Pesten

Dini van den Heuvel

In Signaalkrant 12 van Pharos vroeg een ouder bruikbare tips om een 'eerste hulp bij pesten' folder samen te stellen. Als reactie op die oproep heb ik wat suggesties opgeschreven. De ouder vroeg met name om tips met betrekking tot het bevorderen van zelfvertrouwen, hulp bij het verwerken van de pest-ellende en een goede start maken op een nieuwe school.

Bevorderen van zelfvertrouwen en verwerken van de pest-ellende.

Probeer met je kind samen duidelijk te krijgen wat er aan de hand is en informeer het kind over pesten in het algemeen. Dit kan door samen boeken te lezen over pesten of samen naar een videoband te kijken. Kinderen die nog niet kunnen lezen kun je voorlezen. Lijsten met boeken zijn te vinden in onderstaande literatuur. In deze boeken vind je niet alleen herkenning, maar soms ook een heel creatieve aanpak van de problematiek, bijvoorbeeld in Tirannen, van A. Chambers.

Informeer jezelf

Als je als ouder niet goed op de hoogte bent, informeer je dan eerst zelf. Vertel dit tegen je kind en maak duidelijk, dat je het kind op de hoogte houdt van vorderingen en bespreek samen wat je alvast kunt doen. Het is van belang je kind te geloven en het duidelijk te maken en te laten ervaren, dat pesten niet gewoon is, dat er op veel plaatsen gepest wordt, dat je kind niet de enige is, en dat je vindt dat er altijd iets aan gedaan moet worden en dat dat op verschillende manieren mogelijk is.

Verschillende stappen

Bepraat deze verschillende manieren en kies samen voor de stappen die je gaat zetten. Leg uit dat het niet kan om erover te zwijgen, ook al is het kind nog zo angstig om ermee naar buiten te komen. Wel moet je voldoende veiligheid in bouwen als je de problematiek bijvoorbeeld op school bespreekbaar gaat maken. Dit geldt overigens zowel voor ouders als voor leerkrachten. Stel voor om bijvoorbeeld met de leerkracht te gaan praten of die eens gerichter wil observeren of er in de groep gepest wordt. Bespreek met je kind om geen namen te noemen zodat de leerkracht er zelf achterkomt. Blijkt in het gesprek met de leerkracht dat deze op de hoogte is, vraag dan om het verschijnsel 'pesten' in het algemeen in de groep te behandelen zonder daarbij de aandacht te richten op het gepeste kind of de pester.

Moedig je kind aan

Moedig je kind aan om nieuwe activiteiten te gaan ondernemen en beloon het voor onafhankelijk gedrag. Ga samen op zoek naar een plaats waar dat kan. Sluit hierbij aan bij de belangstelling en de mogelijkheden van je kind. Het kind moet namelijk wel in staat zijn successen te behalen bij de gekozen activiteiten. Zondermeer bijvoorbeeld lid worden van een
hockeyclub omdat een teamsport zo goed is voor je sociale vaardigheden is echt niet voor elk kind de oplossing.

Je kind in contact brengen met leeftijdgenoten van gelijke ontwikkeling kan soms al heel verhelderend zijn en bijdragen aan het verstevigen van het zelfvertrouwen en de sociale vaardigheden. Pharos organiseert speldagen en weekends. Soms kan het ook een oplossing zijn om met de hele groep op school een sociale vaardigheidstraining te doen. Door zo'n training leren alle kinderen beter met elkaar om te gaan en wordt de problematiek niet iets van enkele kinderen.

Een goede leerkracht

Is je kind motorisch minder handig, het is vanuit onderzoek bekend dat dit soms een reden is voor pesterijtjes, dan is een goede gymleraar van groot belang zoals uit onderstaand voorbeeld blijkt. Vooral tussen tien en vijftien jaar is het van belang dat je goed bent in sport.

Een jongen van 11 jaar was motorisch wat onhandig. De groepsleerkracht zei dat zijn oog- handco÷rdinatie niet goed was, tot een gymleraar hem duidelijk uitlegde, wat hij moest doen om bij honkbal een bal te vangen. Deze zelfde gymleraar was ook in staat de jongen te vertellen hoe hij touw moest klimmen. Veel kinderen doen dit op hun gevoel, maar deze jongen vertelde later tegen zijn moeder: "Bij mij moet dat blijkbaar over mijn verstand , maar nu kan ik het ook. En ballen vangen en gooien kan ik ook steeds beter en ik word nu ook eerder gekozen als er groepjes gemaakt worden."

