DE STRIJD VAN MIJN VADER.
de%20strijd%20van%20mijn%20vader029010.jpg
Naar boven...
Contact
de%20strijd%20van%20mijn%20vader029008.jpg

      Tegen vier uur 's middags werd weer om vuursteun verzocht voor een wegknooppunt bij Nesima. Na drie salvo's seinde de FOO: "OK" en na vijf salvo's: "Nice shooting. Shoot ended". Na deze opdracht was de Flores ver over zijn dagelijkse rantsoen patronen heen. De gehele voorraad begon al aardig te slinken.

      Even later, rond een uur of zes, op de terugweg is naar Augusta, werd een verzoek om vuursteun onderschept, dat niet aan de Nederlandse kanonneerboot was gericht. Maar omdat er geen andere kanonneerboot in de buurt was besloot men om aan het verzoek te voldoen. Er werd gekeerd en werd er een zware antiluchtbatterij in de noordwestelijke voorstad van Catania beschoten. Na vier salvo’s hadden de kanonniers het doel te pakken en werd er overge­gaan op snelvu­ren. Even later werd door de  Forward Observation Officer geseind dat hij door de rook en het vuur het doel niet meer kon zien en hij verzocht dan ook het vuren te stoppen. Een groot deel van Catania ging in vlammen op.

      Later op de avond ging men terug naar de thuishaven Augusta. Onderweg kwam het schip twee Engel­se torpedobootjagers tegen, die vroegen om er gedrieën nogmaals op uit te gaan. Omdat het dagelijkse rantsoen munitie ver overschreden was, werd er vriendelijk voor dit verzoek bedankt. In Augusta werd om half elf 's avonds het anker uitgeworpen, maar aan rust kwam de bemanning niet toe. Een uur later kwam er een luchtaanval en een half uur later nog een.

Zoals de commandant J.S. Bax schrijft in zijn boek "Batterij ge­reed....Vuur....!: "Te half elf 's avonds komen we weer in de haven van Augusta ten anker en hebben slechts een uurtje voor ons zelf, want om half twaalf en 12 uur moeten wij weer twee luchtaanvallen verduren, die ons schip in de voegen doet kraken en de officier van administratie weer een aantal kopjes en schoteltjes kost".

     In verband met de luchtaanvallen op de haven van Augusta werd de Flores ingedeeld bij de anti luchtbarrage en kreeg de opdracht om, na elke missie, voor het donker in de haven terug te zijn. In de nacht van 19 op 20 juli volgde de ene luchtaanval op de andere.

      De  commandant: "Van drie uur af zijn er vrijwel aan één stuk door vijandelijke vliegtuigen boven de haven. Het schip trilt en schokt van jewelste. Vlak in onze nabijheid worden twee schepen getroffen. Eén ervan brandt geheel uit. Het hulpgeroep van de in het brandende oliewater liggende mensen klinkt angstaanja­gend in de oren, maar we kunnen weinig doen met ons twee-riems jolletje. Bovendien hebben we genoeg met de vijand te doen. Het tweede schip is geladen met munitie. Er woedt een zware brand en de kogels vliegen onder luid geknal alle kanten uit. Op 20 juli om 5 uur 's ochtends varen we in een grote bocht er omheen de haven uit en nauwelijks zijn we vrij van de havenversperring of met een geweldige knal vliegt het munitieschip de lucht in. Als we 's avonds terugkeren is er niets meer van over".

      “Jongen, ik heb rare dingen gezien. Ik heb mensen in het door olie brandende water zien liggen. Sommigen hadden geen armen en benen meer en het hulpgeroep ging door merg en been. Het water was roodgekleurd van het bloed. Helaas konden we niets voor ze doen. We hadden het te druk met de verdediging van ons zelf.

      Niemand kan zich voorstellen hoe erg dat is. Toen ik weer in Ureterp terugkwam, na de oorlog, had het geen zin om een dergelijk verhaal aan de mensen te vertellen. Ze wisten dat ik bij de marine had gezeten en wilden liever weten of de golven van de zee zo hoog waren als een huis als het stormde en waarom ik bij de marine was weggegaan. Goeie baan toch?”.

Vorige pagina...

      Op een bepaald moment begon men te merken dat er tijdens de lucht­aanvallen meer vijandelijke vliegtuigen in de lucht waren. De aanvallen waren tactisch beter opgezet en veel gedurfder. De animo van de Italianen om mee te vechten begon wat te tanen. Vanuit de vliegvelden op Sicilië en het uiterste zuiden van Italië stegen nu vaker Duitse vliegtuigen op.

     Tijdens zo’n luchtaanval kwam er een bom op ongeveer drie meter van de boeg terecht. Een enorme hoeveelheid water vloeide over het schip en zelfs op de brug stond men in ongeveer drie meter water.

