Vorige

Home

Volgende

Meppel, toren vanuit het westen, 2008 
De monumentale Meppeler kerktoren, daterend uit de 15e eeuw bestaat uit drie geledingen gescheiden door waterlijsten. Hij is versierd met natuurstenen details in de vorm van hoekstenen, venster- en ingangsomlijstingen. De torenbekroning bestaat uit een afgeknotte spits en een lantaarn met opengewerkt koepeltje. Deze bekroning werd in 1827 gemaakt door timmerman Albert Brouwer.2
De eerste geleding toont binnen een rondboognis het rondbogige westportaal met een natuurstenen ingangspoort, versierd met natuurstenen hoek- en kantblokken. Bovenin de rondboognis maken een drietal jaartallen, te weten: 1518, 1540 en 1827, melding van herstelwerkzaamheden aan kerk en/of toren. Daarboven bevindt zich een breed gotisch spitsboogvenster dat dient als daglicht. 
De enigszins terugspringende tweede en derde geleding zijn aan west- en zuidzijde voorzien van drie langgerekte spitsboognissen met middenstijlen en gotische traceringen. De bredere, middelste nissen worden gedeeld door twee zich splitsende stijlen (zie onder). In de nissen van de derde geleding bevinden zich de galmgaten ten behoeve van de torenklokken en het carillon van de firma Van Bergen, daterend uit 1949. Aan de noordoostzijde bevindt zich een ingebouwde traptoren voorzien van lichtspleten, met als gevolg dat de zijnissen aan noord- en oostzijde daar ter plaatse zijn vervallen. Het rechtopgaande deel wordt bekroond door een afgeknotte spits met dubbele omloop en een lantaarn met opengewerkt koepeltje. Rondom zijn wijzerplaten ten behoeve van het uurwerk aangebracht. Ozinga wijst op overeenkomsten in detaillering van de torenromp met die van Sleen. 4 Ook die toren heeft drie langgerekte spitsboognissen in de tweede en de derde geleding. De Meppeler toren is wel wat rijker uitgevoerd.

Meppel, tweede geleding toren - detail, 2008


1.Voorlopige Lijst, deel II, 1909: 22.
2. Reijs, 1986: 87.
3. Stenvert e.a., 2001: 144.
3. Ozinga, 1944: 373 e.v.