DE STRIJD VAN MIJN VADER.
de%20strijd%20van%20mijn%20vader051010.jpg
Contact
de%20strijd%20van%20mijn%20vader051008.jpg
Verantwoording
Staat van dienst
Hr. Ms. Sumatra
Hr. Ms. Flores

PLAATSING BIJ DE KLEINE VAATUIGENDIENST.

 

      Meteen na de Japanse capitulatie, op 15 augustus 1945 riep Soekarno de onafhankelijke Republiek IndonesiŽ uit. De Nederlandse overheid was het hier absoluut niet mee eens en deed zijn uiterste best om Nederlands Oost-IndiŽ te behouden. Maar, onder internationale druk, werd op 15 november 1946 het akkoord van Lingadjali bereikt. Hierbij erkende Nederland de Republiek IndonesiŽ op Java en Sumatra en kwam overeen dat uiterlijk op 1 januari 1949 de Verenigde Staten van IndonesiŽ zouden worden opgericht. Beide staten, Nederland en de Verenigde Staten van IndonesiŽ, zouden in een unie verbonden zijn. Ook werd er afgesproken, dat beide partijen hun troepensterkte zouden verminderen en Nederland stemde in met een geleidelijke dekolonialisatie. Maar het akkoord mislukte, omdat men het niet eens kon worden over de uitvoering ervan.

      Daarna besloot het Nederlandse kabinet strijdkrachten in te zetten en dit was het begin van de eerste politionele actie. Het doel was de leiders van de Republiek IndonesiŽ tot vriend-schappelijker gedachten te brengen en de winstgevende productiegebieden op Java en Sumatra weer te veroveren. Op deze manier hoopte de Nederlandse overheid de economie in Nederlands Oost-IndiŽ weer te kunnen herstellen, vooral ook omdat de schatkist in Nederland bijna leeg was. Bij Pasir Poetih werden Nederlandse mariniers aan land gezet, ondersteund door vliegtuigen en bijgestaan door grote marineschepen. Na enige dagen was een groot deel van Java bezet.

     De strijd eindigde, omdat Nederland zwichtte voor grote internationale druk van vooral de Verenigde Naties. Maar de Republikeinse troepen zetten de strijd voort en voerden verschil-lende guerrilla acties uit.

      Op 19 december 1948 kwam de tweede politionele actie nadat de verschillende onderhan-delingen, die voor een oplossing voor het probleem zouden moeten zorgen, zonder resultaat waren gebleven. De bedoeling was het veroveren van Djokjakarta een gedeelte van Java, dat niet in handen was van Nederlandse militairen en een groot deel van Sumatra. Ook probeerde men de strijdkrachten van de Republikeinse regering te vernietigen. Er zijn vele vliegtuigen en landingsschepen ingezet om dat doel te bereiken, maar ook hier stak de internationale ge-meenschap en de Verenigde Staten een stokje voor. Men was het absoluut niet eens met het Nederlandse optreden waarop op 5 januari 1949 de strijd werd gestaakt.

      Mijn vader was ruim voor die datum, op 8 juni 1948, in Nederlands Oost-IndiŽ aangekomen en zal, middels kranten en verhalen van collegaís gehoord hebben van de duizenden gesneuvelde Nederlandse en Indonesische militairen die tijdens de politionele acties strijd tegen elkaar voerden. Het leek of er nooit een einde kwam aan oorlog en levensgevaar. Wanneer zou hij het slachtoffer zijn?

      Na zijn aankomst werd hij geplaatst bij de Kleine Vaartuigendienst.

Friesch Dagblad
Naar boven...

      De Kleine Vaartuigendienst (KVD) werd opgericht op 29 mei 1947 voor zee- en kust-bewaking van Nederlands Oost-IndiŽ. De dienst bevond zich in het marine-etablissement in Soerabaja, in de voormalige onderzeebootdokken.

      Pa kwam weer op bekend terrein. Van 1935 tot 1938 had hij hier dienst gedaan en ook van oktober 1940 tot februari 1942. Het zoeken naar zijn scheepskist met persoonlijke bezittingen, die bij zijn vertrek in 1942 op de kade was achtergelaten, leverde weinig op.

      Volgens zijn verhalen werd hij in die tijd regelmatig met een kleine vlet het water opge-stuurd om met een pikhaak menselijke overschotten uit het water te vissen.

 

      ďTijdens de politionele acties kwam er in de binnenlanden regelmatig een gesneuvelde in het water van de rivier terecht. De lijken kwamen met de stroom mee en dobberden uiteindelijk in een meer. Ik kreeg de opdracht deze lijken op te vissen met een pikhaak. Met zín tweeŽn gingen we in een vlet het meer op, om ze uit het water te vissen. Het was geen prettig werkje. Soms lagen ze weken in de rivier en door de tropische hitte waren ze vaak grotendeels vergaan en aangevreten door in de rivier levende dieren. Ik kan de misselijk makende stank nog ruiken. Iets dergelijks blijft in je kop zittenĒ.

