N.B. De muziek waar u naar luistert wordt niet op het orgel van deze kerk gespeeld, zie onder

Bouw van de nieuwe toren

In het jaar 1708 is de toren gebouwd. Boven de ingang van de toren staat de volgende tekst: (Deze tekst is gedeeltelijk leesbaar in het latijn).

Deze toren is gebouwd in den jare 1708 ter vervanging van de vier torens voorheen gestaan hebbende op de vier hoeken van de vervallende kruiskerk tusschen Midwolda en Nieuwolda als gemeenschappelijke tempel voor de beide Gereformeerde gemeenten, toen onder het bestuur van de Edelachtbaren heer Johan Hora, terwijl predikant dezer plaats was Ds. Jacobus Sparringa.

De toren heeft een vierkanten stenen onderbouwen een achtkantig bovendeel van hout. Het heeft een gebogen dak met achtkantig koepeltje waarin een klok hangt. Van de houten achtkant zijn vier zijden tot galmgaten gemaakt, de andere zijden zijn versierd met vazen op voetstukken en schelpmotieven er boven. Daar waar het vierkanten onderbouw overgaat in een achtkant, staan vier Pinakel potten op een zandstenen basament, dit om de overgang van vierkant naar achtkant te verzachten. De oude klok uit de twaalfde eeuw bleef dienst doen en werd in de nieuwe toren overgebracht. In 1708 kwam er een nieuwe klok (waarschijnlijk een slagklok voor in het koepeltje) voor een bedrag van 1261 caroli gulden, 17 stuivers en 4 plakken. In 1737 is er een weerhaan op de toren gemaakt door Christiaan Kuipers voor een bedrag van 2 caroli gulden. Tevens kwam er een slot op de deur voor een bedrag van 1 caroli gulden en 5 stuivers. In het jaar 1744 is de toren voor het eerst gerestaureerd en werd er een koperen wijzerplaat aangezet, gemaakt door Fijlippus Bos, voor een bedrag van 73 caroli gulden en 10 stuivers. De laatste restauratie vond plaats in de jaren 1965-1972. De toren is in het jaar 2002 voor het laatst geverfd.
Foto: Ben Doedens

Bouw van de nieuwe kerk

Foto: Collectie Ben Doedens
Uitgave: (1931): J. Waalkens, Midwolda (Old.).

Foto: Collectie Ben Doedens
Uitgave (1935): A.U. van Groenenbergh, Midwolda.

De kerk is in het jaar 1738 gebouwd. Een kleine steen in de noordoosthoek van de kerk vermeldt:

Aº 1738 heeft Anna Maria Hora den eersten steen geleit.

Anna Maria Hora was de jongste dochter van Johan Hora. Aan de noordzijde van de kerk bevindt. zich een portaal, het front daarvan bevat een cartouche met het opschrift:

In den Jare 1738 is desen tempel ter eren Gods geb: door de EdHeer Johan Hora raadsheer der stadt Groningen etc. etc. en de E Jan Ritzes in der tijt Kerkvoogd deses carspel ingesegent den 26 october des selvigen jaars door D. Wilhelmus Schortinghuis bedienaar des evangelie Jesu Christi ter deser plaatse uit de woorden 1 Koningen 8 vs 29 en 30, de inl. Psalm 132 vs 7-9.

De inwijdingspredikatie van Ds. Wilhelmus Schortinghuis was 1 Koningen 8 : 29-30: Dat uwe ogen open zijn nacht en dag over dit huis.
Des middags sprak de leeraar over Psalm 132 : 7-9: Wij zullen in zijne woningen ingaan, wij zullen ons nederbuigen voor de voetbank zijner voeten


Zuidzijde van de kerk en toren in stemmig septembergroen Ao 2004.
Foto: Ben Doedens

