Copyright
© 2000-2012: KEPPEL/RAAP |
English | Deutsch | nieuwsbrief
|
|
|
| Bron: PL CXVII
uit "Armorial Général" van J.B. Rietstap (1903). zie "Bronnen" nr. 5 . ("Back" of "Terug" of "Vorig" in de werkbalk van de browser om terug te springen. |
Wapen van Adriaan Pietersz. Raap,
Raad van Amsterdam 1612. Bronnen: Wapenkaart der Ed. Achtb. Heeren XXXVI, Raaden der Stad Amsterdam en heraldische databank van het CBG Den Haag. |
Wapen van Adriaan Florisz. Raap,
schepen van Gorinchem 1674 en zijn zoon Adriaan Adriaansz. Raap,
schepen van Gorinchem 1704. Bronnen: Mr. W. van der Lelij, Namen ende Wapenen der Ed. Achtb. Hrn. Drossaerden en Vroedschappen, mitsgaders Schepenen der stad Gorinchem 1416-1778 en heraldische databank van het CBG Den Haag. |
Samenstellers van deze genealogie:
De gegevens voor deze genealogie werden verzameld door CJKEPPEL
en REMRAAP
Oorsprong:
De stamvader van deze familie Raap, Adriaan Pietersz.
(1556-1647), komt uit Vlaardingen. Eind 1578
vestigt hij zich in Amsterdam als leerling
koopman. In december 1580 trouwt hij Maria (Marij) Cloeck, de
zuster van zijn patroon. Woont daar aan de
Warmoesstraat/Kerkckstraat, hoek Pylsteeg in het huis
"'s-Hertogenbosch" en daarna enige tijd in het
daarnaast gelegen huis "De Raep".
Aangenomen mag worden dat hij omstreeks die tijd de toenaam
"Raap" is gaan gebruiken. Zijn ouders en voorouders uit
Vlaardingen gebruikten deze naam niet.
Ook het huis "'s-Hertogenbosch" heeft in de topgevel
een gevelsteen met een raap (zie foto hieronder). Laatstgenoemd
huis is nu een beschermd monument als bedoeld in de Monumenten
Wet 1988. Door het gewijzigde stratenplan ligt dit huis thans aan
de Dam 11, hoek Pylsteeg. Het is het enige overgebleven 17de
eeuwse woonhuis aan dit plein.
|
|
|
Het
huis 's-Hertogenbosch aan de Dam 11 |
Het 17e eeuwse huis Dam 11,
naast hotel "Krasnapolsky" en achter het |
De
gevelsteen met een raap boven in de gevel |
zie ook: http://nl.wikipedia.org/wiki/Nationaal_Monument
, http://www.amsterdamsegevelstenen.nl/Dam11.htm
en |
||
In deze familie is de familienaam
"Raap" derhalve een adresnaam. In de
Noordelijke Nederlanden was het in die tijd gebruikelijk
huistekens als toenaam te gebruiken. Zie "Bronnen"
nr. 1 . (Attentie: na gebruik link terugspringen
met "terug" of "vorig" of "back" in
de werkbalk van de browser b.v. Internet Explorer).
De geschiedenis van het huis
"'s-Hertogenbosch" (met het vroeger daarnaast
gelegen huis "de Raep") is beschreven in het maandblad Amstelodamum
jrg. 30, sept. 1943, blz. 91-98, artikel "Het Huis aan de
Warmoesstraat 201" door de architect Ysbrand Kok en in jrg.
42, febr. 1962, pag. 41-48, artikel "Het Huis
's-Hartogenbosch" door H. Zantkuyl. Dit tijdschrift is o.a.
ter inzage bij het Gemeentearchief Amsterdam en ook verkrijgbaar
op CD-ROM bij de Stichting Historic Future.
![]() |
Situatieschets volgens artikel van H. Zantkuyl |
Uit het artikel van Kok blijkt dat na Adriaan
Pietersz. Raap in dit huis (dat omstreeks 1632 geheel werd
vernieuwd) ook hebben gewoond zijn oudste zoon Pieter Adriaansz.
Raap en later zijn dochter Annetje met haar echtgenoot Cornelis
Kieft.
Zie ook "Amsterdam in 1585, het kohier der Capitale
Impositie van 1585" van Dr. J.G. van Dillen (anno 1951) pag.
6. Adriaan Pietersz. komt daarin voor als "Adriaen Pietersz.
Rotterdamme". Hij verbleef in Rotterdam voordat hij naar
Amsterdam kwam.
In oktober 1619 betrekt Adriaan Pietersz. een nieuw gebouwd huis
"de Raap" aan de Leliegracht, zuidzijde. Later woont in
dit huis zijn oudste zoon, Pieter Adriaansz. Raap.
Voor een kaart van Amsterdam uit omstreeks 1640 zie: http://cf.hum.uva.nl/bookmaster/fransz/images/kaart_adam.gif
.
(op deze kaart: NK= Nieuwe Kerk, OK = Oude Kerk,ZK= Zuider Kerk,
WK= Waalse Kerk)
Een kleinzoon, Adriaan Florisz. Raap
(1631-1702), vestigt zich omstreeks 1660 in Gorinchem.
De Gorinchemse tak van de Raapen is omstreeks 1750 uitgestorven
(behoudens een mogelijke voortzetting via de Friese Raapen, zie
hierna).
Een achterkleinzoon, Willem Adriaansz.
Raap ( 1657-1703/4) vestigt zich omstreeks 1687 in
de polder De Zijpe (Noord-Holland). Deze
genealogie loopt verder via diens zoon Adriaan
Willemsz. Raap (1699-1773) met nakomelingen tot in
de huidige eeuw.
De Zijper Raapen wonen anderhalve eeuw honkvast
in De Zijpe, Wieringerwaard en directe omgeving. In de tweede
helft van de 19e eeuw vertrekken leden van deze familie naar
elders. Nieuwe woonplaatsen worden: Den Helder, Haarlem,
Amsterdam, Rotterdam, Tilburg, Eindhoven en Nederlands
Oost-Indië (±1920 - ±1950).
Schrijfwijze Raep of Raap:
Deze naam werd in de 16e en 17e eeuw in officiële
documenten ook wel geschreven als "Raep". Adriaan
Pietersz. Raap schreef zijn toenaam echter al als
"Raap". Vanaf het einde 17e eeuw wordt in doopboeken en
notariële stukken de versie "Raap" aangetroffen.
U heet Raap en vraagt zich af of U
tot deze familie behoort:
Zie de "Lees-& zoekwijzer" (direct
hierna) hoe U naar vermoede familieleden (grootouders,
overgrootouders) kunt zoeken om aansluiting te vinden. Niet alle
"Raapen" zullen zich in deze genealogie kunnen
terugvinden. Redenen kunnen zijn:
Lees- & zoekwijzer: |
Dit is een eenvoudige website bestaande uit deze hoofdpagina (eerste 6 generaties en Bronnen) en 7 subpagina's:
| "Nieuwsbrief" "Summery family history" "Zusammenfassung Familiengeschichte" "Jan Raap" en diens nakomelingen, 7e en volgende generaties, periode 1727 - ± 2000 "Willem Raap" en diens nakomelingen, 7e en volgende generaties, periode 1734 - ± 2000 "Verloove" uit Rotterdam, stamreeks van Pieter Marie Verloove "HBS 's-Gravendijkwal" Rotterdam, klassefoto's. |
De pagina's zijn gemaakt met standaard
FrontPage Express HTML, laden snel en kunnen verder
zonder link- en browserproblemen off-line worden bekeken.
Deze genealogie volgt uitsluitend de mannelijke lijnen. Tot en
met de X-de (tiende) generatie is de, in de genealogie
gebruikelijke, staaksgewijze indeling toegepast.
Terwille van het overzicht zijn vanaf de Xde generatie de laatste
3 of 4 generaties bijeengehouden in 15 familiegroepen
(Xa. t/m Xo.).
U zoekt met de functie "FIND/NEXT" van
de browser (bij Internet Explorer
te vinden onder EDIT of met Ctrl+F) òf
in de hoofdpagina, òf in de subpagina
van Jan Raap, òf in de subpagina
van Willem Raap naar:
een eerste of volgende voornaam b.v.
Cornelis;
een achternaam van een echtgeno(o)t(e)
b.v. Wegman, Keppel, Verloove;
een (geboorte)plaats b.v. Anna Paulowna,
Amsterdam, Haarlem, Harenkarspel, Rotterdam, Eindhoven;
een datum (geboorte, huwelijk,
overlijden) b.v. 19-1-1941 of op maand-jaar b.v. 1-1941 (géén
voorloopnullen, dus niet 01-02-1862
of 02-1862 maar: 1-2-1862, 2-1862 !).
De zoekactie kan maar in één pagina
tegelijk worden uitgevoerd. Zoek naar familieverbanden eerst in
de subpagina's van Jan
Raap en Willem Raap
!
Let op de FIND-instellingen: voorwaarts/down
of achterwaarts/up, beginhoofdletter etc.
Voorgenomen ontwikkelingen: |
Deze pagina is gestart op 24 september 2000 en
wordt regelmatig aangepast met verkregen aanvullingen en
verbeteringen.
