START BRUNSSUM


SpuitgietmachinesOp de vroege morgen van 2 januari werden de personeelsleden in de kantine welkom geheten door bedrijsleiding en toezicht waarna meerdere mededelingen volgden. Na met elkaar kennis gemaakt te hebben volgde een rondleiding door de fabriek waarop de verschillende groepen naar hun eigen afdeling gingen. De personeelsleden van de afdeling Productie kregen na het omkleden in het moderne Badlokaal nog een extra ronde door de afdelingen Grondstoffen en opslag Halffabrikaat en toen op naar de eigen afdeling waar de eerste uitleg werd gegeven over de gang van zaken en welke werkzaamheden ze in de toekomst moesten gaan verrichten. In kleine groepjes volgde instructie aan de reeds in bedrijf zijnde (kleine) machines, waarna men onder individueel toezicht aan de slag ging. In de eerste dagen en nachten waren natuurlijk slechts enkele machines in bedrijf maar iedere dag werd een duidelijke vooruitgang geboekt met het in productie nemen van machines en het aanleren van behandeling halffabrikaat en/of eindproduct. Deze snelle aanpak en ontwikkeling waren ook een gevolg van perfecte samenwerking en een uitstekende teamgeest. Dit was niet alleen het geval in de afdeling productie maar overal op de locatie. Een voorbeeld. De dames van afdeling Inpak hadden in de beginweek wel een eigen afdeling maar onvoldoende werk. De dames boden spontaan aan om de vele vierkante meters glas in de scheidingswanden langs de gangpaden een goede wasbeurt te geven, omdat deze nog niet door de aannemer schoon waren opgeleverd. Net zoals in de productie: niets was hun teveel, men ging ervoor.
Naast de afdeling productie was ook de afdeling Grondstoffen volop in bedrijf. De kunststofkorrels, hoofdzakelijk hoge- en lagedichtheid polyetheen en in mindere mate doorzichtig- en slagvast polystyreen worden aangeleverd in zakken van 25 kg. Deze worden handmatig open gesneden, de inhoud wordt in een verzamelbak gestort waarna de korrels via een mechanisch opvoersysteem in de menginstallatie terecht komen. Na het toevoegen van kleurstof in pastavorm worden de kunststofkorrels door menging aan de buitenzijde voorzien van een dun laagje pigment. Deze pasta kleurstof was de nieuwste ontwikkeling van de fa. Bayer Leverkusen als vervanger van de tot nu toe gebruikte pigmenten in poedervorm, met als groot voordeel geen stofproblemen in de werkruimte en omgeving en bovendien niet schadelijk voor de gezondheid omdat in de oude situatie de beschikbare mondkapjes vaak werden vergeten of bewust niet werden opgezet. Vanaf de start werd in de afdeling grondstof in 'normale' dagdienst gewerkt zodat tussenopslag nodig was. De ingekleurde grondstof wordt 'afgetapt' in een verrijdbare container met een inhoud van 250 kg. die met een heftruck in eigen afdeling op elkaar wordt gestapeld en opgeslagen of direct afgevoerd naar de productie waardoor het opzakken, dicht naaien en op pallet plaatsen van de zakken met ingekleurde grondstof komt te vervallen. Deze manier van handling was een duidelijke verbetering wat ook het geval was met een hefplateau bij de menger zodat de persoon die de zakken opensneet zich niet voortdurend hoef- de te bukken maar op werkhoogte de zakken van de pallet kon afnemen. De containers met ingekleurde grondstof worden met de heftruck naar de productie vervoerd en geplaatst op een draaibaar plateau met twee 'stations', gemonteerd op een pilaar naast de spuitgietmachine.Op deze manier was het 'handmatig' transport van pallets met zakken ingekleurde grondstof naar de spuitgietmachines en het ledigen boven in de trechter ook verleden tijd. In de nieuwe situatie wordt door een eenvoudige draaibeweging van het plateau de uitstroomopening van de container direct boven de trechter van de machine geplaatst waarna deze met een schuif geopend kan worden m.a.w. zeer weinig handwerk en geen gemors van grondstof.
