![]() |
Boxtelse
toestanden deel 2 |
|
D'ombudsman
of Dé Ombudsman? Volgens "Van Dale" is een Ombudsman of Ombudsvrouw een "officieel aangestelde functionaris tot wie de burger zich kan wenden, als hij door een beslissing van de overheid onbillijk meent te zijn behandeld en als een beroep op de rechter niet mogelijk of niet gewenst is". Het Boxtels gemeentebestuur had tot voor kort de bestaande bezwaren- en beroepscommissie benoemd tot "Ombudsman". En dat was behoorlijk misleidend, want in de volksmond is de ombudsman gewoon "Dé Nationále Ombudsman" en dat is een onafhankelijke landelijke stichting. Bovendien zou je op grond van de definitie verwachten dat de gemeentelijke Ombudsman tenminste in volstrekte onafhankelijkheid van het gemeentelijk én het gerechtelijk apparaat opereert. Niets is echter minder waar. De gemeentelijke Ombudsman wordt door het gemeentebestuur zélf benoemd. De voorzitter respectievelijk vicevoorzitter van de "Boxtelse Ombudsman" zijn daarenboven raadsheer van het gerechtshof en voorzitter van de eerste Strafkamer van het gerechtshof, respectievelijk kantonrechter. Beiden in het arrondissement 's-Hertogenbosch, waaronder Boxtel ressorteert! Belangenverstrengeling van de schandaligste categorie dus. Waarom werd de benoeming niet, zoals gebruikelijk, met naam en functie gepubliceerd in de regionale bladen, in plaats van met een onopvallend berichtje dat meldt dat "nevenfuncties" van Ombudsman-leden 14 dagen ter inzage liggen? Klik hier voor die ter-inzage-legging. En als er ergens gerechtelijke heibel van komt, dan zijn het wel de gemeentelijke bezwaren- en beroepsprocedures. Menige wakkere Boxtelaar vroeg zich daarom af waarom Boxtel zich niet gewoon bij Dé Nationále Ombudsman aansloot. (meer hierover). Inmiddels is dat anno 2005 dan eindelijk gebeurd, mogelijk mede als gevolg van de kritiek op deze website. Eind 2006 werd de gemeentelijke ex-"Ombudsman" Vonhögen echter onderscheiden met de "Erepenning van verdiensten van de gemeente Boxtel". Dit omdat hij, naast zijn werk als raadsheer van het Gerechtshof, voorzitter was van de "onafhankelijke" bezwaren- en beroepscommissie (aldus BD 20-12-2006). Maar werden daarmee feitelijk niet zijn verdienstelijke belangenverstrengelingen geprezen? Wie zich dóór een gemeente laat onderscheiden voor zijn verdiensten vóór die gemeente geeft niet bepaald blijk van onafhankelijkheid. Dat geldt zeker wanneer Vonhögen trots memoreert dat de conflicten bijna altijd in het voordeel van het gemeentebesluit werden beslecht en dat het allemaal zo "leuk en interessant" was juist omdat in het dagelijks werk de accenten verschoven naar strafrecht! (Gemeente op internet december 2006). Burgers die, als gevolg van de handelwijze van de gemeente, zo'n traumatische accentverschuiving overkwam, vonden dat nou niet bepaald "leuk" (zie praktijkvoorbeeld en de rol van Vonhögen daarin). Handhavingsbeleid
in Boxtel De afrastering van een paardenweitje van een agrariër in het buitengebied mag maximaal 1,5 meter hoog zijn en, wanneer datzelfde weitje aan een particulier toebehoort, slechts 1,0 meter. Dat lijkt mij in strijd met artikel 1 van de grondwet: "Allen die in Nederland verblijven worden onder gelijke omstandigheden gelijk behandeld..... Discriminatie, op welke grond dan ook, is niet toegestaan". En in dit geval zijn de omstandigheden gelijk, maar is uitsluitend de persoon verschillend. Desalniettemin wil ons heldhaftig gemeentebestuur terzake handhavend optreden. (Brabants Centrum, 6 jan 2005). Een tip aan de particuliere bezitter van een te hoog hekwerk. Legaliseer zelf het hekwerk door het perceel in bruikleen te geven voor begrazing door de geit van een bevriende agrariër. Probleem opgelost! 'Waar het hek open is lopen de varkens in het koren', zo redeneert kennelijk B&W, en dus willen zij 'de hekken verhangen'. Onze gemeentebestuurders 'laten teveel wind door de hekken waaien", wanneer zij onnozele burgers voor elk wissewasje 'voor het hekje brengen'. Met zo'n handhavingsbeleid is 'het hek van de dam'. 