T.z.t. wordt een boekje gemaakt, dat ter inzage wordt gelegd bij
de bibliotheken van het Centraal Bureau voor Genealogie te Den
Haag en de Nederlandse Genealogische Vereniging te Weesp. In dit
boekje worden kopieën opgenomen van enkele oude stukken. Zie
voor verdere ontwikkelingen de nieuwsbrief
.
Links: |
- Zie "Bronnen" nr. 15. voor links naar websites met genealogische of historische gegevens
De eerste 6 generaties Raapen (periode 1556 - ±1770):
I. Adriaan Pietersz. Raap, 1556 -
1647 |
|||||
Pieter
Adriaansz. Raap, (ongeh. gebleven) |
IIa. Floris Adriaansz. Raap, |
IIb.
Willem Adriaansz. Raap, 1585 - 1646 |
Jan Adriaansz. Raap, |
Annetje Adr.dr. Raap, |
|
IIIa.
Adriaan Flzn. Raap |
IIIb.
Floris Flzn. Raap |
IIIc.
Mr. Adriaan Willemsz. Raap, 1620 - 1667 |
|||
IV.
Willem Adriaansz. Raap, 1657 - 1703/4 |
|||||
V.
Adriaan Willemsz. Raap, 1699 - 1773 |
|||||
VIa. Jan Adriaansz.
Raap, 1727 - 1776 naar subpagina Jan Adrsz. Raap en diens nakomelingen |
VIb.
Willem Adriaansz. Raap, 1734 - 1785 naar subpagina Willem Adrsz. Raap en diens nakomelingen |
||||
I. Adriaan
Pietersz. Raap, geb. Vlaardingen 1556, koopman, raad in
de vroedschap van Amsterdam, raad ter Admiraliteit van 't
Noorderkwartier, ouderling van de Gereformeerde Kerk, overl.
Amsterdam 12-4-1647. Tr. 11-12-1580 met Maria Claesdr.
Cloeck, geb. in 1553, overl. Amsterdam 10-2-1614, dr.
van Claes Hendrickz. Cloeck en Anna Florendr. Zie "Bronnen" nr. 2 (voorouders van Adriaan Pietersz. Raap), nr. 3
(Elias, "Vroedschap van Amsterdam"). Gegevens over de
familie Cloeck zijn te vinden op www.Kloek-genealogie.nl .
Hij legt in een journaal of memorie gegevens vast over "...notabele
dingen mij in mijn leven overkomen". Woont in 1575/1576
15 mnd. in "Habel de Grace" (Le Havre). Reist
in 1577 en 1578 in Portugal en Spanje "...om het land te
besien en de Spaanse taal te leren". Reist in de tweede
helft van 1578 te voet van Madrid via Burgos, Bordeaux, Parijs,
Antwerpen naar Rotterdam, volgens zijn aantekeningen totaal 350
mijl (dat kon kennelijk allemaal tijdens de tachtigjarige
oorlog!).
Aantekening: |
Vestigt zich in december 1578 in
Amsterdam bij Jan Claesz. Cloeck (1551-1616), zeepzieder,
"....om hem (Cloeck) te dienen in den Coopmanschap, den
tijd van 2 jaar, mits betalende voor mijn kostgeld 20 pond Vlaams
in 't jaar...". Twee jaar later trouwt hij de zuster
van zijn patroon, "....Maria Cloeck, oud 27 jaar en 2
maanden". Wordt 91 jaar oud.
In Beverwijk bezat hij een kleine hofstede "de Raap".
Einde 18e eeuw woonden daar de schrijfsters Elisabeth
Wolff-Becker en Agatha Deken. Zij noemden dit kleine buiten
"Lommerlust" (zie Amstelodamum JRB 44, 1950 pag. 97
"Het Beverwijkse Buiten van Betje Wolff en Aagje
Deken".)
Zie verder "Rijks Geschiedkundige Publicatiën" (RGP)
78, pag.'s XLI, 154 en 587 (o.a. bij Kon. Bibliotheek.) voor
verwijzingen naar Adriaan Pietersz. Raap.
In het Amsterdams Historisch Museum ( www.ahm.nl ) bevindt zich in depot (dus niet te zien) een schuttersstuk
van Cornelis van der Voort, afkomstig uit de "Groote
Camer" in de Handboogdoelen, waarop Adriaan Pietersz. Raap
is afgebeeld. Verdere gegevens: naam: "Korporaalschap van
kapitein Adriaan Pietersz. Raep", jr.1623, inv. no. 3020.
Zie de "Blankert catalogus" (ter inzage bij AHM) voor
de namen van personen die op dit stuk voorkomen en verdere
bijzonderheden. Zie "Bronnen"
nr. 6.
|
Deel
uit foto (AHM) van bovengenoemd schuttersstuk, |
| Aantekening: In 1626 raakte Adriaan Pietersz. in de Raad van Schepenen van Amsterdam betrokken bij de veroordeling van Joost van den Vondel vanwege "ongepastheden" in diens treurspel "Palamedes, of vermoorde onnoozelheid". Voor dit interessante conflict over vrijheid van meningsuiting in de jonge Republiek zie: http://cf.hum.uva.nl/dsp/ljc/vondel/palamedes/inleidin.html . |
Uit dit huwelijk:
Op den heer Trezorier Peter Raep
Peter Raep, de trezorier,
Bouwde uit mededogen hier
't Weduwen- en wezenhof.
Men gebruik' het tot Gods lof.
Vondel, "Volledige dichtwerken en oorspronkelijk
proza", verzorgd door A. Verwey, blz. 936,
zie ook: http://www.dbnl.org/tekst/vond001dewe05/vond001dewe05_0083.htm#N4439
Voor het Rapenhofje en gevelstenen zie: www.amsterdamsegevelstenen.nl/Palmgracht28.htm
.
Sticht een soortgelijk hofje of huis aan de Vleersteeg
nr. 35 in Vlaardingen, dat werd aangeduid als
"Raaphuis" (afgebrand op 7 juli 1949).
|
|
Deel foto (AHM) van
schutterstuk, |
Gevelsteen van het
voormalige Raaphuis |
IIa. Floris Adriaansz. Raap, geb. Amsterdam 17-11-1583, overl. Amsterdam 11-10-1656, lakenkoopman en overman van de oude jachthaven te Amsterdam. Tr. 1° Amsterdam 7-1-1607, Wijntje Jacobsdr. Hoyingh, dr. van Jacob Gerritsz. Hoyngh (A'dam 1555 - 1625), lakenkoopman *). Tr. 2° Amsterdam 20-11-1628, Catharina Verhulst (of Verhult), dr. van Jacques Verhult en Hester Bisschop (testament 15 mei 1634, nots. Jan Warnaertsz., GA Amsterdam 694B omsl. 61/650). Tr. 3° Edam 30-08-1643, Stijntje Willemsdr. Rengers. Tr. 4° Sloterdijk, Antje Jansdr.
| *) In het boek "De 250 rijksten van de Gouden Eeuw" van Kees Zandvliet, uitgave Rijksmuseum Amsterdam (2006), wordt onder nr. 115 een korte biografie gegeven van deze Jacob Gerritsz. Hoyngh. Zijn jongste dochter trouwde met Floris Adriaansz Raap, de tweede zoon van Adriaan Pietersz. Raap (1556-1647). |
Uit het 1° huwelijk:
IIb. Willem Adriaansz. Raap, geb. Amsterdam 13-12-1585, overl. Amsterdam 7-9-1646, woonde Nieuwe Doelenstraat "In de Drie Rapen", koopman met handel op Brazilië en gever van bodemerij (uitlenen geld tegen schip en/of lading als onderpand), heemraad van de Nieuwer-Amstel. Tr. 1° 28-8-1616 Elisabeth Absalon, geb. Veere 1594, overl. Amsterdam en aldaar begraven N.K. 17-6-1628, dr. van Nicolai Claesz. Absalon en Geertruyd Jacobsdr. De Rijck. Tr. 2° 8-7-1631 Maria du Gardijn (weduwe van Willem Jacques Rombouts).
![]() |
Deze Willem Adriaansz. is afgebeeld op een schuttersstuk (bovenste rij, 2e van links) van Cornelis van der Voort : "Korporaalschap van luitenant Pieter Dircksz. Hasselaer", afkomstig uit de "Groote Camer" van de Handboogdoelen. Te zien in het Amsterdams Historisch Museum (inv. nr. SA 9909, zie ook de "Blankert catalogus" aldaar). Zie ook. Amstelodamum, 28e jaarboek MCMXXXI pag. 43: "Amsterdamse Burgervendels in Garnizoen in Zalt-Bommel" door H. Beckerinc Vinckers en het lofdicht op pag. 51, waarin deze Willem Raap wordt genoemd. |
Elisabeth Absalon had een oom van
moederszijde t.w. Symon de Rijck. Deze had o.a.
bezittingen in de polder De Zijpe (N.-H.).Via haar is door
vererving een deel van deze bezittingen bij de Raapen gekomen
(zie "Bronnen" nr. 7.).