ProduktiehalIn de afdeling Productie stonden de machines opgesteld in drie rijen, in volgorde van oplopende Sluitkracht 1 met andere woorden van klein naar groot, in een schuine opstelling. Door deze manier van plaatsing met voldoende ruimte tussen de machines en de brede gangpaden konden de heftrucks goed en snel manoeuvreren bij het aan- en afvoeren van grondstofcontainers en pallets. Met deze manier van opstellen werd de vloeroppervlakte optimaal benut. Zoals vermeld wordt de sluitkracht van een machine uitgedrukt in tonnen. In de beginperiode stonden opgesteld 21 machines: Oplopend van 65 ton tot 700 ton. Zoals reeds eerder vermeld werd in de productie gewerkt in volcontinudienst met een vier ploegensysteem. De bezetting per ploeg bestond uit ca. 24 personen: 1x chef van dienst, 2x assistent chef van dienst, 1x heftruckchauffeur, 1x e. monteur, 1x hydraulica/w.monteur, 1x matrijzensteller, 1x controleur, 1x portier en ca. 15x bedieningspersoneel.
Producten welke niet voldoen aan de kwaliteitseisen of vrijkomen bij kleurwisseling worden naar soort grondstof gescheiden en hierna vermalen. Na inkleuring met een meer donker pigment wordt deze uitval, al of niet vermengd met basisgrondstof, weer voor andere producten ingezet met een te verwaarlozen verlies aan kwaliteit. Met deze aanpak wordt het percentage afval tot een minimum beperkt: orde, netheid, veiligheid en efficiënt werken zijn vanaf het begin hoofdthema's.
De overige afdelingen o.a. personeels- en financiële administratie, bedrijfsbureau, tekenkamer, opslag halffabrikaat, kartonnage, magazijn/expeditie en technische dienst waren inmiddels volop in bedrijf. In de werkplaats waren al opgesteld twee draaibanken, drie boormachines ( 1x kolom en 2x tafel), lasapparatuur, werkbanken en verdere technische voorzieningen. Aangezien de medewerkers in de werkplaats waren gerecruteerd uit diverse afdelingen van de Staatsmijnen, werd dankbaar gebruik gemaakt van hun kennis om overtollige zaken, uiteraard van een goede kwaliteit, van deze afdelingen over te nemen. Een draaier kreeg daardoor zelfs zijn 'eigen' draaibank, inclusief alle technische hulpmiddelen, weer ter beschikking op zijn nieuwe werkplek. Daarnaast het technisch magazijn met reserve onderdelen en overige technische accessoires, verder een afgescheiden ruimte voor het opladen van accu's voor de heftrucks.
Zoals reeds kort aangeduid worden in de productie zowel halffabrikaten als gereed product vervaardigd. Bij de kleine machines vallen de producten direct vanuit de matrijs in verzamelbakken, maar bij de grotere machines stond een bediende die meestal het artikel handmatig of met een hulpgereedschap uit de matrijs moest nemen en het daarna verder afwerken. Deze handling bestond o.a. uit controle product, het plakken van één of meerdere etiketten, verpakken in plastic zak of kartonnen doos en hierna stapelen in een boxpallet. Dit is een metalen kooiconstructie, met bodem afmeting 1.12x1.12 m en een hoogte van 2 m, aan de buitenkant opgebouwd uit een fijn mazige staalmat met maaswijdte 5x5 cm. Dit was wederom een ergonomische verbetering. Deze pallets worden met de heftruck of palletwagen verder getransportreerd en kunnen daarna tot maximaal drie hoog gestapeld worden in opslag halffabrikaat, magazijn/expeditie, kartonnage of elders waardoor veel opslagruimte bespaard werd. Tevens was de maat van de kooien afgestemd op container-, spoor- en vrachtauto transport.
Producten welke meer handling vereisten werden bewerkt in afdeling Inpak of afgevoerd naar een locatie elders van het Fonds voor Sociale Instellingen, een dochter onderneming van de Staatsmijnen, waar oud mijnwerkers met een lichte handicap aangepast werk verrichten. De uitbesteding door Curver werd echter zodanig groot en volumineus dat door hen snel besloten werd om op een aangrenzend terrein een nieuw bedrijf te stichten met eenzelfde constructie als Curver. Eind 1967 begin 1968 ging dit bedrijf van start en er werd uitsluitend voor Curver gewerkt met een vijftal montage/inpak banden. Halffabrikaten en toeleveringen werden bij de 'buren' aangeleverd, waarna de geassembleerde/gerede producten volgens de gebruikelijke route in ons eigen magazijn werden afgeleverd en in de administratie opgenomen. Later is het uitbesteden geminimaliseerd en is dit bedrijf overgeschakeld op het assembleren van kabelbomen voor de autoindustrie.