 

      Het meer waar mijn vader het over had zal ter hoogte van de sluizen in de Kali Mas (Soerabajarivier) geweest zijn, die in de Straat van Madura in zee uitmondt. (Kali = rivier in het Maleis). Tegenwoordig de Brantas. Voor de sluizen zal een stuwmeer zijn ontstaan en alles wat met de rivier meedreef bleef ter hoogte van de sluizen steken. Wat er verder met de opgeviste lijken gebeurde heeft hij me nooit verteld. Ook in verschillende bronnen is hier niets van terug te vinden.

      De Kleine Vaartuigendienst had hoofdzakelijk tot taak, het onderscheppen van smokkelbootjes die in de Indische Archipel opereerden. Deze boten voeren heen en weer tussen het gebied dat inmiddels door de strijdkrachten van de Republiek IndonesiŽ was veroverd en de gebieden die nog in Nederlandse handen waren, of tussen Malakka (Malaya). Het smokkelen van goederen was een zeer winstgevende handel. Daarbij werden er wapens vervoerd en andere militaire goederen, die tot doel hadden de Indonesiche strijdkrachten te versterken.

      Er werd geprobeerd, middels de patrouillediensten, het grondgebied dat zich (nog) onder Nederlandse controle bevond te beveiligen en de zeewegverbindingen naar gebieden die zich onder controle van het Indonesiche Republikeinse leger bevonden af te snijden.

      Vaak werden de patrouilleboten vanuit een kampong beschoten als zij dicht onder de kust voeren. Dergelijke acties hielden een groot risico in voor de bemanning aan boord van deze boten. Een enkeling werd geraakt, zittend achter een mitrailleur als de schoten beantwoord werden.

      Niet in de periode dat mijn vader aanwezig was, maar enige maanden daarvoor, sneuvelden twee Nederlandse marinemensen toen zij een onderzoek verrichtten aan boord van een geŽnterde smokkelboot. Toen zij aan boord kwamen bleek er in het ruim een aantal mensen te zitten die begonnen te schieten. De twee trachten nog te vluchten naar hun eigen schip, maar zij werden door de kogels ingehaald.

      De wetenschap van dit verhaal zal de spanning tijdens het onderscheppen van een smokkelboot hebben verhoogd.

      Als je al veel ellende, oorlog en doodsgevaar, vooral in de Middellandse Zee en bij de Invasie op NormandiŽ, hebt meegemaakt, dan zal uiteindelijk het gevoel van: ďIk heb er schoon genoeg vanĒ overheersen. Vooral ook omdat de oorlog in Europa reeds was beŽindigd, de Japanse capitulatie al lang achter de rug was en men nu eens een keer in vrede zou moeten kunnen  leven.

HOME
HET BEGIN (2)
HET BEGIN
ENGELAND
HALIFAX
WEST-INDIň
OOST-INDIň
CEYLON
CEYLON (2)
NAAR EUROPA
PORTHMOUTH
KRIJGSGEVANGEN?
KRIJGSGEVANGEN? (2)
KONVOOIEREN EN
OEFENEN
OPERATIE HUSKY
OPERATIE HUSKY (2)
VERTREK
VERTREK (2)
A/B Hr. Ms. FLORES
ZOALS HIJ WAS (1)
ZOALS HIJ WAS (2)
VRAGEN
HET EINDE
HALIFAX (2)
OOST-INDIň (2)
ROLKAART FLORES
AUGUSTA-CATANIA(2)
VERDEDIGEN EN
AANVALLEN
AUGUSTA-CATANIA
BIZERTE
OPERATIE AVALANCHE
(2)
OPERATIE AVALANCHE
MONDRAGONE
OPERATIE BIGOT
KERST EN JAARWISSELING
OPERATIE SHINGLE (2)
OPERATIE SHINGLE
GAETA EN FORMIA
GAETA EN FORMIA (2)
NAAR ENGELAND
NAAR ENGELAND (2)
DE LAATSTE REIS VAN DE SUMATRA (2)
DE INVASIE VAN
NORMANDIň
DE INVASIE VAN
NORMANDIň (2)
TERNEUZEN
DE LAATSTE REIS VAN DE SUMATRA
WEER THUIS
HUWELIJK
WEER NAAR OOST-INDIň
PLAATSING KLEINE VAARTUIGENDIENST
OVERSPANNEN
OVERSPANNEN (2)
TERUG NAAR NEDERLAND
TERUG NAAR
NEDERLAND (2)
TERUG IN NEDERLAND
TERUG IN NEDERLAND (2)
TERUG IN NEDERLAND (3)
HET EINDE
HET LEVEN AAN BOORD