Schriftlezing: Deuteronomium 30: 11 20

Thema: Kies dan het leven, opdat u leeft, u en uw nageslacht (vers 19)

Kies dan het leven! Eigenlijk is dat een vreemde oproep. Als we in alle vrijheid zouden kunnen kiezen, dan is zon oproep niet nodig, dan is dat toch vanzelfsprekend. Leven, vrijheid, plezier, genieten, de directe nabijheid en bescherming van God, dat wil toch iedereen?! Wat is het nu, dat Mozes dit tch zegt? Wat is het nu, dat er blijkbaar gekozen met worden?

Mozes staat aan het einde van zijn leven. Samen met het volk staat hij op de grens van het beloofde land. Zelf zal hij die grens niet overschrijden. Hij zal het volk moeten loslaten. Hij zal ze de weg niet meer kunnen wijzen, niet meer kunnen corrigeren, niet meer bemiddelen in conflicten, niet meer helpen bij de talloze keuzes die gemaakt moeten worden als ze het land eenmaal zijn binnengetrokken. Hij maakt een testament, hij spreekt zijn laatste wilsbeschikking uit. Dat is op zich heel begrijpelijk. Ouders willen hun kinderen graag van alles meegeven, iets waar ze in hun leven mee verder kunnen, iets dat hen weerbaar maakt, iets dat hen geluk zal brengen. Maar: heeft het volk dan nog niet genoeg geleerd? Veertig jaar lang zijn ze door de woestijn getrokken, er is een nieuw geslacht opgegroeid, ze hebben met elkaar van alles meegemaakt. Ze dragen het verhaal met zich mee van Gods onvoorwaardelijke keuze voor hen, van de uittocht uit Egypte. Ze hebben geleerd, hoe makkelijk die bevrijding, het goede, het geluk wordt vergeten. Ze hebben ervaren wat het is om honger te hebben, om in de verzengende hitte verschrikkelijke dorst te hebben, maar ondanks dat alles toch te kunnen blijven vertrouwen. Want er kwam manna, er kwamen vleeskwakkels, er kwam fris stromend water uit de harde rots. Ze weten dat God hen niet alleen liet, toen ze belaagd werden door vijandige volkeren. Ze hebben ontdekt, hoe afgoden zoals het gouden kalf afleiden van God. Ze hebben leefregels gekregen voor alle bereiken van het leven. Kies dan het leven . Ze weten nu toch wat leven, wat met God leven is?! Dat mag toch onderhand wel duidelijk zijn?!

