Parool, 28-8-'59


Gevechten op Dam en Leidseplein

POLITIEMACHT RANSELT NOZEMBENDEN UITEEN

Dertien jongens gearresteerd: agent gewond

Amsterdam, vrijdag,- Voor de vierde maal deze week hebben grote groepen nozems de binnenstad van Amsterdam in opschudding gebracht, maar de botsing met de politie was gisteravond feller en ernstiger dan de vorige avonden. Het aantal uit alle delen van de stad samengestroomde, op relletjes beluste jongens was groter dan ooit tevoren en de politie sloeg er nu zonder aarzelen met gummiknuppel en blanke sabel op los. Dam en Leidseplein vormden de brandpunten van de strijd; een flinke politiemacht, gesteund door militaire politie, reed en rende als getergde leeuwen op de uitdagende oproerkraaiers in en er vielen voor het eerst zeer harde klappen.

Hierop hadden de nozems kennelijk niet gerekend en in paniek vluchtten zij de donkere zijstraten in. Dat is niet allen gelukt: op het bureau Warmoesstraat brachten agenten zes arrestanten binnen van het strijdtoneel de Dam; op bureau Leidseplein werden na een felle charge voor het bureau zeven jongens binnengebracht. Later op de avond zijn ze door hun ouders afgehaald. Een agent werd gewond.

De politie had er de gehele dag rekening mee gehouden, dat de nozems, overmoedig geworden door de over het algemeen afwachtende houding van de agenten gisteravond, nog brutaler zouden optreden. De bureaus van de binnenstad (Singel, Warmoesstraat en Leidseplein) hadden de beschikking over aanzienlijke versterkingen en radiowagens doorkruisten onophoudelijk de straten om concentraties van de herrieschoppers op te sporen.

Grote stoet

De moeilijkheden begonnen weer op de Dam, waar tegen acht uur de eerste groep snel werd verspreid. De nozems verzamelden zich weer op de Nieuwezijds Voorburgwal en trokken in een grote stoet via het Koningsplein de Leidsestraat in.

'Het was een angstaanjagend bijna luguber gezicht', vertelde een ooggetuige, 'de horde versperde de trottoirs aan beide kanten volkomen, voorbijgangers vluchtten in portieken, op de grachten of liepen terug. Het was een bende van zeker driehonderd jongens, vastbesloten nu eens te laten zien, dat de straat hun toehoorde en dat zij niet bang waren voor de politie. De spanning was voor iedereen voelbaar, zij moest tot ontlading komen'.

De onvermijdelijke uitbarsting, de beslissende botsing, volgde enkele minuten later op het Leidseplein. Sommaties om zich te verspreiden, beantwoordden de knapen met een uitdagend gejoel en toen sloeg de politie er op los met hulp van enkele leden van de militaire politie, die toevallig op patrouille in de stad waren. Honderden vreemdelingen op straat en op de cafeterrassen waren getuige van een weinig verheffende, maar onvermijdelijke vertoning, waarbij mannen in uniform verbeten op de honderden jongelieden in kleurige hemden en spijkerbroeken inhakten.

De zwaarste slagen vielen toen enkele agenten op de hoek van de Korte Leidsedwarsstraat een troep vluchtende nozems in de flank aanviel. Dit betekende het einde van de strijd; de jongens namen de vlucht naar alle kanten en het werd heel rustig op het plein. De charges van de politie werden bemoeilijkt door honderden nieuwschierigen, van wie er enkelen klappen kregen, die niet voor hen bestemd waren.

Op de Dam is het echter de gehele avond rumoerig gebleven: telkens weer laaide de strijd op, omdat de nozems hier meer gelegenheid hadden in schuilhoeken te kruipen en zich te hergroeperen in de zijstraten.

Bij een der vele botsingen, waaraan ook agenten in burger (met gummiknuppel in de hand) deelnamen, sloeg een nozem met een mes naar een agent, die met getrokken sabel op hem afkwam. De agent kreeg een hevig bloedende wond aan zijn hand; hij is na in het Binnen Gasthuis te zijn verbonden, naar zijn woning gebracht. De dader werd gearresteerd

Bij de vele onschuldigen, die in de hitte van de strijd klappen kregen, was een Engels echtpaar met vakantie in Nederland. Verscheidene verontwaardigde slachtoffers kwamen op het bureau Warmoesstraat en Leidseplein hun beklag doen, onder andere de heer J.G. Groen uit de Eerste Atjehstraat, die met zijn vrouw op de bromfiets langs de Nieuwe Kerk reed, toen de motor afsloeg. De heer Groen stapte af, maar kreeg op hetzelfde ogenblik enkele harde tikken van agenten, die een troep vluchtende nozems op de hielen zaten.

 

Terug naar de krantenindex.