Nieuws? Meld je aan voor onze nieuwsbrief.

Oude vorm

Er bestaan verschillende vormen en stijlen taijiquan. Wij beoefenen de Yangstijl. Binnen de Yangstijl zijn er verschillende vormen, waaronder de 47-vorm die wij in het centrum beoefenen. Dit is een moderne vorm. Moderne vormen zijn in de tijd aangepast om ze geschikt te maken voor een breed publiek. De mate waarin dat gedaan is verschilt per vorm. Naast de moderne vormen zijn er vormen die meer authentieke kenmerken behouden hebben. Dit noemen we oude vormen.

Moderne vorm
Eerst een uitleg bij de term modern. Dit is een manier om het verschil aan te geven tussen de uitvoeringen die populair zijn in de Volksrepubliek China en de traditionele uitvoeringen. Op de internationale wushukampioenschappen zien we doorgaans enkel moderne taijiquan. Door de hele wereld worden dus verschillende stijlen taijiquan beoefend, zowel moderne als traditionele.

De moderne Yangstijl taijiquan wordt gekarakteriseerd door zachte, vloeiende bewegingen, die in een gelijkmatig tempo worden uitgevoerd. Deze vorm benadrukt het gezondheidsaspect.

Moderne Yangstijl werd in opdracht van de Chinese regering rond 1956 ontwikkeld. Het was de bedoeling taijiquan te gebruiken als een systeem om de fysieke fitheid van de bevolking te verbeteren. De martiale aspecten waren onbelangrijk, en zelfs ongewenst, en de nadruk moest liggen op gezondheidsaspecten. Omdat er snel resultaten moesten zijn, werd gekozen voor een korte vorm. Deze werd vastgelegd door een comité van taijiquanexperts. Deze vorm werd de vereenvoudigde taijiquanvorm met 24 bewegingen, of de Pekingvorm. Het is geworden tot de Nationale standaard in China en is ook vandaag nog de meest beoefende vorm. De vorm kent een opbouw in moeilijkheid en is in vijf minuten uit te voeren.

Vlak nadat de 24-vorm werd gecreëerd ging hetzelfde comité door met het samenstellen van een eigen versie van de traditionele lange vorm van Yang Cheng Fu. Yang Cheng Fu is de kleinzoon van de grondlegger van de Yangstijl taijiquan. In 1958 was het comité ermee klaar en werd de 88-vorm gepubliceerd. Daarna volgden nog meer aangepaste vormen.

Tijdens de culturele revolutie in de jaren 60 van de vorige eeuw, waren alle vormen van taijiquan die intellectueel of spiritueel vond, verboden. Uiteindelijk heeft dit geleid tot de verspreiding van taijiquan over de westerse wereld. Verschillende taijimeesters zijn China ontvlucht en zijn in andere delen van de wereld gaan lesgeven. Chen Man Ching is een van de meesters die uiteindelijk in Amerika terecht is gekomen. Ook Chi Chiang Tao, die de 47-vorm heeft ontwikkeld hoorde bij deze groep bannelingen. Van daaruit hebben hippies taijiquan in de jaren 70 naar West-Europa gebracht. De nadruk op ontspanning en gezondheid, paste goed in het wereldbeeld van de flower power beweging. Al deze ontwikkelingen bij elkaar zorgde ervoor dat het martiale aspect steeds verder uit de taijiquan verdreven werd.

Oude vorm
In de oudere vormen zijn meer authentieke kenmerken van taiji als krijgskunst behouden gebleven. Dit betekent dat in de vorm veel zichtbare en onzichtbare technieken zitten. Deze vormen zijn meer in de geest van Yang Lu Chan, de grondlegger van de Yangstijl. Om in de taijiquan de krijgstkunst tot uitdrukking te brengen wordt gewerkt met fa jings, interne krachtexplosies. Zulke krachtexplosies komen tot stand als verschillende "aspecten" in ontspanning (sung) samenkomen: spiralen, golven, open en sluiten, yin en yang.