Uit het 1° huwelijk:
IIIa. Adriaan
Florisz. Raap, geb. Amsterdam 1631, overl. Gorinchem
1702. Schepen van Gorinchem. Tr. Gorinchem 6-12-1661 Sophia
Davidse de Vries, geb. Gorinchem 1635, overl. Gorinchem
1702.
Uit dit huwelijk:
| Aantekening: Op zaterdag 14-10-1961 besprak Anthonius van der Kooi (geb. Ljouwert 1-4-1909) in een lezing voor het "Genealogysk Wurkforbân fan de Fryske Akademy" in het Coulonhûs te Leeuwarden, de mogelijke aansluiting van de FRIESE RAAPEN op de Amsterdamse Raapen. Dhr. A. van der Kooi is een kleinzoon van Antonius van der Kooi (geb. Wierum 16-12-1853, overl. Aldwald 13-11-1913) en Saapke Roelofs Raap (geb. Driesum 15-5-1857, overl. Leeuwarden 2-1-1925). Zij stamt af van Adrianus Floris Raap, meester pruikenmaker te Leeuwarden (zie hierna). Zie parenteel van A. van der Kooi in het "Jierboekje fan it genealogysk Wurkforbân, utjefte fan de Fryske Akademy to Ljouwert, MCMLVIII", pag. 36/37. Uit deze lezing blijkt dat de mogelijke aansluiting berust op de volgende gegevens en daaruit afgeleide veronderstellingen: 1. De hierboven genoemde Floris Adriaansz.Raap, medicinae doctor (zie IIIa.1) en poorter van Amsterdam, zou kort na elkaar met twee (verschillende?, Amsterdamse?) vrouwen een buitenechtelijke verhouding hebben gehad en bij elk van deze vrouwen een kind hebben verwekt. Deze kinderen liet hij te Amsterdam dopen. 2. Eén van deze kinderen, Adriaan, en de te Leeuwarden wonende Adrianus Floris Raap, meester pruikenmaker, die omstreeks dezelfde datum is geboren, zouden dezelfde persoon zijn. Het andere kind, Sophia, dat te Amsterdam bleef wonen, zou dezelfde persoon zijn als Sophia Raap, begraven te Amsterdam op 28-12-1780, 71 jaar oud, weduwe van Jacob de Ruiter. Bij ondertrouw met Jacob de Ruiter, Amsterdam 10-3-1730, werd zij nog ingeschreven als Sophia Florus. De doopinschrijvingen, waarnaar in de lezing wordt verwezen, vermelden letterlijk het volgende: a. Doopboek Oude Kerk: "anno 1709, vrijdagh 8 februari gedoopt van Do. gerardus puppius Hondius: Adriaan; vader: Floris Adriaanse, moeder: Henrijntie Janssen, getuigen: Jacob van Agthove, Trijntie van Agthove" (GAA "dopen" no. 16 fol. 116). b. Doopboek Noorderkerk: "anno 1710, 1 januari: Sophia; vader: Floris Arianß, moeder: Trijntje Siebes, getuigen: Marinus Marinuß, Neeltje Willems" (GAA "dopen" no. 79 folio 252). De veronderstellingen zijn gebaseerd op overeenkomst van de doopnamen met die van de Amsterdamse familie Raap en de vrijwel overeenstemmende geboortedatum van Adriaan uit Amsterdam en Adriaan uit Leeuwarden. Verder wordt uit het ontbreken van huwelijksinschrijvingen van Floris Adriaansz. Raap, respectievelijk van Floris Adriaanse met Henrijntie Janssen en Floris Arianß met Trijntje Siebes, de veronderstelling afgeleid dat Floris Adriaansz. Raap, Floris Adriaanse en Floris Arianß, dezelfde persoon zijn en dat Floris Adriaansz. Raap zijn toenaam Raap (of Raep) en ook zijn titel M.Dr. (medicinae doctor) niet in de twee bovengenoemde doopinschrijvingen heeft laten vermelden, omdat de betreffende kinderen buitenechtelijk waren. Dit intrigerende familieverhaal wordt al in meerdere generaties Friese Raapen overgeleverd. Tot op heden zijn echter géén andere gegevens gevonden, die genoemde veronderstellingen hard kunnen maken. Gezocht wordt nog naar goed bewijs b.v.: vernoeming in testament, notariële akten of vonnissen betreffende echting, alimentatie of legaat. Zolang nadere bewijzen (feiten) ontbreken, blijven andere, niet bij voorbaat uit te sluiten, mogelijkheden denkbaar, zoals: de Friese Raapen zijn op andere wijze gelieerd aan de Amsterdamse (of Gorinchemse) Raapen; de Friese Raapen zijn gelieerd aan één van de vele andere families Raap (zie "Bronnen" no. 14). Zie verder "Bronnen" 9 en voor een kort verslag van genoemde lezing van A. van der Kooi: artikel in de Leeuwarder Courant van maandag, 16 oktober 1961, pag. 7, met de titel: "Stamboom van de familie Raap bevat nog mysterie"; notulen Genealogysk Wurkforbân , bijeenkomst dd. 14 oktober 1961 no. W.62021161/235. |
| Aantekening: In een testament dd. 19-4-1788 bij nots. Pieter Galenus van Hole (GA Amsterdam oud not. 5982B/475 no. 45) benoemt hij tot enige universele erfgenamen zijn twee neven, Dionis Anthoni van Aalst en Adriaan van Aalst. De kinderen van Anna Susanna Raap en Jean Guin t.w.: Patrice, Jean Valentijn, Floris, en Marie krijgen een legaat. Raapen worden in dit testament niet genoemd. Daaruit kan worden opgemaakt dat hij geen nakomelingen heeft. |
6.4 Anna Susanna Raap, geb. Bordeaux, tr.
Bordeaux Jean Guin.
| Aantekening: In opeenvolgende testamenten dd. 26-12-1737, 3-10-1738, 31-5-1741, 3-12-1745 voor notaris Martinus van Mekern te Gorinchem (GA Gorinchem, oud not.) vermaakt deze Adriaan Adriaansz. Raap zijn bezittingen aan de kinderen van zijn broer Anthony Adriaansz. Raap (met name genoemd: Magdalena Maria, Margaretha Sophia, Adriaan Floris en Anna Suzanna). Noch deze Anthony Adriaansz., noch zijn andere broers, zusters en hun eventuele wettige kinderen, noch zijn eigen kinderen Adriaan Floris en Maria, worden in deze testamenten genoemd. Daaruit kan worden afgeleid dat er geen andere wettige erfgenamen meer waren en dat al zijn broers, zusters, zijn eigen en alle andere mogelijke (wettige) kinderen vóór 26-12-1737 zijn overleden. |
Deze tak van de familie is uitgestorven, behoudens eventuele voortzetting via Friese Raapen.
IIIb. Floris
Florisz. Raap (1634-1683), tr. Margareta Kieft,
dochter van zijn tante Anneken (of Annetje) Raap en Cornelis
IJsbrant Kieft. Is regent van het
Aalmoezeniersweeshuis op de Prinsengracht te Amsterdam. Een
wapenbord van de regenten van dit weeshuis, met o.a. het wapen
van Raap (schuingaande zwarte leeuw c.f. de Gorinchemse Raapen),
is te zien bij het Amsterdams Historisch Museum (zaal 11, inv.
no. KA7889).
Geen nakomelingen.
Ook deze tak is uitgestorven.
IIIc.
Mr. Adriaan Willemsz. Raap, geb. Amsterdam 1620, overl.
Amsterdam en begr. 13-12-1667 in de Westerkerk, advocaat op de
Keizersgracht, daarna op de Heerengracht. Administrateur voor de
Weeskamer. Tr. Amsterdam 7-3-1656 Elisabeth Hudde,
ged. in de N.K. (Noorderkerk) 4-9-1633, begr. N.K. 7-6-1697, dr.
van Hendrick Hudde, schepen en koopman te Amsterdam, en Clara
Nijs.
Uit dit huwelijk:
Hendrik Adriaansz.
Raap, doop Amsterdam 10-9-1659 (bron 43, p.
418), overl. Batavia 10-8-1699, koopman bij de VOC.
Vertrekt 28-11-1688 met het schip "Nederland"
(kamer Amsterdam) naar Batavia. Werkt als koopman bij de
factorijen aan de Coromandelkust, India, in Negapatnam en
Dacheron. In 1697 te Dacheron is hij "Coopman en
hooft". In veel dorpen en steden langs de kust
van de Coromandel woonden wevers. Hun producten (o.a.
Indiase sits en "palempore" kleden) werden door
de VOC opgekocht.
Vertrekt in 1698 met fluitschip "Wijk op Zee"
naar Batavia. Overlijdt te Batavia 1699 "......nalatende
Hollandse vrouw en kinderen" (Nationaal
Archief, Den Haag, VOC archieven toegangsno. 1.04.02
inv.no. 5362: scheepssoldijboek "Nederland"
folio 3 en Generale Landmonsterrollen inv. no.'s 11536
t/m 11541).
Zie voor een indruk van het leven van een VOC-koopman in
India omstreeks die tijd, het boek: "VOC-dienaar
in India, Geleynssen de Jongh in het land van de
Groot-Mogol" door H.W. van Zanten.
Tr. Amsterdam 6-4-1686 Anna Bos (of
Bosch). Uit dit huwelijk:
3.1 Adriaan Hendriksz. Raap, ged. Amstel
Kerk (hervormd) 8 februari 1688 ?(bron 120 pag. 214), ??
Vermoedelijk 1687 i.p.v. 1688. Overl. omstreeks september
1688.
3.2 Elisabeth Raap, geb. Amsterdam 16-1-1688,
overl. 18-9-1718. Tr.Amsterdam 15-8-1715 Abraham
Middelman.
3.3 Willem Hendriksz. Raap, geb. Batavia
6-4-1690. Volgens "Geslagt Memorie Raap"
opgemaakt oktober 1777 door Klaas Raap t.b.v. de administrateurs van het Hudde-fonds,
zijn deze Willem Raap en zijn zuster Elisabeth Raap jong
overleden, zonder nakomelingen. Anna Raap (3.4) wordt in
deze memorie niet genoemd.
3.4 Anna Hendriksdr. Raap (geen verdere gegevens
bekend).
| Aantekening: Anna Bos keerde na overlijden van Hendrick terug naar Nederland. Zij trouwde daar ca. 1702 Hendrick van Lengerken van Gottenburg, koopman. In het Archief Oud Recht van de Zijpe en Hazepolder bevindt zich een transportakte dd. 25 mei 1703 waarin een stuk grond wordt verkocht, waarbij Hendrick de Bruijn, echtgenote van Geetruijd Raap (zie hierna bij 10.) "......als procuratie hebbende van Hendrick van Lengerken bij de Ed. Hoogm. Weesmeesteren van de stad Amsterdam den 19 mei 1702 gecommitteert omme in desen waer te nemen het recht van Elisabeth, Willem en Anna Raap, de drie minderjarige voorkinderen van sijn huisvrouw Anna Bosch, door haar eerdere huwelijk geteelt bij Hendrick Raap......". Op 15-5-1705 heeft Hendrick van Lengerkerk last en procuratie van Anna Bos bij verkoop aan Adriaan Jansz. Wit, van een derde deel van het "Zijpse Gat" in de Belkemerweg in de Zijpe. De procuratie is gepasseerd voor notaris Cornelis Winter (toegangsnr. 256) te Amsterdam op 7-5-1705. |
| Aantekening: 1) In de Kon. Bibliotheek bevindt zich bij "Bijzondere Collecties", een bundel "Disputationum Juridicarum" (signatuur 965B13:93) met "juridische oefeningen" onder het presidium van Jacobus Maestertius, professor bij de "Academia Jurisprudentiae" te Leiden. Oefening "nonagesima-prima" (91), gedateerd Maart 1642, is opgesteld door bovengenoemde Adriaan Raap. In de inleiding wordt het werkstuk opgedragen aan zijn vader Willem Raap, zijn grootvader Adriaan Raap, zijn oom Pieter Raap en aan zijn oudoom (van moederszijde) Simon de Rijck. Het onderwerp "De Inventario" betreft het belang van inventarissen bij testamenten met de daaraan verbonden juridische kwesties. Het onderwerp is duidelijk geïnspireerd door de afhandeling van de erfenis van zijn oudoom. Hij is dan 22 jaar oud. Wellicht is het zijn werkstuk voor het verkrijgen van de meesterstitel. 2) In het testament van zijn oom Pieter Raap, opgemaakt dd. 6 oktober 1659 bij notaris Jan Uijtenbogaert te Amsterdam, wordt een jaargeld toegekend aan "........Adriaan Adriaans nu tot Haarlem..". De kosten daarvan kwamen in aftrek van een bedrag dat de kinderen van zijn broer Willem Adriaansz. zouden erven. Op basis van deze clausule wordt wel eens verondersteld dat deze Adriaan Adriaans een natuurlijke zoon is van Adriaan Willemsz. Raap. Deze zoon zou zijn geboren voordat hij huwt met Elisabeth Hudde. Gegevens die deze veronderstelling kunnen bevestigen of aannemelijk maken zijn (nog) niet gevonden. Vraag is ook waarom Pieter Raap alle drie kinderen van zijn broer liet "korten" en niet alleen zijn neef Adriaan. Zie verder "Bronnen" nr. 8. 3) In deze tak van de familie zijn 3 mannelijke nakomelingen, van wie geen verdere gegevens en nakomelingen bekend zijn t.w. 4.2 Willem Hendriksz. Raap (waarschijnlijk in Batavia overleden), 4.3 Adriaan Hendriksz. Raap en 6.1 Adriaan Pietersz. Raap. Ook in de stukken van de Amsterdamse Weeskamer m.b.t. de verdeling van de erfenis van Symon de Rijck (zie "Bronnen" 7 ) zijn hun namen niet terug te vinden. Daaruit zou kunnen worden afgeleid dat zij zonder nakomelingen zijn overleden. |
IV.
Willem Adriaansz. Raap, geb. Amsterdam, 13-2-1657 (bron
43 p.349), overl. Amsterdam (?) 1703/1704, koopman, reder en
bevrachter bij de walvisvaart op Spitsbergen. Kerkmeester
Noorderkerk te Amsterdam 1682 (zie bord in kerkmeesterskamer
Noorderkerk).
Uit notariële akten en uit de notulen van de Desolate
Boedelkamer van Amsterdam blijkt dat hij te kampen had met
dubieuze debiteuren. De zaken gingen in die tijd blijkbaar minder
goed.
Hij vestigt zich omstreeks 1685 op de hofstede De Kleine Wiel aan
de Bosweg in de polder De Zijpe. Deze bezitting was in de familie
gekomen via de erfenis van Symon de Rijck. Verwerft uit deze
erfenis ook nog een aandeel in andere bezittingen in De Zijpe.
In De Zijpe woont hij samen met Neeltje Jans (de Leeuw),
geb. .........., overl./begr. Zijpe 15-6-1724 (aangever: Cornelis
Blankman).
De toevoeging "de Leeuw" is te vinden in de
"Geslagt Memorie Raap", gedateerd "October
1777", gemaakt door Klaas Adriaansz. Raap (V.8)
t.b.v. de administrateurs van het Hudde-Fonds
(zie "Bronnen"
nr. 12) . In het particuliere archief
van dit fonds bevinden zich meer documenten, die deze verhouding
bevestigen (kopieën zijn in bezit van de samenstellers van deze
genealogie).
In een notariële akte dd. vrijdag,18-12-1704, opgemaakt door
notaris Cornelis Winter te Amsterdam (GA A'dam, oud notarieel no.
6723), worden zij aangeduid als echtlieden.
|
Het begin van deze akte. Hierin wijzen zij elkaar aan als enige erfgenamen. |
De huwelijksinschrijving is
mogelijk ingeschreven bij een schepenrechtbank maar nog niet
gevonden.
Uit dit huwelijk c.q. verbintenis:
In het archief van de familie Backer en aanverwante families (Stadsarchief Amsterdam, toegangsno. 172, inventarisnummer 44) bevindt zich een genealogie van de familie Raep tot omstreeks 1700, schematisch beschreven op 2 vellen A3 door Cornelis Backer. Bij Willem Adriaansz. staat de aantekening "mistrouwde een boerin uit de Beemster".
Een belangrijke ingang voor het verkrijgen van gegevens over de eerste Zijper Raapen is het werk van J. Baken, zie "Bronnen" nr. 10. Voor de geschiedenis van De Zijpe zie "Bronnen" nr. 11 en nr. 13.
V. Adrianus Willemsz. Raap, ged. De Zijpe 18-7-1699, overl. Oude Sluis 4-6-1773, sluiswachter van de Oude Sluis en gerechtsbode in de Zijpe. Tr. ......Maartje Willems Wagemaker, ged. De Zijpe 16-9-1703, overl. ....., dr. van Willem Wagemaker en Grietje Cornelis, wonende op 't Zand (Zijpe). Uit dit huwelijk:
west Willem Raap, (IV,
1657-1703/4) erfde enkele bezittingen in de Zijpe, o.a.
een deel van de hofstede "Kleine Wiel" (waar
hij ook is gaan wonen) en een deel van de hofstede
"Mosselwiel". Deze lagen aan de westzijde van
de Bosweg in vak V (perceel b respectievelijk d en e;
daartussen lag, in perceel c, de eendenkooi). De Bosweg (
voeger: Boschwech) loopt door de vakken T en de V op de
kaart. De naam "wiel" verwijst naar een poel
(wiel) die in de directe omgeving was ontstaan na een
dijkdoorbraak. Zie "Bronnen"
nr. 13. |
terug naar introductie | terug naar tabel eerste zes generaties | naar pagina Jan Raap | naar pagina Willem Raap
1. Huistekens:
Zie "De Uithangtekens in verband met de
Geschiedenis van het Volksleven beschouwd" door Mr.
M.J. van Lennep en J. ter Gouw uit 1868 deel II pag 383 e.v. Dit
werk werd in 1974 opnieuw uitgegeven door Uitgeverij M.A. van
Sijen te Leeuwarden.
