Een herkenbaar portret van Enny de Bruijn

Jacobus Revius: als dichter en dominee pal voor Gods zaak

*** In de plaatselijke boekhandel keek ik de biografie van Enny de Bruijn over Jacobus Revius in eerste instantie in om een andere reden dan de meeste geïnteresseerden dat zullen doen. In mijn voorgeslacht zit een Friese Revius. Is er sprake van een relatie met de in Deventer geboren Jacobus? Sommige genealogen menen van wel, maar hebben daarvoor geen bewijs. Wat zou De Bruijn op dat punt hebben gevonden?
Bij het doorbladeren ontdekte ik al snel dat ik dit boek verder wilde lezen. Het geeft een tijdsbeeld van een bewogen periode in het ontstaan van de Gereformeerde/Hervormde Kerk in ons land. Jacobus Revius zag in november 1586 het levenslicht in Deventer, een stad die hij zijn leven lang met ere is blijven noemen. Door de oorlog met Spanje verliet hij de stad al enkele maanden na zijn geboorte in de armen van zijn moeder. Hij vestigde er zich pas weer als predikant, in 1614. Met zijn vertrek in 1641 naar Leiden, om daar regent van het Statencollege – een soort predikantenseminarie – te worden, begint een volgende episode in zijn leven. Hij zal in 1658 in deze stad sterven, waar hij ooit zijn theologiestudie begon. De Bruijn rekent ons voor dat van Revius over de 13.000 pagina’s in druk zijn verschenen, per jaar als actief auteur meer dan 250 bladzijden. Dat is voor een tijd waarin drukken kostbaar was een bijzondere productie, al is niet alles in de verkoop even succesvol. Toch rijst alleen al hieruit het beeld op van een invloedrijk man.
Revius heeft naam gemaakt als theoloog, historicus en dichter. Over zowel de theoloog-historicus als de dichter is al eens een dissertatie verschenen. De Bruijn brengt de verschillende aspecten van Revius in haar biografie bij elkaar, waarbij de lezer desgewenst zijn eigen accenten kan leggen. Het boek leent zich sowieso goed voor bladeren en grasduinen. Het is zo geschreven dat enerzijds de grote lijn goed in het oog gehouden wordt, maar anderzijds (delen van) hoofdstukken heel goed op zich gelezen kunnen worden. Revius hield van muziek. Hij deed een poging de Psalmen opnieuw te berijmen. Zijn gezinsleven is niet in alle opzichten gelukkig geweest. Veel van zijn kinderen stierven relatief jong, bij zijn dood leeft er nog een. Een ander geeft problemen op school, krijgt uiteindelijk te maken met een gedwongen huwelijk. Het is niet allemaal van hetzelfde gewicht, maar het draagt bij aan het beeld van de man waar het om gaat.

Tijden veranderen
De Bruijn brengt Revius dichtbij. Dat is riskant. Wij leven vier eeuwen later, in een heel andere tijd. We zouden al te gemakkelijk kunnen denken dat het maar een kleine sprong is. De Bruijn slaagt er goed in het evenwicht te bewaren. Ik wil dat op één punt nader toelichten. Van verschillende kanten wordt gezegd dat de tijden in ons land nooit zo snel zijn veranderd als in de naoorlogse periode. Dat geldt verkeer, omgangsvormen en techniek, om maar enkele voorbeelden te noemen. Het tempo van veranderen mag wellicht anders zijn, Revius’ levensloop laat zien dat er altijd veranderingen zijn geweest. Hij werd geboren in het 18e jaar van wat wij de tachtigjarige oorlog zijn gaan noemen. Bij zijn dood was de vrede al weer een decennium geleden getekend. Bij Revius’ geboorte behoorde nog maar een fractie van het Nederlandse volk tot de Gereformeerde Kerk. Toen hij stierf was die kerk de bevoorrechte, al was ze toen misschien zelfs al enigszins over de top van haar invloed op de samenleving heen. In Deventer lijkt dat zeker het geval te zijn. Revius behoorde aan het begin van zijn loopbaan als predikant tot de leidende orthodoxie. Gedurende zijn laatste jaren in Leiden moest hij ervaren dat het klimaat veranderd was. De rationele inslag met de grote nadruk op de zuivere leer die Revius zo kenmerkte, maakt plaats voor het vrome gemoed, voor de persoonlijke levenswandel. Laten we dus vooral niet denken dat mensen het qua veranderingen in vroeger tijden makkelijker gehad zouden hebben dan nu (als dat al objectief te meten zou zijn).

Strijdlustig
Een tweede punt van herkenning is de manier van gelovig redeneren en theologiseren die De Bruijn bij Revius schetst. Een gesloten wereldbeeld met de Schrift als kompas. Revius kon het niet verwerken toen dat beeld in de loop van de 17e eeuw door natuurwetenschappen en filosofie werd opengebroken. Maar hij was niet de enige. Tot op de dag van vandaag wil men in bepaalde gereformeerde kringen binnen deze lijnen werken. De letterlijke betekenis van de Schrift gaat voor (bijna) alles. Ook zie ik parallellen in de strakke rationele aanpak die de Gereformeerde Kerken en haar dochters typeert, tot en met de strakke redeneertrant van Kuitert toe. Iets dergelijk geldt voor de strijdlust waarmee Revius zijn tegenstanders in polemieken aanpakt. Tot op de dag van vandaag is die in de gereformeerde traditie terug te vinden. Denk onder meer aan de afscheidingen in de laatste jaren van de Gereformeerde Kerken Vrijgemaakt en de taal die daar gebezigd wordt. ‘Eerst de waarheid, dan de vrede’, zo luidt de titel van De Bruijns biografie.

O ja, om nog even terug te komen op het begin. Aan de verwantschap tussen de Friese familie Revius en de hoofdpersoon van De Bruijns biografie, maakt de auteur weinig woorden vuil. Ze gaat ervan uit dat die niet bestaat. Wel acht ze het waarschijnlijk dat Jacobus zich bij de verandering van zijn naam van Reefsen(i)us in Revius heeft laten inspireren door mijn voorvader met dezelfde achternaam. Wel verwantschap, maar een net iets andere dan waar ik misschien op gehoopt had. Toch ben ik blij met dit mooie boek. Dat zal duidelijk zijn.

Enny de Bruijn, Eerst de waarheid, dan de vrede. Jacob Revius 1586-1958 (Zoetermeer 2012; ISBN 9 789023 926207; 661 pagina’s; € 34,90).


Deze boekbespreking is in licht bewerkte vorm gepubliceerd in Christelijk Weekblad 60 (2012), nr. 26 (6 juli)



http://www.kwdejong.nl

© 2012, KWdJ