Volkskrant, 7-6-'64. De foto's zijn helaas onduidelijk.


ZO WAS HET: YEAH, YEAH, YEAH

Voer voor psychologen, psychiaters, sociologen en pedagogen

Beatles beheersten Blokker

TIENERS KRIJSTEN ALS EEN ZWERM MEEUWEN

Op een kistje in de veilinghal "Op hoop van zegen" in Blokker stond zaterdagmiddag een Indonesisch meisje. Ze had een lief, ingekeerd gezichtje, droeg een wit truitje waarop met vaardige hand "I love the Beatles" stond gecalligrafeerd, liet het voorprogramma aan zich voorbij gaan als een onafwendbaar kwaad en stak alleen af en toe verlangend een foto van de Beatles omhoog.

Om 16.33 kwamen de Beatles op het podium. Het Indonesische meisje liet haar foto vallen, brak in tranen uit en zou, gedurende vijfentwintig minuten, onafgebroken wenen. De handen voor het gezicht geslagen, haar wangen beddingen voor gul stromende rivieren van tranen. Men kon er verbijsterd of vertederd naar kijken, de keuze was er, maar een verklaring ontbrak.

Blokker heeft zijn Beatle-dag gehad: sociologen, psychiaters, psychologen en pedagogen mogen er mee doen wat ze willen en kunnen. Er zullen studies en essays aan gewijd worden en in het wetenschappelijk jargon zal getast worden naar toereikende woorden om aan te duiden wat de Beatles in de agrarische gemeente Blokker (3000 inwoners) hebben veroorzaakt, maar de koele keizers van de showbusiness, de vier vermoeide helden uit Liverpool, spitsen slechts de oren bij het rinkelen van het kasregister en vertalen de noten van de Mersey-sound in cijferreeksen in het grootboek van de Beatles-NV.

Wat moet men aan met de reacties van drieduizend fans 's middags en zesduizend 's avonds; samengestroomd in de grote, onaagedane veilinghal in het polderland rond Hoorn? Met de Beatle-boekjes, Beatle-rozetten, Beatle-speldjes, Beatle-foto's die verkocht werden? Met de Beatle-gordijnen in de kleuren cognac, lichtblauw, groen, rose, rood, die de ramen van de hal afdekten?
Met de honderdtwintig man rijkspolitie uit ongeveer heel Noord-holland (te voet, te paard, op de motor, op de brommer, met een hond aan de lijn) en de honderddertig ordebewakers, benevens de vrijwillige brandweer van Blokker-met-de-brandspuit-voor-als..? Met die jongen met een hoge hoed op waarop geschilderd "Beatles"?

EPIGONEN

Een Nederlands voorprogramma, vooral opgebouwd uit epigonen en imitaties. Veel gitaargeweld, een genadeloze swing en rock, jawel; zo krijgt men de fans op temperatuur voor die vijfentwintig contractueel overeengekomen Beatle-minuten. Er wordt getwist en geschreeuwd, om de Beatles geroepen; kort voor het Britse kwartet zal verschijnen stromen, vrij onopvallend, tientallen politiemannen de hal binnen, er worden extra hekken aangedragen om het opdringende publiek tegen te houden.

Een Engelse technicus manoevreert ruim vijf minuten met de microfoons, zet er n van een filmjournaal terzijde omdat er financieel niets was afgesproken over geluidscamera's en de Beatles laten weten niet te zullen verschijnen.
Het wordt geregeld en ze komen toch: Paul, George, John en invaller Jimmy, voornamen die zo vorstelijk zijn dat de achternaam verzuimd kan worden. Met een achteloos handgebaar verstoren ze het sierlijk arrangement van hun geluidstechnicus, ze heffen de gitaar en openen de mond.

ZWERM MEEUWEN

Wat nu opstijgt is het gekrijs van een zwerm woedende meeuwen (men denkt hierbij aan "The Birds" van Hitchcock). De beat van de gitaren en het slagwerk dringen door, de stemmen van Paul, George en John verdrinken in het aanhoudend gegil, geschreeuw, gefluit, gestamp en geween.
Achter roept een meisje treurig: "Ik zie George bijna niet", maar ze zingt mee met "Can't buy me love" en "She loves me, yeah, yeah, yeah", bij "Twist and shout". De Beatles heffen "All my loving" aan en een welgedane wachtmeester van de rijkspolitie zingt mee. Ben Essing vraagt of we allemaal willen gaan zitten en staan weer op zodra Paul of George het volgende nummer hebben aangekondigd.