Er waren in Amsterdam nog andere huizen met een raap als
gevelsteen bijvoorbeeld:
![]() |
"De Gecroonde Raep", in
de gevel van het achterhuis op de Oudezijds Achterburgwal
46a. Het voorhuis bevindt zich op de Oudezijds
Voorburgwal 57, zie: http://nl.wikipedia.org/wiki/De_Gecroonde_Raep
; "De Drie Rapen", in 1690 bij de boekdrukker Arentz op de Beursstraat (nu Rokin); "De Drie Rapen", omstreeks 1646 op de Nieuwe Doelenstraat; "De Vergulde Raap", in 1680 op de Wolvenstraat; "De Raep", in de 17e eeuw een herberg op de Prinsegracht bij de Elantsgracht. Documentatie: "De Raap als gevelsteen", Amstelodamum 1919: april blz. 32, mei blz. 40 en augustus blz. 61. |
Hadden deze gevelstenen met rapen nog een
metaphorische betekenis? Wellicht is er een verbinding met de
groeizaamheid en weerstandsvermogen van deze koolsoort.
Mogelijk is er ook een verband met het verhaal over de Samnieten.
Die probeerden de Romeinse consul Marcus Cato Major (bij Vondel:
Markus Kurius) om te kopen. Maar toen ze zagen dat hij rapen at
voor de lunch, gaven ze het op. Iemand die met zulk eenvoudig
voedsel genoegen nam, moest onomkoopbaar zijn (Plutarchus, Vitae
Aristides - Marcus Cato. Zie "Plutarch's Lives",
translation Bernadotte Perrin, Vol. II page 306/307, The Loeb
Classical Library, January 1914). Deze gebeurtenis is afgebeeld
op een schilderij van Govaert Flinck, dat te zien is in de
Oud-Raadszaal (zuidelijke schouw) van het voormalige stadhuis (nu
koninklijk paleis en museum) op de Dam. Vondel maakte
hierbij een gedicht:
![]() |
Op 's Burgemeesters
wacht magh Rome veiligh slaepen, |
In "Waasland", de streek om Sint-Niklaas, ten westen van Antwerpen, staat een raap afgebeeld op aantal dorps- en stadswapens.
| Ook in familiewapens kwamen rapen voor zoals in dat van Sebastiaan van Loosen, geb. Gorinchem, overl. 1599, burgemeester, later pensionaris aldaar, lid van de Raad van State, het Hof van Holland en van de Hoge Raad. Zie veld B: "in goud een raap van zilver, gebladerd van sinopel". |
|
| Wapen "Wessem", voorkomende in
"Limburgse wapens", Maastricht 1925, blz. 32. Beschrijving: een knol (of raap) van natuurlijke kleur met groen loof over alles heen. Zie ook heraldische databank CBG. |
|
In de heraldische databank CBG bevindt zich nog
een aantal familiewapens, waarin rapen voorkomen, t.w.
het wapen "Moes" van Peter Eberhard Moes, 1674 -
1741, predikant te Leuscheid, Rijnland;
het wapen "Rueb";
het wapen "Tulleken", van jhr. Jan van
Hoogenhouck Tulleken, 1762 - 1851, vice-admiraal.
In "Genealogische en Heraldische
Gedenkwaardigheden in en uit de Kerken der Provincie Limburg"
van Dr. J. Belonje (uitgegeven te Maastricht, MCMLXI) staat (pag.
241) een wapen beschreven dat zich bevindt op een zerk in de Sint
Christoffel kathedraal te Roermond. De beschrijving is als volgt:
"Binnen een krans, de zwikken gevuld met lelies, in een
cartouche: een ovaal wapenschild, gevierendeeld: A = een raap,
waaruit 3 bladeren spruiten, staande in de grond; B = een hart: C
= een merk; D = 3 schelpen, 2 en 1".
Dit wapen blijkt te zijn van het Roermondse regeringsgeslacht Van
Wessem. Zie het artikel van C. van Wessem over deze familie in
"De Nederlandsche Leeuw", jaargang LVII, oktober 1939,
pag. 447.
Mogelijk is dit een later alliantiewapen, waarin de raap van
bovengenoemd wapen "(van) Wessem" is verwerkt.
2. "De
voorouders van Adriaen Pietersz. Raep":
Door H. den Boer in "Ons Voorgeslacht",
maandblad van de Zuid-Hollandse Vereniging voor Genealogie nr.
386, 43e jaargang, september 1988, pag. 349.
De grootvader van Adriaen Pietersz. (in
Amsterdam: Adriaan Pietersz. Raap), was Lenert Cornelisz.
Vrijgesel, overl. voor 14-1-1542 (Adriaen Pietersz.
noemt hem Lenaert Pietersz.den Ouden). Tr. Maergen
Claesdr., overl. voor 12-6-1539. Uit dit huwelijk:
3. "De
Vroedschap van Amsterdam 1578-1795":
door J.E. Elias, Haarlem 1903. Adriaan Pietersz. Raap zie pag.
294. Op pag. 295 wordt ten onrechte vermeld dat zijn
achterkleinzoon Willem Raap (IV) ongehuwd
zou zijn overleden in 1687.
4. "Memorie":
Een kopie van de "memorie" van Adriaan Pietersz. Raap
en nog enkele andere stukken m.b.t. de Amsterdamse Raapen
bevinden zich in de familiearchieven "Heshuysen,
Hooft, Hooft van Woudenberg" bij het
Gemeentearchief Amsterdam (toegangsno. 225). Het Rapenhofje aan
de Palmgracht 28 - 38 te Amsterdam was de oorspronkelijke
bergplaats van deze archieven. Dit archief werd achtereenvolgens
beheerd door de families Kieft, Van Erffrenten, Bruyningh, Hooft
en Heshuysen. Zie ook Amsterdams Jaarboek 1900, pag. 184.
5. Familiewapen:
Het Raapen-wapen is nog te zien in de gevel van het
"Rapenhofje" aan de Palmgracht 28-38 te Amsterdam,
tezamen met een gevelsteen voorstellende een raap.
Het wapen dat de Gorinchemse Raapen als schepen van die stad
voerden, wijkt enigszins af van het door Adriaan Pietersz.
gevoerde wapen (zie: begin van de hoofdpagina
en ook Bronnen nr. 1 . Wapenafwijkingen binnen
dezelfde familie kwamen meer voor, zie hierna: Brouck).
De Zijper Raapen maakten voor zover bekend geen gebruik meer van
het familiewapen.
|
De oorsprong van het Raapen-wapen is niet
bekend. Het lijkt sterk op de wapens van de Vlaardingse
familie Brouck (ook geschreven: Broock of Broek). Het is
mogelijk dat Adriaan Pietersz. op
een of andere wijze was verwant aan deze familie en dat
hij zijn schepenwapen aan dit wapen ontleende. Zie "Ons
Voorgeslacht" de artikelen: "Een oud
heraldisch probleem. Het wapen van het Vlaardingse
geslacht Brouck" door C. van Hoek no. 437, 48e
jaargang, april 1993 en "Brouck te Vlaardingen"
door H. den Boer, no. 414, 46e jaargang, maart 1991 met
afbeeldingen van het wapen "Brouck" (zie
hiernaast). Het bovenste wapen is afgeleid uit een beschrijving van de grafsteen van Jan Pouwelsz. Broeck. De zerk is "afgehakt" (d.w.z. het wapen is eruit gekapt). Het onderste wapen komt voor in de "Wapens der Vlaardingse Vroedschappen" (een niet geautoriseerd handschrift) en wordt toegekend aan Gerrit Jansz. Brouck (1619-1633), Jan Pouwelsz. Brouck (1626-1640) en Dirck Engelsz. van den Brouck (1641-1652). Ook het wapen van de Hollandse familie "Wallen (van der)" vertoont overeenkomst met het wapen "Raap", zie Rietstap, plaat CXL. |
6. "Burgers in het geweer, de schutterijen in Holland 1550-1700", door Paul Knevel, Historische Vereniging Holland, Uitgeverij Verloren , Hilversum 1994.
7. Symon
de Rijck:
Zie het artikel "Het grondbezit van Zymon
D'Rijck" van Mr. J. Belonje in het maandblad Amstelodamum
jrg. 66, 1979, blz. 105 e.v. en J.E. Elias, "De
Vroedschap van Amsterdam 1578-1795", Haarlem 1903,
pag. 379 en 380. Deze Symon was de oudste zoon van Jacob Simonsz
(de) Rijck, heer van Zaffelaer, kapitein bij de Watergeuzen. Deze
Jacob (de) Rijck had een werkzaam aandeel bij de inname van Den
Briel op 1-4-1572.
Zie ook: "Jacob Simonszoon de Ryk, treurspel"
door Lucretia Wilhelmina van Winter, geb. van Merken, 3e druk te
Amsterdam uitgegeven bij Wed. G. Warners en Zoon, 1813.
Vindplaats: Univ. Bibliotheek Amsterdam.
Een dochter van deze Jacob (de) Rijck, Grietgen of Gertrudt, tr.
Amsterdam 20-10-1593 Absolon Nicolai (of Claesz.). Uit dit
huwelijk: Elisabeth Absolons (ook Absalon), die tr. met Willem
Adriaansz. Raap, zie IIb.
