Klassieke Astrologie
De Tetrabiblos van Klaudios Ptolomaios 

PicoSearch      
  Help
                                                 

 

Menu Klassieke
Astrologie

 

Homepagina
Klassieke Astrologie

 

Tetrabiblos pagina

 

Kontakt

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Klassiek > Literatuur > Tetrabiblos > Tetra1_21 >  tetra1_21.html

 

 

De Tetrabiblos van Klaudios Ptolomaios, Boek-1, Hoofdstuk 21
De Drievuldigheden


DE DRIEVULDIGHEDEN (DE HEERSCHAPPIJ OVER DE DRIEHOEKEN).1 

 

De verbondenheid die bestaat via de tripliciteiten komt op de volgende wijze tot stand:

De tripliciteit behoudt overeenstemming met een gelijkzijdige driehoek en de gehele baan van de zodiak wordt bepaald door drie cirkels, namelijk de equinoctiale cirkel en de twee cirkels bij de twee keerkringen; de twaalf tekens worden daarom verdeeld in vier gelijkzijdige driehoeken.2 

 

De eerste driehoek, of tripliciteit, wordt gevormd door de drie mannelijke tekens Ram, Leeuw en Boogschutter en hebben de planeten Zon, Mars en Jupiter als hun huisheer3. Deze tripliciteit krijgt als heersers de Zon en Jupiter toegekend, aangezien Mars tegengesteld is aan de invloed van de Zon4. De Zon heeft er bij dag de voornaamste heerschappij over en Jupiter bij nacht. Ram ligt aan de equinoctiale cirkel, Leeuw bij de zomercirkel en Boogschutter bij de wintercirkel. 

De tripliciteit is voornamelijk Noordelijk, als gevolg van de optredende dominantie van Jupiter die vruchtbaar en windbrengend is, en uitdrukkelijk verbonden is met noordenwind. Het (de tripliciteit) is eveneens Noordwest, omdat het enigermate gecombineerd wordt met het huis van Mars, die Westelijke winden brengt en de vrouwelijke eigenschappen van dat kwadrant, als gevolg van zijn lunaire toestand.5.  

 

De tweede tripliciteit, gevormd door Stier, Maagd en Steenbok, bestaat uit drie vrouwelijke tekens en is daarom toegekend aan de Maan en Venus: De Maan heerst erover bij nacht en Venus gedurende de dag. Stier ligt het meest bij de zomercirkel, Maagd bij de equinoctiale cirkel en Steenbok bij de wintercirkel. Deze tripliciteit is zuidelijk vanwege het overwicht van Venus wier warme en vochtige invloed zuidelijke winden veroorzaakt. De tripliciteit ontvangt tevens een bijmenging van het Oosten als gevolg van Saturnus, want omdat Steenbok het huis is van die planeet en een Oostelijk teken is. Saturnus wordt de veroorzaker van winden uit dat kwadrant en verschaft deze tripliciteit met een bijmenging van het Oosten waarmee hij verder verbonden is als gevolg van zijn deelname aan de Zonnehelft6

 

De derde tripliciteit is samengesteld uit Tweelingen, Weegschaal en Waterman, allemaal mannelijke tekens. Het houdt verbintenis met Saturnus en Mercurius omdat hun huizen erdoor worden bevat en is daardoor aan hen toegekend en niet aan Mars, waarmee het (de tripliciteit) geen relatie heeft. Saturnus beheerst het bij dag, vanwege zijn conditie en Mercurius bij nacht. Tweelingen ligt bij de zomercirkel, Weegschaal bij de equinoctiale cirkel en Waterman bij de wintercirkel. Deze tripliciteit is voornamelijk Oostelijk door de invloed van Saturnus, maar het wordt Noordoost omdat het ook een invloed ontvangt uit het Noorden als gevolg van de toestand van Jupiter waarmee de planeet Saturnus - met betrekking tot deze materie - een daginvloed heeft8 

 

De vierde tripliciteit, gevormd door Kreeft, Schorpioen en Vissen, is toebedeeld aan de enige overblijvende planeet, namelijk Mars, die er door zijn huis, Schorpioen, aan verwant is. Maar omdat de tekens van deze tripliciteit allemaal vrouwelijk zijn, heerst de Maan hierover bij nacht en Venus bij dag door hun vrouwelijke aard, samen met Mars.
Kreeft ligt bij de zomercirkel, Schorpioen bij de wintercirkel en Vissen bij de equinoctiale cirkel. Deze tripliciteit is Westelijk als gevolg van de heerschappij van de Maan en Mars, maar het is ook gemengd met het Zuiden door de gemeenschappelijke heerschappij van Venus, en wordt daardoor Zuidwest.