'De een mag hier een koe stelen, een ander mag niet eens over het hek kijken'. B&W moeten welhaast niet 'goed bij het hek zijn', want dit is echt 'te dol om op een hek te zetten'. Of willen B&W voorkomen dat agrariërs 'vaker over het hek springen' dan de gemiddelde burger? Ze mogen zich realiseren dat zelfs voor Prins Bernhard 'geen hek te hoog' was. Hebben ijverige ambtenaren Van Homelen's nieuwjaarsboodschap, dat "2004 in politiek-bestuurlijke zin geen hektisch hectisch jaar was", misschien naar de verkeerde actie vertaald? Dat risico loop je namelijk, als je niet meer de taal van gewone mensen spreekt. (meer hierover) Hockeyclub
organiseert gewraakte tentenkampen Op 17, 18 en 19 juni 2005 organiseerde hockeyclub MEP voor senioren onder de noemer "Mep Zomercarnaval, opnieuw een massaal tentenkamp op een nabijgelegen terrein, zoals zij dat op 25; 26 en 27 juni 2004 en 28 en 29 juni 2003 ook al deden. Eerst 1 tot 2 dagen tevoren werden omwonenden middels een huis-aan-huis briefje, zonder afzendernaam, adres of telefoonnummer, ingelicht. Omwonenden werd dus geen mogelijkheid geboden om tijdig bezwaar aan te tekenen. Reeds in 1998 verbood de Raad van State dergelijke kampementen op de accommodatie in verband met de telkenmale niet te beteugelen overlast voor omwonenden, waaronder vernielingen, intimidaties, misbruik van geluidsapparatuur en buitensporig alcoholmisbruik. Het gemeentebestuur van Boxtel verleende nu welbewust medewerking aan bovengenoemde kampementen met alle gevolgen van dien. Immers ook het gerechtshof 's-Hertogenbosch, oordeelde dat (ik citeer) "geenszins valt uit te sluiten dat de klachten van omwonenden tegen MEP op zichzelf anders behandeld hadden kunnen worden door de lagere overheden dan deze gedaan hebben, waardoor ook deze traumatische ervaringen voor omwonenden konden ontstaan". Een aankondiging via "hockeynet.nl" maakt duidelijk dat de tentenkampen vooral bedoeld zijn voor de opvang van deelnemers die zich tijdens MEP Zomercarnaval te buiten gaan aan roesmiddelen. Evaluaties 2004. 2005. 2006. 2007 Geluidsterreur
in Boxtel en omgeving De grensstreek tussen Noord- en Zuid-Korea was jarenlang onbewoonbaar als gevolg van vijandelijkheden, die bestonden uit het elkaar bestoken met kilometers ver dragende luidsprekermuziek. Op de grens van Boxtel en Haaren is het soms niet anders. Vanaf Haaren - het kan ook Tongeren of Nergena geweest zijn - klonk in de nacht van vrijdag op zaterdag 15 januari 2005 tot 's nachts 4 uur de keiharde dreun van muziek, die mensen tot een tiental kilometers in de omtrek uit de slaap hield: "Doef, doef, doef-doef, doef, doef ......". De daarna alsnog in slaap gevallen inwoners van Boxtel-Noord werden vervolgens nog vóór 9 uur 's morgens ruw uit de slaap gewekt door een luidsprekergeile organisator van een 'sportief' onnozelheidje op het Essche Heike. De vrijdenker Max Ehrmann (1927) wist het lang geleden al: "Mijdt luidruchtige (en agressieve) mensen, zij zijn een kwelling voor de geest". Een wijze raad, waarin bovendien besloten ligt dat zo'n kwelling alleen wordt ervaren wanneer sprake is van enig geestvermogen. Waarschijnlijk zullen we de lawaaischoppende leeghoofden dus vergeefs vragen om meer respect voor het welzijn van mensen. Geluidsterreur
in Boxtel liep spuigaten uit Ex-burgemeester van Homelen mag dan geluidsarm asfalt voor zijn deur hebben, de woonwijken in Boxtel worden met enige regelmaat gebombardeerd met kilometers ver dragende harde muziek. Zoals
in de nacht van 23 op 24 augustus 2002. Twee jongeren, die voor een jaar naar
het buitenland zouden vertrekken, namen het recht om vanuit een tuin aan de
Halderheiweg het woongenoot van vele duizenden omwonenden te verzieken met een
urenlang nachtelijk oorverdovend geluidsbombardement. De
gemeente Boxtel liep in 1998 nog trots te koop met de NS-plannen tot het