Intern werd na ongeveer 2 maanden gestart met de opleiding van de machinebediendes. De cursus was duidelijk op hen afgestemd zowel in theorie als in praktijk. In groepjes van vier kregen ze éénmaal per week op de dag- of middagdienst les in kunststoffen algemeen met hun eigenschappen en de diverse verwerkingstechnieken. Gedetailleerd en specifiek werd behandeld datgene waarmede ze dagelijks van doen hadden. Een zeer belangrijk onderdeel van deze cursus was de instructie over de werking en de diverse instellingen van de spuitgietmachine waarbij veilig werken een belangrijk punt was. In de werkplaats werd uitleg gegeven over matrijsconstructie met de diverse technische onderdelen. De mensen waren zeer leergierig en wilden alles tot in de finesses weten. Na enige tijd werden al verbeteringen aangedragen om de monotone werkzaamheden te veranderen of het proces te versnellen. De opstartfase met een totale bezetting van ongeveer 190 personen verliep buitengewoon goed. Na enkele maanden was de aannemer ook gereed met het hoofd- en bijwerk en met een laatste laag asfalt op wegen en terreinen kon de bouwfase voorlopig tot volle tevredenheid worden afgesloten.
In de beginperiode kreeg afdeling productie de meeste aandacht maar na een half jaar verliepen de werkzaamheden hier zodanig naar wens dat meer aandacht besteedt kon worden aan andere afdelingen. Een van de eerste 'hot items' was planning en afhandeling orders. In de eerste periode werd gewerkt volgens de in Rijen al jaren gebruikelijke methode maar deze bleek voor Brunssum niet te voldoen. Reden: Werken in volcontinudienst vereist een strakke en eenduidige planning omdat bij een vol programma geen 'vrije' uren meer beschikbaar zijn. In de oude situatie werd gewerkt met korte lijnen direct van afdeling verkoop via productiebureau naar productie. In deze opzet konden van beide zijden wijzigingen tot het laatste moment, tot zelfs gedurende de productie worden doorgevoerd. In de nieuwe situatie moest alles, zo gedetailleerd mogelijk, op langere termijn gepland worden, vooral in de aanloop naar en in het weekend. Om mogelijke storingen in het weekend op te vangen was het wenselijk dat schaduworders waren ingepland zodat de chef van dienst hiermede verder kon produceren zodat geen uren verloren gingen, dit laatste was vooral in het begin onmogelijk. Na jaren is in het weekend gestart met een wachtdienst waarbij op verzoek van de chef van dienst de monteur voor herstel matrijzen evenals 'toezicht' voor algemene zaken konden worden opgeroepen zodat hij voor deze zaken ontlast werd.
Om voor de genoemde tekortkomingen een oplossing te bieden werd in de Staf het besluit genomen dat afdeling Verkoop vanaf nu moest zorgen voor een voorlopig planning van orders op langere termijn en de definitieve orders 2 à 3 weken vóór aflevering in magazijn met in acht name van seriegrootte. Met deze nieuwe manier van aanpak kwam de verantwoording voor de directe productieplanning eenduidig te liggen bij de Productiebureaus Rijen en Brunssum. Jaren later is dit nog verder uitgewerkt met als resultaat in Rijen een Centraal Bedrijfs Bureau, als intermediair tussen verkoop en productie. Deze groep was verantwoordelijk voor planning en het bewaken van levertijden maar vooral in samenwerking met verkoop zorgdragen voor een continue toestroom van orders. Het C.B.B gaf de orders door aan de productiebureaus in Rijen en Brunssum die ze verder afhandelden. Het bureau 'nieuwe stijl', Bedrijfsbureau, bestelde bij afdeling inkoop, centraal in Rijen, grond-, hulp- en kleurstoffen, maar plande eveneens de benodigde box- en houten pallets die nodig waren in de productie afdeling. De registratie van alle halffabrikaten, aanvoer gereed product zowel eigen als van derden, voorraad in magazijn viel eveneens onder hun verantwoording m.a.w. de gehele afhandeling van binnenkomst orders tot aanlevering in magazijn lag in één hand. De verdere afhandeling via expeditie en planning transport was onder verantwoording van afdeling Verkoop.
