Elias Niehot

Elias is geboren op 25 december 1934 in Den Haag, in de Geest bij de Torenstraat.

Het gezin
Vader Hendrik Niehot, van 1886, had reeds 11 kinderen van zijn eerste vrouw, toen hij met Elisabeth Catharina Pennenburg, huisvrouw, van 1904 en afkomstig uit Leiden, trouwde. Ze bracht één kind mee in het huwelijk. Samen kregen ze 6 kinderen, van wie Elias de oudste was.
Hendrik was invalide maar kon als zelfstandig melkboer, met een hondenkar, de kost verdienen. Toen de hondenkar wettelijk verboden werd, werd hij werkeloos. Ze waren niet, merkt Elias op, R.K., zoals je misschien zou verwachten, maar gewoon Nederlands Hervormd.
In het gezin speelden vakbond en politiek (PvdA, vanwege Drees!) een belangrijke rol. Het waren zijn ouders die Elias inschreven bij de vakbond. Hij werd lid van het CNV, waar hij zich al gauw niet thuis voelde. Hij noemt het gebed voor en na de vergadering en dan ook nog het stuk voorlezen uit de Bijbel. Na een jaar ruilt hij het CNV in voor het NVV.

Huwelijk
Elias is getrouwd met E.M.J. Heeneman, geboren 2 oktober 1931 in Den Haag. Na de lagere school ging ze naar de MULO en haalde haar Middenstandsdiploma. Ze werd verkoopster bij de Bijenkorf en bij V&D (Roosendaal). Ze hebben twee kinderen, een jongen die hoofd personeelszaken werd bij de brandweer in Roosendaal en pas afstudeerde als meester in de rechten, zoals de trotse vader zegt, en een meisje, dat inmiddels op de nieuwe school in Kalsdonk lesgeeft.

School en loopbaan
Na de lagere school ging Elias twee jaar naar de MULO. Omdat pa "steun" trok, moest zoon Elias maar geld gaan verdienen, vonden de heren van de "steun". Hij begon als krullenjongen op de tennisbanen en werkte vervolgens bij een kolenboer. Het ontlokt Elias de opmerking:"Daar is niets mis mee." De ondervrager beaamt dat! Vervolgens komt hij, als liftboy en schoonmaker bij V&D en bij de Bijenkorf op de afdeling calculatie. Daar wordt hij lid van het CNV en … ontmoet hij zijn vrouw!
In 1955, hij weet nog precies de datum, 11 november, gaat hij naar de HTM, de Haagse tram. Hij werkt er eerst twee jaar als conducteur en daarna, 16 jaar, als trambestuurder. Dat is werk in ploegendienst, onregelmatig dus. Bij de HTM wordt hij lid van de NBV, de Nederlandse Bond van Vervoerspersoneel, de latere Vervoersbond en onderdeel van het NVV.

P1000896.jpg (12402 bytes)


Bezoldigd bestuurder
In 1973 gaat hij als bezoldigd regiobestuurder werken bij de vakbond. In Den Haag was hij al lid van het afdelingsbestuur, "zeker een jaar of 15", tot zijn vertrek naar het Zuiden. Na het volgen van kadercursussen gaf hij daar geregeld les aan kaderleden. Doorgeven van kennis dus. Ook de Vakbondsschool heeft hij doorlopen.
Bij de NBV krijgt hij de regio West-Brabant/Zeeland onder zijn hoede. Eerst werkt hij nog vanuit het kantoor in Eindhoven, maar al spoedig is er het nieuwe kantoor op de Boulevard, overgenomen van de Industrie Bond, in Roosendaal. Het samengaan van de beide centrales maakte de nieuwe werkplek nodig.
Na twee jaar werd Elias overgeplaatst naar Utrecht: de landelijke Bedrijfsgroep Wegvervoer, zodat hij één à twee keer per week naar Utrecht moest. Hij verzorgde er de landelijke CAO-onderhandelingen van de toerwagensector, het particuliere ambulancevervoer en de taxi’s. Ook de bij die sectoren behorende pensioen - en VUT-fondsen behoorden tot zijn werkterrein.