plaatsen van gigantische geluidschermen langs de spoorlijnen. Ook naast de
rijksweg A2 staan inmiddels enorme geluidschermen. Aan de "stille"
kant van die schermen wordt echter bij elk wissewasje dat zich
"evenement" durft noemen door luidsprekers geschreeuwd, vaak gevolgd
door de stampmuziek van de organisatie of clubleden tot diep in de nacht. In
de nacht van 27 op 28 augustus 2004 sloeg een door lawaai uit bed gepeste man in
de Breukelsestraat een herriemaker op straat omdat hij zijn kinderen wakker had
geschreeuwd tussen een en twee uur 's nachts (Brabants Dagblad 30-08-04). In
de nacht van donderdag 29 op vrijdag 30 augustus 2002 was, op een
scoutingaccommodatie gelegen tegen de bebouwde kom, sprake van zeer ernstige
geluidsoverlast van een massaal feest van aldaar overnachtende scholieren met
leraren. Een
organisator van een sportclub stond, na afloop van een sportevenement, met een
dubbele tong een kilometers ver hoorbare onbegrijpelijke toespraak van een half
uur door de omroepinstallatie te lallen, terwijl er niemand meer op het veld
was. Een
Boxtelse hockeyclub maakte er een gewoonte van om tijdens evenementen,
elk kwartier, kilometers ver te laten horen dat er weer een andere wedstrijd
begint of eindigt op het RÁÁÁBÓÓÓ-veld, dat alles bij elkaar nog
geen hectare groot is en in de bebouwde kom ligt. Ook
tijdens privé-feesten, zoals examenfeesten,
is het vaak raak: de anderhalve meter hoge, buiten opgestelde, geluidboxen
blijven soms tot half drie 's nachts staan stampen. Recente
uitspraken en overwegingen van de Nationale Ombudsman,
het Gerechtshof 's-Hertogenbosch en de Raad van State, in relatie tot
slachtoffers van de Boxtelse geluidsterreur, herbergen meer dan voldoende motief
en aangrijpingspunten voor de gemeente Boxtel om de geluidsterreur binnen haar
gemeentegrenzen eindelijk eens serieus aan te pakken. Limerick Gemeente
antidateert te ondertekenen vergunning Hockeyclub
MEP deelde in een circulaire op 3 juni 2004 's avonds aan omwonenden mee dat de
gemeente hen vergunning had verstrekt voor overnachting in een tentenkamp van 5
op 6 juni 2004. De raad van State verbood tentenkampen van MEP, omdat zij in het
verleden telkens resulteerden in zeer ernstige ordeverstoringen. Op arglistige
wijze wordt nu dit verbod omzeild door uit te wijken naar een pal aangrenzend
terrein. Meer hierover: -- sociale veiligheid -- geweld na geluidsoverlast -- illegale tentenkampen -- zwartboek hockey-lobby Landgoed
Velder: diarree van achtergrondmuziek De
uitstekend gemotiveerde "Roep om stilte", door Fons Knegtel in het
Brabants Dagblad van 25 mei 2004, is aan Boxtelse gemeenteraadsleden
niet besteed. Boxtel staat op nummer 6 in de top 10 van lawaaiigste gemeenten in
Nederland, het geluid van spoorwegen en snelwegen nog buiten beschouwing gelaten
(meer hierover). Maar die plaats is nog teveel eer vinden
gemeenteraadsleden, want de meerderheid wil toestaan dat Landgoed Velder in
Liempde, deel uitmakend van natuurgebied het Groene Woud*, wordt voorzien van
"lichte achtergrondmuziek" (Brabants Dagblad, 29 mei 2004). Inmiddels is de Brabantse Milieu Federatie (BMF) in verzet gegaan bij de Provincie, met name ook omdat het gemeentebestuur in het bestemmingsplan buitengebied zelfs geen verbod wil opnemen voor de nachtelijke harde muziek tijdens evenementen op het landgoed. De bezwaren richten zich vooral ook tegen het Flevo Festival waarvan de harde popmuziek**de laatste jaren doordrong tot diep in de omringende natuurgebieden (Brabants Dagblad, 19 juli 2004) . Dat maakt echter de vergiftiging van de natuur met "lichte achtergrondmuziek" niet minder misselijkmakend. Over het belang van stilte voor de aldaar verpozende en wonende mens wordt in de kranten met geen woord gerept. ** Terwijl Mozes, hoog op de berg, wekenlang de stilte opzocht vermaakte het volk zich met luidruchtige dansen rond hun gouden kalf. "God is a DJ" was een tophit op het Lowlandsfestival in 2004 (Brabants Dagblad 23-08-2004). De DJ als Gouden Kalf.
