Terug naar Vakbondsoverzicht    FNV Bouw, woensdag 21 mei 2008, 10.00 uur

Johannes Jacobus Adrianus Verstraaten, roepnaam Jan.

Jan is geboren op 17 mei 1932 te Roosendaal, Bredascheweg, bijna in de Zeg.

Zijn ouders
Zijn vader, Lodevicus Verstraten, roepnaam Louis, is van 1890 en stierf in 1975. Hij ging naar de lagere school in Zegge en werkte daarna als landarbeider bij de boer en 's winters in de suikerfabriek. Jan weet niet zeker of hij lid was van de bond, hij vermoedt van niet.
Jans moeder, Elisabeth van Nijnatten, 1901-1979, was huisvrouw. Ze kregen negen kinderen. Jan was de middelste.

De school
Jan ging naar de Antoniusschool voor l.o. in de Hoogstraat gedurende acht jaar. Hij benadrukt dat er geen broeders waren, wat voor die tijd niet zo gebruikelijk was. Met veertien jaar ging hij werken.
Thuis werd er eigenlijk nooit over vakbond of politiek gesproken, al zat een broer van hem wel in de bouwbond.

Zijn vrouw
Jan is getrouwd met Antonia Jacoba van Nijnatten, roepnaam To, geboren 28.12.1934 in Oud Gastel. (Ze is geen familie van Jans moeder!) Haar vader was tuinder. Ze ging na de lagere school, bij de nonnen te Oud Gastel, naar de huishoudschool aldaar. De vader van To wilde nog wel eens graag over politiek praten. Zo herinnert ze zich nog hoe er thuis over de herrie rondom Nixon werd gediscussieerd.

De kinders
Ze kregen vier kinderen, Jenny in Oud Gastel, Els in de Willemstraat en Kees, die al op 30-jarige leeftijd overleed, en Ludy werden geboren in de Charitasstraat 9. ( Jans ouders woonden in de Charitasstraat 7, het huis ernaast dus, vanwaar ze later naar de Abel Tasmanstraat verhuisden. Al was het maar een klein stukje verderop, toch had To er moeite mee: ze mocht haar schoonouders heel graag.)
De kinderen volgden na de lagere school de huishoudschool (Jenny en Els), het electrotechnisch onderwijs op de Anthonie Keldermansschool in Bergen op Zoom (Kees) en de bakkerschool in Ossendrecht, intern.

Het werk en de vakbond
Net na de oorlog, in 1946, gaat Jan naar de borstelfabriek van Vermunt. Hij zal er een goede twintig jaar blijven. Begin 1948 wordt hij lid van de R.K. Houtbewerkersbond St. Antonius van Padua. Gevraagd naar wat bekende namen in de bond noemt Jan zonder aarzelen Kees Heijnen, die ook voor de verzilvering van de vacantiebons zorgde, en Kees Havermans.
Die verzilvering leverde een aardig centje op voor de vacantie, als je het hele jaar gespaard had. Vooral als je wat kleine kinderen had, moest je nog al eens gebruik maken van de Kerstverzilvering, gewoon om de eindjes aan elkaar te kunnen knopen. Jan ging geregeld naar vergaderingen in het Gildenhuis. Opvallend is dat hij Jan Geerssen niet kende en wel Geert Knappers van de NVV-bond. Overigens zijn de fusie van St. Antonius van Padua met St. Joseph, bouw met hout dus, bijna ongemerkt aan hem voorbijgegaan. Hetzelfde geldt voor de fusie van N.K.V. en N.V.V. Er veranderde blijkbaar niet zo veel voor het gewone lid: dezelfde mensen die (bijna) dezelfde zegeltjes ophaalden.

Het Gildenhuis
Aan dat Gildenhuis hebben To en Jan goede herinneringen: niet alleen hebben ze er wel carnaval gevierd en voorstellingen bijgewoond, maar ze kregen er ook dansles van de wel zeer lenige, elastieke, Wim Roovers. Maar dat was op latere leeftijd, toen ze al kinderen hadden. Dansles voor ouderen dus.
Opvallend is dat de kinderen naar het Sint-Nicolaasfeest gingen van de Vero en niet van de K.A.B. in het Gildenhuis. Hoe dat komt weten Jan en To niet meer.

De bouw
Na de Vero ging Jan in de bouw werken als timmerman. Hij werkte vooral in de renovatie, bij Slokker, onder Rotterdam, en bij Van der Vorm. Het was vaak wat vies werk, dat renoveren. Hij werkte o.a. in Den Haag, Delft, Rotterdam en Bleiswijk. Het werk in die laatste plaats herinnert hij zich als zeer vies.
Tijdens zijn werk in Delft heeft hij nog een staking meegemaakt, die een dag of tien heeft geduurd. Aan andere acties, zoals protesten tegen kruisraketten of kernenergie, deed hij niet.

R.K.
Het gezin Verstraten is een duidelijk katholiek gezin. Je merkt het al aan het crucifix boven de deur. Ook hun bezoek aan de Kapelberg bij Roosendaal en de Mariakapel in de Zeg, elk jaar nog steeds, wijst in die richting. Toch is een aantal duidelijk katholieke zaken hun niet bekend: de sociale encycliek Rerum Novarum, Credo Pugno of het Kanunnik van Schaikfonds. Jan komt die thermometer voor muntjes wel bekend voor maar, thuis stond er geen. En ook de bedoeling van het fonds kende hij niet. Je kunt dus blijkbaar ook zonder kennis van dit soort zaken een goed katholiek zijn!

Vut en Pensioen.
Niet alleen voor de belastingservice kwam zijn vakbondslidmaatschap van pas: ook toen hij met de vut ging heeft de bond hem goed van advies kunnen dienen.
Sinds 1992 is hij gestopt met werken en dat bevalt hem nog steeds prima. 's Morgens niet meer jakkeren, bijvoorbeeld! En al heeft hij geen uitgesproken hobby's, je kan wel, stelt Jan tevreden vast, overal naar toe.
Toen ze nog wat jonger waren gingen ze, zo vanaf 1970, geregeld de bergen in. Nu doen ze het wat rustiger aan. Hoewel, zegt To, met 60 jaar klom ik nog rustig de berghellingen op! Nu heeft ze last van haar duimen, wat haar grootste hobby, het 3-D-snijwerk, borduren en breien, onmogelijk maakt. Maar ja,ze zitten nu in een mooie flat op de Prinsensingel en kunnen makkelijk overal heen wandelen. En je hoeft in de huiskamer maar rond te kijken naar de foto's om te begrijpen wat ook nogal wat tijd en aandacht vraagt: hun schare kleinkinderen, met zelfs inmiddels een achterkleinkind.

Sjoerd van der Veen
Roosendaal, 6 juni 2008