Schriftlezing: Marcus 10: 46 - 52

Thema: 'Uw teken spreekt' (in verband met de doop van twee kinderen)

In het voorgesprek gaf een van de doopouders als motivatie om de kinderen ten doop te houden: wij willen onze kinderen in de lichtkring van de gemeente brengen. Ik vond dat een mooie, poŽtische manier van zeggen, waar ik in de afgelopen week veel over na heb gedacht. Inderdaad: in de gemeente, in de gemeenschap met Jezus Christus wordt licht gevonden. BartimeŁs maakt ons er attent op.

In de lichtkring van de gemeente brengen Ö . Goed. Maar waarom dopen we dan deze kleine kinderen? Waarom dopen we met water? Hadden de ouders hun kinderen vanmorgen ook niet gewoon kunnen opdragen? En hadden ze daarbij ook niet plechtig kunnen beloven hun kinderen een christelijke opvoeding te geven? Was het dan niet ook goed geweest?

Waarom dopen met water? Als ik vraag naar associaties met water, dan komt al gauw van alles boven: schoon, fris en sprankelend, leven, een eerste levensbehoefte, doorzichtig, transparant. In eerste instantie zijn het vooral positieve associaties. Maar er zijn ook negatieve te vinden: levensbedreigend, woest, donker, zwart, dreigend, overstroming. Juist in ons land hebben we met deze categorieŽn de nodige ervaring opgedaan.

Als we in een volgende stap bijbelse verhalen naar voren halen, waarin water een prominente rol speelt, dan is de kans groot dat bij de eerste voorbeelden de doortocht door de Rode Zee zit. Een ander denkt dan direct aan Mozes in zijn biezen kistje. En Noach wordt genoemd, Jezus die gedoopt wordt, Jezus die over het water loopt. Na enig nadenken komt ook Našmen 'boven water'. Als hij kopje onder is gegaan in de Jordaan, wordt hij genezen van zijn melaatsheid. In deze stukjes geschiedenis van God en Zijn volk is snel een rode draad te ontdekken. Aan de kwade, boze machten komt een einde. Zij spelen geen rol meer. De door God geroepen mens, is bestemd voor het licht. Cruciaal is het in deze lijn ook Jezus Christus te betrekken, Zijn lijden, sterven en begraven worden, Zijn opstanding. Paulus schrijft in de Romeinenbrief over het in de doop met Jezus sterven en begraven worden ťn met Hem opstaan. We worden als het ware in Hem ingelijfd. Hij draagt ons er doorheen. Het bijzondere van de doop is, dat in die enkele druppels water dit alles wordt 'gezegd': 'Uw teken spreekt', zoals in een van de gezangen wordt gedicht. In de doop komt heel het bijbelse getuigenis mee. Het is een intentieverklaring van Godswege, de omslag van het boek dat Hij met ons schrijft.

In het oude doopformulier stond zoiets als dat de doop ook tot onze troost wordt bediend. Tot troost van allen die ooit gedoopt zijn. Tot troost van ouders die eens hun kinderen hebben laten dopen. In de doop heeft God zich uitgesproken. Dit is de weg die Ik met jou voor heb, met jouw kind: om te leven in het licht voor Mijn aangezicht. Daar mogen we op vertrouwen. Daar mogen we God ook op aanspreken.

Terug naar het begin, de lichtkring van de gemeente. De doop heeft die lichtkring nodig. Als dat licht door het (doop)water heen breekt, dan pas wordt door het water de veelkleurigheid van de Schrift zichtbaar. In de lichtkring van de gemeente leren wij verstaan en ervaren wie die God is, die Zich door de doop met ons mensenkinderen verbindt. In de lichtkring van de gemeente wordt in het gebroken licht de regenboog zichtbaar, teken van Gods verbond. Mag dat vanmorgen ons gebed zijn: dat wij, dat de kinderen die gedoopt worden, door het water heen de gestalte van God, de gestalte van Jezus Christus mogen ontdekken.

001029/Alphen/Debron