Houseparty's bij recreatieplas de Langspier De lawaai-junks konden in 2004 uitwijken naar
recreatieplas de Langspier in Boxtel, toen Den Bosch hen heeft
verjaagd na vele klachten over nachtelijke overlast van hun
houseparty's op de Pettelaar. Op 2/3 juli 2004 mochten de DJ's
lichamelijk letsel aan de gehoororganen toebrengen* tijdens een
houseparty op de Langspier (Brabants Dagblad, 24 en 26 juni
2004). Weliswaar binnen in het "strandpaviljoen", maar
omwonenden vreesden dat een martelende verstoring van de woon- en
nachtrust zou doordringen tot in de wijde woonomgeving. Het
paviljoen is namelijk niet gebouwd om dit soort harde muziek
tegen te houden. Zou ten langen leste dan toch gebeuren wat de
woonomgeving al vreesde toen de Langspier werd aangelegd? Meer
dan honderd mensen protesteerden toen tegen het electronisch
versterkte geluid vanaf de sportaccomodaties in hun omgeving,
mede ingegeven door de vrees dat vanaf de Langspier in de
toekomst hetzelfde zou gaan gebeuren. * Voetnoot Onderzoek overlastjongeren en sociale
veiligheid Enkele jaren geleden werd
een Landrover ter waarde van 100.000 gulden in brand gestoken
nabij de hockeyvelden van MEP. Gretig suggereerde het Brabants
Dagblad toen dat jongeren uit de wijk Selissen dat gedaan zouden
hebben. In die wijk wonen veel allochtone jongeren. Opgestoken middelvinger groter misdrijf dan
diefstal De veelheid aan korte berichtjes in het Brabants Dagblad over agenten die mensen arresteren voor de minste of geringste belediging, begint mateloos te irriteren. De gewone burger wil liever politie-berichten zien waarin hij zijn gestolen fiets kan terugvinden. De gemiddelde politie-functionaris in Brabant-Noord voelt zich echter meer gedrongen te arresteren voor een opgestoken middelvinger dan voor een misdrijf als diefstal. Wanneer, van het stelen van je fiets, voor spek-en-bonen aangifte wordt opgenomen met een gezicht van "Wat kom je hier eigenlijk doen" heeft de burger meer reden zich beledigd te voelen. Want tenslotte behoudt meneer de agent wel zijn lange tenen, maar is de burger gegarandeerd zijn fiets kwijt. Draaide nieuwjaarstoespraak burgers rad voor
ogen? Geschrokken van het hoge aantal juridische procedures, waarin de gemeente Boxtel in 2003 met haar eigen burgers verwikkeld raakte, kwam burgemeester Jan van Homelen in zijn nieuwjaarstoespraak van 2004 met een voorstel om méér dan voorheen de weg van het overleg te bewandelen. "Van burgers moet worden verwacht dat zij meer oog hebben voor het algemeen belang en gemeenschapszin behoort tot de praktijk van alledag", aldus Jan van Homelen. Onze Jan moet een hemelse bekering hebben beleefd toen hij deze nobel klinkende gedachte plechtig uitsprak, want in zijn toespraak van 2002 had hij klagers nog de juridische oorlog verklaard! (hierover meer in archief). Gezien het aangekondigde beleid in de toespraak van 2002 was het niet netjes de toename van gerezen kwesties later toe te schrijven aan een gebrek aan gemeenschapzin bij de burgers. Het sedertdien schrikbarend gestegen aantal juridische procedures (van 86 naar 146) deed veeleer concluderen dat de individuele burger zich, nog meer dan voorheen, platgewalst voelt door een gemeentebestuur dat gewoon te weinig oog heeft voor diens individuele belangen. Waar het algemeen belang gediend wordt ten koste van de belangen van de individuele burger behoort de burger immers, rechtens, naar behoren te worden gecompenseerd. Wanneer een burger in die situatie van tegenstrijdige belangen kiest voor overleg, in plaats van voor juridische procedures, moet de gemeentelijke voorstelling van zaken echter wel absoluut betrouwbaar zijn. Want wanneer na verloop van tijd blijkt dat hij in de luren is gelegd, is de zaak voor hem, juist door zijn bereidheid tot overleg, verloren. Immers de bezwaren- c.q. beroepstermijn is dan inmiddels verlopen en dus heeft hij geen poot meer om op te staan. Mijn advies is daarom: teken altijd tijdig en schriftelijk bezwaar c.q. beroep aan wanneer besluiten (of plannen) van de gemeente Boxtel je belangen (dreigen te) schaden. Wie dat niet doet heeft niets meer in de pap te brokkelen wanneer achteraf blijkt dat de gemeente je een rad voor de ogen heeft gedraaid. Want behoort ook dat soms niet tot de praktijk van alledag in de dorpspolitiek? Moet het grote aantal kwesties daarom niet veeleer worden toegeschreven aan een gerechtvaardigd wantrouwen jegens de lokale overheid, dan aan gebrekkige gemeenschapszin? Het zou een lokale bestuurder daarom wellicht beter hebben gepast vooraleerst de hand in eigen boezem te steken. (zie vervolg in nieuwjaarstoespraak 2005) Overlast in Boxtel veel hoger dan in