De kerk is gebouwd door Gerlof Jans en zijn knechten. Om de herinnering aan het vorige Godshuis te bewaren, plaatste men op elke hoek van het dak een klein spitsje, dat van een windvaan werd voorzien. Deze windvanen stellen evenals die op de toren, adelaars voor, een zinspeling op het wapen der stad Groningen, welke het patroonrecht had. In 1737 zijn deze weerhaantjes en bollen op het dak geplaatst; deze zijn gemaakt door Hindrik Nieuwenhuis voor een bedrag van 10 caroli gulden en 15 stuivers. De kerk is een eenvoudig, in verhouding tot de toren zeer breed rechthoekig gebouw van 24.70 meter bij 17.90 meter, de muren zijn 70 cm dik. Het gebouw wordt versterkt door tweemaal versneden beeren met ingezwenkte zandstenen afdekking. Bij de bouw had de kerk twee daken, maar na de restauratie is er één dak van gemaakt. In 1742 zijn er ramen in de kerk gekomen, in een archiefstuk is het volgende te lezen: "1742 Luitjen Heines voor geleverd glas dit voor een bedrag van 108 caroli gulden en 6 stuivers." In latere jaren zijn er gietijzeren ramen in gekomen. Tijdens de restauratie in de jaren 1965-1972 zijn deze gietijzeren ramen weer vervangen door de originele spitsboogvensters met glas in lood.

Interieur

Het interieur is overwelfd door een tongewelf met vlakke zijgedeelten, het wordt gedragen door dwarsbalken. Het geheel rust op zes zuilen: 2 houten en 4 gietijzeren. In het jaar 1880 zijn de vier buitenste houten zuilen door vier gietijzeren kolommen vervangen. Zo'n kerkdak is een enorme constructie. Boven het gewelf is nog een enorme ruimte, waarin twee zolders over de volle lengte van de kerk! Jammer dat ze niet als zalen te gebruiken zijn, dan hadden we alles dicht bij elkaar. Het oude eiken meubilair dateert uit de bouwtijd, behalve het orgel, dat later is gebouwd. In het jaar 1742 zijn er acht nieuwe kerkbanken gemaakt door Jan Bitter voor een bedrag van 290 caroli gulden. Tevens werd er een preekstoel gemaakt door Jan Bitter als boven met bestek voor een bedrag van 19 caroli gulden en 19 stuivers. De preekstoel is gemaakt in Lodewijk XIV-stijl en is rijk versierd met schelpmotieven en voluutvormige stijlen. de trap heeft sierlijk gesneden balusters. Het doopbekken is gemaakt door Fillipes Andries Bus in het jaar 1743 voor een bedrag van 3 caroli gulden en 10 stuivers. Ook staan er in de kerk twee herebanken, deze twee banken waren vroeger van de Ennemaborg en er staan de wapens op van Hora-Siccama.
bron: Ned. Herv. Kerk Midwolda door T. Kiewiet

Restauratiefonds

De Ned. Herv. kerk (1738) en de toren (1708) verkeerden in een dermate staat van onderhoud, dat de Kerkvoogdij heeft moeten besluiten ze te laten restaureren. In samenwerking met de Stichting Behoud Kerkelijke Gebouwen in Groningen-Drenthe werd een restauratieplan, kosten € 161.000, bij de Rijksdienst voor de Monumentenzorg ingediend. Inmiddels is de restauratie geheel afgerond. Naast de subsidie’s van het Rijk en allerlei stichtingen, moet de Hervormde Gemeente uiteraard ook een fors bedrag op tafel leggen.

U kunt deze restauratie ondersteunen door een bijdrage over te maken op bankrekening 69.97.41.645 t.n.v. Restauratiefonds Hervormde Gemeente Midwolda te Midwolda. Bij voorbaat wil de Kerkvoogdij u hiervoor hartelijk danken.

De N.H. Kerk met toren omstreeks 1920. Enkele dorpelingen hebben zich, met fiets en gereedschap, verzameld om ook vereeuwigd te worden.
Foto Collectie Ben Doedens.
Uitgave (1926): J. Groenenbergh te Midwolda

Eén Fotograaf, drie foto's, drie standpunten, drie verkooppunten

Kaart 1
De noordzijde van de kerk. De fotograaf staat aan de overkant van de Hoofdweg, iets ten oosten van de ingang.
Foto: Collectie Ben Doedens.
Uitgave (1970):
Drogisterij en verfhandel S. Meijer

Kaart 2
De noordzijde van de kerk. De fotograaf is iets naar het westen gelopen voor deze foto.
Foto: Collectie Ben Doedens.
Uitgave (1970):
Fa. Edens, Luxe- en Huish. artikelen

Kaart 3
De noordzijde van de kerk. De fotograaf is nog een paar passen verder naar het westen gelopen. Merk op dat de tijd in Midwolda nauwelijks vooruit gaat !
Foto: Collectie Ben Doedens.
Uitgave (1970):
Zelfbediening J. de Groot, Hoofdweg 148, Midwolda (Old.)

