Mijn starter methode

Starters worden op vele manieren gemaakt. Er zijn veel imkers die dat in een 3 ramer doen. Veel bijen in een kleine ruimte, warmloop problemen. Er zitten altijd risico's aan, vooral als je nog niet zo veel ervaring hebt.

 

De laatste jaren gebruik ik voor mijn starter een sterk volk met veel open broed. Als eerste neem ik een separator met een uitschuifbare geperforeerde plaat. Deze zet ik tijdelijk op een dak van een buurvolk. Hierop plaats ik een lege broedkamer.

Uit het volk haal ik 8 a 10 ramen waar open broed zit. Op open broed zitten veel jonge voedster bijen, en die heb ik juist nodig. De moer moet natuurlijk niet mee.  Handig is om de moer onder een rooster in de onderbak te plaatsen, en het open broed boven het rooster. De ramen sla ik af in de lege broedkamer op de separator bodem. De bijen die eraf vliegen zijn de vliegbijen, die laat ik rustig gaan. Daarna hang ik een raam gevuld met lauw water, en raam met stuifmeel en voldoende voer. Deze 2 ramen hang ik in de midden van de bak, zodanig dat er 1 straatje vrij blijft. De bak dek ik daarna af met de perspex dekplaat. Echter precies boven het vrije straatje zit een perspex klepje dat kan schanieren. Het ondervolk wordt weer hersteld. Maar de dekplank komt er niet meer op. In plaats hiervan wordt de gesloten separator en de broedbak op het volk geplaatst. Dak erop, en een aantal uren laten staan.

 

Na minimaal 2 uur, als de bak flink bruist, open ik het genoemde klepje en hang het teeltraam met de 6 latten van 16 larven in het vrije straatje. Het voordeel van het klepje is, dat er maar weinig bijen ontsnappen bij het in hangen. Inmiddels hangen de ketens met bijen tussen de 2 ramen. Door de grote ruimte in de rest van de bak en de ventilatie door de separator naar het ondervolk, is het mij nooit overkomen dat ik een warmloper had. Ook blijft de geur van het volk en de starter bijen gelijk.

De overdaad aan voedster bijen moeten hun koninginnegelei kwijt, en zorgen er voor dat de larven dik in de pap komen te liggen. Een dag later trek ik de geperforeerde plaat uit de separator. De bijen kunnen rustig naar beneden, terug naar de rest van de familie. Geen wolken van gedesoriŽnteerde bijen over de rand van de bak meer.

Een uurtje later haal ik het raam met de aangeblazen larven uit de bak, en verdeel deze over de pleegvolken. Belangrijk is dat de teeltlatten met aangeblazen larven boven het rooster moeten komen te hangen. De koningin moet natuurlijk onder het rooster. Aan beide kanten van het teeltraam moet een raam met veel jong open broed komen te hangen. Dit trekt de noodzakelijke voedster bijen aan direct naast het teeltraam. Dit is erg belangrijk, een teelt raam in een honingkamer hangen zonder broed, geeft meestal een slecht resultaat. Ook is de broedtemperatuur te laag.

De pleegvolken, die larven te verzorgen hebben worden continue gevoerd met honingwater. (30% water) Dit doe ik altijd, ook al komt er dracht binnen.

 

 6 dagen later zijn de doppen gesloten, en haal ik ze uit de pleegvolken, en hang ze in mijn eigenbouw broedstoof. De pleegvolken en de hierin aanwezige oude koninginnen worden dan niet "gek" van e.v.t. bijna rijpe doppen. Als ze tot en met uitlopen in deze volken blijven, dan gebeurt het nog wel eens dat de oude moer verloren gaat.

Op deze wijze teel ik in het seizoen iedere 14 dagen, en soms iedere week een flink aantal doppen, afhankelijk van de behoefte.

Ook voor het "1 daags doppen project" is dit een makkelijke manier om voldoende aangeblazen doppen te kweken.

 

Voordeel: weinig gedesoriŽnteerde bijen bij het vullen en leegmaken van de starter. Geen warmlopers meer. Meer dan voldoende bijen om 50 of zelfs 100 larven te laten aanblazen, en hier onze teelt groep mee te voorzien. En het volk is minimaal verstoord, bij het uitlenen van de bijen.