      Ook hier kunnen we, om de situatie te beschrijven, beter de comman­dant van het schip aan het woord laten: "Het licht valt uit, kanon twee en drie zijn beschadigd, het kompas is kapot en het allerergste, de olieleiding naar de ketels is gesprongen, zodat er stookolie in het schip stroomt en twee ketels buiten gebruik gesteld moeten worden, vanwe­ge het brand­gevaar.

De eerste officier (Luit. ter zee 1e kl. C.C.J. Schalkwijk), het hoofd machinekamer (off. M.S.D. 1e kl. H. v.d. Heyde) en schipper De Smit maken een ronde door het benedenschip en tot onze ontzetting blijkt er een lek in de victualie bergplaats (bergplaats voor rantsoenen) in het voorschip te zijn. Een huidplaat is losgesprongen, het water stroomt met een dikke straal naar binnen en staat daar in een ogenblik tot manshoogte. De pompen worden bijgezet, maar slaan spoedig af, omdat er natte koffie, bonen, meel en andere, in zakken opgeborgen etenswaren, aangezogen worden en dit de zuig­mond al gauw verstopt. Op één volgelopen bergplaats blijft het schip echter wel drijven, dank zij waterdichte schotten, deuren en luiken. Onmiddellijk gevaar dreigt er niet! Thans is het zaak het schip zo gauw mogelijk opnieuw vaar- en vechtgereed te maken. Met man en macht gaat het machinekamerpersoneel aan de slag. Geschutsleiders en vuurleidingsmonteurs gaan onmiddellijk aan het werk. Kortom het is een lust om te zien hoe het Nederlandse marinepersoneel in het holst van de nacht met groot enthousiasme en kunde zich geheel geeft om het schip snel met eigen middelen in orde te krijgen.

Tegen 7 uur in de ochtend zijn we zover dat de kanons klaar zijn om te schieten, het gyrokompas weer aan het inslingeren is en de lekke olieleiding weer provisorisch is hersteld.

De lenspompen zuigen koffie- en bonenwater uit de bottelarij en het water is zover gezakt dat de bottelier met zijn helpers kan beginnen de victualie weg te halen. Meel, zout, rijst en koffie is bedorven. De blikken­voeding is te redden maar... alle etiquetten zijn van de blikjes afgeweekt, zodat we niet meer weten wat er in zit. Dat dit de komende weken nog wel eens aanleiding gaf tot verrassingen laat zich denken".

           De volgende ochtend om negen uur was de Flores weer gereed om uit te varen. De opdracht was om een plekje te zoeken ter hoogte van Catania, in afwach­ting van verzoeken om vuursteun.

Verantwoording
Staat van dienst
Hr. Ms. Sumatra
Hr. Ms. Flores
Friesch Dagblad
HOME
HET BEGIN (2)
HET BEGIN
ENGELAND
HALIFAX
WEST-INDIË
OOST-INDIË
CEYLON
CEYLON (2)
NAAR EUROPA
PORTHMOUTH
KRIJGSGEVANGEN?
KRIJGSGEVANGEN? (2)
KONVOOIEREN EN
OEFENEN
OPERATIE HUSKY
OPERATIE HUSKY (2)
VERTREK
VERTREK (2)
A/B Hr. Ms. FLORES
ZOALS HIJ WAS (1)
ZOALS HIJ WAS (2)
VRAGEN
HET EINDE
HALIFAX (2)
OOST-INDIË (2)
ROLKAART FLORES
AUGUSTA-CATANIA(2)
VERDEDIGEN EN
AANVALLEN
AUGUSTA-CATANIA
BIZERTE
OPERATIE AVALANCHE
(2)
OPERATIE AVALANCHE
MONDRAGONE
OPERATIE BIGOT
KERST EN JAARWISSELING
OPERATIE SHINGLE (2)
OPERATIE SHINGLE
GAETA EN FORMIA
GAETA EN FORMIA (2)
NAAR ENGELAND
NAAR ENGELAND (2)
DE LAATSTE REIS VAN DE SUMATRA (2)
DE INVASIE VAN
NORMANDIË
DE INVASIE VAN
NORMANDIË (2)
TERNEUZEN
DE LAATSTE REIS VAN DE SUMATRA
WEER THUIS
HUWELIJK
WEER NAAR OOST-INDIË
PLAATSING KLEINE VAARTUIGENDIENST
OVERSPANNEN
OVERSPANNEN (2)
TERUG NAAR NEDERLAND
TERUG NAAR
NEDERLAND (2)
TERUG IN NEDERLAND
TERUG IN NEDERLAND (2)
TERUG IN NEDERLAND (3)
HET EINDE
HET LEVEN AAN BOORD