Reis Bosnië - Sarajevo Rollers in Limburg.

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Reis Bosnië

Duivenbezoek

Op duivenbezoek in Sarajevo.

Maandag 8 oktober 2012 om 8.30 uur stond onze Bosnische duivenvriend Mirsad Mesic voor de deur om me op te halen om naar Bosnië te gaan.
Alfons Coenen en Fons Vanhaeren zaten al in de auto. Na samen nog een kopje koffie genomen te hebben vertrokken we richting Spital a.d.Drau in Oostenrijk.
Daar was, na 925 km., onze eerste overnachting in Gasthof Kasperle. We kwamen er pas laat aan en het was ook nog "Ruhetag". We belden aan en de Bosnische beheerder Vlado Bijelac hete ons allerhartelijkst welkom.




Ons hotel in Spital a.d. Drau

De tassen werden boven gebracht en toen moesten we met hem al een "Bosnisch" borreltje drinken.
Toen maar elders eten en brachten we een bliksembezoek aan een neef van Mirsad die ook dat hotel voor ons had gereserveerd. Tegen middernacht in bed want morgen was vroeg dag.



Vertraging bij de karawankentunnel

Dinsdag 9 oktober ging het dan verder, via Slovenië en Kroatië naar Ferid Catak,
Eens BR Wereldkampioen, voorheen woonachtig in Denemarken maar nu weer in een dorpje in de buurt van Bosanska Gradiska in Bosnië. 
Vanwege werkzaamheden in een bijna 8 km. lange Karawankentunnel  liepen we 30 min. vertraging op en tot overmaat van ramp stonden we daarna 2x 25 min. stil omdat er op ons traject nog mijnen moesten worden geruimd.

Ferid was echter niet thuis maar een vriend wist waar Ferid navraag zou gaan doen naar bodemrollers voor Fons.
Dus samen met hem naar dat adres en na daar wat duiven bekeken te hebben  vergezelde een koppeltje ons verder op onze tocht.
Deze vriend,  Edin Mesinovic,  had thuis echter ook Batschka tuimelaars en Birmingham rollers en van deze laatsten, afkomstig van Ferid,  wisselden er meteen 8 stuks van eigenaar.
De beide Fonsen waren al dus voorzien terwijl we nauwelijks in Bosnië waren.



Het huis van Ferid Catak





Mirsad's grondstuk

Van Bosanska Gradiska reden we toen eerst nog richting Gradacac omdat daar in de buurt Mirsad geboren is.  We bezochten zijn geboorteplaats, een eigen grondstuk, de plek van zijn ouderlijk huis en naastwonende familie en hij toonde ons het schooltje waar hij als kind naar toe was gegaan.En toen ging het richting de hoofdstad.
Pas om 21.30 uur kwamen we, na weer eens een kleine 800 km. gereden te hebben, in Sarajevo aan en werd direct contact opgenomen met  Ir. Suad Sokolovic.
Binnen 5 minuten was hij ter plaatse en ging ons voor naar hotel Hayat waar hij verder alles voor ons regelde.

Na onze bagage op de kamers gebracht te hebben gingen we naar het huis van Suad.  Dat was hoog gelegen even buiten het centrum van Sarajevo. Daar werd onze auto op de binnenplaats geparkeerd en kregen de duiven tijdelijk een beter onderkomen.

Met Suads auto daalden we weer naar beneden en zochten in het centrum een klein cafeetje op waar bij enkele consumpties nader kennis gemaakt werd. Al heel snel was de sfeer alsof we mekaar al jaren kenden.
Suad vond het jammer dat ik zo ver van hem vandaan woonde. We zouden best heel goed samen kunnen doen met de duiven.



Hotel Hayat 

Toen hij echter hoorde dat ik al met een of twee doffers tevreden was bezorgde hij me de schrik van de avond.    " Wat twee !!  Ik heb extra voor je gekweekt. Met minder als tien kom je niet uit Sarajevo weg".
Tegen middernacht zette Suad ons bij het hotel af en maakten we afspraken voor de volgende dag.
Moe maar voldaan zochten we ons bed op.




