Samenvatting
Eindrapportage Evaluatie Plusklassen

Dini van den Heuvel

In dit artikel vat ik het Eindrapport Evaluatie plusklassen van het Christelijk Pedagogisch Studiecentrum (CPS) samen. Het rapport is in december 2011 verschenen.

Het onderzoek Evaluatie Plusklassen bestaat uit een tweetal deelonderzoeken. Enerzijds betreft het een inventarisatie van ervaringen en studies naar het effect van plusklassen en brengt daarmee in kaart welke witte vlekken er zijn die wellicht aanleiding vormen voor vervolgonderzoek. Anderzijds beschrijft het een kleinschalig aanvullend onderzoek waarin antwoord werd gezocht op één van die witte vlekken: de opbrengsten van plusklassen voor scholen.

De drie onderzoekers zijn gestart met een inventarisatie van de bestaande literatuur over plusklassen.
Daarnaast hebben zij 8 experts op het gebied van hoogbegaafdheid en 17 scholen en organisaties geïnterviewd.
Voor het tweede deelonderzoek hebben ze een aselecte steekproef getrokken van 24 scholen. Hiervan waren er vijftien bereid mee te werken aan een uitgebreid telefonisch interview. Er zijn elf PO- scholen en vier VO-scholen geïnterviewd.

Resultaten

Uit het eindrapport van het onderzoek, dat met subsidie van het ministerie van OCW is gemaakt, komt naar voren dat er weinig onderzoek wordt en is gedaan naar de effecten van plusklassen.
Wel zijn de ondervraagde experts het erover eens dat het aanbod van een plusklas moet rusten op drie pijlers:

  • aandacht voor het verrijken van het curriculum
  • het vergroten van de sociaal-emotionele vaardigheden
  • het vergroten van de metacognitieve vaardigheden, leren leren.

Uit de beide deelonderzoeken blijkt, dat slechts enkele van de ondervraagde scholen een aanbod in de plusklas hebben dat expliciet aandacht besteedt aan alle drie de pijlers.
Ook komt uit de deelonderzoeken naar voren dat de invulling van het aanbod in de plusklas per school heel verschillend is en dat de groep leerlingen die naar de plusklas gaat erg divers is. Het is niet altijd duidelijk op basis van welke visie leerlingen door de scholen geselecteerd worden voor de plusklas.
Verder blijkt dat scholen beperkt beleid opstellen voor de plusklassen. De meeste scholen evalueren de plusklas echter wel. Uit de interviews blijkt dat met name het aanbod wordt geëvalueerd, slechts zelden wordt gekeken of de gestelde doelen worden behaald. Een aantal scholen evalueert de plusklas met de leerlingen. Daarnaast evalueren ongeveer vijf scholen de plusklas met ouders.

Opvallend is echter dat twee scholen er wel in slagen zowel de organisatie als de doelstellingen en de evaluatie van hun plusklas grotendeels vast te leggen in beleid. Deze scholen geven zelfs aan, dat ze door de vragen in het interview aan het denken gezet zijn om het beleid nog verder te concretiseren.

Tenslotte doen de onderzoekers vanuit de resultaten van de twee deelonderzoeken een aantal aanbevelingen voor de opzet en optimalisatie van een plusklas. Zij geven scholen suggesties ten aanzien van het vormgeven van plusklassen en van stappen die zij hierbij kunnen en moeten zetten. Ook geven ze concrete, onderbouwde aanbevelingen en tips voor scholen die de effectiviteit van hun plusklassen willen verbeteren.

20 augustus 2014
Dini van den Heuvel

Dit artikel is onderdeel van Passend Onderwijs voor hoogbegaafden.