Voorzitter
Met ook nu nog een lichte verbazing in zijn stem, constateert hij dat hij op zeker moment voorzitter was in 21 fondsen in deze drie sectoren. Zo zat hij in het pensioenfonds voor het beroepsgoederenvervoer op de weg, in het spoorwegpensioenfonds, van het streekvervoer en van Van Gendt en Loos. Tot de opheffing van het GAK zat hij in de bedrijfsvereniging in het vervoer, de BV 21. Hij merkt nog op, dat mensen, vooral als ze jong zijn, veel te weinig nadenken over later. Maar ja, pensioenen zijn dan ook een soort hobby van hem.
Later kreeg hij voor vijf jaar de CAO-onderhandelingen van de HTM er bij. Er was daar een meningsverschil tussen de vakbondsbestuurder en het personeel. De HTM zou een gemeentelijk vervoerbedrijf worden, zodat het gemeentebestuur de arbeidsvoorwaarden zou vaststellen. Het personeel hield vast aan een onafhankelijk bestuur, van een particulier bedrijf, waarbij dan de gemeente, via haar aandelenbezit, achteraf controle kon uitoefenen. Om het gerezen probleem tussen vakbondsbestuurder en personeel tot een oplossing te brengen werd Elias ingeschakeld.
De ondervrager merkt op dat zo’n situatie vergelijkbaar is met die in het openbaar onderwijs (Elias was jarenlang voorzitter van de vereniging voor openbaar onderwijs, VOO in Roosendaal!). Ook daar werkt de directe bemoeienis van het gemeentebestuur, zeker als dat, zoals zo vaak in het Zuiden, een CDA - tintje heeft, niet bevorderlijk voor de goede gang van zaken op een openbare school.

Roosendaal
In Roosendaal zat hij gedurende 2 à 3 jaar vanuit de vakbond in de taxicommissie.
In het Gildenhuis kwam hij geregeld voor overleg. Ook zat hij er met o.a. Ad Vriens in de Seniorenraad.
Over de fusie van rooms en rood, NVV en NKV, is hij duidelijk. Binnen een jaar of vier wist er in de vakbond niemand meer uit welke bloedgroep je kwam. Dat was het mooie van het samengaan. Elias vertelt nog, dat hij het vanuit zijn bureau in Utrecht op een gegeven moment opnam voor een Haags kaderlid van Van Gendt en Loos. Het ging om een oud-NKV-lid, die in de bedrijfscommissie kon blijven. Het kaderlid vertelde Elias hoe blij hij was dat een oud-NKV-lid het voor hem ophad genomen. Je kunt je zijn verbazing voorstellen, toen Elias zei dat hij helemaal geen NKV-lid was geweest, maar gewoon de beste oplossing had gekozen. De fusie was toen al vier jaar achter de rug!
Ook de bezoldigde bestuurders in de regio uit de bouw - en de industriebond hadden geen enkele moeite met de fusie.

Schoolstrijd
Problemen lagen er wel, als het om rood of rooms ging, in de "schoolstrijd". Elias heeft dat van zeer nabij meegemaakt, als voorzitter van de V.O.O. en van de oudercommissie, acht jaar lang, op de Roosenborgh Mavo, tegenwoordig het Jan Tinbergen College. Als het even kon probeerde men in Roosendaal de openbare school te weren.