Met Suad in zijn tuin

De volgende dag, woensdag 10 oktober, na het ontbijt gingen we de steile helling op naar Suad's huis. Halverwege zagen we hem al boven eens komen kijken waar we bleven.
De duiven van de beide Fonsen had hij al in aparte hokken in zijn berging ondergebracht en we begaven ons naar zijn tuin waar in een prieeltje koffie werd gedronken en ik Suad wat foto's van mijn duiven liet zien. Suad's verschillende duivenrassen werden bekeken en bij de Sarajevorollers aangekomen moest ik uit zijn hele bestand 10 duiven uitzoeken. 5 Doffers en 5 duivinnen.  Er was geen ontkomen aan.
Hij voorzag ze van een gekleurde voetring en zou ze morgenvroeg met de andere duiven, zo klein mogelijk, inpakken.

Daarna liet hij ons Sarajevo vanaf een bergtop zien en belde verschillende Sarajevorollerfokkers op om hen te komen bezoeken.
Ook Abdullah Karic werd gebeld.  Hij is een van de oudste fokkers die nog afstammelingen van de duiven van prof.Josip Miletic bezit. Hij is echter erg ziek en nam zijn telefoon, jammer genoeg, niet op. 
En toen ging het door zeer nauwe bochtige straatjes, met ingeklapte spiegels, heel stijl naar beneden  tot schrik van Fons Vanhaeren. 
Rondrijdend, in- en vooral buiten Sarajevo, zie je pas hoe verschrikkelijk de oorlog is geweest.




Overal begraafplaatsen. Elk grasveldje is benut.

Overal kapotgeschoten huizen en elk grasveldje is benut om de doden te begraven.
Overal, verspreidt in elke stad of dorp, zie je grote en kleine grasvelden bezaaid met, laat ik het kleine obelisken noemen,  welke de graven aanduiden.
Overal was men nog bezig met de wederopbouw. Ook bij de fokkers was geen enkel huis af.  Men moest nog stukadoren of tegels leggen, schilderen of behangen en alle muren zaten vol inslagen van de duizende granaten.
Als je het niet gezien hebt dan is het onbegrijpelijk wat hier is aangericht.  Onvoorstelbaar.



 Met 3 Bosnische Smyrnafokkers  gelijktijdig op de foto

We bezochten nog 3 fokkers. Dragan Bjelanovic, Nusret Biber en Hamdo Jazic.
Overal werden we heel hartelijk ontvangen en begon een lange klimpartij naar de zolder. We kregen niet alleen tekst en uitleg maar van Dragan Bjelanovic een duivin van zijn beste doffer en van Nusret Biber een overjarige doffer.  Deze werden me spontaan aangeboden.

Op aandringen van Suad gingen we 's-middags in een restaurant eten en toen liet hij ons de skipiste zien waar in 1984 de Olympische spelen plaatsvonden.

Daarna zou hij even willen gaan rusten en werden afspraken gemaakt voor de avonduren.
Wij bekeken Sarajevo. Het bekende plein met de vele duiven en de kleine straatjes waar de kooplieden hun waren hadden uitgesteld. Het is een mix van verschillende culturen.

Rond 19.00 uur troffen we Suad weer en gingen we eerst in een klein typisch Bosnisch cafeetje een typisch Bosnisch avondeten nemen. Čevapčići
Daarna liet hij ons Sarajevo zien en vertelde over de verschillende culturen welke nog tot uitdrukking kwamen in de vele kerken, synagogen en moskeeën. En Mirsad moest maar alles vertalen. Maar ook het moderne Sarajevo liet hij ons zien, waar het uitgaansleven langzaam, gezien het nog vroege uur, op gang begon te komen.Bij één moskee kwam al eeuwen water uit de muur. Suad waste er zijn handen in en dronk er vervolgens van. Daarna vroeg hij mij hetzelfde te doen. Ik waste mijn handen en dronk.
Toen zei hij:  "Wie van deze bron gedronken heeft,  zal terugkeren naar Sarajevo".
Daarna bracht hij ons terug naar ons hotel.



Onder aan de skipiste

Donderdag 11 oktober zou de spannendste dag worden. We moesten illegaal met de duiven  minimaal 3 grenscontroles passeren.  We besloten eerst nog naar Trilj in Kroatië te gaan om Dr.Milan Gilic te bezoeken. Een omweggetje van 250 km.
Dr. Milan Gilic was namelijk de eerste die op mijn mail bij mijn zoektocht naar Smyrna's in 2002 reageerde.

