Schriftlezing: Deuteronomium 34 en Genesis 5: 1 5

Thema: Uitzicht



Samenvatting van de preek:

We gaan allemaal wel eens op reis. We hebben een doel voor ogen. We willen daar en daar heen. We zoeken de weg op de kaart. We weten, hoe we rijden moeten. We fantaseren over wat komen gaat. De bijzondere omgeving, het prachtige hotel. De plaatjes beloven heel wat. Maar de rit duurt langer dan we dachten. Files onderweg. Autopech. We verdwalen. Het lijkt erop dat we het doel van de reis niet gaan halen. Wat houdt ons dan gaande?

Als ik vandaag de vraag zou stellen aan de doopouders Wat houdt jullie gaande? dan heeft het antwoord vast te maken met jullie kind. Jullie willen zien, meemaken, hoe het zich ontwikkelt, de eerste stapjes gaat zetten, de eerste woordjes probeert uit te spreken, groeit, naar school gaat, hoe het karakter zich ontwikkelt . Wat er ook gebeurt in jullie levens, dt willen jullie horen, zien, meemaken.
Maar als je nou eens denkbeeldig naast hem of haar gaat staan, door de knien gaat. Wat vertel je dan over het leven, over doel en zin, over goed en kwaad? Wat is het land, waarnaar jullie met je kind reizen?

Mozes is aan het einde van zijn leven gekomen. Alle dingen die gezegd moesten worden, zijn gezegd. Alles wat gedaan moest worden, is gedaan. Mozes beklimt de berg Nebo. Het gaat langzaam. Dat kan niet anders. Hij is oud geworden. Hij draagt een lang leven met zich mee. Alle herinneringen: de schrik, toen God hem riep; de angst, toen hij naar Farao moest gaan; de uitzinnige vreugde, toen het volk de vrijheid mocht ervaren; het verlangen om het land te mogen zien, eindelijk, na zoveel jaren; het verdriet en de boosheid toen het volk ongehoorzaam werd; de zorgen, hoe het verder moet. Alles draagt Mozes met zich mee. Waar heb ik het voor gedaan? Heb ik het goed gedaan?
Dan laat God boven op de berg het land zien, waarnaar Mozes zo intens verlangde. Een weids gezicht, uitzicht. Zijn ogen gaan langs de grenzen. Hij ziet het Oosten met het vruchtbare dal van de Jordaan. Hij ziet het Noorden, met het meer van Tiberias en het afgelegen land dat daar achter ligt. Hij ziet het Westen, met de zee, ver weg. Hij ziet het Zuiden, de rand van de woestijn. En zo gaan zijn ogen terug naar het gebied vlak voor en onder hem: Jericho, de palmstad. Dan klinkt Gods stem: dit is het land dat Ik aan Abraham, Isak en Jakob beloofd heb. Eens heeft God tot Abraham gesproken. Abraham heeft het bijna op dezelfde manier gezien. Het is een vreemde manier van zien. Normaal is het onmogelijk om vanaf de berg Nebo zo ver te zien. Dit zien van Abraham en Mozes heeft iets profetisch, iets visionairs. Er staat letterlijk zoiets als dat God het land n zijn ogen laat zien. Het land dringt zich op en Mozes drinkt het in. Dit zal het zijn! Zo zal het zijn! Visie! Ik stel me voor dat iemand een klein bedrijf heeft, met een paar werknemers, maar hij ziet voor zich, hoe het over vijf jaar moet zijn, met vele werknemers, verschillende kantoren en een veel grotere omzet. Met het oog is (nog) niets te zien, maar in gedachten . Ik stel me voor, dat we hier met onze kerkelijke gemeente kijken: een gebouw, zoveel leden, bepaalde tendensen, ook in de financin . Maar we zeggen met elkaar: hier staan we voor, hier willen we naar toe, over tien jaar: een gemeente waar de geloofsvreugde als het ware van afspettert, die actief zorg draagt voor mensen die het minder hebben .

Als Mozes gezin heeft, dan sterft hij, de knecht van de Heer. In onze vertaling staat: naar het Woord van de Heer. Of: zoals de Heer gezegd had. Letterlijk staat er iets als: op de mond van de Heer. Dat klinkt een stuk intiemer. De traditie zegt: de Heer kuste hem. Dat heeft een bijzondere innigheid. Nooit is (in het Oude Testament) iemand zo dicht bij God geweest. God Zlf begraaft hem. Niemand weet waar. De herinnering aan Mozes is een ander: de Torah, de vijf boeken van Mozes. Dt is het monument dat voor hem is opgericht, nauw verbonden met de Heer die hij diende.