Start op een andere school

Voor een goede start op een andere school is van belang, om op de hoogte te zijn van de manier waarop de school met pesten omgaat. Mijn ervaring is, dat daar heel veel verschil in bestaat. Scholen die ontkennen dat bij hen gepest wordt maken zichzelf wat wijs. Vraag aan de school hoe hun actief anti-pest beleid eruit ziet. Iedere leerkracht heeft met betrekking tot pesten een eigen verantwoordelijkheid. Het schoolteam heeft een gezamenlijke verantwoordelijkheid en eventueel kan een interne begeleider of leerlingbegeleider zich nog wat meer speciaal met het onderwerp bezig houden.

Vijfsporenaanpak

Vraag of zij op de hoogte zijn van de vijfsporenaanpak. Pesten is niet alleen iets van de pester en het gepeste kind. Op de achtergrond is er een zwijgende groep kinderen bij betrokken. Zij vormen voor de pester het publiek dat het gedrag goedkeurt. Verder zijn natuurlijk de ouders in het geding. Zij worden dagelijks geconfronteerd met een verdrietig kind of krijgen thuis stoere verhalen te horen. En dan is er de leerkracht. Deze heeft de groep elke dag in de klas en kan iets doen aan de veiligheid van alle kinderen.

De vijfsporenaanpak bestaat dan ook uit:

  • achtergrondinformatie over oorzaken en gevolgen van pesten, lesmateriaal en lessuggesties voor leerkrachten
  • achtergrondinformatie over oorzaken en gevolgen van pesten voor, en adviezen aan ouders
  • begeleiding van de pester
  • begeleiding van het slachtoffer
  • mobilisering van de zwijgende of grijze middengroep (de rest van de klas)

In onderstaande literatuur is deze aanpak, waarvan uit onderzoek bekend is dat deze positieve resultaten oplevert, uitgebreid terug te vinden.

Tot zover mijn suggesties. Accepteer als ouder de situatie niet, probeer het ook niet helemaal alleen op te lossen. Als de school niet mee wil werken schakel een vertrouwenspersoon in. Meer over vertrouwenspersonen enz. vindt u ook in de literatuur. Het is echt niet zo dat pesten gezond is en dat een kind daar flink van wordt. Integendeel pesten is geen stimulans, maar een belemmering van de ontwikkeling van kinderen. Opvoeders die niets aan pesten doen, accepteren en stimuleren geen gezonde maar een gestoorde ontwikkeling.

Literatuur: (te leen bij openbare bibliotheken)

  • Chambers, A. (1987) Tirannen. Uitg. Querido ISBN 90 2143 156 4.
  • Cox, M. (2001) Horen, zien en niet meer zwijgen. Zorn Leiden 2e druk. Ministerie VWS
  • Kenter, Br. (2000) Ik ga weer graag naar school: pestgedrag de kop ingedrukt. CPS Amersfoort ISBN 90 995669481
  • Meer, B. van der (1993) Kinderen en pesten: wat volwassenen ervan moeten weten en eraan kunnen doen. Uitg. Kosmos - Z en K, Utrecht 1993 ISBN 9021520486
  • Meer, B. van der (1997) Pesten op school. Lessuggesties voor leerkrachten. Met uitgebreide suggesties voor lees- en voorleesboeken voor kinderen. Van Gorcum ISBN 90 232 3239 9
  • Olweus D. (1986). Vertaald in 1992. Treiteren op school. College Uitgevers, Amersfoort, ISBN 90 5256 078 1
  • Baeten, M., Pesten hoort er niet bij: informatie en advies voor ouders van kinderen van 8 tot 15 jaar. Amersfoort, 2e druk 1995 ISBN 90 74492 185. Bestelnummer N4, prijs f 11,50 (incl. verzend- en administratiekosten).
  • Hest, J. van, Kinderen pesten kinderen: wat alle kinderen van 8 tot 12 jaar tegen pesten kunnen doen. Amersfoort, 1993 ISBN 90 74492 177 Bestelnummer N 6, prijs f 4, -- (incl. verzend- en administratiekosten).

De twee laatste brochures zijn ook te bestellen door het bedrag (voor de twee brochures samen f 12,50) over te maken met vermelding van titel en bestelnummer op gironummer 2370075 t.n.v. Stichting Jeugdinformatie Nederland, Postbus 1373, 3500 BJ Utrecht. (tel. 030 - 2394455 en www. sjn.nl)