Voor de laatste keer sjouwden we, nu met onze bagage, de steile berg op en kwamen puffend boven aan.
Sudo (voor vrienden) had de duiven al in verschillende kleine doosjes ingepakt, die we dan achter onze tassen konden plaatsen en met onze jassen konden bedekken. Het afscheid was emotioneel.
Sudo zei dat ik de duiven in het vervolg Sarajevo rollers moest noemen want Smyrna's, zei hij,  bestaan niet meer.
Ik zei hem bij het afscheid:  "Als ik vanaf nu mijn duiven zie vliegen, zijn ze voor mij een symbool van vrijheid voor Bosnië-Herzegovina en vooral voor Sarajevo".
Hij omhelsde me en het deed hem wel wat dat was duidelijk aan zijn gezicht te zien.

Toen begonnen we aan onze reis naar Trilj in Kroatië en vervolgens via Slovenië weer naar Spital a.d.Drau naar ons hotel van maandag. We hadden nog 950 km. voor de bumper.
De grens van Bosnië naar Kroatië kwamen we met wat geluk over. Een van de dienstdoende politieagenten kwam naar onze auto maar werd toen door een meerdere ergens voor teruggeroepen. Deze gaf ons toen het teken om verder te rijden. Aan de Kroatische kant was geen controle zeker vanwege de middagpauze.




Voor het "hospitaaltje" van Dr. Milan Gilic.

In Trilj bezochten we Dr.Milan Gilic,  welke nog werkzaam was in zijn kleine kliniek welke hij met nog 1 of 2 artsen runt in een te groot gebied met te veel patiënten. Volgens hem bijna niet te doen.
Hij beëindigde echter toch zijn werkzaamheden en ging meteen met ons naar zijn ouderlijk huis waar zijn duiven nog waren.  Deze zitten boven op zolder, vier hoog,  welke via een ladder vanaf de derde verdieping van buitenuit bereikbaar is.  Ik klom achter hem aan en bekeek de duiven in de voliëre boven op het dak.
We kropen weer naar beneden en daar haalde hij een doos tevoorschijn met daarin 2 doffers welke we, één voor Mirsad en één voor mij,  mee moesten nemen.

We wilden daarna vertrekken, gezien het nog af te leggen aantal kilometers, maar hij stond erop dat we zijn nieuw appartement bezochten al was het maar voor een kwartiertje.
Daar aangekomen werd door zijn vrouw Dinka koffie gemaakt en kwamen tevens enkele flessen zelf gebrouwen drank op tafel. Dat kwam in het straatje van Fons die meteen een eigen recept beloofde op te sturen.
Het werd veel langer dan gepland maar uiteindelijk vertrokken we, uitgewuifd door de familie Gilic, aan het nog 700 km. lange traject naar Oostenrijk.



Bij de familie Gilic in hun nieuw appartement

Bij de grenspost van Kroatië naar Slovenië hadden we ook geluk. Hier regende het en kwam men niet graag het hokje uit. Overal in de hokjes werden, zowel op de heen- als de terugreis onze passen en/of IDkaarten onder een scanner gelegd en op echtheid gecontroleerd. Na eens goed bekeken te zijn mochten we dan eindelijk verder rijden.  Tijdens deze tocht werden we zeker 3x gebeld door Suad:  Waar zijn jullie nou ?  Hoeveel grensposten moeten jullie nog ?  Tot nu toe alles goed gegaan ?
Eenmaal in Slovenië waren onze 24 duiven veilig want aan de grens met Oostenrijk is, in verband met de EU, geen controle meer. Later dan gepland kwamen we weer in ons eerdere hotel in Spital a.d. Drau aan.
's-Morgens na het ontbijt kwam de hoteleigenaar Vlado Bijelac ook nog even informeren hoe alles verlopen was en bood ons alle vier een fles "wijn van het huis" aan.
Daarna snel in de auto en begonnen we aan de laatste 925 km. richting Nederland en België waar we allen behouden aankwamen.
 
Voor een fotoverslag:  << klik hier >>
 

 
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu