KRUISWEGPARKEN


Kruiswegparken: wat zijn dat en waar vind ik ze? Op deze pagina treft u informatie, aangevuld met foto's, van diverse kruiswegparken in Nederland, evenals historische achtergrondinformatie over zaken die met de kruisweg van Christus samenhangen. Deze pagina is momenteel nog in aanbouw. Ongetwijfeld zal zij in de nabije toekomst nog de nodige aanvullingen ondergaan en zal ook de lay-out professioneler worden vormgegeven. Maar ik nodig u nu reeds graag uit, om kennis te maken met enkele fraaie kruiswegparken in Nederland
drs. Bas L.E. Meisters

LITERATUUR

Hét handboek over kruiswegparken en alles wat daarmee samenhangt is in 1998 verschenen en geschreven door Wim Meulenkamp en Paulina de Nijs, getiteld "Buiten de kerk. Processieparken, Lourdesgrotten en Calvariebergen in Nederland en België". Het boek bevat een zeer goede inleiding over het ontstaan van de devotie van de kruisweg, maar zeker zo belangrijk is het overzicht van de belangrijkste kruiswegparken in de Benelux. Achterin is een bibliografie met de voornaamste werken over kruisweg en kruiswegparken opgenomen. Warm aanbevolen!



Wim Meulenkamp en Paulina de Nijs

Buiten de kerk
Processieparken, Lourdesgrotten en Calvariebergen
in Nederland en België
Uitgeverij Aspekt BV, 1998
ISBN: 90-75323-28-X

De kruisweg heeft bij uitstek een spirituele boodschap. Wie een zeer persoonlijk commentaar bij de kruisweg op prijs stelt hij/zij leze "Gedachten bij de kruiswegstaties van Ted Felen" van de in 1999 overleden prof. dr. Bas van Iersel. Het boek bevat een zeer lezenswaardig verslag van Van Iersels gedachten bij de door Ted Felen in 1963 onder barre omstandigheden geschilderde kruiswegstaties, zestien (in plaats van de gebruikelijke veertien) in getal. De nacht in het Hof van Getsemane en de Wederopstanding zijn er aan toegevoegd. Het boek is geschreven vlak vóór het overlijden van de toen reeds ernstig zieke auteur, die op bijzondere wijze iets bloot geeft van zijn gevoelens bij het besef van zijn aanstonds overlijden en de vraag wat daarna volgt.


Prof. dr. Bas van Iersel
Gedachten bij de kruiswegstaties van Ted Felen
Nijmegen University Press, Nijmegen, 2000
ISBN: 90 57 10 087 8

KRUISWEGPARK ROERMOND


Kruiswegpark Roermond
Kapel in ’t Zand
Parklaan 3
Roermond




Met dit eenvoudige houten beeldje van de Madonna is het allemaal begonnen. Het stamt uit het eind van de vijftiende eeuw. Volgens de legende zou het in de buurt van waar nu de Kapel in ’t Zand staat zijn gevonden in een waterput. Kort na de miraculeuze vondst kwamen de eerste wonderen op gang. Maria zou Roermond gedurende enkele momenten van gevaar voor (nog) groter onheil hebben bewaard. In het kruiswegpark bevinden zich niet alleen de beeldengroepen van de veertien staties van de kruisweg, maar wordt middels achter glas tegen weer en wind beschutte tekeningen ook het verhaal van Maria van de Kapel in ’t Zand verteld. Voor de liefhebber.


Wat is er te zien?

In Roermond zijn de veertien staties van de kruisweg vereeuwigd in veertien beeldengroepen, die in stenen kapelletjes zijn geplaatst. Spectaculair is statie 12 (Christus sterft aan het kruis), gelegen op de kunstmatig aangelegde Calvarieberg, aan het eind van een grote open plek, midden in het park. Hier wordt op zonnige zondagen nog de mis gelezen.
Het (toen nog incomplete) kruiswegpark is op 22 augustus 1920 ingezegend, in of rond 1927 is het voltooid. Het park is ontworpen door J. Cuypers, uit wiens atelier ook Statie 1 afkomstig is. Verantwoordelijk voor de totstandkoming van de overige staties is de Roermondse beeldhouwer Karl Lücker (1882-1958).
Niet alleen de staties zijn hier de moeite waard, ook aan de beplanting in het park is de nodige aandacht geschonken. Er zouden rond de 200 soorten struiken, bomen en bloemen groeien en bloeien. De beelden zouden naar levende modellen gestalte zijn gegeven. Dit is met name te zien aan een van de Romeinse beulen, die met bijna sadistisch genoegen Christus geselt en kwelt en wiens gezicht wel haast naar een model móet zijn vervaardigd (zie afbeelding 1).


Afbeelding 1
Romeins soldaat met zweep
Vermoedelijk naar levend model vervaardigd


Christus zelf daarentegen is geheel conform de traditie afgebeeld, met doornenkroon, baard, snor en smal, langgerekt (maar enigszins levenloos) gezicht.
Eén van de mensen die ik sprak over het kruiswegpark attendeerde mij op de wijze waarop de joden in de staties van dit kruiswegpark zijn weergegeven. Niet echt politiek correct, gemeten naar huidige maatstaven, aldus zijn visie (zie afbeelding 2).


Afbeelding 2
Joodse schriftgeleerden volgen met,
naar de huidige maatstaven
van politieke correctheid gemeten,
iets te gretige interesse
de lijdensweg van Christus

Naar dit park nam mijn moeder mij vroeger wel eens mee uit wandelen op een mooie zondagmiddag. Met name statie 6 (Veronica droogt het gezicht van Christus) heeft destijds veel indruk gemaakt, vanwege de met rode verf geschilderde afbeelding van Christus’ gezicht op Veronica’s zweetdoek(zie afbeelding 3).


Afbeelding 3
De zweetdoek van Veronica
met de indruk van
het bebloede gelaat
van Christus

Foto's kruiswegpark Roermond


Statie 1
Christus wordt ter dood veroordeeld



Statie 2
Christus neemt het kruis op zijn schouders


Statie 3
Christus valt voor de eerste maal onder het kruis


Statie 4
Christus ontmoet zijn diep bedroefde moeder


Statie 5
Simon van Cyrene moet Christus helpen het kruis te dragen


Statie 6
De heilige Veronica
droogt het gelaat van Christus af


Statie 7
Bij de Rechterspoort
valt Christus voor de tweede maal


Statie 8
Christus troost de wenende vrouwen van Jeruzalem


Statie 9
Christus valt voor de derde maal


Statie 10
Christus wordt van zijn kleren ontdaan


Statie 11
Christus wordt aan het kruis genageld


Statie 12
Christus sterft aan het kruis


Statie 13
Christus wordt van het kruis genomen


Statie 14
Christus wordt in het graf gelegd


KRUISWEGPARK HEILIG LANDSTICHTING


Kruiswegpark Heilig Landstichting
Cenakelkerk
Mgr. Suyslaan 4
Heilig Landstichting

Vlak bij Nijmegen, in het plaatsje Heilig Landstichting (gemeente Groesbeek), ligt het Bijbels Openluchtmuseum. Tegen betaling kan men hier naar binnen. Oorspronkelijk was de bedoeling om van de Heilig Landstichting, zoals het Bijbels Openluchtmuseum oorspronkelijk heette, een getrouwe kopie te maken van Israël (Het Beloofde Land) ten tijde van Christus. Met name de paters Montfortanen hebben zich sterk ingespannen voor de totstandkoming en uitbreiding van de Heilig Landstichting. Maar inmiddels is het park in andere handen overgegaan en luidt de officiële benaming nu: Bijbels Openluchtmuseum.
Ernaast bevindt zich de Cenakelkerk met het beroemde, schitterend gelegen kerkhof, een van de mooiste in Nederland. In dit kerkhof is een al even prachtig kruiswegpark geïntegreerd. Met de bouw van de staties van de kruisweg is men in 1916 begonnen. Sommige staties zijn echter nooit van een afbeelding voorzien.


De Cenakelkerk van de Heilig Landstichting bij Nijmegen.


Wat is er te zien?

Het kruiswegpark is incompleet. Zelf heb ik in het tussen zonsopgang en zonsondergang vrij toegankelijke kerkhof naast de Cenakelkerk slechts de staties acht tot en met veertien kunnen vinden. Toch moeten er volgens Meulenkamp en de Nijs (zie literatuur) nog meerdere staties vervaardigd zijn. Mogelijk dat deze deel uit maken van het Bijbels Openluchtmuseum en dat wie deze wil bezichtigen, hiervoor dus de entree zal moeten betalen.
Statie 8 is van levensgrote reliëfs gemaakt, statie 9, 10, 11 en 13 van veelkleurig mozaïek. Statie 12 (Calvarieberg) is een kunstmatig aangelegde heuvel met een eenvoudig, leeg houten kruis er bovenop geplaatst
(Zie afbeelding 1)
.