omringende gemeenten Uit het aantal meldingen blijkt dat de overlast (drugsoverlast, geluid, geweld) in Boxtel beduidend hoger is dan in de omringende gemeenten Schijndel, Sint-Michielsgestel, Haaren en Sint-Oedenrode. (Brabants Dagblad, 23 oktober 2003). In daaropvolgende artikelen brachten politie en gemeente naar voren wel degelijk, en met succes, op te treden tegen de overlast. Zij droegen daarbij voorbeelden aan die wijzen in de richting van allochtonen en woonconcentraties in bepaalde wijken. Het
tolerante beleid ten aanzien van de overlast vanuit een elitaire
hockeyclub, waarmee een grote woonomgeving jarenlang werd en werd geterroriseerd (geluid, vernielingen, intimidatie van
klagende omwonenden, alcoholoverlast (= ook een drug) en zelfs mishandeling), blijft in
die artikelen echter buiten beschouwing. Voor de jeugd van
maatschappelijk beter gesitueerden gelden kennelijk soepeler regels en
opvattingen. Vanwege hun maatschappelijk bevoorrechte positie vormt
hun wangedrag echter in overtreffende mate een slecht voorbeeld,
hetgeen reden zou moeten zijn om ook hen in voorkomend geval
stevig aan te pakken. Preventief fouilleren in Boxtel en omgeving. Een werkgroep van zes ambtenaren uit zes regionale gemeenten gaat zich buigen over een plaatselijke verordening die preventief fouilleren door de politie mogelijk moet maken (Brabants Dagblad, 31 januari 2003). De werkgroep zou worden aangestuurd vanuit Boxtel meldt de krant. Lees gerust door burgemeester van Homelen. Want jawel hoor, hij zal er eens een keer niet van tussen zitten, van Homelen blijkt tevens voorzitter van het districtelijk diehoeksoverleg tussen politie en justitie. Hij wil een beleid dat de veiligheid meer dient en minder de privacy voorop stelt. Hij mag zich echter realiseren dat de gewone burger het al jaren moet doen met een slecht functionerend politie- en justitieel apparaat en meestal zijn eigen boontjes maar moet zien te doppen als het gaat om zijn eigen veiligheid. Agenten hebben een beschamend laag opleidingsniveau. Juridische kreupelheden en foute politieverklaringen prevaleren boven feitelijke waarheden, rechters komen om in de bijbanen, 'n raadsheer van het gerechtshof kan zitten in gemeentelijke bezwaren- en beroepscommissies in zijn eigen arrondissement, het "driehoeksoverleg" kan mede het vervolgingsbeleid en politie-optreden bepalen onder invloed van ordinaire dorpspolitieke belangen en het is niet ondenkbaar dat gemeentebestuurders hun zeggenschap bij politie en justitie kunnen (en zullen) misbruiken om hun politieke tegenstanders pootje te lappen. Een gevaar dat nog wordt versterkt door het in het leven roepen van een "vrijwillige politie". In een huis-aan-huis verspreide brief van 24 april 2003 roept de politie Brabant-Noord vrijwilligers, met minimaal een VBO-B diploma of vergelijkbaar werk- en denkniveau (!), op zich hiervoor te melden (zie ingescande brief). Historisch bewuste burgers zouden zich bij het lezen van die oproep kunnen afvragen of de politie misschien af wil van een oude voorraad overhemden van een foute kleur. En dit alles terwijl al het gekonkel en geblunder bij politie, justitie en de rechterlijke macht nu reeds bij een groot deel van de welbewuste burgers gegrond wantrouwen heeft gewekt. Waar politie, justitie en lagere overheden hun natuurlijk gezag verspelen, omdat zij zelf niet voldoen aan de waarden en normen waar zij voor staan, ontstaat onveiligheid. "Op ontheiliging volgt ontveiliging", zou je kunnen zeggen. Uitbreiding van bevoegdheden, zonder afdoende maatregelen om de integriteit van het handelen te waarborgen, leidt onvermijdelijk tot misbruik van die bevoegdheden. De hemel verhoede daarom dat gemeentebesturen ook maar enige zeggenschap krijgen over de bevoegdheden van de politie, laat staan over die van de "vrijwillige politie". Ik word liever beter gerespecteerd in mijn privacy, dan tussen de benen getast omdat een dorpspoliticus, of een rancuneuze plaatselijke vrijwilliger, dat zo graag wil. Onderstaande vijf praktijkvoorbeelden spreken voor zich.