Zoals reeds vermeld waren in de afdelingen productie en inpak slechts summiere schriftelijke instructies voor handling en stapeling beschikbaar. In de afgelopen jaren was in Rijen arbeidsanalyse slechts beperkt uitgevoerd. Een begin was gemaakt met enkele huishoudelijke artikelen maar aan de grote bulk verpakkingsartikelen vooral emmers was men nooit toegekomen. De opgebouwde ervaring was dus minimaal zodat nu in Brunssum alles vanuit het niets moest worden opgezet en geanalyseerd. Om in de afdeling Inpak optimaal te kunnen werken werden de dames aan één of twee zijden van de band geplaatst en was de onderlinge afstand afhankelijk van de handling maar steeds zodanig dat sociaal contact mogelijk bleef. De snelheid van de band was altijd hetzelfde, dit in tegenstelling tot andere bedrijven. Deze opstelling werd verwerkt in een assemblagevoorschrift dat daarna gebruikt kon worden bij planning, uitbesteding naar derden of zelfs voor 'calculatie', al is dit laatste op dat moment nog een onbeschreven blad. Tot dan toe werd de verkoopprijs meestal niet bepaald aan de hand van een eventueel berekende kostprijs maar gerelateerd aan een factor maal de grondstofprijs m.a.w. kennis geput uit ervaring. Deze manier van prijsstelling kon goed gehanteerd worden bij artikelen met weinig hulpstoffen en nabehandeling wat het geval was bij de meeste verpakkingsartikelen en daarnaast was in die jaren de fluctuatie in de grondstofprijs minimaal. Jaarlijks draaide Rijen met goede winstcijfers zodat de door afdeling Verkoop tot dan toe gehanteerde methode juist was. Voor huishoudelijke artikelen kon deze prijsstelling faliekant fout gaan met als voorbeeld de 'Monta Coin', een hoekpaneel voor de badkamer samengesteld uit kunststof planchetten en verchroomde buizen in prijs uitgedrukt 10:90%. In zulke extreme gevallen werd natuurlijk de rekenmethode aangepast. Het duurde echter nog jaren alvorens over een gedetailleerde kostprijs kan worden gesproken, hierover later meer.
Ook in de productie ontbraken de voorschriften voor handling en stapeling. In de beginperiode werd door het toezicht in samenwerking met een 'arbeidskundige' aan de machine gedurende de productie de handling geanalyseerd en geoptimaliseerd en vastgelegd in een voorschrift. Tezamen met de verpakking in kunststofzak of doos, al of niet als halffabrikaat of gereed product, stapeling in boxpallet, met als alternatief houten pallet (was nog geen sprake van universeel Euro DB) werd dit voor dat moment één zo compleet mogelijk bedieningsvoorschrift.
SpuitgietmachineDoor de gedegen aanpak verliepen de werkzaamheden in de afdeling productie zondermeer goed, al moest er nog flink gesleuteld worden. In samenwerking met de eigen technische dienst en technici van buiten werd het productieproces verder geoptimaliseerd. De nieuwe machines waren niet alleen sneller maar door de hogere plasticeercapaciteit was de opbrengst van de machines ook hoger dan in de bestaande locatie Rijen. De pluspunten bij de nieuwe machines t.a.v. plasticeren en overige technische aspecten droegen duidelijk de Curver 'Rijen' signatuur. Een andere belangrijke factor voor de versnelling van het proces was de temperatuur van het koelwater van ca. 4°C en de hogere capaciteit van de koelaggregaten. Om nog meer te verbeteren werd aan de hand van proefspuitingen het maximale gehaald uit de matrijs/machine combinatie met de op dat moment vastgestelde of reeds bestaande, maar nog niet op schrift staande kwaliteitseisen. Dit laatste kreeg wel op korte termijn een hoge prioriteit.