Alle kaarten zijn gemaakt bij JosPé. De vertegenwoordiger van JosPé zal zich in zijn handen gewreven hebben. Drie kort achter elkaar gemaakte foto's verkocht aan drie verschillende winkeleigenaren, waarvan eentje een jaartje later de kaart ook nog liet inkleuren.

De zuidzijde van kerk en toren en de oude begraafplaats.
Foto: Collectie Ben Doedens.
Uitgave (1950): Gebr. van der Wal, Midwolda (Old.)

Nog een opname van de zuidzijde van de Ned. Hervormde Kerk.
Foto: Collectie Ben Doedens
Uitgave: Onbekend

Een andere kijk op kerk en toren. Dat vond ook de ansichtkaartenfotograaf van Jos-Pé eens nodig en hij begaf zich naar het oude gedeelte van de begraafplaats om de kerk vanaf de zuidoostzijde te fotgraferen. Goed te zien op deze foto is het dichtgemetselde ronde raam in de oostelijke (achter)muur van de kerk. In de tijd dat ik er naar Zondagsschool ging (bij die lieve juffrouw Muntinga) was dit een groot rond glas-in-lood raam boven de preekstoel.
Foto: Collectie Ben Doedens.
Uitgave (1981): Fa. Edens, Luxe- en huish. artikelen
.

Het Hints orgel

Het orgel is gebouwd in de jaren 1770-1772. Het opschrift dat op het orgel staat is:

"MDCCLXXII Toen kerkvoogden waren de heer Wiardus Siccama borgemeester der stad Groningen etc. etc. en de E. Tonnis Ebels zijlvest van Termunterzijl is dit werk vervaardigd door den konstmeester A. A. Hints. Ingezegent door den weleerwaarden heer Wilm Jan van Eerten Predikant te Midwolda Den 30 August 1772."

In 1770 stelde Albertus Antonius Hints een bestek op voor het maken van een nieuw orgel. De aanneemsom bedroeg 4700 caroli gulden. A. A. Hints was meesterknecht bij de grootste orgelbouwer uit de barok, Arp Schnitger, daarna bij diens zoon F. C. Schnitger, waarna hij later eeen eigen bedrijf begon. De Preastant 8' van het hoofdwerk en pedaal en de Preastant 4' van het rugwerk dienden van Engels tin te worden vervaardigd. Het overige pijpwerk moest bestaan uit een legering van 2/3 lood en 1/3 tin. De beide handklavieren zouden een omvang krijgen van C-d'''. De toetsen moesten van ivoor worden gemaakt en de semi-toetsen van zwart ebbehout. In de windkanaal moest de orgelmaker twee tremulanten aanbrengen, de ene met een langzame en de andere met een snelle slag. Verder kreeg Hints de opdracht drie afsluitingen en een registertrekker voor het bedienen van de klavierschuifkoppeling te vervaardigen. De orgelkast en de balgenkamer zijn vervaardigd door de heer Bekenkamp voor 1200 caroli gulden. De beeldjes op het orgel zijn gemaakt door de beeldhouwer B. Kreemer voor een bedrag van 259 caroli gulden en 14 stuivers. De beeldhouwer Smit leverde het blinderingssnijwerk voor de frontpijpen voor een bedrag van 118 caroli gulden en 17 stuivers. In totaal zijn er 40 registertrekkers aanwezig. Het orgel heeft 2154 sprekende en 50 loze pijpen. Sprekende pijpen zijn pijpen die, wanneer er een toets wordt aangeslagen, geluid voortbrengen, terwijl de loze pijpen alleen als sieraad dienen. In 1772 werd het orgel voltooid en op 30 augustus ingewijd door de heer J. H. Tammen, organist en klokkenist van de Martinikerk in Groningen. De familie Hora, toendertijd bewoner van de Ennemaborg, heeft evenals bij de bouw van de kerk een belangrijke bijdrage geleverd aan de totstandkoming van het grootste orgel van de provincie Groningen, buiten de stad Groningen. Het orgel heeft inmiddels 3 restauraties ondergaan, namelijk:

  • 1834 door de fa. H. E. Freytag.
    De Scherp III-IV van het rugwerk is vervangen door een Fluit travers 8 voet discant.

  • 1897 door fao Van Oeckelen uit Haren.
    De pijpen in het groot octaaf van 16vt Gedackt op het hoofdwerk werden vervangen door houten, hetgeen eveneens gebeurde met de Bourdon 16 vt van het pedaal.
    De Fluit travers 8 vl discant uit 1834 werd vervangen door een nieuwe Viola di Gamba 8 vl vanaf C.
    Alle tongwerken werden doorslaand gemaakt.
    De frontpijpen werden gepolijst en de mechanieken verbeterd

  • 1971 door fa. Flentrop uit Zaandam.

In 1965 demonteerde men het orgel in verband met de kerkrestauratie. Een deel van het orgel was opgeborgen in de oude pastorie. Toen in 1968 het kerkgebouw weer in gebruik werd genomen, waren de frontpijpen inmiddels van een nieuwe tinfoelie voorzien en opnieuw geplaatst. De eikenhouten kast, die in de loop der tijd een zwarte kleur had gekregen, werd afgeloogd en van een rode "ossebloed" kleur voorzien. Het orgel werd bij deze laatste restauratie terug gebracht in de oude staat naar de gegevens uit het boek "Dispositiën der merkwaardigen kerkorgelen" door J. Hess, organist en klokkenist te Gouda (1774). Op woensdag 30 augustus 1972 was de weder in gebruikneming van het orgel. Vanaf die tijd worden er jaarlijks 6 orgelconcerten door de plaatselijke orgelcommissie georganiseerd. Het orgel heeft nu nog één tremulant De klavieren worden gekoppeld door zogenaamde schuifkoppelingen en hebben een omvang van C-d'" die van het pedaal C-d'. De dispositie is thans:

Manuaal

 

Rugwerk

 

 Pedaal

 

Preastant

8'

Preastant

4'

Preastant

8'

Gedackt

16'

Fluitdous

8'

Bourdon

16'

Baarpijp

8'

Quintadena

8'

Gedackt

8'

Holpijp

8'

Holpijp

4'

Roerquint

6'

Gemshoorn

4'

Octaav

2'

Octaav

4'

Octaav

4'

Spitsfluit

2'

Nagthoorn

2'

Octaav

2'

Nazat

3'

Bazuyn

16'

Woudfluit

2'

Sexquialtera

II-III

Trompet

8'

Quint

3'

Scherp

III-IV

Schalmey

4'

Cornet

III

Dulciaan

8'

Cornet

2'

Mixtuur

IV-V

 

 

 

 

Trompet

8'

 

 

 

 

Vox Humana

8'

 

 

 

 

