Vrij Nederland 12-9-'59

Hier volgt een weliswaar lang, maar interessant artikel over o.a. hoe de verschillende kranten over nozems schreven, er vaak sensatie van maakte en zelfs door de onderwereld gebruikt werden. Sommige stukken- met name in het midden-zijn wat saai, andere juist niet.

 


zoveel kranten, zoveel zinnen

AMSTERDAMSE PERS DEED ZIJN BEST OM NOZEMS TE "MAKEN"

Nozems trapten jongen dood. Met dit zeer sensationele, en verder geheel onjuiste bericht in de Telegraaf op 17 augustus ..begon eigenlijk de grote serie opwindende krantenartikelen over het nozemdom. Dit bewuste bericht was bijzonder tekenend voor de manier waarop deze nozemaffaire een veel grotere aandacht heeft gekregen dan ze verdiende: de Telegraaf(in dit geval) maakte hier zelf de nozem! De andere dagbladen brachten de juiste toedracht van het gebeuren: een jonge metselaar doodde in dolle drift een 14 jarige jongen: slechts een enkele krant voegde daaraan toe dat 'de wildste geruchten over nozems de ronde deden'. De Telegraaf verontschuldigde zich uiteraard niet; het schreef de volgende morgen opgewekt dat het moeilijk was na te gaan wat en hoe het precies was gegaan en gaf (jawel) daarna een verslag van hoe het precies was gegaan.

Sinds die dag kon in alle dagbladen vrijwel elke dag berichten over nozems vinden. Vanaf 15 augustus tot 4 september 1959 kwamen in een zestal in Amsterdam verschijnende dagbladen maar liefst 78 berichten voor, waarin het woord nozem voorkwam! Waarvan vele met grote koppen, zoals: 'Karabijnbrigade tegen nozems ingezet', 'Nozems wijken alleen voor geweld', 'Mannen met knuppels renden de dam op'. 78 stuks, geen geringe aanwijzing dat vooral de pers zijn best gedaan heeft nozems te maken. Wat zijn nu, in de ogen van deze pers, nozems; wat doen ze en wat moet men ertegen doen?

'Zoals u wilt', schrijft Trouw (28-8), 'er zijn nozems en nozems'. Een avond hebben we gehoord, en gezien wat die ene groep te brengen had, die kinderen in groene, rode, blauwe, gele, zwarte witte, gestreepte, gespikkelde jasjes, bloesjes, broeken en schoenen. Een avond. Het was een verloren avond. Want de slungels, de knullen, meisjes en meiden- kortom de opgewonden uit het lood geslagen kinderen. Zij hadden niets te brengen. Veel geschreeuw, getier, gekrijs, gejank, gegil. Meer niet!

Twee dagen voor dit 'aangepaste' artikel bleek uit een verslag in Trouw dat het niet allemaal kinderen waren: 'De jongelui hadden vooral vrouwen en meisjes lastig gevallen. In andere gevallen vernielden zij rijwielen. In de Warmoestraat hield de politie een 16-jarige winkelbediende aan, die een aantal fietsen had omvergeworpen. Even eerder werd op de Dam een 27-jarige magazijnbediende in zijn kraag gepakt, omdat hij als leider van een troep nozems optrad. De moeder ven de 16-jarige knaap heeft haar zoon later van het bureau gehaald'.

Trouw was bovendien de enige krant die (28-8) vermeldde dat tussen de ingesloten 20 nozems zich 3 meisjes bevonden, opgepakt wegens onzedelijke gedragingen, een toevoeging die het voor het kijklustige publiek (op het laatst 50 kijkers per nozem) nog aantrekkelijker gemaakt moet hebben. Tegenover deze kinderen, meisjes, winkelbediende en magazijnbediende staat de omschrijving van Het Parool (31-8):

Onder 'echte nozems' verstaan wij dan voorlopig een aantal meestal ongeschoolde arbeidersjongens, die gaan rebelleren tegen een leven, waarin zij al betrekkelijk jong de top of bijna de top van hun mogelijkheden hebben bereikt: soms zwaar en nagenoeg altijd eentonig werk tegen een beloning, die op zich helemaal niet zo slecht behoeft te zijn, maar waarin weinig beweging in gunstige zin te verwachten is. Werk, dat weinig of geen bevrediging of prestige oplevert. Een leven in een maatschappelijk milieu, waarin lezen of studeren maar al te dikwijls iets voor 'slijmerts' wordt gevonden. Prestige moet hier vaak bereikt worden door het vertoon van zuiver lichamelijke kracht. Een felle knokpartij is een gewaardeerd avontuur in een grauw en eentonig bestaan, dat ten hoogste af en toe kan worden opgevrolijkt door films, die dan meestal weer zeer bewust op de beschreven groep gericht worden en waarin goed vechten, hard en raak slaan als het hoogste goed worden verkocht.