Om de productie nog meer te optimaliseren werden ook de matrijzen onder de loep genomen. Verschillende matrijzen waren nog uitgevoerd met een kegelaanspuiting die achteraf met een mes of tangetje verwijderd moest worden. Indien het spuitgiettechnisch mogelijk was werden deze matrijzen meestal in de eigen werkplaats omgebouwd naar een pinpoint met als resultaat geen nabehandeling en kortere cyclustijd. Door de snellere machinebewegingen werd nu de afkoelsnelheid in de matrijs de bottleneck. In eigen werkplaats of bij derden werden extra koelkanalen aangebracht of inzetstukken van een metaal met een betere warmtegeleiding. In incidentele gevallen werd in samenspraak met afdeling Marketing / Productontwerp het artikel zelfs gewijzigd. Na ongeveer één jaar was over de hele 'Plant' een duidelijke verbetering van het arbeidsproces zichtbaar en met cijfers aantoonbaar.

Wijziging Raad van Commissarissen en Directie.
Op 31 december 1966 was de grondlegger van Curver N.V. de heer A.Verschuren Sr. afgetreden als directeur van de vennootschap. Na zijn aftreden vervulde de heer Verschuren nog enige tijd de functie van president commissaris. Met ingang van 1 april 1967 werd hij daarin opgevolgd door de heer dr. J. van Steenis directeur commerciële zaken van de Staatsmijnen.
Per diezelfde datum trad ook een nieuwe directie aan gevormd door de heren:
- Caspar Verschuren technisch directeur.
- Frans van Aart commercieel directeur.
- Drs. J.M. van de Heuvel directeur financiële, economische en algemene zaken. De heer van de Heuvel was afkomstig van de Staatsmijnen.

Opening Locatie Brunssum
Opening 9 juni 1967Op 9 juni 1967 was de officiële opening door mr. dr. Ch. J. M. A. van Rooy de gouverneur van de koningin in Limburg. Hierbij werd hij geassisteerd door een bloemenmeisje, Marja Gorissen, het 8 jarig dochtertje van de bedrijfsleider. Nadat ze haar mandje bloemen in een trechter van een imitatie spuitgietmachine had geworpen en een druk op de knop door de gouverneur, schoot onder veel lawaai een bonte mengeling van kleine kunststof bekertjes, potjes en kleine emmertjes naar buiten. Bij de opening waren verder aanwezig vele autoriteiten, onder wie de Hoofddirectie van de Staatsmijnen, leden van Gedeputeerde Staten van de provincie Limburg, de Burgemeesters en Wethouders van de gemeenten Brunssum en Schinveld, Raad van Commissarissen, Directie en Bedrijfsleiding Curver, familie Verschuren en tal van zakenrelaties. In de toespraak van dr. J van Steenis, president-commissaris van Curver N.V. werd vooral de nadruk gelegd op de voortreffelijke samenwerking van allen die bij de snelle realisatie van de vestiging betrokken waren. De gouverneur Ch. van Rooy toonde zich ook vol lof over het snelle verrijzen van een complete en volledig nieuwe industrie in het urgente met mijnsluitingen bedreigd gebied. Als laatste spreker benaderde burgemeester J.W. Quint van de gemeente Brunssum de betekenis van deze vestiging uit locaal oogpunt. Hij was ook vol lof over de contacten en snelle beslissingen van de directie.
Uit alle toespraken bleek duidelijk dat de snelle en gedegen manier van aanpak een voorbeeld was voor toekomstige nieuwe industrieën. De nieuwe vestiging was van grote betekenis voor de herstructuering van de Mijnstreek en een LICHTPUNT in deze voor de Mijnstreek moeilijke tijd.

Na de geslaagde en tot ieders tevredenheid verlopen start van het bedrijf Brunssum kon nu het aandachtsveld verplaatst worden naar de start van de nieuwe groep Ontwikkeling: TBO en de voorbereiding en start van een nieuwe onderneming in het concern: de firma Muroon.


1 Sluitkracht
De sluitkracht van een spuitgietmachine, in de praktijk meestal genoemd sluitdruk, is de kracht uitgedrukt in tonnen waarmede de matijshelften tijdens het injecteren gesloten worden gehouden. Bij voldoende sluitkracht wordt verhinderd dat de helften uiteen gedrukt worden zodat het vloeibare materiaal niet tussen de platen naar buiten kan weglekken met andere woorden geen braamvorming.


Tekst: Wim Dullens. Layout: Leon Hendrix. Met medewerking van: Cees van Dongen en Piet Pontzen.


Heb jij nog aanvullingen op dit verhaal ? Mail mij : info@curver-brunssum.nl