De wetenschap doet ook mee.

Niet alleen de kranten stonden soms bol van artikelen over nozems, pleiners en dijkers. Ook de wetenschap bemoeide zich er mee. Diverse onderzoeken vonden er plaats naar de nozems en hun gedrag. Deze werden ook geregeld in boekvorm gepubliceerd, zodat opvoeders, jeugdzorg en andere betrokkenen konden nalezen wat de heren professoren er van vonden en aanraden. Hieronder vindt je twee voorbeelden.


 

Professor G. Mik publiceerde bv. in '65 het boek "Onze nozems, het abc der opvoeding". De inhoud van dit boek doet sterk denken aan boeken waarin een vreemde diersoort wordt besproken. Uitgebreidt wordt er o.a. toegelicht hoe "de nozem" zich kleedt, waar hij zich ophoudt, hoe zijn taal is, wat zijn haardracht is( "de zorg van de mannelijke nozem voor de haartooi doet soms welhaast vrouwelijk aan"), enz.
Welhaast lyrisch is zijn beschrijving van hoe een nozem loopt: "De schouders worden ver naar achteren getrokken en bij het lopen min of meer schokkend heen en weer bewogen. De benen volgen onverschillig, meer slungelend. Bij het staan worden de voeten iets buitenwaarts gericht geplaatst en de benen in de knieen iets gebogen gehouden."
Wat mij betreft had deze man een prijs mogen hebben voor de meest waanzinnige loopbeschrijving.

 

 

Een ander boek is van dr. W. Buikhuizen, "Achtergronden van nozemgedrag", gepubliceerd in 1966. Hierin betoogd hij dat er opgepast moet worden dat nozemrellen net zo normaal gevonden gaan worden als bv verkeersongelukken en de jaarlijkse verhoging van de aow-premie. Hij waarschuwt dat een dergelijke houding niet te rechtvaardigen is. Deze dr. Buikhuizen gebruikte verder voor nozem de term provo(van provoseren), omdat de term nozem te besmet was met bijbetekenissen. Dit was dus voor de tijd dat de eigenlijke "Provo's" bekent werden.. Hij vond het opvallend, dat de mannelijke nozem meer aandacht besteedt aan zijn kleding dan de vrouwelijke. Deze laatste is vaak valer en slordiger gekleed en zou minder letten op lichamelijke verzorging. Nozems hadden vlgns. hem een zeer pessimistische en van alle idealisme gespeende levensinstelling. Ze geloofden niet in ideologieen en zeker niet in die van de volwassenen. Ze schuuwden verenigingen en organisaties. Ze richten zich op mensen die leven zoals ze belijden: James Dean, Pat Boone enz. Meisjes speelden deels een rol als achtergrond, met name op de brommer of dansvloer. De nozem doet zich voor als lawaaischopper, vooral op de bromfiets, gepaard met de drang naar grote snelheid. Hij gebruikte 3 groepen in zijn vergelijkend onderzoek: Provo's, criminelen en gewone jongeren. Een van de uitkomsten was, dat provo's het meest uitsliepen, het meest hun bromfiets schoonmaakten en het meest op straat of in 'n cafetaria waren. Zelfs kaartgedrag werd onderzocht, jawel de provo deed dit ook het meest. Dat ze de politie vervelend vonden en weinig onder indruk van het gezag waren spreekt welhaast voor zich.
Wil je stukjes lezen uit een 'live' stap verslag, die in dit boek staat, druk hier.

Terug naar de hoofdpagina.