Liever het onderling gesprek dan de juridische weg

KERK ZIJN DOE JE SAMEN

*** De samenleving juridiseert. Omdat de kerk niet op een eiland leeft, bedreigt dat gevaar haar ook. De kerkorde van de Protestantse Kerk kent een wat verscholen mogelijkheid om op een andere manier met bezwaren om te gaan: revisie. Klaas-Willem de Jong geeft een schets.

Mensen zijn mondiger geworden, ook leden van de Protestantse Kerk. Wie het niet eens is met het besluit van een kerkelijk orgaan kan in bezwaar en vervolgens in beroep gaan. Ik heb geen cijfers, maar het zou met niet verbazen als in de toenemende mate van deze mogelijkheid gebruik wordt gemaakt. In eerste instantie oordeelt een Regionaal College voor Bezwaren en Geschillen over het bezwaar. Als een van de partijen de uitspraak niet accepteert, is er in tweede instantie het gelijknamige Generaal (landelijk) College. De kerkelijke rechtspraak is daarmee onafhankelijk van de zgn. kerkelijke vergaderingen als kerkenraad, classis en synode. Dat is een groot goed. Daarnaast is van belang dat in de colleges de nodige juridische expertise aanwezig is. Toch heeft een beroep op de kerkelijke rechtspraak ook nadelen. Ze is gemodelleerd naar het bestuursrecht en kijkt op een juridische wijze naar de werkelijkheid. Er ligt een sterk accent op de formele kant van de zaak, op de procedure. Als een bezwaarde in het gelijk wordt gesteld, kan de kerkelijke vergadering vaak makkelijk de fout herstellen en hetzelfde besluit opnieuw nemen. Stel bijvoorbeeld dat de gemeente onvoldoende gehoord is. De kerkenraad doet dat vervolgens alsnog en komt tot dezelfde conclusie. Afgezien hiervan hebben procedures vrijwel altijd een verslechtering van de onderlinge verhoudingen tot gevolg, soms zelfs een scheiding der geesten. Een remedie hiertegen is mediation, professionele bemiddeling waardoor partijen samen tot een oplossing komen. Mijn belangrijkste bezwaar hiertegen is dat in het lokale kerkelijk leven de structuren zodanig gecompliceerd zijn, dat de oplossing van het probleem van de ene heel makkelijk anderen tekort kan doen. De PKN-kerkorde biedt echter nog een andere, weinig meer gebruikte mogelijkheid: revisie.

Wat is revisie?
Revisie is afkomstig uit de Gereformeerde Kerken. Wie bezwaar had tegen een kerkenraadsbesluit ging volgens art. 31 van de Dordtse Kerkorde niet in bezwaar bij een rechterlijk college, maar bij de meerdere vergadering, de classis. Dat zette persoonlijke verhoudingen behoorlijk op scherp, zeker als er principiële zaken in het geding waren. Scheuring als de Vrijmaking in 1944 kon het gevolg zijn. Nu kent men in de gereformeerde praktijk ook de figuur van de revisie, een verzoek om herziening van een besluit te vragen. Dat werkt de-escalerend. De gedachte is: we moeten er met elkaar toch uit kunnen komen, laten we er nog eens over praten. De mogelijkheid blijft open om later alsnog in appel te gaan bij een zgn. meerdere vergadering. De revisie is een uitvloeisel van het collegiale principe dat het ene ambt niet boven het andere ambt staat en dat de ene kerkelijke vergadering niet over de ander heersen zal.

Hoe werkt het?
Revisie lijkt in de PKN in veel opzichten op een bezwaar. De voorwaarden zijn goeddeels dezelfde, bijvoorbeeld ook de termijn van dertig dagen. Een revisieverzoek richt zich alleen niet tot een extern college, maar tot het kerkelijk orgaan dat het besluit genomen heeft. Om het concreet te houden beperk ik me tot het kerkelijk orgaan kerkenraad. De kerkenraad is niet verplicht het verzoek in behandeling te nemen. Het moet wel iets nieuws bevatten. Anders zou het onnodig vertragend werken. Toch is het aanbevelenswaard dat een kerkenraad welwillend naar een revisieverzoek kijkt. Een of meer gemeenteleden hebben de moeite genomen een brief te schrijven. Als het door wat extra serieuze aandacht voor hun bezwaren zou lukken hen ook mee te krijgen in de besluitvorming zou dat mooi zijn. De aanwijzingen die de kerkorde geeft voor de revisie zijn summier. Ik doe daarom enkele suggesties. Als het gaat om zaken van gewicht, zoals het sluiten van een wijkgebouw of de toelating van doopleden tot het Avondmaal, lijkt het me raadzaam dat de kerkenraad ondersteuning inroept. Dat kan de classicaal adviseur zijn of een andere vertrouwenspersoon. De kerkenraad zal moeilijk onbevangen naar een revisieverzoek kunnen kijken. Hij is vaak al heel lang met de zaak bezig en loopt de kans last te krijgen van tunnelvisie. Soms treedt er vermoeidheid op, als het ene probleem het andere opvolgt. Een of meer mensen van buiten kunnen helpen nog eens op een andere manier naar de al zo vaak herkauwde problematiek te kijken. Hoe bekend de zaken voor de bestuurders ook zijn – ik hoor ze al zuchten … – ik zou altijd in gesprek gaan. Dat kan zijn vóór het besluit het revisieverzoek al dan niet in behandeling te nemen: misschien zijn de indieners na een goed gesprek bereid het verzoek in te trekken. Dat kan zijn als het verzoek in behandeling genomen is. Of zelfs in beide gevallen. De voordelen van het revisieverzoek voor de indieners zijn evident. Het kan volop gaan om de inhoud. Het is in principe beter voor de onderlinge verhoudingen. Die komen, mits goed begeleid, niet zo sterk onder druk te staan. Ook na het instellen van revisie blijven gemeenteleden de mogelijkheid houden in bezwaar (en beroep) te gaan. Nadeel daarvan is voor de kerkenraad dat het allemaal nog langer gaat duren, terwijl besluitvormingsprocedures over wezenlijke zaken toch al veel tijd in beslag nemen. Daar staat weer tegenover dat bezwaar (en beroep) het besluit niet opschorten. De kerkenraad kan een poging doen te beginnen met uitvoering. Een poging: bezwaarden kunnen namelijk proberen dat te voorkomen met een uitspraak van een kerkelijke rechter. Zij maken echter aanzienlijk minder kans als duidelijk is dat de kerkenraad alle relevante aspecten heeft meegewogen en ook verder alles heeft gedaan om bezwaarden binnen het kerkelijke boord te houden.

Het is jammer dat het revisieverzoek in de Protestantse Kerk op de achtergrond is geraakt. Het is bij uitstek een kerkelijke, op de heelheid van de gemeenschap gerichte actie. Ze verdient herwaardering en ondersteuning. Een Regionaal College voor Bezwaren en Geschillen zou aan de indieners van een bezwaarschrift standaard de vraag moeten stellen: wilt u overwegen eerst een revisieverzoek in te dienen?


Dit artikel is in licht bewerkte vorm gepubliceerd in Christelijk Weekblad 61 (2013), nr. 43 (25 oktober)



http://www.kwdejong.nl

© 2013, KWdJ