bron: Ned. Herv. Kerk Midwolda door T. Kiewiet

Kerk en Orgel

Rechts: De Nederlands Hervormde kerk in Midwolda bevat een prachtig Hinsz-orgel welke in 1772 door de orgelbouwer Albertus Anthoni Hinsz (1704-1785) is gebouwd. Het orgel is zeer goed bewaard gebleven, op één na zijn alle registers nog authentiek. Hinsz is geboren in Hamburg (Dld.) en was de meesterknecht van de beroemde orgelbouwer Arp Schnitger. Arp Schnitger overleed in 1719. Na z'n dood zetten zijn zoons de orgelbouw voort. Hinsz trouwde met de weduwe van een zoon van Schnitger. Hij voegde nieuwe elementen toe aan het Schnitger-orgel waardoor die orgels als Hinsz-orgels bekend werden. In 1728 vestigde Hinsz zich als orgelbouwer in Groningen en werd daar gaandeweg toonaangevend op zijn vakgebied. Het eerste Hinsz-orgel werd gebouwd in Zandeweer. Verder bouwde hij, onder meer, orgels in de kerken van Uithuizermeeden, Appingedam, Meeden en Midwolda. De bouw van het Hinszorgel in Midwolda is destijds bekostigd door Johan Siccama, de toenmalige bewoner van de Ennemaborgh. Het was een prestigeus project, een groot instrument van wereldklasse werd in de kerk geplaatst om te laten zien hoe rijk en welvarend men was.
bron: Cees van Dam (met permissie)
Foto: Collectie Ben Doedens.
Uitgave (1981): Edens, Luxe- en huish. artikelen.

Midwolda, Hervormde kerk

In de 13de eeuw werd in Midwolda een stenen kerk gebouwd. Een zegel uit 1347 toont een kerk met vier torens. Rond 1507 bedreigt de Dollard het dorp; de bewoners trekken naar de huidige plaats Midwolda (meer zuidelijk). Pas in 1738 wordt er echter een nieuwe kerk gebouwd; men bleef de oude middeleeuwse kerk gewoon gebruiken. Deze werd na het gereedkomen van het huidige gebouw echter afgebroken.

1772

A.A. Hinsz plaatst een nieuw orgel. Het instrument wordt in de daaropvolgende eeuw enkele malen ‘vernieuwd’:

1834

reparatie H.E. Freytag, verving Scherp door Fluit travers 8'D en bracht pedaalkoppel aan.

1864

vernieuwing N.A.G. Lohman

1897

C.L. & C.A. van Oeckelen brengen nieuwe windvoorziening aan; Fluit travers Freytag (1834) vervangen door een Viola di Gamba 8'; Mixtuur en Sesquialter worden met 1 koor gereduceerd

In 1965 wordt het orgel door de Firma Flentrop verwijderd vanwege de kerkrestauratie. Na beëindiging hiervan wordt het eveneens gerestaureerde orgel in 1973 weer door Flentrop geplaatst; kosten: ƒ 150.000,-. De in 1834 verdwenen Scherp werd evenals de Mixtuur en de Sesquialter gereconstrueerd; het orgel kreeg een Silbermann-stemming. In 1976 stemt Flentrop het orgel toch maar weer evenredig zwevend. In 1994 wordt er onderhoudswerk uitgevoerd door Van der Putten & Veger. Tussen 1995 en ’98 krijgt het orgel opnieuw een andere stemming: nu een naar Young (door Veger & van der Putten). Ook worden de klavieren en de mechaniek hersteld. De Quintadeen 8' wordt opnieuw geïntoneerd. In 2000 is er herstel van dak en goten van de kerk.
bron: Cees van Dam (met permissie)

Bach in Midwolda

BACH in Midwolda
CD met geheel digitale (DDD) opnames uit 2000 met uitgebreid tekstboekje van het Hinsz-orgel te Midwolda (cd-primeur)
Organist:
Stef Tuinstra
Prijs:
17,00
Deze prachtige CD kan worden besteld via de website van:/This CD can be ordered on the website from:
Stichting Groningen Orgelland:  http://www.groningenorgelland.nl
Informatie over deze stichting krijgt u via: info@groningenorgelland.nl
Oorlogsgraf Peter McNulty

Op het kerkhof achter de kerk bevindt zich het oorlogsgraf van Air Gunner Sgt. Peter McNulty. De database van de Commonwealth War Graves Commission bevat onderstaande gegevens. De aanwezigheid van het Britse oorlogsgraf wordt met het bekende groene bordje met witte tekst op de poort van de begraafplaats aangegeven.

Name:

McNULTY, PETER

Initials:

P

Nationality:

United Kingdom

Rank:

Sergeant (Air Gnr.)

Regiment:

Royal Air Force Volunteer Reserve

Unit Text:

15 Sqdn.

Age:

21

Date of Death:

04/05/1943

Service No:

1452090

Additional information:

Son of Tom and Edna McNulty, of Scunthorpe, Lincolnshire.