En toch twijfelt Mozes. Hij staat tegenover het volk. Hij ziet de gezichten, hij memoriseert de namen, bepaalde gebeurtenissen schieten hem weer te binnen. Als het er op aan komt, vertrouwt die ene vrouw niet op God, maar leunt hij veel meer op de kleine talisman die hij altijd met zich meedraagt. Een ander is handig in de handel, rijk geworden zelfs. Hij heeft altijd een grote mond over hoe grote verspilling al dat geld voor de armen is, maar zelf vergeet hij gemakshalve zo nu en dan wat eerlijk en rechtvaardig is. Een volgende gaat helemaal op in haar gezin, er lijkt op de wereld niets anders te bestaan dan het veilige eigen kleine kringetje. Bij weer een ander vraagt Mozes zich af, wanneer hij hem voor het laatst in het midden van de gemeente heeft gezien, bij het gezamenlijk bidden en lofprijzen, bij het luisteren naar Gods verhalen en Gods geboden. Als Mozes goed nadenkt, dan moet hij toegeven dat ze eigenlijk nog niets geleerd hebben, noch van de vreugdevolle, noch van de verdrietige ervaringen. Ieder gaat zijn eigen gang, elk een eigen kant op. Als het aan henzelf lag, dan kozen ze op alle mogelijke manieren voor zichzelf, niet voor God, niet voor hun naaste. Hij moet het nog n keer proberen, nog n keer . Nu kan het nog! Kies dan het leven, opdat u leeft, u en uw nageslacht!
Als Mozes spreekt, als hij heeft aangegeven wat goed is en wat slecht, wat zegen is en wat vloek, wat leven betekent en wat dood, dan ziet hij de vragende en de soms zelfs afwijzende gezichten. Hij doet er nog een schepje bovenop, hij verheft zijn stem en met alle kracht die in hem is, gaat hij verder. Nee, het is niet te moeilijk, het is niet te zwaar. Hij herinnert zich de discussies over de veelheid van de geboden, hoe ingewikkeld het allemaal is. De Bijbel, daar kan ik niets mee, die is zo moeilijk. Leven met God? Dat is iets voor oudere mensen, die hebben daar genoeg tijd voor. Nee, zegt Mozes, het is niet te ver. Het ligt niet in de hemel, dat je daar naar toe zou moeten, laat staan dat je daar thuis zou moeten zijn. Het is niet iets voor een geestelijke elite, voor een clubje liefhebbers, die in de kerk Het ligt niet aan de overkant van de zee. Het gaat niet uitsluitend om het toekomende rijk, om iets dat buiten het bereik van het heden ligt. Het begint hier en nu, het begint vandaag. Het begint in jouw mond, in jouw hart, simpelweg in het liefhebben van God. Als je daarmee nu eens begint, dan mag je leven van Gods belofte, dat Hij niet loslaat wat Hij eens met jou begon.

Kiezen. We staan aan het begin van de veertigdagentijd. We gedenken dat Jezus eens na 40 dagen woestijn voor de keuze werd gesteld: tegen de duivel, tegen het kwade, vr het goede, voor God en Zijn weg. Wijzelf staan voor tal van keuzes. Heel direct, zelfs vandaag al in de kerk: wat doe ik straks in de collecte? Thuis: laat ik de kinderen in de opvoeding vrij, of voed ik op met strakke hand? Op het werk: werk ik steeds meer, langer, of neem ik ook in het vrijwilligerswerk stukjes verantwoordelijkheid op me? Koop ik morgen in de winkel wat maar voor de hand ligt, of let ik er op waar de producten vandaan komen, hoe ze geproduceerd zijn . Natuurlijk, we doen ons best. Maar het is vaak niet voldoende. De wereld zit ook zo ingewikkeld in elkaar. Kiezen bevat zovele grijstinten, het is zelden zo helder zwart-wit. Wat maakt het trouwens ook allemaal uit, de wereld lijkt door al onze inspanningen nauwelijks te veranderen. In de afgelopen week las ik, dat meer dan 70 % van de Nederlanders zich geregeld irriteren. Nee, niet aan zichzelf (), maar aan anderen. Geen wonder, ieder heeft zijn eigen wereldje gecreerd, ook kerkgangers. Mijn ideaal van de kerk is, dat we daar iets tegenover stellen: dat het een plaats is waar we Gods aangezicht zoeken, Bijbel lezen, bidden, waar we met elkaar van gedachten wisselen, waar we elkaar durven aansporen, elkaar durven corrigeren: kies z het leven, dan zal het jou en je kinderen wl gaan.
Ik wil daar voor de zekerheid nog een ding aan toevoegen, kort gezegd: wijzen op het fundament. Ons kiezen is ingebed in Gods keuze. Hij leidt het volk uit Egypte. Daar begint het. God heeft het eerste woord. Hij heeft JA gezegd in Jezus Christus. Hij heeft het offer van het leven van Zijn Zoon geaccepteerd, gegeven tot vergeving, verzoening van zonden, van al die gemiste kansen. Kies, omdat Hij gekozen heeft. Kies, omdat Hij Zelf alles op het spel heeft gezet. Kies dan het leven: wat zullen wij dan anders?!

Alphendebron/040229



Print deze pagina

2004, KWdJ