Staking
Elias was er bij, toen de grote staking in het beroepsgoederenvervoer bij Meeus in Bergen op Zoom plaats vond. (1975) Deze staking, die tien weken heeft geduurd, heeft een grote invloed uitgeoefend op zijn verdere functioneren.
Er waren destijds 25 stakers en evenveel werkwilligen. In zo’n geval krijg je het werk niet helemaal plat en moet je dus tot het uiterste via overleg te werk gaan. Maar ja, de staking was er. Elias mocht het werk overnemen van zij twee collega’s, Joep Evers en Bertus van de Heul. Het lukte uiteindelijk een betere, landelijke (!), CAO af te spreken, maar de 25 stakers stonden op straat. Hij slaagde er wel in, ze met geld "er uit te kopen". Een fors bedrag zelfs. Gelukkig was het gros, 20 van de 25, binnen een paar weken weer aan de slag.
Een positief neveneffect was dat hij ene Henk Meertens, die ook ging staken, lid maakte van de bond. Henk is jarenlang het boegbeeld geweest van de FNV in Bergen op Zoom.
Een half jaar later werd er in de locale pers nogal ophef gemaakt over de vijf stakers, die nog steeds geen werk hadden. Elias riep ze bij elkaar in de Wouwse Tol en bood ze meteen werk aan, wat ze eigenlijk helemaal niet wilden!!

Terug naar Den Haag
Ook bij de acties tegen de atoomwapens gaf Elias acte de présence. Hij was er bij, met vrouw en kinders, tijdens die historische betoging in Den Haag, toen 550 000 demonstranten door de binnenstad liepen en lieten merken wat ze van dat wapentuig vonden. Vanuit het vaak ietwat gezapige Roosendaal vertrokken toen 19 bussen naar Den Haag. Elias noemt het één van de mooiste dagen van zijn leven. Hij betwijfelt of de demonstratie veel effect had, maar stelt wel vast dat die wapens er toch niet gekomen zijn, door de internationale politieke situatie. De ondervrager is er wat positiever over.

Pensioen
Nee, echt rust was er niet bij, toen hij stopte met zijn vakbondswerk. Al begon het heel mooi. Niet alleen kreeg hij van de werkgevers, zijn aloude gesprekspartners, een computer cadeau, ze hadden hem ook nog voorgedragen voor een lintje. Op zijn afscheid op de Westhavendijk in Rotterdam mocht loco-burgemeester van Roosendaal Conny Kerkhof-Mos hem de versierselen opspelden van Officier in de Orde van Oranje – Nassau. Hij is er, terecht, trots op.

Ouderen
Al acht of negen jaar is hij bestuurslid van de ANBO, de Algemene Bond van Ouderen. De laatste jaren als voorzitter/secretaris. Het gaat daarbij vooral om praktische zaken als het organiseren van uitstapjes (samen met vakbond De Unie!) en het invullen van belastingformulieren. Bescheiden benadrukt hij dat de ANBO, met 240 leden, veel kleiner is dan de KBO, de Katholieke Bond van Ouderen, met zo’n 1400 leden.

De Wieken
Hij is ook nog twee jaar voorzitter geweest in buurthuis de Wieken. Er waren problemen ,met Marokkaanse jongeren en de vrijwilligers hielden ze buiten de deur. Elias heeft toen nog geprobeerd, met steun van wethouder Leo de Jager, het één en ander voor deze jongeren te organiseren. Er was zelfs geld voor een computerlokaal. Maar de steun van SIW, het Stedelijk Instituut Welzijn, om een goede jongerenwerker te sturen, was er eigenlijk niet. Ondanks het feit, dat hij Mohammed Hamdoun, die heel actief was, op een gegeven moment via de rechter de toegang tot de Wieken voor een aantal weken moest ontzeggen, aldus Elias, konden ze toch goed met elkaar opschieten.
In het gesprek komt nog terloops naar voren, dat hij het bestuur van Wiekendaal er op wijst, dat het tijd wordt er eens over na te denken, dat islamitische ouderen een andere behandeling vragen op een aantal punten. Bij Wiekendaal hadden ze er nog niet aan gedacht.
Nee, Elias hoeft zich nog niet te vervelen.

Sjoerd van der Veen
Interview donderdag 25 oktober 2007, 10.30 uur