Columnist Brabants Dagblad drijft spot met
trauma* Een columnist geeft een zienswijze en mag daarbij een grotere vrijheid nemen dan een nieuwsjournalist, vooral ook wanneer hij de lezer wil prikkelen het nieuws te bezien vanuit een andere invalshoek. Vincent Leemans ging met zijn column "Complot" in het Brabants Dagblad van zaterdag 8 februari 2003 echter te ver. Hij maakte een reeks van traumatiserende ervaringen van een familie, waaronder ernstige intimidaties, mishandeling van de vrouw des huizes en gangstalking, belachelijk, door die op een lijn te stellen met het zien van spoken. Het Brabants Dagblad heeft echter allerwegen verzwegen dat de Nationale Ombudsman in 2002
Boxtelse politiefunctionarissen en Bossche Officieren van
Justitie heeft berispt, omdat zij de familie denigrerend
hebben bejegend, de Minister van Justitie onjuist hebben
voorgelicht, dreigmail hebben verdonkeremaand en geweigerd hebben
proces-verbaal op te maken van genoemde mishandeling. Vincent Leemans past dus slechts het schaamrood op de kaken. Dit ook omdat hij had kunnen,
en dus moeten, weten dat de misdragingen jegens de familie tot op
heden voortduren. Nog onlangs sloegen de bakstenen 's nachts
boven hun hoofd in op het dak vlak naast hun slaapkamerraam. En,
Vincent, waren het soms spoken die het bord "TE KOOP"
plaatsten in hun voortuin, naast de brievenbus met daarin het
Brabants Dagblad van zaterdag 8 februari 2003. Nationale Ombudsman laakt gedragingen
politie Gedragingen van twee Boxtelse politie-functionarissen en Bossche Officier(en) van Justitie, inzake de afhandeling van ongeregeldheden bij het nachtelijk uitgaan van een hockey-kantine, waarbij ondermeer een uit bed gepeste buurtbewoonster op eigen erf werd mishandeld, waren niet behoorlijk (voor achtergronden zie zwartboek). De Nationale Ombudsman (rapport 2002/188)
tikte de politie gevoelig op de vingers voor hun denigrerende
betiteling van de mishandelde buurtbewoonster en haar echtgenoot
in processen verbaal en voor het foutief voorlichten van de
Minister van Justitie. De teamchef van politie had de minister
voorgehouden dat de politie alle aangiften van het echtpaar
grondig had onderzocht, terwijl het paar ter zake nimmer aangifte
had gedaan. De Nationale Ombudsman oordeelde die gedragingen van
de politie niet behoorlijk. Geruime tijd ná de ongeregeldheden deden wél twee provocateurs uit de hockeykantine aangifte, omdat naar hun zeggen de vrouw geweld zou hebben gebruikt om hen van het erf te weren. Het gevolg van een en ander was dat niet de provocateurs én evenmin degene die de vrouw mishandelde als verdachten werden aangemerkt, máár de uit bed gepeste en mishandelde buurtbewoonster. Toen de zaak vóórkwam bleek bovendien dat de politie in geen enkel proces verbaal melding had gemaakt van de mishandeling van de vrouw en evenmin van een door de familie vooraf ontvangen dreigmail waarin de ongeregeldheden, mishandeling én (straf)zaak werden aangekondigd. De Nationale Ombudsman stelde vast dat de politie inderdaad in geen enkel proces-verbaal melding had gemaakt van de mishandeling van de vrouw en evenmin van een door de familie vooraf ontvangen dreigmail. Hij beoordeelde die verzwijging niettegenstaande niet als onbehoorlijk, omdat het echtpaar noodgedwongen eigenhandig een rapport had opgesteld, hetwelk de politie had overgedragen aan de Officier van Justitie (voetnoot*). De Nationale ombudsman stelde echter óók vast dat een verzoek van het getroffen echtpaar aan de Officier(en) van Justitie om hulp in deze situatie tot drie keer toe bot werd afgewezen. Hij velde daarom een bikkelhard oordeel over het voorbijgaan aan het verzoek van de familie om aangifte van die mishandeling op te nemen en wegens het niet reageren op die, bij dat verzoek gevoegde, dreigmail. Hij oordeelde deze gedragingen van de Officier(en) van Justitie niet behoorlijk. Niet uitgesloten is dat, al dan niet voormalige, gemeentebestuurders in negatieve zin betrokken waren bij bovengenoemde gang van zaken. De politierechter, daarin bevestigd door het gerechtshof, gaf dit duidelijk aan. Zij stelden in hun vonnis dat "geenszins valt uit te sluiten dat de klachten die het echtpaar tegen de hockeyclub (in het kader van de milieuwetprocedures mede namens 100 omwonenden) had ingediend op zichzelf anders behandeld hadden kunnen worden door de lagere overheden dan deze gedaan hebben, waardoor ook deze traumatische ervaringen voor het echtpaar konden ontstaan" (voetnoot #). Klachten die het echtpaar hieromtrent indiende bleken echter niet-ontvankelijk bij De Nationale Ombudsman omdat de gemeente Boxtel daarbij niet is aangesloten (meer hierover). Voetnoten:
De Stichting Milieuhinder uit de Woonomgeving (SMW) plaatst Boxtel op nummer 6 in de top 10 van gemeenten met de meest lawaai- en stank-producerende bedrijvigheden, zo meldde het bedrijfsmagazine van "Bedrijvig Boxtel/Schijndel" van september 2002. De meest voorkomende soort hinder is het lawaai. In het onderzoek zijn nog niet meegewogen de drukke personen- en goederenspoorlijnen en de drukke Noord-Zuid verkeersader die het dorp doorsnijden en evenmin de rakelings passerende snelweg A2 en de vele lawaaiige accommodaties in of tegen de bebouwde kom die niet tot het bedrijfsleven worden gerekend. Wanneer die ook zouden worden meegewogen, is het geenszins uit te sluiten dat Boxtel nog beduidend hoger zou staan op deze weinig eervolle ranglijst. De SMW drukte zich dus nog erg voorzichtig uit. Geen wonder, want wie bleek er voorzitter te zijn van de SMW? Jawel hoor, hij zou er eens een keer niet van tussen zitten: de heer Jan van Homelen, burgemeester te Boxtel. En toen kwam de aap uit de edelachtbare mouw: hij benadrukte dat het werk van de SMW alleen mogelijk is wanneer de overheid niet vasthoudt aan rigide regels. In gewone mensentaal: "Wij zijn niet van plan die stinkers en lawaaischoppers stevig aan te pakken". En waar kwam volgens zijn CDA-kompaan en CDA-statenlid Jan Melis dit Boxtelse probleem vandaan? Juist ja, van ondermeer "de subjectieve beleving van omwonenden". In gewone mensentaal: "De mensen die klagen over stank en lawaai beelden zich maar wat in". Dus laten we die mensen voor gek verklaren, dan kan iedereen in Boxtel gewoon blijven stinken en lawaai maken (meer over geluidsterreur). Het zou wellicht helpen als prominente Boxtelse bestuurders niet voortdurend van de daken zouden schreeuwen dat zij duurzaamheid zo hoog in het vaandel hebben staan en geruisloos hun plicht deden. Dat zou heel wat overbodig lawaai en stank schelen. Belangenverstrengeling
Commissie WUBBB Burgemeester van Homelen meldde in het Brabants Dagblad van 20 juni 2002 met droge ogen dat geen sprake is van belangenverstrengeling in de "Werkgroep Uitvoering Bestemmingsplan Buitengebied Boxtel" afgekort als WUBBB, in tegenstelling tot wat een raadsfractie het college liet weten. Het is echter gewoon een feit dat de heer Van de Laar van de WUBBB tevens bestuurslid is/was van de land- en tuinbouw organisatie ZLTO en van de landinrichtingscommissie van de ruilverkaveling St-Oedenrode. En dat zijn per definitie verstrengelingen van belang. Wat de Burgemeester en overige partijen in feite willen zeggen is: "Ja, er zijn grote belangenverstrengelingen, maar de heer Van de Laar heeft en zal zich hierdoor niet laten leiden". Dat idee werd ook bevestigd door de overige partijen in de commissie bestuurlijke zaken, toen zij verontwaardigd verkondigden dat zij niet twijfelen aan de integriteit van de heer Van de Laar. Daarmee erkenden zij dat zij zich wel degelijk bewust zijn van de belangenverstrengelingen, anders zouden zij dienaangaande hun vertrouwen in zijn integriteit ook niet naar voren hebben hoeven brengen. Helaas is belangeloos handelen nooit goed controleerbaar en daarom voeden belangenverstrengelingen altijd twijfel en wantrouwen. In dit geval werd het wantrouwen nog aangewakkerd door het verongelijkte gejammer van de burgemeester en overige commissieleden over de simpele constatering dat twijfel is gerezen en door hun rancuneuze uithalen richting de constaterende raadsfractie. "Politiek pleit raadslid vrij van belangenverstrengeling" huilde het Brabants Centrum van 20 juni 2002 met de wolven in het bos en vermeldde de feiten zelfs onder het hoofdstuk "insinuaties". Uiting geven aan hun constateringen is voor raadsleden echter geen vuilbekkerij, want het behoort tot hun controlerende plicht. Helaas voor B&W en de overige partijen in de commissie stond de betreffende raadsfractie met zijn constateringen niet alleen. Wie zijn oor bij de gewone burger te luisteren legt heeft voorbeelden te over: voorbeeld 1, voorbeeld 2, voorbeeld 3, voorbeeld 4, voorbeeld 5, voorbeeld 6, voorbeeld 7, voorbeeld 8, voorbeeld 9, voorbeeld 10, voorbeeld 11, voorbeeld 12, voorbeeld 13. Geen
geld over voor vervanging wrakke brug De brug over de Dommel in
de Bosscheweg, de belangrijkste Noord-Zuid verbinding in Boxtel,
is versleten en zou vervangen moeten worden door een liefst ook
bredere brug. Kosten in totaal zo'n 590.000 euro. Helaas zegt de
gemeente voor de vervanging van deze belangrijke brug onvoldoende
geld beschikbaar te hebben (Brabants Centrum, 11 april 2002).