Afbeelding 1
Uitzicht vanaf de Calvarieberg
op enkele graven van het kerkhof
naast de Cenakelkerk
Heilig Landstichting

Voor statie 14, de graflegging, is het graf van Christus, compleet met half weggerolde steen, nagebouwd. Zorgvuldigheid was kennelijk belangrijker dan haastige spoed, want pas rond 1926 is het in 1916 begonnen kruiswegpark gereed gekomen. De tweede, derde en vijfde statie werden echter nooit van een voorstelling voorzien.


Foto's kruiswegpark Heilig Landstichting


Statie 8
Christus troost de wenende vrouwen van Jeruzalem

Statie 9
Christus valt voor de derde maal onder het kruis


Statie 10
Christus wordt van zijn kleren ontdaan


Statie 11
Christus wordt aan het kruis genageld


Statie 12
Christus sterft aan het kruis


Statie 13
Christus wordt van het kruis genomen


Ststie 14
Christus wordt in het graf gelegd



KRUISWEGPARK BERGHAREN


Kruiswegpark Bergharen
Kapelberg
Bergharen (Gld)
Het kruiswegpark in Bergharen is eenvoudig maar wel sfeervol. Het is gelegen op de Kapelberg, die in Bergharen met richtingborden staat aangegeven. Meteen naast het kruiswegpark bevindt zich een oude molen, die men op sommige plaatsen in de omgeving reeds van ver kan zien.
De Molen naast kruiswegpark Bergharen

Hoogtepunt van de Kapelberg in Bergharen is ongetwijfeld de open plek met Mariakapel. Hierin bevindt zich een beeld van de Piëta. Ervoor staan rijen met banken. In de zomer wordt hier op mooie dagen de mis gelezen.
De hoofdingang van Kruiswegpark Bergharen

Het kruiswegpark begint meteen rechts van de hoofdingang. De staties zijn uitgevoerd in "veelkleurig geglazuurde Terracotta reliëftableaus in burgerlijk-expressionistische stijl" (Meulenkamp &de Nijs) die in bakstenen kapelletjes zijn ingemetseld. De tableaus zijn van de hand van de Maldense kunstenaar Jacques de Maris. Zij zouden in of rond 1950 gereed zijn gekomen.
Ook gemaakt door Jacques de Maris zijn de kruiswegstaties van het meest noordelijke kruiswegpark in Nederland, gelegen bij Dokkum. Daar ik dit park nog niet bezocht heb, kan ik nu nog niet zeggen of de staties van Dokkum en Bergharen kopieën zijn of elk origineel zijn uitgevoerd. De foto van statie 1 (Dokkum) uit Meulenkamp & de Nijs lijkt overigens exact overeen te komen met statie 1 van Bergharen (zie afbeelding 1+2).


Afbeelding 1+2
Statie 1 Bergharen (links) en Dokkum (rechts, bron: Meulenkamp & de Nijs)
Hetzelfde of niet?


Dit gegeven roept nog een vraag op: volgens Meulenkamp & de Nijs is statie 13 in Bergharen in een geheel andere stijl uitgevoerd dan de oveige en is zij mogelijk een vervanging, gesigneerd door "ene Vervoort of Tervoort". Als Dokkum en Bergharen identiek zijn, dan zou in Dokkum de mogelijk autenthieke statie 13 te vinden kunnen zijn (zie foto).

Bergharen statie 13

Prettig aan het park van Bergharen is de beschutting en privacy die het biedt. Soms dient er zich een enkele wandelaar aan, maar dat is eigenlijk al een zeldzaamheid. Opvallend is dat de meesten de kruisweg in tegengestelde richting bewandelen, beginnend bij het pad links van de Mariakapel. Dat voert via statie 12 et cetera automatisch naar statie 1 en de hoofdingang. Tekenend voor de belangstelling voor de boodschap van de kruisweg, wellicht?


