De trilspin heeft eenvoudigweg weinig opties. Als hij de huisman-filosoof met plumeau ziet naderen moet hij eenvoudig heftig gaan slingeren omdat hij afstamt van heftig slingerende spinnen en niet van de rustig afwachtende types die zich gewillig met de plumeau lieten afvoeren. Een kat daarentegen kan een beetje kiezen: ga ik suffen op de vensterbank, ga ik wachten op die bosmuis van twee tuinen verder, ga ik onder de hortensia turen naar de voedertafel? In het leven van de kat zijn er mogelijkheden, wat je ook ziet aan het wilde spel van jonge katjes. Spel is het vertrouwd raken met een wereld vol mogelijkheden. Spel is gevoel: sommige dingen voelen goed, andere lopen fout af. Vandaar dat ik denk dat dieren die soms spelen waarschijnlijk gevoel hebben dat naarmate ze ouder worden steeds meer omgezet wordt in ervaring. Dat soort dieren krijgen ook een steeds scherpere scheiding tussen waken en slaap en gaan op een gegeven moment zelfs in hun dromen scenario's, mogelijke werelden, betasten. Mij lijkt het dat dieren die kunnen dromen en spelen bewustzijn moeten hebben. Dromen en spelen hoort bij een wereld van mogelijkheden.

Dat hoeft niet te betekenen dat er sprake is van een gedetailleerd of kritisch zelfbewustzijn. Dit ontstaat waarschijnlijk pas in een sterk sociale context, bij dieren die hun sociale mogelijkheden onderzoeken. Daarvoor is het van belang te weten hoe een ander jouw ziet en ervaart. Indicatief voor zelfbewustzijn is volgens een aantal auteurs het vermogen tot zelfherkenning voor een spiegel. Herkent u zich voor een spiegel? Gefeliciteerd, dan behoort u wellicht tot dat geselecteerde gezelschap van dieren met enig zelfbewustzijn, waartoe ook de chimpansee, de orang-oetan, de dolfijn, de olifant, sommige papegaaien en de ekster behoren. (TERUG)