8. "Memorie
of geslagtsregister van de families Hartgers, Holthuijzen, Raap,
Steffers, Van Vliet" (GA
Leiden, boekno. LB 5675). In deze Memorie komt een Adriaan
Raap voor. Deze Adriaan was chirurgijn van het Gasthuis,
het Kinderhuis en het Dolhuis te Haarlem. Hij overleed te Haarlem
op 7-8-1723, 82 jaar oud en is derhalve geboren in 1641 of 1642.
Hij is op 19-4-1671 te Beverwijk gehuwd met Maria Oosterling(h)
uit Dordrecht. Volgens doopboek NH kerk te Haarlem hadden zij 8
kinderen: twee zoons en 6 dochters. In bovengenoemde memorie
worden alleen genoemd:
Margareta (of Margriet), ged. Haarlem 17-1-1672, overl.
Haarlem 25-8-1712. Tr. Haarlem 15-6-1692 met Eduard Hartgers.
Adrianus, ged. Haarlem 2-4-1673, overl.
?? geh. ??
Maria, ged. Haarlem 27-5-1678, overl. Haarlem ? -1751. Tr.
Haarlem 1710 Willem Oosterling, geb. te Haarlem.
Catharina, ged. Haarlem 30-6-1683, overl. Haarlem ? -1751.
Tr. Haarlem 22-4-1710 Paulus de Jongh, geb. te Hoorn.
Pieter Hartgers, opsteller van de Memorie en zoon van Eduard
Hartgers en Margareta Raap, noteert wèl het huwelijk en het
overlijden van de zusters van zijn moeder, maar géén verdere
bijzonderheden over haar broer Adrianus. Dat zou erop kunnen
duiden dat deze Adrianus ca. 1700 of daarvoor is overleden.
Verder noteert deze Pieter dat zijn broer Adrianus Hartgers, de
functie van chirurgijn van zijn grootvader overneemt "met
approbatie van de burgemeesters van Haarlem".
In deze Memorie of Geslachtsregister komt géén
verwijzing voor naar de Amsterdamse Raapen.
Zou deze Adriaan Raap, chirurgijn te Haarlem een natuurlijke zoon
kunnen zijn van Mr. Adriaan Willemsz. Raap
(1620-1667)? Het is verleidelijk overeenkomst te vermoeden met Jacob Florisse, natuurlijke zoon van Floris
Adriaansz. Raap (1583-1656), maar vermoedens van verwantschap,
uitsluitend op basis van naamsovereenkomsten, blijven
speculatief. Er zal meer bewijs moeten komen, maar het zoeken
naar meer bewijs lijkt alleen interessant als hier sprake is van
nageslacht in mannelijke lijn.
9. Collectie Vorsterman van Oyen. Gegevens over de Gorinchemse (Gorkumse) Raapen zijn voor een belangrijk deel overgenomen uit een handschrift "Genealogische bijdragen betreffende RAAP" uit deze collectie (Centraal Bureau voor Genealogie te Den Haag, handschriftenverzameling Genealogisch Heraldisch Genootschap "De Nederlandsche Leeuw", dossier 177 no.6) en dezerzijds aangevuld met gegevens uit eigen onderzoek in DTB's (doopboeken Nederduitse geref. gemeente GA Gorinchem), het oud notarieel (nots. Martinus van Mekern akten dd.: 26-12-1737, 3-10-1738, 31-5-1741 en 3-12-1745, GA Gorinchem) en de kerkboeken van de gereformeerde kerk te Loenen (GA Loenen).
Wat betreft de vraag of de
uit Gorkum afkomstige Floris Adriaansz. Raap, medicinae doctor, de vader is
van Adriaan Floris Raap, uit Leeuwarden:
Tot nu toe zijn geen documenten (echting, jaargeld, legaat etc.)
gevonden die de veronderstelling kunnen bevestigen. Bij het
opmaken van zijn testament dd. 23 mei 1707 voor notaris Michiel
Servaas te Amsterdam (GA Amsterdam), is hij ongehuwd. Hij wijst
zijn broers aan als erfgenamen en juffr. Catharina Frederiks
krijgt een aanzienlijk legaat. Deze Catharina Frederiks was
waarschijnlijk zijn huishoudster. Het geven van een legaat aan
een huishoudster was gebruikelijk.
Uit een akte van procuratie van testamentair executeurschap dd.
25-6-1749 voor notaris Meeus de Leeuw te Utrecht (Het Utrechts
Archief, oud notarieel akte U183a12-32) blijkt dat Arnoldus van Aalst aan zijn zwager Adriaan Floris Raap tijdelijk
het plaatsvervangend executuurschap overdraagt van de boedel van
Floris Raap (M.D.). De 1e executeur is Adriaan Adriaansz.Raap (oud
schepen van Gorinchem).
Uit een transportakte van notaris M. Mekern te Gorinchem dd. 1
maart 1749 (oud notarieel Gorinchem) blijkt dat er een testament
zou zijn, dat op 3 februari 1737 was opgemaakt bij Schepenen en
Secretaris van Loenen en de Nieuwersluis. In de protocolboeken
van Loenen (Utrechts archief toegang 49, div. inventarisnummers)
is dit testament echter niet aangetroffen.
De verwijzing is zeer waarschijnlijk foutief. Wel is er op die
datum aan Floris Raap MD, wonende te Loenen een
"0ctrooy" verleend voor het opmaken van een testament.
De verlening van dit "octrooy" is ingeschreven in het
"Register van de Octrooyen" bij het Hof van Utrecht
(Utrechts archief, toegang 239-1 inv. no 231-5). De notaris die
het octrooi heeft aangevraagd en laten inschrijven, is nots. J.
van den Doorslag. In diens boeken is echter géén testament van
Floris Raap te vinden. Mogelijk was de toestand van Floris Raap
na 3 februari 1737 zodanig dat hij geen testament meer kon maken.
Hij moet kort daarop zijn overleden en werd 27-2-1737 in Vreeland
(bij Loenen) begraven.
Volgens mededeling van het GA Amsterdam zijn de lidmaatregisters
van de gereformeerde gemeente in Amsterdam pas vanaf 1749 bewaard
gebleven. Derhalve kan niet worden nagegaan of daar omstreeks
1709 en 1710 meerdere lidmaten met de doopnaam "Floris"
en patronymicum "Adriaanse" of "Arianß" of
met de toenaam "Raap" (Raep) stonden ingeschreven.
Voor de beroepsuitoefening van een "medicinae doctor": zie "De Polsslag van de Stad, 350 jaar Academische Geneeskunst in Amsterdam" Annet Mooij, Arbeiderspers Amsterdam 1999.
Wat betreft Adrianus
Floris Raap, meester pruikenmaker, staat vast dat hij te
Leeuwarden 14-5-1752 in de Galilieër kerk huwt met Rinske
Sybrens Faber uit Leeuwarden (Tr. boek NH gemeente, GA
Leeuwarden) en stamvader is van vele Friese
Raapen.
Lidmaat van de NH-kerk: 9-11-1753 (lidmaten register NH kerk pag.
013, GA Leeuwarden). Voor on-line gegevens DTB's en
lidmatenregister NH zie website Historisch Centrum Leeuwarden: http://www.gemeentearchief.nl/
Uit een koop/verkoopbrief dd. 27 juni 1738 (GA Leeuwarden,
rechterlijke instellingen, consentboeken, klappers K30,33,35 blz.
90 e.v.) blijkt dat hij eerder gehuwd was met Anna
Catharina Hendriks (huwelijk nog niet gevonden in
DTB's). In een daarop aansluitende notariële akte dd. 28 april
1738 voor nots. Cornelis Aleman te Enkhuizen (RA NH, Haarlem)
wordt hij genoemd als Adrianus Raap, "mr. paruikmaker".
In deze akte verleent Trijntje Jans (uit de akte in combinatie
met bovengenoemde koopbrief, blijkt dat zij een volle nicht is
van Anna Catharina Hendriks) hem procuratie bij het te Leeuwarden
afhandelen van de erfenis van Hendrik Beerents (of Beernts),
schedemaker te Leeuwarden. Uit dit eerste huwelijk zijn,
voorzover kan worden nagegaan, géén kinderen geboren.
Hij overlijdt te Leeuwarden op 24-9-1797, begr. 2-10-1797
(Jacobijner kerkhof, DTB Leeuwarden).
In
het verslag van de vergadering dd. 14 oktober 1961 van het
Genealogysk Wurkforbân van de Fryske Akademy (W.62021161/235)
staat m.b.t. de lezing van A. van der Kooi vermeld:
"..........Ut in adfortinsje yn 'e Ljouwerter krante fan 27
septimber 1797 docht bliken, dat Adriaan Floris Raap op 24
septimber 1797 to Ljouwert rêst is, âld 88 jier, 7 moanne en 17
dagen. Hy sil dus -tobek rekkenjend - op 7 febrewaris 1709 berne
wêze. Mar yn hokker plak?! Yn Gorkum
en Amsterdam wennen yn de 17e en 18e ieu femyljes Raap en yn
dizze slachten komme de namen Floris en Adriaan, ek yn
kombinaesje, folle foar. Der is reden oan te nimmen, dat de
Ljouwerter prûkmakker bisibbe is aon de Amsterdamske femylje
Raap. Op 8 febrewaris 1709 wurde der yn Amsterdam in bern Adriaan
doopt as soan fan Floris Adriaansz. en Hendreijntje Jansdr. en op
1 jannewaris 1710 in famke Sophia, dochter fan Floris Adriaansz.
en Trijntje Sijbes. Om 't bliken dien hat, dat by harren
forstjerren Adriaan en Sophia beide de skaeinamme Raap hawwe en
de âlden fan in sekere doctor Floris Raap, berne to Gorkum en
rêst to Loenen a/d Vecht, Adriaan Florisz. Raap en Sophia de
Vries hjitten, wurde forûndersteld, dat dizze doctor, as Floris
Adriaans, beide bern dope litten hat en hy dus de natuerlike heit
is. Oan 't safier de hear v.d. Kooi. Hjirop folget nochal hwat
neipetear, binammen de supposysje binnen de mieningen fordield
oer. Saek is, dat men de libbensrin fan Dr. Floris Raap yngeand
ûndersykje moat om it probleem better binaderje to
kinnen...........".
