Vorige

Home

Volgende

Appingedam, Andreas, 2006
Op het gewelf van de westelijke schiptravee binnen een ring van een der gewelfribben bevindt zich een afbeelding van de apostel Andreas, daterend uit het derde kwart van de 15 eeuw.1 Andreas was de jongere broer van Petrus en een van de eerste leerlingen van Christus. Hij predikte het christendom in Klein AziŽ en Griekenland. Volgens de overlevering stierf hij in Patras de kruisdood aan een  X-vormig kruis. Zijn attribuut is dan ook het St. Andreaskruis of St Andrieskruis in een X-vorm.2
De H. Andreas is de schutspatroon van vissers en vishandelaren. Mogelijk ligt daarin zijn connectie met Appingedam.
Linksboven binnen de ring van de gewelfrib is een wijdingskruis te zien. De plaats van dit wijdingskruis is niet een gebruikelijke. Voor inwijding van een kerk werden twaalf wijdingstekens, conform het aantal apostelen, op ooghoogte op pijlers of lisenen aangebracht. Zij geven de plaats aan waar de kerk bij haar wijding door de bisschop werd gezalfd. Bij de jaardag van kerkwijding branden voor de wijdingskruisjes lampen of kaarsen. Het wijdingskruis wordt ook wel apostelkruis genoemd. 
Verheul ziet in het wijdingskruis het kruis, het anker en het hart als symbolen voor Geloof, Hoop en Liefde (zie onder).3
 

Appingedam, wijdingskruis, 2006



1. Grote e.a., 2001: 5.
2. Timmers, 1978: 103, nr.238.5 en 232, nr. 664.
3. Verheul, 1986: 69 e.v.