Paul is, zou men zo zeggen, de vriendelijkste van de vier, maar ze zijn natuurlijk alle vier vriendelijk. Paul legt een vinger op de lippen, houdt een vinger achter het oor, trekt een pruimemondje, lacht opgewekt en kan de diepe, diepe vermoeidheid in de ogen niet maskeren. Acht nummers; de tieners zijn wild en dan is het gebeurd.
Diepe synchrone buigingen, een stormloop op de hekken, er vallen enkele tieners flauw, er worden
er enkelen in het nauw gedreven, maar Paul, George, John en Jimmy wuiven met een slappe hand en zijn weg; precies vijfentwintig minuten na hun invatie, want het contract is hen heilig en er moet geslapen worden.

OP DE GROND

Dat slapen doen ze op de grond, in de bestuurskamer achter in de veilinghal, ze weigeren te gaan eten in een vermaard etablisement in Monnickendam -slapen, want vanavond moeten ze nog eens en morgen wacht de reis naar Australi en het is al twee jaar bezig, op deze manier en ja, de helden zijn vermoeid.
Terwijl de Beatles slapen, omringd door een kordon waar een woestijnsjeik van mag dromen, komt Nederland-in-nozemverpakking op Blokker toe. De middagvoorstelling is de warming up geweest, straks wordt het ernst

De politie kijkt wat grimmiger, er gaat gerucht dat de nozembende uit Amsterdam-West op weg is, de brandspuit staat nu zichtbaar naast de veilinghal, er zijn pilsen en borreltjes gedronken en nog vr om acht uur het avondfestijn begint, hebben tien politiemannen een stuk of zes in leder gestoken bravours-boys met kettingen in de hand uit de hal verwijderd.

BEHEERST

Zesduizend bezoekers nu, van een andere allure dan 's middags, er wordt op een rel gewacht en tegelijk met de psychologen en Wim Kan stromen de nozems binnen. Tijdens het voorprogramma wordt er zweterig getwist, er zijn, bij herhaling, grote spreekkoren van: "En, twee, drie vier, vijf, zes, zeven, acht, gooi die smeris in de gracht", maar de politie is beheerst, laat zich niet provoceren, vermoedt waarschijnlijk dat de Beatles straks alle problemen zullun komen oplossen.

En dat doen ze het. Wat agressief leek blijkt alleen maar enthousiasme te zijn. Weer een vijfentwintig minuten vocaal geweld, dat boven de Mersey-sound uitstijgt. Weer acht songs lang vriendelijke show van de Beatles, zonder uitdagende lichaamsbewegingen, zonder de obscene heupschokken van de vorsten die hun voorgingen. Het is rein, het is zindelijk, het bevredigt op een klinische manier, al moet men zich niet voorstellen dat het rustig gaat.

GEZOND

Er wordt getwist, gegild, geschreeuwd, enkele jongens klimmen in de dakspanten, er wordt geworpen met hoedjes en petten, er wordt opgedrongen en wie vooraan stond had de kans flauw te vallen of de keuze zich aan het gewoel te ontworstelen, maar het was allemaal geprogrammeerd: vijfentwintig minuten lang en secondenwijzers zijn er op afgesteld. Nogmaals zwaaien Paul, George, John en Jimmy vriendelijk en dan zijn ze weg. Eerst dan mogen de deuren van de veilinghal open om het publiek te laten wegstromen, de Beatles zijn al halverwege Amsterdam: vier jongens die een gezonde, opgewekte, onachterhaalbare katharsis hebben bewerktstelligd. Miljonair-met-een-glimlach, vermoeide helden, koele keizers. Ze weten hoe het moet en laten de rest van harte over aan sociologen, psychiaters, psychologen en pedagogen. Ze laten geen doden of ernstige gewonden achter; ze zijn clean.

Of ze mooi zingen heb ik niet kunnen horen....

Terug naar de Amsterdam krantenindex