Wij staan vandaag naast Mozes. We zien het beloofde land, een glimp, heel even. We mogen het land (nog) niet in. We kunnen ons afvragen: wat heeft dat kijken voor zin? Wat heb ik aan dit uitzicht, aan een visioen, een visie? Wat koop ik daarvoor?
Ik las in de voorbereiding een stukje van een preek/toespraak van Marten Luther King, de zwarte negerpredikant in Amerika, de man van geweldloze weerbaarheid, de voorvechter van gelijke rechten voor blank en zwart. Hij sprak niet lang voor zijn dood over de onrust en de dreiging om zich heen. De mensen waarschuwden hem: pas op, je leven is in gevaar! Hij zegt dan: dat weet ik, ik zie, ik merk het ook. Er komen moeilijke dagen. Maar het maakt niet zoveel meer uit. Ik heb de berg Nebo beklommen. Ik heb het beloofde land gezien. Wij zullen dat land binnentrekken. Ik misschien niet, maar u dan toch zeker wel. Ik kan u zeggen: het is meer dan de moeite waard.
Ik merkte bij mezelf dat ik bij het lezen van Deuteronomium 34 voor naar Mozes keek, op de berg. Ik durfde niet goed naast hem te gaan staan, met hem te zin, het visioen zijn gang te laten gaan. Toch word ik uitgenodigd om dat te doen, ook ik. Het gaat om mr dan het land Isral. Het gaat om heel de aarde. Aan het begin van Genesis 1 en hier in Deuteronomium 34 gaat het om hetzelfde woord: aarde, rts. Het land Isral is een prototype van de aarde, een vrbeeld. Dat land, de aarde is woest en leeg, dient in cultuur te worden gebracht.
Wat zie ik? Ik zie in de eerste plaats een groot kruis staan. Aan dat kruis hangt Jezus. Twee lijnen beheersen het landschap, een verticale en een horizontale. De verticale verbindt hemel en aarde, God en mens. De horizontale verbindt de aarde met de aarde, bouwt een brug tussen mensen, brengt hen bij elkaar.
In het licht van dat kruis zie ik een aarde, waarin mensen zich niet meer van God verlaten voelen, maar zich aanvaard, bemind weten door God; een aarde, waar zonde en schuld verdampt zijn, waar de harde en bittere vraag van het waarom niet meer gesteld hoeft te worden. Ik zie een land, waarin God alles in allen is en de mensen leven naar Zijn wil, en daarin rst vinden. In het licht van het kruis zie ik een land, waarin de scheidsmuren tussen mensen worden afgebroken: waar het geen verschil meer maakt of je nu in de 1e of in de 3e wereld geboren wordt, waar wapens kunnen worden omgesmolten tot landbouwwerktuigen, waar armen hun hand niet hoeven op te houden om een stukje genadebrood te kunnen eten maar ruim toebedeeld krijgen, waar het niet uitmaakt of je een hoger IQ hebt of met andere vaardigheden gezegend bent, waar mensen conflicten uit de weg kunnen ruimen en zich met elkaar verzoenen.

Mogen wij, anders dan Mozes, het beloofde land in? Het lijkt er vanmorgen op dat wij, jullie, in ieder geval met je kinderen door het water van de Jordaan heen mogen trekken. Want dat is dopen k: het beloofde land mogen berven. Wij hebben het uitzicht gehad. We hebben gezin wat het kan worden. Van dat uitzicht mogen we vertellen aan onze kinderen. We hebben Gods Woord meegekregen om de weg te wijzen. We weten maar al te goed, hoe moeilijk het is om te wonen in het beloofde land, om te leven op Gods goede aarde. Daarvoor hoeven we niet in Isral te wonen. Daarvoor hoeven we niet naar Isral te wijzen. Als we eerlijk kijken naar ons leven, naar ons eigen hart, dan weten we eigenlijk al genoeg. Maar wij, we hebben met Mozes op de Nebo gestaan. Als we nu toch iets van die ervaring kunnen doorgeven .

Alphendebron/060226




De gesproken preek downloaden?
Klik op onderstaande afbeelding.
Geef de locatie aan waar het bestand moet worden opgeslagen.
NB: Het downloaden kan enige tijd kosten (2.9 Mb).
Klik hier voor downloaden!
Als u de preek gedownload hebt, klikt u op het desbetreffende bestand en kunt u de preek op uw eigen PC beluisteren.



http://www.kwdejong.info


Print deze pagina

2006, KWdJ