Zie verder:
"De Sneuper", officieel orgaan
van de Vereniging van Archiefonderzoekers te Dokkum, vierde
jaargang, mei 1990, no. 12, pag. 29 en 14de jaargang, sept. 2000
no. 56 pag. 131. Zie ook: www.angelfire.com/vt/sneuper .
"Huwelijk in Holland, stedelijke rechtspraak
en kerkelijke tucht 1550 - 1700" proefschrift van
Manon van der Heijden, uitgevers Bert Bakker 1998 en
"Huwelijk en gezin in Holland in de 17de en 18de
eeuw" van Donald Haks, uitgevers Van Gorcum,
Assen,1982.
Uit de 2 laatstgenoemde studies blijkt dat het in die tijd
geenszins eenvoudig was de huwelijkswetten te overtreden zonder
negatieve maatschappelijke gevolgen. Zie: Willem Adriaansz. Raap
(zie IV), die samenwoonde met Neeltje Jans (de Leeuw) en pas na
een (voor)kind met haar trouwde.
Onderzoek m.b.t. de Friese Raapen en de eventuele aansluiting op de Amsterdamse c.q. Gorinchemse Raapen, wordt verricht door H. Raap uit Ryptsjerk (Fr.).
10. J. Baken, "Gezinssamenstellingen betreffende bewoners van Zijpe tot ongeveer de invoering van de Burgerlijke Stand", voltooid april 1977 (Regionaal Archief Noord-Holland te Alkmaar).
11. Historische
gegevens over de Zijpe: zie: Mr. J. Belonje "De
Zijpe en Hazepolder", Leiden 1933; "De
Zijpe" van J.T. Bremer, deel I "Bedijking en
bewoning tot omstreeks 1800" en deel II
"1813-1920", uitgegeven door Pirola te Schoorl. Het
artikel "Hoofdstukken uit de economische en sociale
geschiedenis van de polder Zijpe in de 17e en 18e eeuw"
door Dr. A. Zijp in het Tijdschrift voor Geschiedenis, jaargang
70, 1957.
In de bibliotheek van het Rijksarchief Noord-Holland te Haarlem
bevindt zich een bundel "Octroyen, privilegiën ende
Keuren, mitsgaders de ordonnantieën van de Weeskamer en de
Vierschaar van de Oude-Zijpe ende Hase-polder" uit
1717. Deze bundel geeft een goede indruk van de problemen, die in
die in die tijd dienden te worden opgelost en de regelingen die
daarvoor werden getroffen.
Veel interessante gegevens over de Zijpe zijn te vinden op: www.zijpermuseum.nl .
12. Hudde-fonds:
Dit fonds werd omstreeks 1702 gesticht door Johannes Hudde, oud
burgemeester van Amsterdam, t.b.v. armlastige familieleden
(testament dd. 25 januari 1702 voor notaris Sylvius te Amstedam).
De Raapen waren aan de Huddes geparenteerd door het huwelijk van
Mr. Adriaan Willemsz. Raap (1620-1667) met Elisabeth Hudde.
Enkele Raapen uit De Zijpe deden een beroep op dit fonds. Om voor
een uitkering in aanmerking te komen dienden zij
afstammingsoverzichten, gestaafd met notariële
getuigenverklaringen over te leggen. Deze documenten bevinden
zich in het particuliere archief van dit fonds. Kopieën zijn in
het bezit van de samenstellers. Mede op grond daarvan kon de
genealogische aansluiting van de Zijper Raapen op de Amsterdamse
Raapen extra worden bevestigd.
Tot de administrateurs van het fonds behoren leden van de familie
Dedel (geparenteerd aan de Huddes, zie "Bronnen" nr. 3).
13. "Oude Boerderijen en Buitenverblijven Langs de Zijper Grote Sloot", door P. Dekker, uitgegeven door Pirola te Schoorl: deel I "Oostzijde", uitgegeven 1986; deel IIA "Westzijde", uitgegeven oktober 1988 (hierin enkele verwijzingen naar de Zijper Raapen op pagina 126 en 127); deel IIB "Westzijde", uitgegeven oktober 1991.
14. Niet
alle "Raapen" zijn familie van elkaar.
De naam "Raap" blijkt niet beperkt tot één familie.
Er zijn meerdere families "Raap" met een eigen
oorsprong. Er zijn families Raap in Zeeland en Purmerend, die
geen verbinding hebben met de Amsterdamse, Gorinchemse en Zijper
Raapen. In Rotterdam is een familie Bol-Raap van origine uit het
Rijnland (zie dossier Raap bij CBG Den Haag) en in Amsterdam is
nog een familie Van Raap.
Ook in de Bundesländer Niedersachsen, Schleswig-Holstein, en
Nordrhein-Westfalen wonen veel families met de naam Raap.
Hier volgen enige voorbeelden van in archieven of andere
documentatie gevonden Raapen, die geen aansluiting hebben op deze
genealogie:
14.1 Gemeentearchief Amsterdam: www.gemeentearchief.amsterdam.nl
Zeebrieven: 29-8-1713: schipper Wouter Raap, Amsterdam,
schip "De Susanna", krijgt een zeebrief . Zie: http://home.hccnet.nl/mwk/zeebrieven.html
.
Aaltje Frericx Raep, geb. Amsterdam ca. 1642, tr.
Amsterdam 12-5-1662 Hendrik van der Horst, geb. Amsterdam ca.
1639 (DTB's Amsterdam).
Not. arch 2184/165-167, 6-11-1672, notaris Adr. Lock
m.b.t. een testament van Willemtje Raap t.b.v. Arnoldus Raap.
Not. arch. 2968 pag. 933, 1667, notaris Jeurian de Vos
m.b.t. een obligatie van f. 200 door Barendt Laurensz. Krul aan
Dirck Woutersz. Raep.
Not. arch. 1987a/97 dd. 7 dec. 1665, notaris J. van
Loosdrecht betreffende het accorderen opvijzelen van huizen
wegens het maken van nieuwe stadsriolen. Een van de eigenaren die
toestemming diende te geven was Ds. Isaacus Raep, predikant te
Hoogwoud. Deze Isaacus Raap komt voor als Isaacus Gerardi Raap in
het "Album Studiosorum Academiae Franekerensis",
uitgave 1968 van uitgever Wever, Franeker, pag. 130.
Not. arch. 1135/279 dd. 25 nov. 1660, notaris J. v.d. Ven,
waarin Jan Raep van Enkhuizen verklaart op order van Robert Vicq
en Garbrant Warners, reders van het nieuw gemaakte
spiegelfregatschip de Victoria, groot omtrent 3000 lasten,
uitgerust met 34 stukken, dat hem ter hand is gesteld een copie
van het contract van 17 maart 1660 met Jean Rodenborch. Hij (Jan
Raep) is op genoemd schip als schipper aangesteld.
Deze Jan Raep is vrijwel zeker dezelfde als Jan Raep, kapitein
van de St. Paulus uit het eskader van Luitenant-Admiraal Tjerk
Hiddesz. de Vries, dat in de maand augustus 1665 in zee werd
gebracht. Zie: Gerard Brandt "Het Leven en Bedryf
van den Heere Michiel de Ruiter", Amsterdam
MDCLXXXVII, (fotografische herdruk uitgeverij Van Wijnen te
Franeker 1988) pag. 407.
Uit een brief dd. 16 juni 1665 van Johan de Witt, raadpensionaris
van Holland, blijkt dat hij de dag tevoren aan boord was gegaan
bij kapitein Raep van de "St. Paulo" van de
Oost-Indische Compagnie (VOC) ter camere tot Enkhuizen. Dit schip
keerde met andere schepen terug van de door de Engelsen gewonnen
slag bij Lowestoft op 3 juni 1665. Zie H.A. Lunshof "De
Stuurman van de Groene Leeuw, leven en bedrijf van
Michiel de Ruyter", uitgevers Elsevier, Amsterdam 1941, pag.
170.
14.2 DTB's Historisch Centrum Leeuwarden (voorheen:
GA Leeuwarden) ( http://www.gemeentearchief.nl/
):
Anthonius Raap, soldaat, Zwitser, soldaat onder den hopman
Walsdorffer, afkomstig van: ........... (niet ingevuld), trouwt
(3e proclamatie) in de Herv. Kerk te Leeuwarden 16-8-1607
(ondertrouw: 1-8-1607) met Anna Eedes afkomstig uit
Gerkesklooster.