Foto's kruiswegpark Bergharen (Gld)


Statie 1
Christus wordt ter dood veroordeeld


Statie 2
Christus neemt het kruis op zijn schouders


Statie 3
Christus valt voor de eerste maal onder het kruis


Statie 4
Christus ontmoet zijn diep bedroefde moeder


Statie 5
Simon van Cyrene moet Christus helpen het kruis te dragen


Statie 6
De heilige Veronica
droogt het gelaat van Christus af


Statie 7
Bij de Rechterspoort
valt Christus voor de tweede maal


Statie 8
Christus troost de wenende vrouwen van Jeruzalem


Statie 9
Christus valt voor de derde maal


Statie 10
Christus wordt van zijn kleren ontdaan


Statie 11
Christus wordt aan het kruis genageld


Statie 12
Christus sterft aan het kruis

Statie 13
Christus wordt van het kruis genomen

Statie 14
Christus wordt in het graf gelegd

KRUISWEGPARK KATWIJK BIJ CUIJK (NB)

Binnenkort zal deze pagina worden aangevuld met kruiswegstaties van het kruiswegpark Katwijk bij Cuijk (NB). Bij dit kruiswegpark ligt tevens een Lourdesgrot met een beeld van Maria en van Bernadette. In Meulenkamp & De Nijs staat nog dat toen zij er een bezoek brachten, het beeld van de heilige Bernadette net was onthoofd. Inmiddels is dit weer hersteld, maar eigenlijk had ik geprefereerd dat men het zo had gelaten. Het beeld is van een dergelijke hemeltergende lelijkheid dat het elke lust tot devotie ontneemt.

De heilige Bernadette (links) en Maria in Lourdesgrot (rechts)
Kruiswegpark Katwijk bij Cuijk (NB)

Het kruiswegpark Katwijk deed het niet voor mij. De staties zijn uitgevoerd in een stijl die nog het meest doet denken aan Anton Pieck-achtige Eftelinguithangborden. Zelfs de camera leek te protesteren, de foto's van statie 1 en 2 zijn mislukt. Trouwens: de veertien kruiswegstaties zijn in meerdere stijlen uitgevoerd en lijken van verschillende perioden te dateren. Wel mooi is de omgeving, Katwijk is sfeervol gelegen aan een bocht in de Maas.

DE KRUISIGING VAN CHRISTUS


Vier soorten misdadigers konden ten tijde van het Romeinse Rijk de kruisigingsdood krijgen, namelijk weggelopen slaven, deserteurs uit het leger , rovers van tempelschatten en oproerkraaiers of zij die schuldig waren aan hoogverraad. Romeinse staatsburgers mochten echter niet tot de kruisiging veroordeeld worden.
De kruisiging van Christus wijkt op sommige punten af van de algemene beschrijvingen van kruisigingen die we in de Romeinse bronnen aantreffen. Christus was jood en dus géén Romeins staatsburger, maar welk vergrijp had hij gepleegd dat zo erg was dat hij de kruisigingsdood verdiende? Hij was in ieder geval geen slaaf, noch een deserteur. Een tempelrover dan, omdat hij de handelaren uit de tempel verjaagd had? Onwaarschijnlijk, immers de handel van de marktkooplui rondom het plein behoorde niet tot de bezittingen van de tempel, zodoende kon men deze daad moeilijk als tempelroof bestempelen. Was Christus dan een oproerkraaier of schuldig aan hoogverraad? Was het hebben van volgelingen voldoende om als oproerkraaier te worden gebrandmerkt? Dit lijkt vooralsnog zeer twijfelachtig(zie afbeelding 1).

