Gesprek op woensdag 19 september 2007, 13.30 uur.

Henricus Johannes, Goorden, roepnaam Harry.

Het gezin.

Harry is 19 februari 1932 geboren in Rucphen.
Zijn vader, Gerardus, roepnaam Geert, geboren in 1890 en gestorven in 1964, werkte bij de PTT. Hij had echter ook een forse lap grond, een hectare aan de Rucphensebaan, met twee koeien en een varken. Rond 1960 werd een flink stuk door de gemeente geannexeerd voor plan Borchwerf, tegen de ruime vergoeding van 85 cent per vierkante meter. Hij was lid van de KABO.
De moeder van Harry, Maria v.d. Sande, 1894 – 1988, was huisvrouw. Er waren twee kinderen, Harry en Jan, die als oud-bestuurslid van de Grafische Bond elders op deze webplek te vinden is.
De echtgenote van Harry is Jacoba Cornelia Josefina Rous, roepnaam Koos. Ze hebben drie zonen, van wie er twee een hogere opleiding hebben gevolgd.

De school

Harry volgde na de Antoniusschool de opleiding op de Nijverheidsschool St. Joseph, beide in de Charitasstraat. De laatste zouden we nu LTS noemen.
Met 16 jaar ging hij werken, terwijl hij ’s avonds verder studeerde, wat hij “gère” deed.

Het werk

Hij begon bij Chris van Buiten, die een klein timmerbedrijf had in de Nispensestraat. Vervolgens een paar jaar bij van Oers. Het is een kleine aannemer met een “boerderijke”. Na zijn militaire dienst, bij de pontonniers, de genie, in Keizersveer, komt hij terecht bij de firma Dekkers, en nog even bij van Oorschot. Bij Dekkers werkt hij dertig jaar, tot aan het faillissement. Hij is dan van timmerman opgeklommen tot voorman.
Daarna werkt hij bij verschillende bouwbedrijven tot aan de VUT. Eerst Aan de Stegge/Bakx, dan Van Eikelenburg ( De Kring ), Sprangers ( Norbertus, suikerfabriek ), Grootel ( woningbouw in Tolberg en de renovatie in de Josephwijk met het alternatieve plan van architect Van Zon ). Hij constateert met enige verbazing, dat hij ondanks zijn leeftijd, toen toch nog  geregeld aan de bak kwam. De wisseling had ook te maken, dat hij nooit bereid was naar de Randstad te gaan pendelen.

Het geloof

Thuis werd nooit over politiek of vakbond gesproken. Toch wordt hij op 26 maart 1951 lid van de bond. Op 13 februari 1957 komt hij in het bestuur van de R.K. Bouwvakarbeidersbond St. Joseph. Hij zal het tot 1990 blijven. Na wat problemen besluit hij over te gaan naar de afdeling Rucphen, waar hij tot 1994 blijft, als gewoon lid. Hij viert er zijn 40 – jarig vakbondsjubileum.
Het R.K. heeft niet zulke diepe sporen achtergelaten. Hij weet wel dat Rerum Novarum een encycliek is ( Quadragesimo Anno is helemaal weggezakt!), maar de inhoud kent hij niet. Ook roomse vakbondszaken als Credo Pugno of het Kanunnik van Schaikfonds, om arbeiderskinderen een priesteropleiding te laten volgen, doen geen lampje bij hem branden. Ook een bedevaart was er niet bij. Hij zegt dan ook duidelijk, dat hij R.K. geweest is. 
Zijn vrouw Koos herinnert zich nog duidelijk, toen ze lid was van de VKAJ, dat ze vanuit Oud - Gastel, begeleid door trommelen, te voet op bedevaart naar de Zeg ging.

De staking

Hij herinnert zich nog de staking bij Dekkers bij het werk aan de gietbetonflats in de Kroeven. Hij is nog steeds niet tevreden over de secretaris van de bond, Willem van Tiggelen, die daar werkte. Toen de staking begon, pakte Willem zijn fiets en reed weg. Harry vindt, dat hij daar juist leiding had moeten geven. Hij stond, door zijn werk aan transformatorhuisjes, op dat moment buiten de staking.

Samengaan

De fusie van bouw en hout, St. Joseph en St. Antonius van Padua, leverde in Roosendaal geen problemen op. Janus van Zitteren, van St. Joseph, en Janus van Zundert, Jacq Havermans en voorzitter Kees Heynen van St. Antonius van Padua konden het al gauw goed met elkaar vinden.
Het samengaan van de bouw - en houtbonden van N.K.V. en N.V.V. leverde wat meer problemen. Vooral Willem van Tiggelen was fel anti - N.V.V. en stapte ook inderdaad uit het bestuur. Maar toen Jan Bruijns na een jaar naar Wouwse Plantage verhuisde, kwam Willem toch maar weer terug in het bestuur.
Harry vertelt nog, dat bij het N.V.V. Geert Knappers vlak voor de federatie/fusie zijn uiterste best deed om er nog gauw wat leden bij te krijgen: hoe meer leden, hoe meer invloed! Maar de fusie verliep uiteindelijk toch goed.
Dat is niet iets wat je van het Gildenhuis kan zeggen. Harry betreurt de verdwijning van dit bijzondere pand. Hij was net kandidaat voor het bestuur, toen het doek viel. Hij wijst er nog op, dat Geert Vos zich heeft ingespannen om het Gildenhuis te behouden. Het mocht niet baten. Een belangrijke rol speelde de verregaande verpaupering van het gebouw.

In de bond

Harry komt nog terug op de problemen die hem er toe brachten naar Rucphen te gaan. Het komt er op neer, dat hij veel te veel zaken moest opknappen. Hij heeft er in totaal zo’n 3000 uur geholpen, heeft hij ooit uitgerekend. Nu moesten anderen de kar maar eens trekken.
Speciaal voor de man, die probeert zo veel mogelijk van het verleden te behouden, de enquêteur, licht hij een tipje van de sluier op: secretaris Havermans informeerde in het bestuur, wat hij met al die oude notulen moest doen. Opstoken in je open haard, zei voorzitter Elsten. Zo gezegd, zo gedaan. Helaas is dat iets wat op grote schaal overal gebeurt. Want wat moet je er mee? Juist ja, bewaren!

Nu

Na een ernstige ziekte, een paar jaar geleden, kwakkelt hij nu wat in zijn mooie woning. Hij geniet van de tuin, maar het is vooral Koos die er het werk doet. Maar ja, het begrip werkverdeling kent hij maar al te goed uit de bond.

Sjoerd van der Veen
Roosendaal, 24 september 2007