Hans Lieuwens Raep, soldaat uit Leeuwarden, trouwt te
Leeuwarden 3-1-1712 (ondertrouw 12-12-1711) met Janneke Jans van
der Hoef uit Leeuwarden.
Namen Adriaan, Adrianus, Floris en Florus komen in de
doop- en trouwboeken van Leeuwarden veel voor. Er komt zelfs een
combinatie van deze namen voor: Adrianus Floris Piquet, afkomstig
uit Leeuwarden, trouwt te Leeuwarden 9-11-1730 Anna Cathar.
Nauta, afkomstig uit Leeuwarden.
14.3 Het Utrechts Archief ( www.hetutrechtsarchief.nl
)
Hermen Raap, heeft een perceel land te Bunnik, naast dat
van Caspar Sunneken (oud notarieel Utrecht, akte nr. U180a1-49,
dd. 16-6-1729, notaris J.A. van Lathum).
Steven Raap te Oudegeyn, over vruchtgebruik land van
Frederick Jacob Heerman (oud notarieel Utrecht, akte nr.
U167a4-109 dd. 11-3-1732, notaris G.C. Qualenbrinck).
Matthias Raap, keyserlyke notaris te Emmerik verleent
procuratie aan Johannes Kelffkens om te procederen tegen Dirk
Meltse te Warbeyen (oud notarieel Utrecht, akte nr. U174a12-2 dd.
9-1-1750, notaris W.J. van Overmeer).
14.4 DTB Rotterdam/Delfshaven
( www.gemeentearchief.rotterdam.nl
)
Simon Raap, jongeman uit Dusseldorp, wonende te Rotterdam,
trouwt te Rotterdam (stadstrouw) 12-6-1768 (ondertrouw 26-5-1768)
Catharine Rubart, jongedochter uit Rotterdam.
Franciscus Raap, jongeman uit Oldenkirche (in 't
Guliksche), trouwt te Rotterdam (stadstrouw) 13-11-1785
(ondertrouw 27-10-1785) Jane Fileton, jongedochter uit Stokton.
Franciscus Raap, is te Delfshaven 11-7-1796 getuige bij
doop (RK) van Franciscus, vader: Barend Stoopman,
moeder: Catharina Haas.
14.5 GA Den Haag: www.gemeentearchief.denhaag.nl
Neeltje Raap m.b.t. het testament van Martha Raap, weduwe
van Cornelis Kleerbezem, te Amsterdam (akte dd. 1 febr. 1781 bij
not. Jan van Eck te Den Haag). Deze Martha Raap is een zuster van
Daniel Raap, zie bij 14.6 en Amstelodamum 42e
jaargang, maart 1955, artikel over "Topografische
bijzonderheden... etc."
Jan Raap, "casteleijn aan de Koepoort tot
Leiden" (akte dd. 29 dec. 1783, inv. no. 4228 1114). Jan's
vader is Jacob Raap uit Den Haag (DTB Leiden Schepenhuwelijken
(1592-1795, folio M - 186). Jan's broer is Dirk (of
Theodorus) Raap (DTB Leiden Schepenhuwelijken (1592-1795,
folio N - 139v).
14.6 "Biografisch Woordenboek der
Nederlanden" van A.J. van der Aa (heruitgave
A'dam 1969):
Abraham Raap, theoloog te Amsterdam omstreeks 1736. Hij is
een broer van Daniel Raap, zie artikel "Jan van Dam
..etc." in "Amstelodamum" 70e jaargang,
januari/februari 1983, pag. 2.
Daniel Raap (omstreeks 1747), porceleinkoopman op de
Vijgendam te Amsterdam, toen bekend (of berucht) doelist, zie
b.v. het artikel "'0orsprong van de Patriottenbeweging"
door J. Fox in het 70e jaarboek van het genootschap
"Amstelodamum", 1978, pag. 257. Begr. 15-1-1754 Oude
Kerk Amsterdam, zie www.gravenopinternet.nl
.
14.7 Scheepssoldijboeken
VOC 1700 - 1791: http://voc.websilon.nl/
Thijs Thijsz. Raap uit Embden (= Emden, Ostfriesland),
matroos a/b "Magdalena" (kamer Hoorn) vertrekt
25-12-1724, aankomst Batavia 26-1-1726. Nationaal Archief
toegangsno. 1.04.02 inv. no. 14387.
Jeurjaan Raap uit Meldorp in Dirmarsum (= Meldorf in
Dithmarschen, Sleeswijk Holstein), matroos a/b
"Engewormer" (kamer Hoorn), vertrekt 3-6-1708, aankomst
Batavia 10-4-1709. Overleden in Indië. Nationaal Archief,
toegangsno. 1.04.02 inv. no. 14371.
Nog wat voorbeelden:
Maghiel Raep uit Amsterdam, vertrekt als
"bosschieter" (= matroos tevens kanonnier), 24-1-1712
a/b "Popkensburg" naar idem.
Pieter Raap uit Haarlem, vertrekt als
"hooploper" (hulpmatroos), 2-5-1730 a/b
"Sijbekarspel" naar idem. Aantekening in het
soldijboek: "overleden in Azië, 1739, enige erfgenaam broer
Johannes Raap. Geen aansluiting gevonden met Amsterdamse Raapen
6e of 7e generatie.
Christoffel Raap uit Genua, vertrekt als
"bosschieter", 31-12-1743 a/b "Jonge Willem"
naar idem.
Jochem Raap uit Dantsigh, vertrekt als matroos, 20-8-1747
a/b "Schellag" naar idem.
Theunis Raap uit Stavanger, vertrekt als
"bosschieter", 31-8-1749 a/b
"Nieuwvijvervreugd" naar Batavia.
Christophel Raap en Job Raap uit Neystat in 't
Wirtemburgse, vertrekken als soldaat, 24-7-1752 a/b
"Witsburg" naar idem.
Pieter Raap uit Overdorp (Obersdorf?), vertrekt als
matroos, 15-9-1788 a/b "Diamant" naar idem.
Arij Raap uit D'oude Zijp, vertrekt als matroos, 1-10-1790
a/b "IJstroom" naar idem. Aantekening: overleden in
Azië(?). Misschien Adriaan
Raap, geb. 24-3-1770 op 't Zand in De Zijpe? Maar dan is
aantekening betreffende overlijden onjuist.
Enz. raadpleeg de link naar voc.websilon en voor daar genoemde
DAS-reisnummers: Rijks Geschiedkundige Publicatie (RGP)
"Dutch Asiatic Shipping" o.a. bij Nationaal Archief te
Den Haag.
Zie ook: www.VOC-kenniscentrum.nl
14.8 Stadsarchief Amersfoort: ( www.amersfoort.nl )
Burgerrechtverleningen, inv.nr. 1847: 14-1-1667 Elbert
Thonisz. Raep, geb. in 't Rhenese veen op de Stichtse sijde.
14.9 "Genealogische en Heraldische
Gedenkwaardigheden in en uit de Kerken van
Nederland" van Mr. P.C. Bloys van Treslong Prins & Mr.
J. Belonje
Deel II (Kerken in de prov. N.-H.) pag. 6, Noorderkerk
Amsterdam, een grafsteen vermeldende "Doris Raap".
Deel III (Kerken in de prov. N.-H.) pag. 305, Ned. Herv.
kerk te Hoogwoud, een grafsteen vermeldende: "........k
Raap". Dit is zeer waarschijnlijk de eeder genoemde Ds.
Isaak Raap, predikant te Hoogwoud.
14.10 Lidmatenboek Ned. Herv. Kerk te Gorinchem
dec. 1688 - mrt. 1785:
blz. 72: "Ledematen aangekomen tegens het H.
Avondmaal december 1706: Eva Raap, huisvouw van Piter de
Zeeuw." (gem. archief Gorinchem, bron 166). Relatie met
Gorinchemse Raapen (nog) niet aangetoond.
14.11 Nog meer Raapen:
De familienaam Raap komt voor in Schleswig-Holstein,
Niedersachsen en Nordrhein-Westfalen.
Zie verder de websites: http://www.familysearch.com/
(Mormonen) en www.ancestry.com/main.htm
15. Genealogische
links:
www.stamboomgids.nl
http://genealogie.pagina.nl
http://genealogie-opnaam.pagina.nl
Nationaal Archief te Den Haag (was: ARA), www.nationaalarchief.nl
Centraal Bureau voor Genealogie: http://www.cbg.nl/
Nederl. Genealogische Vereniging: http://www.ngv.nl/
Rijksarchief Friesland: http://www.ryksargyf.org
www.historischcentrumoverijssel.nl/
, ook hier zijn in registers van de de burg. stand na 1811 Raapen
te vinden.
Meertens Instituut: http://www.meertens.nl/
, ga naar "familienamen".
terug naar introductie | terug naar tabel eerste 6 generaties | naar subpagina Jan Adrsz. Raap (pr. 1727-± 2000) | naar subpagina Willem Adrsz. Raap pr. 1734 -± 2000) |
EINDE HOOFDPAGINA