Afbeelding 1
Gemeten naar de letter van de wet
was de veroordeling van Christus onrechtmatig
Wel opmerkelijk is dat door Mattheus het woord ‘oproer’ gebruikt wordt om de stemming te beschrijven die onder het volk heerste, toen Christus voor Pilatus stond. Toen Pilatus namelijk zag dat er oproer ontstond, was dat voor hem de aanleiding om Christus te veroordelen, zich verder van de hele gang van zaken te distantiëren en hem over te geven om gekruisigd te worden. Nog opmerkelijk is het feit dat het uitgerekend Barabbas was, die in plaats van Christus werd vrijgelaten, die als oproerkraaier bekend stond en bovendien nog schuldig was aan doodslag. Volgens de priesters waren Christus’ antwoorden tijdens de ondervraging in de Raad Godslastering. Maar Christus zei niet: “ik ben de zoon van God”, maar antwoordde zeer ambigu op de vraag van de Raad of hij Christus, de zoon van God was: “gij zegt het”. Daarmee wordt de stelling niet expliciet bevestigd, maar tegelijkertijd niet ondubbelzinnig ontkend.
Voor Pilatus gaf Christus hetzelfde, voor tweeërlei uitleg vatbaar antwoord. Hij zei niet: “ik ben de koning der joden”, maar “gaf op de vraag van Pilatus “of hij de koning der joden was”, als antwoord: “gij zegt het”. Maar maakt hem dit schuldig aan hoogverraad? De juridische definities van dit begrip moeten wel zeer worden opgerekt om dat te kunnen beweren. Conclusie: De kruisiging van Jezus was naar de letter van de wet onrechtmatig. Het is slechts tot stand gekomen onder druk van de menigte en door de knikkende knieën van Pilatus.
Spreken de Romeinse bronnen van het naakt en onder geseling afleggen van de weg naar het oord van terechtstelling, bij Christus ging het anders. Voordat hij ter dood veroordeeld werd, liet Pilatus hem geselen en stelde hem aan de menigte ten toon. Maar de kruisweg zelf heeft Christus, nog gehuld in zijn kleren, verder afgelegd. Immers, Marcus schrijft dat na de soldaten na de bespotting Christus zijn kleren weer werden aandeden en hem wegvoerden om gekruisigd te worden. Pas bij het kruis zelf werd Christus ontkleed. Nadat Christus aan het kruis genageld was, hebben de soldaten om zijn kleren het lot geworpen, conform het Romeins recht (zie afbeelding 2).


Afbeelding 2
Pas bij het kruis werd Christus van zijn kleren ontdaan.

In de beschrijving van de kruisiging wordt niet over nagels of spijkers gerept. Dat deze gebruikt zijn, komen we feitelijk slechts te weten doordat na de wederopstanding Christus zijn wonden aan zijn discipelen toonde. Het meest bekend is in dit verband het verhaal van de “ongelovige Thomas”, die weigerde te geloven zonder het met eigen ogen gezien te hebben. Dat roept de vraag op of de nagels door Christus’ handen of polsen zijn geslagen. Uit de beschrijving van de ontmoeting van Christus met Thomas blijkt dat de wonden in zijn handen zaten. Maar gebruikelijk bij kruisiging was een nagel door de polsen. Mede omdat de botten in de hand niet sterk genoeg zouden zijn om het gewicht van het lichaam te dragen en zouden openscheuren. Mocht Chritus dus met spijkers door zijn handen geslagen zijn, dan is dit alleen mogelijk indien men zijn armen met touwen aan het kruis heeft vastgebonden om het lichaam extra te stutten. Op schilderingen van de kruisiging van Christus, waarop ook de twee misdadigers die met hem werden gekruisigd staan afgebeeld, is Christus doorgaans de enige die met nagels aan het kruis is vastgeslagen. De twee misdadigers zijn met dikke touwen aan het kruis vastgebonden. Nagels of touwen voor de misdadigers? De vier evangeliën schrijven er niets over (zie afbeelding 3).


Afbeelding 3
Christus werd met spijkers aan het kruis vastgenageld

De kruisigingsdood kon makkelijk enkele dagen duren. De slachtoffers stierven namelijk een langzame verstikkingsdood, in combinatie met uitputting, (eventueel) bloedverlies, honger en dorst. Niet voor niets dat Pilatus verbaasd was toen hij hoorde dat Christus reeds na enkele uren gestorven was. Christus werd volgens Marcus gekruisigd in het derde uur (na zonsopgang), ongeveer negen uur in de ochtend. Op het zesde uur (dus rond het middaguur) kwam er duisternis over het hele land. (Mattheus, Marcus en Lucas). En Christus stief volgens Mattheus, Marcus en Lucas in het negende uur, dus rond drie uur ’s middags(zie afbeelding 4).


Afbeelding 4
Christus stierf reeds zes uur nadat hij gekruisigd werd


KRUISIGING IN HET ROMEINSE RIJK


Hoe ging in het Romeinse Rijk de kruisiging in zijn werk?

