Mogelijke symptomen bij een functioneel vitamine B12-tekort.
Vermoeidheid (soms heel erg moe)
Glossitis (pijnlijke tong, z.g. biefstuktong, vooral bij gekruid eten en zure dranken en bij tandenpoetsen; ontstoken en/of bloedend tandvlees; ijzer-/metaalsmaak);
Aften
Raar gevoel in de voeten (gevoel van op vilt, watten of kussentjes te lopen, het oppervlaktegevoel is verstoord, branderig gevoel op de huid)
Psychische problemen (van prikkelbaarheid/"kort lontje", stemmingswisselingen en onredelijkheid tot ernstige psychische klachten, paniekaanvallen en suïcidaal gedrag)
Concentratie- en geheugen problemen (niet helder meer kunnen denken, wattenhoofd, sufheid)
Tintelingen (in de voeten en handen en later ook in benen, armen en gezicht "onder stroom staan"; "mieren lopen"; ook doof gevoel in handen en voeten, trillende handen, uitvalsverschijnselen)
Duizeligheid
Slaperigheid (veel slaap nodig hebben, zomaar spontaan in slaap vallen)
Benauwdheid op de borst (angineuze pijnen, hartkloppingen, hartritmestoornissen, versnelde hartslag, kortademigheid)
Het koud hebben (soms ook een branderig gevoel op de huid)
Zwaar en stijf gevoel in de benen (pijn in de heupen)
Spierpijn (spierpijn, is na inspanning erger dan voorheen, soms ook spierkrampen,
spierzwakte, krachtverlies)
Fasciculaties/myokymieën (spiertrillingen, samentrekking van een klein deel van een spier, onwillekeurige bewegingen, onrustige benen)
Pijn (o.a. in rug, handen, polsen, heupen en knieën)
Ontstekingen in het spijsverteringskanaal (tot aan darmperforatie toe)
Misselijkheid (geen trek, onbestemd gevoel in de maagstreek)
Darmklachten, diarree (met enige regelmaat)
Ataxie, verminderde positiezin (onstabiele gang, dronkemansgang, tot helemaal niet meer kunnen lopen, onverklaarbaar vallen of zomaar iets uit de handen laten vallen)
Afwijkende reflexen
Gewichtsverlies (verlies van eetlust, verlies van smaak/reuk)
Afasie (problemen met spreken, verkeerde woorden gebruiken, niet op het juiste woord kunnen komen, met "dubbele tong"
praten; "toetsenbord-afasie": letters verwisselen)
Bloedarmoede, soms weinig, vaak niet (flauwvallen, droge huid, jeuk, bleekheid, geelverkleuring huid en oogwit, hyperpigmentatie, spontane blauwe
plekken, petechiën)
Problemen met de ogen (optische neuropathie, wazig zien, gezichtsvelduitval)
Gehoorproblemen (oorsuizen, vervormd geluid)
Haaruitval, brokkelige nagels
Hypertone blaas (plas niet op kunnen houden)
Hoofdpijn/migraine
Infecties (een verhoogde kans op vaginale- en urineweginfecties)
Menstruatieproblemen (onregelmatig, soms wegblijvend, fout-positieve
PAP-uitstrijk)
Onvruchtbaarheid/miskramen, geboorte-afwijkingen; libidoverlies,
impotentie
Dementie (geheugenverlies)
Bij jonge kinderen met een tekort: groei- en
ontwikkelingsachterstand, autistisch gedrag
Bovenstaand lijstje geeft aan welke klachten mogelijk zijn, in de volgorde die het meest voorkomt:
Print dit uit en markeer je klachten.
B12 is noodzakelijk bij de stofwisseling van homocysteïne/methionine en voor de
vorming van DNA. Sneldelende cellen hebben hierdoor het eerst last van een
tekort, zoals bij de bloedvorming (rode bloedcellen), darmwand bekleding
(epitheel), bekleding vagina, oppervlakte van de tong en mondslijmvlies.
Daarnaast is vitamine B12 nodig voor een goede werking van het zenuwstelsel, met
name bij de vorming van myeline. De aantasting van de myeline doet de
neurologische klachten ontstaan en kan ook problemen geven met de cognitieve
hersenfuncties, soms ook ernstige psychische klachten.
B12-deficiëntie kan dus problemen geven bij tal van lichamelijke processen
en een scala aan klachten geven. Klachten die per persoon nogal kunnen
verschillen.
Een B12-tekort is veelal een gevolg van de ziekte van Addison-Biermer (klassieke benaming: Pernicieuze Anemie), dus door een tekort aan Intrinsic Factor en/of aanwezigheid van
IF-antistoffen. Het lichaam neemt dan de B12 niet meer goed op en dit is
blijvend. Men kan deze ziekte ook hebben zonder aangetoonde antistoffen.
De symptomen komen niet altijd en niet in dezelfde volgorde en mate voor. Voor de klachten maakt niet uit waardoor het B12-tekort is ontstaan.
Mensen die een operatie aan maag of dunnedarm hebben ondergaan lopen ook
risico op een tekort. Met name na een maagresectie of verwijdering van het
laatste deel van de dunnedarm dient direct gestart te worden met B12-injecties.
Mensen met een buismaag (na operatie slokdarmkanker) en ook zij die een maagverkleinende
operatie (b.v. gastric bypass) hebben ondergaan doen er goed zelf hun B12 in de
gaten te houden als de dokter dit niet doet.
Patiënten met een schildklierziekte doen er goed aan eens per jaar hun B12 te
laten testen. Iemand met b.v. Hashimoto loopt een grotere kans om vroeg of laat
een B12-opnameprobleem te krijgen, en andersom.
Exocriene pancreas insufficiëntie kan een B12-probleem veroorzaken. Ook ziekten
aan de darmen zoals de ziekte van Crohn en Coeliakie.
Ook het gebruik van lachgas en langdurig gebruik van maagzuurremmers of
metformine kan
B12-problemen geven.
N.B. Veel mensen met klachten door een functioneel B12-tekort hebben (nog) geen
bloedarmoede. Bovendien kan de ondergrens voor B12 en Actief B12
niet scherp gebruikt worden. Hierboven ligt een grijs gebied (onderste
±25% van het bereik) waarin een tekort niet uitgesloten kan worden in combinatie met klachten
uit dit lijstje. Dit probleem komt voor bij alle leeftijden, dus ook bij
kinderen. Soms is er sprake van een erfelijke factor en komt het meerdere keren
in een familie of gezin voor.
Laat altijd eerst de B12- en foliumzuurwaarden testen. Bij laag-normale
B12-waarden (grofweg tussen de 150 en 300 pmol/l) en klachten die aan
B12-tekort doen denken is het zaak om te laten testen op homocysteïne,
methylmalonzuur (MMA), Actief B12 (Holo TC), B6, ferritine, gastrine en algemeen
bloedbeeld. Bij kinderen (< 20 jaar) gelden hogere ondergrenzen voor B12.
Kijk hiervoor op de site.