Casualty Type:

Commonwealth War Dead

Grave/Memorial Reference:

Plot E (East). Grave 1.

Cemetery:

MIDWOLDA GENERAL CEMETERY

In de nacht van 4 op 5 mei 1943 stegen van Engelse vliegvelden 746 viermotorige bommenwerpers op: de RAF had het op Dortmund gemunt. Eén van de kisten werd gevlogen door William Mc Leod, een Nieuwzeelander die al zes missies had gemaakt. Zijn navigator was Archibald Eaton, zijn radiotelegrafist Eric Willis. Verder waren aan boord: Eric Routh, Bert Law, Harry Flowerday en de staartschutter Peter McNulty. Een uurtje nadat de kop van deze luchtvloot de Nederlandse kust passeerde, hadden Duitse nachtjagers al vijf bommenwerpers neergehaald. Ter hoogte van het eiland Texel werd het toestel van McLeod overrompeld door een Duitse nachtjager, die er onderdoor dook: de zware bommenwerper werd door de scheef omhoog gemonteerde mitrailleurs ("Schräge Musik") van staart naar kop opengehaald. Zowel het elektrische- als het hydraulische systeem viel uit. De motoren, de communicatie- en oriëntatie-instrumenten waren dood en ook de besturing functioneerde niet meer. Tot overmaat van ramp brak er brand uit in de romp. De captain gaf de bemanning bevel, het toestel te verlaten. Met enige moeite lukte dat allen. Met uitzondering van McNulty, die vermoedelijk al bij de aanval door de jager was gedood. De Stirling viel bij Midwolda te pletter. De Marechaussee opende onmiddellijk de jacht op overlevenden. In een "Melding ingevolge art.: 348.D.V." schrijft onderluitenant - groepscomman-dant - A. Helmholt de andere dag aan zijn superieuren, dat: "...een Engelsch vliegenier, vermoedelijk afkomstig uit een in de nacht van 4 op 5 mei onder de gemeente Midwolda neergeschoten vliegtuig"... zich (om 5 uur in de morgen) had aangemeld aan de woning van Jacob Bos (enz.) wonende te Nieuwolda, 't Waar nr. A.8., waarna genoemde Bos dit terstond heeft bericht aan den Postcommandant der Marechaussee, den Marechaussee J. Metselaar, te Nieuw-Scheemda. Genoemde Marechaussee is toen terstond met de tot dien post behoorende voormalige veldwachter H. Freederiks naar de woning van Bos gegaan, alwaar deze vliegenier, na door hen te zijn gefouilleerd; is overgebracht naar het café Eelsema te Nieuw-Scheemda, zijnde het kosthuis van den Postcommandant en aldaar onder bewaking gehouden door genoemden Postcommandant" (Enz. enz.)  "Later op dien dag, te omstreeks 12 uur, is deze vliegenier aan de Duitsche Weermacht overgegeven met bijvoeging van een proces-verbaal van aanhouding". Zo wordt de ene "piloot" na de andere gepakt. "Tenslotte meldde zich in den voormiddag een Engelsch piloot ten huize van Dr. Buist, arts te Noordbroek, welke piloot aldaar is aangehouden en onder bewaking gesteld van den voormaligen veldwachter B.Swieringa (...), "welke piloot te omstreeks 13 uur is overgegeven aan de Duitsche Weermacht". Marechaussee èn bevolking zijn wel erg braaf: Twee dagen na het neerkomen van het vliegtuig schrijft groepscommandant Helmholt aan zijn chefs dat Marechaussee Metselaar in Nieuw-Scheemda nog een parachute heeft gevonden en dat Willem Kettler uit Scheemda een laars (één laars!) heeft gedeponeerd, vermoedelijk afkomstig van een van de piloten van bovengenoemd vliegtuig", welke laars in café Eelsema bij de gevonden parachutes bewaard wordt om ze aan "de Duitsche instanties voornoemd" te kunnen overdragen.
Bron: J. Bakker - "Maar verder is hier niks gebeurd..." Oorlog en Bevrijding Gemeente Scheemda

© 2005 Ben Doedens