Schriftlezing: Numeri 22: 1 - 40

Thema: Zicht op zegen

Het volk IsraŽl is op weg naar het beloofde land. Om daar te komen trekken ze ook door/langs het land Moab. De koning van Moab ziet het volk en wordt bang dat zijn koninkrijk onder de voet gelopen zal worden. Hij vraagt de magiŽr Bileam om IsraŽl te vervloeken, opdat hij het in de strijd zal kunnen overwinnen. Bileam behoort niet tot IsraŽl, is een heiden, maar blijkt wel een bijzonder contact met God te hebben. Op Gods uitdrukkelijke instigatie weigert hij aanvankelijk om in te gaan op het verzoek van Balak. Na herhaald aandringen van Balak, geeft Bileam toe. Het lijkt erop, dat God hem de ruimte geeft. Of is de druk zo groot geworden, dat dit Bileams beeld van God vertekent? Daar lijkt het wel op, want een engel van God dreigt hem te doden, als hij op weg gaat.

Als Bileam met zijn ezel op weg gaat, heeft hij geen oog voor de engel Gods die hem wil doden. De ezel ziet de engel wel. Door de halsstarrigheid van de ezel worden uiteindelijk ook Bileams ogen geopend. Toch laat God hem dan verder gaan, maar hij zal alleen Gods woorden spreken. De van origine heidense Bileam wordt door IsraŽls God in dienst genomen!

Twee themawoorden: zien en zegen. Balak ziet IsraŽl als een groot volk, een bedreiging, maar heeft geen zicht op de plaats van dit volk in Gods geschiedenis. Bileam zal hem later de ogen openen. Bileam echter is aanvankelijk niet in staat God en Zijn wil scherp te zien. Eerst zal de ezel (!) hem de ogen moeten openen. Zicht op zegen: a) met het thema zegen onderstreept Numeri 22 nog eens de plaats van IsraŽl in de heilsgeschiedenis: dit volk zegent God, met dit volk heeft Hij zich in eerste instantie verbonden; b) het kan desalniettemin moeilijk zijn oog te krijgen voor God en Zijn zegen, ook in het persoonlijk leven, ja er zijn soms (!) zelfs 'dwarse' gebeurtenissen die ons van onze weg afdrijven, zoals bij Bileams ezel, maar uiteindelijk dichter bij God brengen.


000625/Alphen/Goedeherderkerk