Ander bladen dachten niet zover door: voor hen is er maar een oplossing: er op los! Elseviers Weekblad schreef:

Ons komt het voor, dat het met name in Amsterdam en enkele andere plaatsen nauw verband houdt met het personeelstekort bij de politie. Als er meer politiemannen waren zouden er veel minder nozems zijn. Dit gehele 'probleem' namelijk is snel en afdoende op te lossen. Niet door commissies, psychologen en pedagogen. Maar door de gummistok.

Geen week blad dus: zelfs beval Elsevier later (29-8) aan om onze flinke marechaussees in plaats van aan de grenzen de passen te laten controleren, naar de steden te dirigeren, wanneer de politie de veiligheid niet kan waarborgen. Het blad kreeg zeer snel zijn zin, een dag later begon een jeep van de marechaussee enkele charges uit te voeren. Op verzoek ven de politie stopten zij hiermee. Niemand, behalve Elsevier, had hun iets gevraagd. 'Een dergelijk optreden' aldus hoofdinspecteur Bremer, 'zorgt er alleen maar voor dat het mis gaat. De nozems vonden het machtig toen de jeep dwars over de Dam ging rijden' ( Algemeen Handelsblad 1-9)

Veel commentaar op het politie optreden was er niet, men moest het maar tussen de regels door lezen.....

Humoristisch: (Vrije Volk)
'trad een groep jongelui hinderlijk op en maakte enige vrouwen en meisjes het onaangenaam. De sabel deed hier wonderen'.
Sceptisch: (Parool)
'Wij moeten ons echter bewust blijven dat sabelgeblikker en rondhollende agenten alleen de symptomen van de ziekte kunnen bestrijden'.
Uit de mond van een nozem (via Trouw)
'De stillen lopen overal. 't is link hoor. Voor je 't weet heb je een lik met die knuppel over je bek'
Opblazend: (Elsevier)
'de Amsterdamse politie bagatelliseert de ongeregeldheden...'

Wel brachten alle kranten duidelijk de waarschuwing dat de politie bij een charge niet in staat is selectief op te treden. Elke avond eindigde met een aantal arrestanten, die men door de ouders liet ophalen (waardoor menig ontroerend tafereel plaatsvond: een nozem die door vader over de knie gelegd werd, waarop ma wenend tegen de brigadier zegt: "de eerste keer dat hij naar de kinderen kijkt") en met een grote serie geslagen voorbijgangers, meestal toeristen. Op de VVV's althans vervoegden zich elke nozemavond buitenlanders met klachten.

De stelling van de politie: zorg dat je uit de buurt bent is redelijk, maar gaat niet altijd op: onder het bioscooppubliek vielen vele onschuldige slachtoffers, wat ondermeer blijkt uit deze ingezonden brief in Het Parool: 'Vrijdagavond liep ik op de Keizersgracht richting Leidsestraat op weg naar een van de theaters. Op de hoek Keizersgracht-Leidsestraat gekomen, stormde er plotseling, voor mij althans plotseling, een politieagent op me af en sloeg me met een sabel in mijn gezicht: ik moet erkennen, hij gaf blijk van een geoefende hand. De slag veroorzaakte een snede van mijn oor tot aan mijn kin. Me kan niet anders zeggen dan dat dit op vakmansschap wijst. Ik realiseerde me, dat ik voor een nozem werd aangezien en dan nog wel een 'actieve'. Dit is ietwat vreemd. Ik heb reeds tweemaal de leeftijd van de doorsnee nozem en kleed me ook niet bepaald uitbundig. Ik zei dit de man dan ook. Maar dat kon hem niets schelen. Ik kreeg met de sabel de ene klap na de andere in mijn gezicht. Even later kreeg hij assistentie van twee collega's en ook zij gaven blijk van een grote mate van geoefendheid. Ik werd strategisch omsingeld. Er waren enkele varianten. De een sloeg me op mijn arm en vernielde mijn horloge. De ander sloeg me op mijn hoofd en rug. Dit duurde tot ik mijn bewustzijn verloor. Let wel: ik had me op geen enkele wijze verweerd tegen deze overval. Met enkele getuigen ben ik daarop naar het bureau Singel gegaan, nadat ik eerst met deze getuigen bij de betrokken agenten had geprotesteerd, de getuigen werden daarop wegguduwd. Op bureau Singel slaagden wij er niet in beklag te doen, we werden er zonder meer uitgezet...'