"De Boxtelse hockeyclub MEP kan na een raadsbesluit de
daartoe benodigde 608.000 euro meteen omzetten in de
-beslist-geen-overbodige-luxe- van een waterveld",
verzekerde Wethouder Van de Langenberg vlak vóór de
verkiezingen (Brabants Centrum, 7 feb. 2002). Inmiddels is dat
raadsbesluit genomen. Nam
hockeyclub het gemeentebestuur over? Het (oude) gemeentebestuur had op de valreep van nieuwe verkiezingen besloten om op Molenwijk een waterveld, kosten 547.000 euro*, mede te financieren door de gemeentelijke bijdrage aan de hockey-club MEP te verhogen naar ca 56.500 euro per jaar (bijna 100 euro per lid per jaar!). Nota bene, terwijl MEP in het verleden niet onder stoelen of banken stak dat het inmiddels gaat om een geprivaticeerde club! Wethouder Van de Langenberg liet in de VMS-commissievergadering
van 11 oktober 2001 reeds weten dat de toekomstige ontwikkelingen
tot tevredenheid van het MEP-bestuur waren veilig gesteld. Het
MEP-bestuur had zijn "tevredenheid en blijdschap"
hierover in een gesprek met de wethouder uitgesproken (Brabants
Centrum, 18 okt. 2001). De leden van de gemeentelijke
sportcommissie hadden van meet af aan al laten doorschemeren
bereid te zijn om snel geld vrij te maken voor een waterveld,
zoals bleek uit het gesmiespel in het Brabants Dagblad van 18 mei
2001. De club deed voorkomen dat zij zelf 117.000 euro van de
vereiste 547.000* euro zou bijdragen (Brabants Dagblad, 19 maart
2002), doch dat werd uiteindelijk 65.000 euro. De rest, zo'n
482.000 euro, moest dus welhaast op enigerlei wijze uit de zuur
vergaarde gemeenschapspot komen. "Hockeyclub MEP blijft in park Molenwijk", zo stelde het Brabants Dagblad van 5 maart 2001, zonder aanhalingstekens, want de voorzitter van de club zei hiervoor te hebben gekozen. Niks democratisch besluit door B&W of gemeenteraad. Weg vooronderzoek van Oranjewoud naar mogelijke woningbouw, wat dat ook gekost moge hebben. Weg algemeen belang. Wethouder Van de Langenberg haalde met knikkende knieën bij voorbaat bakzeil. "Het is onwaarschijnlijk dat de politiek beslist dat ze wel moeten verkassen", huiverde de wethouder. Het almachtige MEP had immers gesproken. Men kan zich echter afvragen of deze club wel voldoende maatschappelijk "crediet" heeft verdiend om te blijven op die fraaie lokatie en om daarbij zo'n groot beroep te doen op de gemeenschapskas. 482.000 Euro is toch al gauw zo'n 35 euro per Boxtels gezin. En dat is toch wel erg veel gevraagd van omwonenden die jarenlang moesten zwoegen om de volstrekt onnodige overlast en misdragingen vanuit de club te beteugelen*. Of van onze allochtone medemensen, die zich geruime tijd de discriminatoire teksten in het gastenboek van de website van MEP heren 6 moesten laten welgevallen, de vulgaire taal nog daargelaten**. Of van hen die zich aangesproken voelen door het MEP-lid dat zich op die website presenteerde met getrokken dolkmes. Inderdaad, tegenspraak komt vaak van mensen die écht de moed hebben om, zonder aanziens des persoons, het algemeen belang te dienen. Wellicht dat we dit mogen verwachten van de nieuw benoemde wethouder A. van Aert die zei moeite te hebben met de uitleg dat een waterveld nodig is om tophockey voor Boxtel te behouden (Brabants Dagblad, 19 maart 2002). "Wanneer spelers te goed zijn voor Boxtel gaan ze immers toch naar het betere Den Bosch". Het Boxtelse waterveld is alsdan gewoon een peperduur koekoeksnest. "De nieuwe wethouder heeft nu al iets uit te leggen........." geniepte het weekblad "Brabants Centrum" met onvervalste MEPse arrogantie in haar anonieme rubriek "Terloops" van 21 maart 2002. Beste terloopse Boxtelse stiekeme Prawda-schrijver, wanneer MEP zo'n groot beroep doet op de gemeenschapskas heeft MEP iets aan de wethouder uit te leggen en niet omgekeerd. Is het niet de taak en plicht van de wethouder daarbij kritische kanttekeningen en opmerkingen te plaatsen? Misschien dat eindelijk niet langer MEP, maar B&W, de gemeente gaat besturen. Is dat even wennen! *
Vanaf 2006 lijkt het dan eindelijk definitief met de overlast vanaf de
MEP-accommodatie gedaan. Helaas is een omwonend gezin, in vervolg op
voornoemde overlast, nog steeds het mikpunt van bizarre
criminaliteit). De auteur van deze website is niet verantwoordelijk voor
de inhoud van webpagina's van derden waarnaar hij een link legt.
Hij legt zo'n link met het oogmerk zijn kritische beschouwingen
te onderbouwen. Wanneer zulke pagina's grove en/of
discriminerende teksten en/of afbeeldingen mochten bevatten dan
heeft de auteur daarbij de intentie zulke pagina's als moreel
verwerpelijk aan de kaak te stellen, waarbij hij zich
nadrukkelijk van een dergelijke inhoud distantieert. bezoekers sinds 22 april 2007 |