Schriftlezing: Handelingen 8: 26-40

Tekst/thema: 'Wijs me de weg'


[naam kerk] - [plaats] Geluidsfragment: Maranathakerk Woerden - 26 juli 2015


Samenvatting van de preek:


Wijs me de weg . . We hebben zo onze middelen om de weg te vinden. Tomtom, een wegenkaart, of gewoonweg de klassieke routebeschrijving. Maar ook mét dit soort hulpmiddelen kunnen we soms hopeloos verdwalen.

Wijs me de weg . . In meer figuurlijke zin gaat het niet wezenlijk anders, al gaat er misschien wel een vraag aan vooraf. Heeft het leven een doel? Leidt het ergens toe? Heeft het zin, heeft het zin om het op een bepaalde manier in te richten? Als we dit soort vragen positief beantwoorden, dan zijn er tal van handleidingen om tenminste een weg te vinden. Dikke boeken zijn er over volgeschreven. Iedere week verschijnen er magazines die ons behulpzaam willen zijn. In de kerk geloven we dat God ons door middel van de Bijbel de weg wijst. Daarom staan we vandaag ook bij dit verhaal stil.

We horen dat een Ethiopische man in Jeruzalem is geweest om daar te aanbidden. Het is de vraag of hij succes heeft gehad. Hij is een eunuch, ontmand, gecastreerd. Hij heeft zeker in de beleving van weleer geen toekomst, want geen kinderen. Het is de vraag hoever hij in de tempel is geweest, als buitenlander maar meer in het bijzonder als eunuch. Of zijn missie dus geslaagd is . . Het verhaal plaatst daar ook op een andere manier nog vraagtekens bij. De weg van Jeruzalem naar Gaza is een eenzame weg, een woestijnachtige weg, een weg met weinig levensperspectief. Want zo staat er dan ook nog eens: deze weg daalt af. Dat is ook zo, Jeruzalem ligt hoog. Maar het werkwoord afdalen heeft nog een andere connotatie: het is het afdalen in de groeve, in het graf. Toch, er is één woord dat hier al in een andere richting wijst: Gaza, het einddoel van déze weg. Gaza betekent in het Grieks ook iets als 'schat'. Als hij deze weg verder bewandelt, komt hij er rijker vandaan . .

Terwijl deze man uit Ethiopië de terugweg naar zijn land heeft aanvaard, laat God hem niet zomaar gaan. Gods Geest is werkzaam en zet de apostel Filippus door middel van een engel, een boodschapper, op zijn spoor. Filippus loopt naast de wagen en hoort de man hardop lezen. Dat is niet zo vreemd. De teksten van toen zagen er anders uit dan de onze: zekendengeenspatiesenleestekensterwijlerookgeenonderscheidwastussengroteenkleineletters . Lezen gaat dan het makkelijkst door de letters hardop te lezen, woorden te vormen, daaruit zinnen te laten opkomen, enzovoort. Kinderen lezen in het begin ook graag hardop. Dat gaat het makkelijkst. Het Griekse werkwoord voor lezen betekent letterlijk dan ook iets als herkennen. Herken je te midden van de brij van letters de woorden, de zinnen, het verhaal?! Filippus vraagt de man dan ook: verstaat u wat u leest. Dat is dubbelzinnig. Het gaat om het lezen op zich. Maar ook om de betekenis die in het gelezene verborgen ligt. De reactie van de man is enigszins verwijtend: als niemand mij helpt . .

Wij herkennen in de woorden die de man leest de woorden van Jesaja (53). Wij passen die bijna als vanzelf toe op Jezus, zoals de kerk dat ook vrijwel van het begin af aan gedaan heeft. Als een schaap dat stom is voor zijn scheerders . . We raken hier het hart van het christelijk geloof. Maar als je dat nu niet weet? Dan heb je iemand nodig die naast je gaat zitten, die met je meeleest en uitlegt. Dat is precies wat Filippus doet. Hij neemt zijn uitgangspunt in dit Schriftwoord en vertelt vandaar uit over Jezus. Ik lees dat in twee opzichten principieel. Over Jezus vertellen betekent je uitgangspunt nemen bij waar iemand is. Zomaar een preek afsteken zal zelden verder helpen. Over Jezus vertellen betekent je uitgangspunt nemen in de Schrift. Die twee, waar iemand is, de Schrift, vallen hier zo goed als samen.

Vrij abrupt komt dan de beslissing: ik zie water, wat is er tegen mij te dopen? Dat doet mij vermoeden, eigenlijk wel zeker weten, dat Filippus ook daarover verteld heeft. Geloven in Jezus verandert je leven, vernieuwt het. Het is net als met het wassen met water, je wordt er schoon en fris van. Dat water verwijst naar Zijn offer aan het kruis, Zijn volledige overgave aan de Vader: vergeving van zonden. Hij staat in onze plaats, zoals ook de profeet Jesaja het ons aanreikt. Pas met het dopen is het verhaal af, kan deze man opnieuw beginnen. Hij weet nu dat hij ergens bij hoort, bij God hoort. Eenzaamheid wordt tweezaamheid, meerzaamheid.

In het verlengde van dit Bijbelgedeelte komen twee vragen op ons af. De eerste is: wie heeft u/jou de weg gewezen? Denk eens terug aan een of een paar beslissende momenten in uw/jouw biografie. Wie en wat heeft jou op weg gezet? Welke rol heeft die ander gespeeld dat het zo wezenlijk geworden is voor wie jij bent?

De tweede vraag ligt in het verlengde daarvan, maar dan in heden en toekomst. Wie zou jij de weg kunnen wijzen? Of misschien is er onlangs zo'n moment geweest, dat je het wel wilde maar op een of andere manier niet kon, niet durfde. Hoe zou je daar vanuit dit verhaal opnieuw naar kunnen kijken, wat zou je anders kunnen doen?

Wijs me de weg. We zijn samen onderweg. De rollen wisselen, misschien zelfs wel met enige regelmaat. Het doel is duidelijk: dat wij de schat vinden, dat wij Jezus vinden, als vervulling van ons leven.

WoerdenMK/20150726


De gesproken preek downloaden?
Klik op onderstaande afbeelding.
Geef de locatie aan waar het bestand moet worden opgeslagen.
Klik hier voor downloaden!
Als u de preek gedownload hebt, klikt u op het desbetreffende bestand en kunt u de preek op uw eigen PC of MP3-speler beluisteren.



http://www.kwdejong.nl


Print deze pagina

© 2015, KWdJ