 

 

_________________________________ voetnoten door J. Ligteneigen

 

1. Ook wel tripliciteiten genoemd.

2. De genoemde cirkels kunnen als volgt worden aangegeven:

 

   De rode lijn is de equinoctale "cirkel", een cirkel die op twee punten door de beide equinoxen (Ram en
    Weegschaal) loopt.
    Vanaf de eerste equinox, Ram, begint een gelijkzijdige driehoek naar de andere tekens Leeuw en
     Boogschutter.
    Deze drie tekens zijn mannelijk van aard en zijn ook diurnal, d.w.z. ze behoren tot de sect van de
    dagplaneten.

 

 

 

 

 

    De groene lijn is de "cirkel" die gaat door de Steenbokskeerkring (de wintercirkel).
     Vanaf het teken Steenbok begint een gelijkzijdige driehoek naar de andere tekens Stier en Maagd.
     Deze drie (Aarde) tekens zijn vrouwelijk van aard en zijn nocturnal, d.w.z. ze behoren tot de sect. van de
     nachtplaneten.

 

 

 

 

 

 

     De rode lijn is weer de equinoctale "cirkel" die ook door de equinox Weegschaal loopt.
     Vanaf het teken Weegschaal begint een gelijkzijdige driehoek naar de andere tekens Waterman en 
     Tweelingen.
     Deze drie (Lucht) tekens zijn mannelijk van aard en zijn diurnal, d.w.z. ze behoren tot de sect. van de 
     dagplaneten.

 

 

 

 

 

 

 

     De blauwe lijn is de "cirkel" die loopt door de Kreeftskeerkring (de zomercirkel).
     Vanaf het teken Kreeft begint een gelijkzijdige driehoek naar de andere tekens Schorpioen en Vissen.
     Deze drie (Water) tekens zijn vrouwelijk van aard en zijn nocturnal, d.w.z. ze behoren tot de sect. van de 
     nachtplaneten.

 

 

 

 

 

 

3. Huizen zijn niet de ons nu bekende 12 segmenten van de horoskoop, maar dit waren de dierenriemtekens waarover de planeten heersten.

    Zo heerst de planeet Mars over het teken Ram. Ram was dus het "huis" van Mars. Saturnus heeft als huizen Steenbok en Waterman, omdat de
    moderne planeten in de Oudheid niet bekend waren.

 

4. Mars is een nachtplaneet, zoals in hoofdstuk-7 werd beschreven en hieronder in het tabelletje kan worden bekeken. De vuurtekens zijn mannelijk
    en dus spelen uitsluitend de dagplaneten een rol bij de toekenning van de heerserschappen. Mars kan dus niet deelnemen aan deze tripliciteit.

 

Dag Dag Dag Beide         Nacht Nacht Nacht

 

5. Herinner de eigenschappen van de kwadranten uit hoofdstuk-6.

 

6. De Zonnehelft loopt van de tekens Leeuw tot en met Steenbok. De Maanshelft loopt van de tekens Waterman tot en met Kreeft.

 

7. De bijmenging met Jupiter schijnt voort te komen uit het sextiel aspect tussen Waterman (het daghuis van Saturnus) en Boogschutter (het daghuis
    van Jupiter). In een apart artikel over Tripliciteiten zal ik ingaan op de werkelijke reden dat Jupiter hier een bijmenging heeft.

 

 

 

 

Start pagina: 9 februari 2008, J. Ligteneigen

 

 

 

 

     

 

 

       

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

______________________________________________

Pagina voor het laatst bewerkt op / Page maintained on:   15/11/2009