Toch staat een oude vorm niet alleen ten dienst van de krijgskunst. Ook het meditatieve en de gezondheidskant zitten erin verweven. Juist door het gebruik van technieken uit de krijgstkunst worden specifieke meridianen geopend die de gezondheid bevorderen. Meester Thierry Alibert zegt hierover: "In de oude vorm hebben de martiale aspecten, bedoeld om het lichaam te versterken, ook een positieve invloed op de gezondheid. Denk aan de spiralen en golfbewegingen die de interne kracht vergroten, maar ook de gewrichten losmaken en de organen masseren. Spiralen laten chi op een draaiende manier door het hele lichaam circuleren. Ze laten de spieren over elkaar rollen en activeren daarmee een goede circulatie van de chi in de spieren en pezen. Daarnaast worden op veel plaatsen in de vorm acupunctuurpunten gebruikt om te kalmeren of te versterken. Andere delen komen uit de qigong en zijn bijvoorbeeld bedoeld voor herstel. Met het gebruik van 'ijzeren hemd qigong', bijvoorbeeld, bouw je een energieveld op, als een schild, dat je lichaam niet alleen beschermt in een gevecht maar ook tegen andere invloeden van buiten, zoals ziektes."

Taijiquan is ontstaan in een geweldadige tijd. Dat het van oorsprong bedoeld was als vechtkunst is daarmee overduidelijk. Maar het is eigenlijk een geïntergreerd systeem, dat zowel martiale toepassingen als bewegingen die positief werken op de gezondheid in zich herbergt. De idee is dat het lichaam opgedeeld kan worden in paren van lichaamsdelen die bij elkaar horen, zoals de handen en voeten, schouders en heupen en kruin en perineum. Als deze bij elkaar behorende lichaamsdelen op een juiste wijze ten opzichte van elkaar worden geplaatst, leidt dit er automatisch toe dat de organen en meridianen die aan die lichaamdelen zijn gekoppeld in balans komen.

De stand van de handen ten opzichte van de voeten beïnvloedt bijvoorbeeld de maag- en miltmeridiaan. Bij een juiste stand, kan de energie vrijelijk door de meridianen stromen, dat een positief effect op de gezondheid heeft. Zo kunnen specifieke houdingen uit de vorm worden gebruikt om specifieke fysieke of psychische klachten te behandelen. Zo zorgt beweging Wuif Handen als Wolken voor balans in de maag- en miltmeridiaan. De maagmeridiaan loop naar beneden en de miltmeridiaan omhoog. De hand die omhoog beweegt, zorgt ervoor dat de chi in de miltmeridiaan omgaag beweegt en de hand die naar beneden beweegt zorgt ervoor dat de chi door de maagmeridiaan naar beneden beweegt. De beweging Rol terug en Duw zorgt voor een vrije stroom van energie door de long- en dikke darmmeridiaan en de beweging Kruis de Handen heelt de meridiaan van de drievoudige verwarmer en het pericardium.

Spiralende kracht
In de oude vorm wordt veelvuldig gebruik gemaakt van silk reeling. Deze term is afkomstig uit de Chenstijl, waar de de techniek ‘chan si gong’ wordt genoemd. De Chenfamilie claimt dat silk reeling uniek is voor de Chenvorm, maar ook in de moderne Yangvorm worden spiraalbewegingen gebruikt, al worden ze, in vergelijking met de Chenstijl, minder prominent onderwezen. Silk reeling staat voor circulaire en spiralende kracht, waarbij je ziet en voelt dat armen, benen en lichaam om hun eigen as op en neer bewegen. Hierbij wordt interne kracht van beneden naar boven en naar buiten gebracht.

Silk reeling verwijst naar het afwinden van de cocon van de zijderups. In de techniek komen twee tegengestelde bewegingen, een rechte en een ronde beweging, samen. Het afwinden van de cocon combineert een rechte, trekkende, beweging met de draaiende beweging van de cocon. Beide bewegingen samen leiden tot een spiraalbeweging. Met silk reeling wordt inhoud gegeven aan het taijiprincipe ‘bewegen van het lichaam als eenheid’. De bewegingen beginnen in de benen en spiralen door het hele lichaam naar de armen en de handen. Elke beweging van een lichaamsdeel wordt ingezet door de beweging van een voorgaand lichaamsdeel. Zo bewegen de handen alleen omdat de armen bewegen en bewegen de armen omdat de schouders bewegen, etc.

Kijkend naar de toepassing, kan een rechte beweging leiden tot kracht tegen kracht. Een spiraalbeweging leidt ertoe dat de tegenstanders aanval in leegte verdwijnt. De spiraalbewegingen hebben naast een martiale ook een interne functie. Zo zorgen ze voor een massage van de organen en versterken ze de ruggengraat.

De oude vorm wordt als reguliere les nog niet in het centrum aangeboden. Wel zijn er in Utrecht jaarlijks workshops oude Yangstijl. Thierry Alibert is één van de meesters in Europa die zich heeft toegelegd op het instandhouden van de oude technieken.