologen hebben zich eeuwenlang ingezet voor de erkenning dat Maria onbevlekt ontvangen is, dat wil zeggen dat zij gevrijwaard was van de erfzonde. Zij wilden daarmee beklemtonen dat Maria door de genade een waardige moeder van Gods Zoon was.

25 december

Niet alleen Kerstmis, maar ook de sterfdag van Jacopone da Todi (ca. 1230-1306). Hij was een welgesteld notaris. Toen zijn vrouw op dramatische wijze om het leven kwam – een tribune stortte in –, ontdekte hij dat zij onder haar kleren een boetekleed droeg. Dit zette hem aan het denken. Na een periode van tien jaar, waarin hij voor gek werd versleten en zomaar wat rondtrok, klopte hij bij de minderbroeders aan (1278). Volgens de overlevering bewees hij zijn verstand en inzicht door twee gedichten te schrijven. Hij was een dichter van naam. Zijn Lauden in de volkstaal worden nog steeds uitgegeven en gelezen. In de minderbroedersorde hoorde hij bij de spiritualen. Hij nam deel aan het verzet tegen paus Bonifatius VIII die hen vervolgde. Jacopone werd geëxcommuniceerd en kwam in een onderaardse gevangenis waar hij felle, maar geestige gedichten tegen de paus schreef. Hij verbleef daar van 1298 tot 1303. Hij overleed op kerstdag 1306.
09.01.10 top