De opmars van de onderwereld die de rosse buurt vrij van nozems wilden houden kwam voor de kranten precies op tijd: de gebeurtenissen werden eentonig en de penoze zorgde nu voor een smakelijk verslag, waarin het Vrije Volk (1-9) dit keer voorging: 'Zweepslagen knalden, ploertendoders kwamen met kracht op nozemhoofden terecht...een zeventienjarige koperslager werd nagezeten door een man met een gummistok en een hond.' Het Parool liet een penoze-aanvoerder aan het woord, die verklaarde, dat de politie het eigenlijk zonder de onderwereld niet kan klaren: 'Ze mogen niet slaan. Gisteravond zat hier een agent bijna te janken. Hij was de hele avond getreiterd door om hem heen zwerfende jongens, maar hij mocht niets doen'.

Het Parool liet ons kennismaken met Blonde Bobby, wiens gezicht door nozems met hamers gehavend was, en de Telegraaf stelde ons Duitse Max voor, die door nozems met een speld een gaatje in zijn hoofd was geblazen. Het was dus alles sensatie wat de klok sloeg, mede door de uitstekende persvoorlichting van de onderwereld. Van de zijde van het publiek ontbrak deze, zodat het geval van b.v. een 16-jarig jongetje, dat door drie onderwereld figuren met stukken hout op het hoofd werd gebeukt tot zijn hoofdhuid vrijwel loshing, niet in de kranten verscheen. Het jongetje werd door vrouwen uit de buurt geholpen.('het was een echt nette jongen, meneer, met een helderwit overhempie') en een taxichauffeur bleek na de vraag 'heppie poen?' bereid hem naar het ziekenhuis te brengen.

Het enthousiasme waarmee de verslagen gebracht werden, hield echter niet in dat de pers het met de penoze actie eens was. (Volkskrant 2-9):' De politie zal streng -veel strenger dan tegen de nozems- moeten optreden tegen de onderwereld van de wallen, die het gezag van de politie gisteren tot een aanfluiting maakte'. Ditzelfde blad signaleerde bovendien dat de aanval van de penoze drie kwartier van te voren voor ieder duidelijk was. Tijd genoeg dus om de karabijnbrigade, die reeds eenmaal op de nozems was losgelaten, naar de Dam te sturen. Dit in tegenstelling met de verklaring van de hoofdcommissaris 'dat de aanval van de onderwereld een volkomen verrassing voor de politie was'.

Wij hebben deze uitvoerige knipsels bij elkaar gebracht om een beeld te geven van de wijze waarop de pers deze nozemaffaire gebracht en ook wel gemaakt heeft. En dat terwijl er van een komkommertijd eigenlijk geen sprake is. De nozems waren in het nieuws, en hoe! Op de N.Z.Voorburgwal kwamen wij een journalist tegen die, na zijn uitgebreide verslag over de onderwereld versus nozems, met bijna niet-verheimelijkte trots wereldkundig maakte 'ze zoeken me!'. Waarmee zijn nozemverslag eindelijk toch een doel heeft gekregen. De meeste der 78 genoemde kranteartikelen waren verslagen van de gebeurtenissen, die behalve in stijl, niet veel van elkaar verschilden. De grote verscheidenheid kwam naar voren in de weinig redactionele commentaren. Wat nozems zijn, hoe ze er komen en vooral wat er tegen gebeuren moest en moet. Wat dat betreft ontkwam men niet aan de indruk dat veel kranten schreven over dingen waar ze geen raad mee wisten. Zoveel kranten, zoveel zinnen; erg veel zinnen, inderdaad, maar van zoveel meningen kan men nog niet eens spreken.

Terug naar de krantenindex.