Bronnen: Romeinse auteurs die over de kruisiging hebben geschreven zijn onder andere Justinianos, Cicero, Tacitus, Valerius Maximus, Tertullianus, Petronius en Horatius. De kruisiging gold als "crudelissimum taeterrimumque supplicium" (zeer wrede en afschuwelijke (dood)straf, Cicero), "servile supplicium" (doodstraf voor slaven, Tacitus) en "summum supplicium" (allerergste doodstraf, Justinianos). De Romeinen hebben de kruisiging overgenomen van de Puniërs. Romeinse staatsburgers waren uitgesloten van een veroordeling tot kruisigingsdood, die bovendien uitsluitend was voorbehouden aan de voor Romeinse begrippen allerzwaarste misdadigers, namelijk tempelrovers, deserteurs, zij die zich hadden schuldig gemaakt aan hoogverraad en oproerkraaiers. Gekruisigd worden gebeurde soms aan een enkelvoudige houten paal, maar de Romeinen gaven de voorkeur aan het gebruik van een dwarsbalk. Men kende twee soorten kruisen: het T-vormig kruis("crux commissa") of, zoals de meeste afbeeldingen van Christus aan het kruis laten zien, de +-vorm("crux inmissa"), bestaande uit een korte dwarsbalk die een eindje onder het bovenste uiteinde van de langere, verticale paal werd bevestigd.
De veroordeelde moest zelf naakt en onder geseling de dwarsbalk ("patibulum")naar de officiële plaats van terechtstelling dragen. De veroordeelde werden de armen over de dwarsbalk uitgestrekt, waarna hij er met spijkers aan werd genageld, of met touwen aan werd vastgeboden. De spijkers werden waarschijnlijk door de polsen en dus niet door de palm van de hand geslagen. Hierdoor werd een belangrijke zenuw geraakt, waardoor de duimen naar binnen bogen, dwars over de handpalm. Indien men spijkers in plaats van touwen gebruikte, werden de voeten aan de verticale paal vastgenageld. Voor iedere voet gebruikte men dan één aparte spijker, dus niet één nagel voor beide voeten samen. De dwarsbalk werd vervolgens aan de paal bevestigd, waarna het kruis loodrecht omhoog werd gezet. Halverwege de verticale paal kon zich een houten "zitje" ("sedile") bevinden, waarmee het lichaam enigszins werd gestut. Dit verlengde de doodstrijd alleen nog maar. Van een voetsteun werd in de Romeinse bronnen niet gesproken. Boven het kruis werd een bord met daarop het vergrijp van de veroordeelde bevestigd.
De beulen mochten zich doorgaans kleren en schoeisel van de veroordeelde toe-eigenen. Was het slachtoffer eenmaal gestorven, dan bleef het lijk meestal aan het kruis hangen totdat het wegrotte of door roofdieren en aaseters werd aangevreten. De verantwoordelijke magistraat kon echter als bijzondere gunst het lichaam ook vrijgeven voor de nabestaanden.

OVER DE AUTEUR

Bas Meisters, Geboren 14 maart 1961 in Roermond, momenteel 39 jaar. Na afronding van de opleiding Atheneum-A ben ik in 1981 geschiedenis gaan studeren aan de Katholieke Universiteit Nijmegen. Mijn hoofdvak was middeleeuwse geschiedenis en in februari 1989 ben ik afgestudeerd op vroegmiddeleeuwse visioenenliteratuur.
Na mijn studie begon ik een carrière in de journalistiek. Van 1994-1998 was ik hoofdredacteur van het vaktijdschrift Risk & Management. Sinds 1 september 1998 ben ik werkzaam als beleidsmedewerker bij de NBVA, een vereniging van onafhankelijke financiële en assurantieadviseurs.

Mijn persoonlijke belangstelling gaat uit naar mystiek, spiritualiteit en mentaliteitsgeschiedenis, waarbij, of ik nu wil of niet, mijn katholieke achtergrond zich niet laat verloochenen. Mijn keuze voor een pagina over kruiswegparken is mede ingegeven door het feit dat er zich in Roermond bij de Kapel in ’t Zand een bevindt, waar ik als kind met mijn moeder af en toe ging wandelen.
Hobby’s: schaken, wandelen, koken, telefoneren en e-mailen. Favoriete vakantieoorden: Sytges en Gran Canaria. Iedereen die mij een e-mail stuurt, krijgt gegarandeerd antwoord.


'Mailto':basmeisters@hetnet.nl