Up ] Picardië ]

 

 

 

 

Kiespijn.

 

Ecuador/Turkije



Er is niets zo vervelend als ziek worden op je vakantie. Drie weken vakantie waarvan twee met diarree. Zes maanden naar een ver land en de stoelgang heeft de overhand, totdat het de gesprekstof beheerst en de lengte van de reisafstand er door bepaald wordt. Wie kent dat niet. Thuis aan de schijterij krijgt nauwelijks aandacht en naar een oorzaak wordt niet eens gezocht. Maar op reis worden alle maaltijden van de afgelopen dagen kritisch bekeken om de kwaadaardige amoebe te vinden die in de rijst of tussen de tandoori kip gezeten moet hebben.
   Wat nog vervelender dan ziek worden op vakantie is, kiespijn krijgen op vakantie. Want dat betekent dat je een tandarts zoeken moet in een vreemd land waarvan je niet weet of ie wel de nodige hygiëne in acht neemt, wel modern genoeg is, je niet van alles en nog wat aanpraat, terwijl jij zit te verrekken van de pijn in een oude tandarts schommelstoel…
Het overkwam mij in Ecuador. En nu hier.

In Ecuador verbleef ik enkele maanden in Cuenca. Daar had ik een atelier in een museum om voor een tentoonstelling schilderijen te maken. Op een dag begon het gezeur in mijn mond en dat mondde enkele dagen later uit in heftige kiespijn. Ik kocht kruidnagelen en duwde die tussen de kies maar dat hielp geen snars. Drank wel maar ik was niet van plan om de hele dag dronken te zijn, alleen s’avonds leek me voor de gelegenheid wel voldoende, al was het maar om te kunnen inslapen. Dus moest er een tandarts gevonden worden. Nu kende ik een aardige vrouw die psychiater was en haar broer net afgestudeerd tandarts. Dat leek toch modern genoeg. Ad hoc maakte ik een afspraak met haar broer die ook direct tijd had.
Hij was nog maar net begonnen en zijn instrumentarium, zijn gereedschap zeg maar, moest nog aardig worden uitgebreid. Hij had alleen een stoel, een lamp, een boor en wat losse onduidelijke materialen waarmee hij zich vertrouwt aan het maken was.
Achteroverliggend in zijn leren stoel beweerde hij na vluchtig onderzoek dat ik aan “secretaressestress” leed. Ik dacht dat ie een grapje maakte maar hij was bloedserieus. Het gevolg van “secretaressestress” was teruglopend tandvlees met pijn door overgevoeligheid als gevolg. Hij verkondigde zijn verhaal met zoveel overtuiging en ik had zoveel pijn dat de behandeling, alleen al vanwege de benodigde verdoving mij als muziek in de oren klonk. Hij vulde hier en daar het teruggelopen tandvlees op met wit neptandglazuur.
   Toen de verdoving was uitgewerkt kon ik weer aan de whisky en op zoek naar een echte tandarts. Het witte neptandglazuur zit er overigens nog steeds. De volgende tandarts werd mij door iemand uit het museum aangeraden. Deze was te vinden in een prachtig hoog Spaans gebouw. Het was een oudere man die een vriendelijke uitstraling had. Hij gaf me zo’n vertrouwd dokters gevoel. Maar toen ik ging zitten en terloops zijn gereedschappentafeltje in mijn ooghoeken zag glinsteren zag ik ook nogal wat bloed tussen de metalen tangen en boren liggen. Dat vond ik vies. Ik durfde niet verder te kijken, opende mijn mond en liet de man zijn werk doen.
“Een ontsteking”, zei hij beslist en schreef me anti-ontstekingsmiddelen voor.
Die nam ik, blij van hem af te zijn en al helemaal blij dat ie niet was gaan boren, met een bloedbespette boor. Die middelen leken even te helpen, vooral s’avonds, samen met de drank…
Ik moest twee dagen later plotseling naar Quito, de hoofdstad van Ecuador en pas daar vond ik een tandarts die de pijnlijke kies opnieuw vulde. Hij trok zijn gereedschap uit de muur, hetgeen een erg moderne indruk maakte waardoor ik meer vertrouwen in hem had dan in zijn voorgangers. Bovendien was het er schoon. Zijn behandeling hielp zei het dat ik pas later in Nederland een afdoende wortelkanaalbehandeling kreeg.

Nu heb ik dus weer last van een kies en wel van eentje waar ik in Nederland ook een wortelkanaalbehandeling voor heb gekregen, en dat net een half jaar geleden. Ik herinner me wel vaag dat mijn nieuwe tandarts nog iets zei over tijdelijke vulling.
Hoe dan ook, ik zit dus weer met kiespijn in het onbetrouwbare buitenland. Via onze aannemer – die nog grapte dat ie zelf genoeg gereedschap had om mij de “helpen” – belandde ik gisteren bij een Turkse tandarts in Avanos. Twee hoog, nette wachtkamer. Een jonge vrouw met lang krullend haar over haar spierwitte doktersjasje liet ons binnen. W was mee om te vertalen.

Pas in de behandelkamer ontmoette ik de tandarts zelf: en jonge vrouw met hoofddoekje, monddoekje en rubberen handschoenen. Mijn probleem werd uitgelegd, ik belandde in een roze tandartsstoel die nog in zijn kinderstand stond. Na de stoel op mijn maat te hebben ingesteld, stopte ze een soort langwerpig apparaatje in mijn mond en warempel: voor mij zag ik op een tv mijn gebit aan mij voorbij trekken. Het “mondiale” landschap verstilde bij de pijnlijke kies in kwestie. Daar stond het ding, de ellendeling, pontificaal op de beeldbuis. De jonge halfgesluierde arts zei meteen dat de vulling niet goed was.
En later, nadat de vertrouwde röntgenapparatuur zijn stralen erover hadden laten glijden beweerde ze ook nog dat de wortelkanaalbehandeling niet goed was gedaan. Die moest opnieuw. Er was een ontsteking in een van de twee zenuwbanen. En voor de pijn die dat veroorzaakte kreeg ik meteen een flinke dosis medicijnen voorgeschreven.
Ik keek hopeloos naar de aannemer H. en W. Was alles wel goed vertaald? Wel goed begrepen? Wel duidelijk overgekomen? Wel waar???
Ik hoefde eigenlijk alleen maar mijn kies te voelen om te weten dat er iets niet goed zat, of goed fout zat wat goed had moeten zijn.
De medicijnen slik ik nu, het voelt meteen een stuk beter. Maar nu de wortelkanaalbehandeling nog. Morgen maar een afspraak maken, die tv die vond ik wel erg "cool"…

 

Home   Paintings    C.V.  Reisverhalen inhoud