Naar een landelijke code?

EERLIJKE KANSEN IN HET BEROEPINGSWERK

NVP - sollicitatiecode Onlangs presenteerde de NVP, de Nederlandse Vereniging voor Personeelsmanagement & Organisatieontwikkeling, een vernieuwde sollicitatiecode. Dat is reden om nog eens kritisch naar het hedendaagse beroepingswerk te kijken.

De NVP past de sollicitatiecode met enige regelmaat aan. Aanleiding was dit keer het toenemend gebruik van internet bij sollicitaties. Kandidaten worden op internet getraceerd en mede op grond van die informatie gescreend. Zij kunnen op deze manier onverwacht geconfronteerd worden met onverkwikkelijke zaken uit het verleden. Internet mag dan een vluchtig medium zijn, het blijkt een groot geheugen te hebben. Via via is veel terug te vinden, ook uit een verder verleden. Het is echter de vraag of deze informatie wel altijd betrouwbaar is. Zo kan iemand in diskrediet gebracht zijn zonder dat hij zelf ook maar enig weerwoord heeft gehad. De NVP-code sluit onderzoek via internet niet uit, maar stelt dat de gevonden informatie in principe mét bronvermelding met de sollicitant besproken moet worden. Een kandidaat op voorhand afwijzen op grond van deze informatie is dus uitgesloten. Een dergelijke regel is ook voor de kerk relevant. Gemeentesites hebben soms hun kerkbladen van jaren her on-line. Verder zijn er enorme verzamelingen met kerkdiensten te vinden. Predikanten staan op LinkedIn of Hyves, schrijven daar het nodige. Sommigen houden een privéwebsite bij. Enzovoort.
In dit artikel wil ik het kerkelijke beroepingswerk nog eens onder de loep nemen naar aanleiding van de vernieuwde sollicitatiecode. Dan zal blijken dat bovenstaande vernieuwingen naadloos passen in het geheel van de code. Lang niet elke gemeente werkt met sollicitaties. Toch zijn grote delen van de sollicitatiecode ook toepasbaar op het traditioneel ingerichte beroepingwerk. Of predikanten brieven schrijven, of commissies predikanten benaderen, maakt voor de toepassing van de code niet eens zo heel veel uit.

Eerlijke kans
De NVP sollicitatiecode zet in op ‘een eerlijke kans op aanstelling voor de sollicitant’. Met die paar woorden wordt veel, zo eigenlijk niet alles gezegd. Een eerlijke kans … . Een ‘klassieker’ is de situatie waarin bleek dat men per se geen homoseksuele predikant wenste. Dat was op geen enkele wijze uit de stukken op te maken, ook niet indirect. Integendeel. Pas bij een hoorbezoek werd dat duidelijk. Toen de predikant daarover later met de voorzitter van de beroepingscommissie sprak, gaf die aan dat het allemaal aan de predikant lag: die had in zijn brief moeten aangeven hoe de vork in de steel zat. Zo kreeg de predikant ook nog een stevige trap na.

Transparantie
In de sollicitatiecode van de NVP vallen verschillende regels op die transparantie van de procedure beogen. Nog steeds zijn er commissies die zonder enige vorm van overleg komen horen. Zelf werd ik eens onverwacht op een rustige zondagmiddag opgebeld: ‘We zijn vanmorgen bij u geweest en we willen nog een keer komen (…).’ Het toppunt was vervolgens dat ze helemaal niet kwamen, omdat ze meenden de gedroomde kandidaat al in een ander gevonden te hebben.
Een collega vertelde enige tijd geleden over twee situaties waarin hij op voorhand geen gelijke kans had gehad. De eerste keer was een groepje in een nogal alternatieve dienst geweest. De collega had tevoren duidelijk gezegd, dat deze dienst beslist niet representatief was voor zijn manier van voorgaan. Het groepje beloofde dat er zeker ook nog anderen in een ‘gewone’ dienst zouden komen. Een week later had hij de afzegging in de bus. Hij had bij nader inzien toch niet het gewenste profiel … . Bij een andere gelegenheid wilde de commissie niet wachten op een hoor- en kennismakingsbezoek in eigen gemeente. Ze bezocht na enige overreding een dienst elders, maar wachtte na afloop niet om – zij het kort – toch nog even kennis te kunnen maken. De afzegging kwam niet onverwacht, maar gaf toch een onbevredigend gevoel.
Of wat te denken van de commissie die in een laat stadium nog een nieuwe kandidaat in de procedure liet meedoen. Dat op zich verdient al geen schoonheidsprijs. Maar aangezien deze kandidaat geen eigen gemeente had, liet ze die in eigen gemeente voorgaan, zij het in een andere wijkkerk. Van gelijke kans is dan geen sprake meer. Het is heel goed denkbaar dat de commissie beïnvloed wordt door de vertrouwde omgeving waarin ze deze uiteindelijk favoriete predikant hoorden, de reacties uit de gemeente op de dienst, enzovoort.

Internet
‘Internet achtervolgt je’, zo vertelde een collega. Hij en zijn vorige gemeente bleken een ongelukkige combinatie. Hij werd losgemaakt. Een groot deel van het verhaal stond op internet. Ook nadat de gemeente dat op zijn verzoek verwijderd had, waren met zoekmachines delen terug te vinden. Hij had de stellige indruk dat deze gekleurde informatie in enkele afwijzingen een rol had gespeeld.
Van een ander uit een wat traditioneler deel van de kerk, hoorde ik over een slechte ervaring met de uitzending van kerkdiensten op internet. Zonder dat hij het wist en het met hem besproken werd, had de beroepingscommissie allerlei diensten op internet beluisterd. Pas bij de afwijzing werd dit hem duidelijk. Met enige regelmaat lees ik over commissies die als een soort eerste screening vooraf achter de computer plaats nemen en preken beluisteren. In hoeverre zijn dit soort indrukken betrouwbaar?

Motivering
De NVP sollicitatiecode gaat uit van een goede motivering van een afwijzing. Het is de vraag in hoeverre dat in de kerk (en elders) gebeurt. Laat ik in dit verband een positief voorbeeld nemen uit mijn eigen praktijk. Na een contact met twee stevige gesprekken kreeg ik een afwijzing. Altijd vervelend natuurlijk. Maar in dit geval kreeg ik aan de hand van de profielschets een keurige verantwoording waarom ik het niet geworden was. Dat zal niet altijd makkelijk zijn, omdat vaak ook gevoelsmatige punten een rol spelen. Ik vond het zelf ondanks de teleurstelling in ieder geval een goede afsluiting.

Op grond van het voorgaande lijkt het mij een goede zaak dat kerken werken aan een soort van code voor het beroepingswerk. De zaak, het vinden van een predikant die zich door God zelf geroepen weet, is er belangrijk genoeg voor. De PKN kent een gids beroepingswerk, maar gebruik daarvan is vrijblijvend. In het kader van een code lijkt de instelling van een landelijke klachtencommissie me buitengewoon zinvol. Predikanten kunnen dan in ieder geval ergens terecht. Terugdraaien van besluiten zal niet mogelijk zijn. Wel kan een dergelijke beroepsinstantie een extra stimulans vormen om uiterst zorgvuldig te werken.

Klaas-Willem de Jong.


Dit artikel is een grondige bewerking van een bijdrage aan Christelijk Weekblad 45 (2009), nr. 45 (6 november)



http://www.kwdejong.info

© 2009, KWdJ