Bijbel
De Jona - prediking

Jona en de Walvis

Elisa

Uit Jona: "Het woord des Heren kwam ten tweeden male tot Jona: Maak u op, ga naar Ninevé, de grote stad, en breng haar de prediking die Ik tot u spreken zal. Toen maakte Jona zich op en ging naar Ninevé, overeenkomstig het woord des Heren. Ninevé nu was een geweldig grote stad, van drie dagreizen. En Jona begon de stad in te gaan, één dagreis, en hij predikte en zeide: Nog veertig dagen en Ninevé wordt ondersteboven gekeerd! En de mannen van Ninevé geloofden God en riepen een vasten uit en bekleedden zich, van groot tot klein, met rouwgewaden."

   De Here geeft de profeet Jona opdracht te gaan prediken in het verre Ninevé, de hoofdstad van Assyrië. De Here constateert dat daar veel onrechtvaardigheid heerst en vindt dat dit zo niet langer kan. Jona moet daar gaan vertellen dat als de bewoners zich niet bekeren, dat God dan de stad ondersteboven keert. De opdracht bevalt Jona allerminst en hij probeert zich er onderuit te werken. Hij boekt op een schip naar Tarsis, de andere kant op. Het schip belandt in een storm en de bemanning zet hem overboord. Jona wordt opgeslokt door een walvis, die hem keurig terugzet op het strand van het beloofde land. Jona ziet nu geen uitweg meer en gaat alsnog naar Ninevé.

   Het is altijd weer verbijsterend hoe actueel de boodschap uit de bijbel kan zijn. Ninevé was in de tijd van Jona wat tegenwoordig een wereldstad als New York is. AssyriŽ, waarvan Ninevé de hoofdstad was, gold in die tijd als de machtigste staat ter wereld, zeg maar zoals de Verenigde Staten dat nu zijn. De Assyriërs golden als een krijgslustig volk, dat druk bezig was zijn invloedsfeer uit te breiden. Voor landjes als Juda en Israël ging daarom een enorme dreiging uit van dat verre Assyrië. Zo kunnen mensen in het politiek onbeduidende Afghanistan of andere landjes in het Midden Oosten de verre Verenigde Staten en wereldsteden als New York ook ervaren als een bedreiging voor hun bestaan en voor hun geloof.

   Op een dag duikt in het machtige Ninevé een profeet op uit zo'n ver onbeduidend landje en die begint te prediken: als jullie niet ophouden met dat geweld en die veroveringen en jullie zondige levenswijze, dan keert God jullie stad ondersteboven! Duidelijke taal. Op een vergelijkbare manier kreeg de regering van de VS hardhandig te horen: als jullie je nog langer met ons bemoeien, dan keren wij New York ondersteboven. De schade bleef beperkt tot de Twin Towers, maar als Osama bin Laden ooit de beschikking krijgt over een atoombom, dan kan het verhaal wel eens veel meer gaan lijken op 'ondersteboven keren', zoals Jona dat predikte in Ninevé: Bekeer je of ik schiet! Doe wat ik zeg, of ik vernietig je!

   Het avontuur van Jona en de walvis lijkt een vriendelijk en humoristisch verhaaltje, dat het goed doet op zondagscholen en tijdens de bijbelles op school. Maar er schuilt een vreselijke boodschap in, waarvan wij ons niet altijd bewust zijn als we het onze kleintjes vertellen. Er zijn meer van dit soort vernietigingsverhalen. De Zondvloed bijvoorbeeld. God roeit alle mensen en dieren uit, minus een paar exemplaren van elke soort, omdat mensen 'onrechtvaardig' waren. Een ander voorbeeld is Sodom en Gomorra. Dit verhaal doet nog meer denken aan Osama bin Laden want voor zover bekend heeft Bin Laden niet eerst gewaarschuwd over wat er in New York en Washington te gebeuren stond of ultimatums gesteld. Ninevé krijgt tenminste nog veertig dagen de tijd om zich te bekeren, maar Sodom en Gomorra gaan meteen ondersteboven.

   Wel vraag je je dan af of de bewoners van zo'n grote trotse stad als Ninevé zich door zo'n profeetje uit een ver en onbeduidend landje werkelijk zomaar even laten ompraten tot geloof in een hen volslagen onbekende godheid. Als Osama bin Laden in Central Park begint te prediken dat alle Newyorkers zich tot Allah moeten bekeren, omdat anders New York ondersteboven wordt gekeerd, dan zal hij toch zeker geen massale bijval krijgen? Moeten wij dat willen dat trouwens, dat een complete stad zich pardoes tot Allah bekeert, van de ene dag op de andere? Of zelfs met veertig dagen bedenktijd? We moeten toch ook niet willen dat Kabul, Bagdad of Mekka zich van de ene op de andere dag van Allah tot God bekeren? Dat zou ons toch een zeer ongemakkelijk gevoel moeten geven, ook ons christenen?

   Je zou daarom denken dat er in Ninevé nog tal van mensen hebben rondgelopen die dachten: Ja zeg, kom, ik laat mij niet zomaar door een wildvreemde god chanteren! Jona begreep dat en dacht: laat God het zelf maar uitzoeken met Ninevé, ik ga die mensen niet chanteren, ik ben geen terrorist. Maar na zijn walvisavontuur bezwijkt hij alsnog. In feite werd ook Jona gechanteerd.

   Daarmee komen we tot het hoofdthema van de after-preek-discussie van deze week: Wat doe jij als de Here of een andere god jou probeert Zijn geloof op te leggen door middel van chantage? (Bijvoorbeeld door te zeggen: als jij niet gelooft, dan kom je niet in de hemel?) Zet je dan je geweten opzij en maak je dan een knieval om alsjeblieft maar behouden te worden? Net als de inwoners van Ninevé?
   Het neventhema luidt: Hoe voorzichtig moeten wij zijn met het vertellen van verhalen als Jona en de walvis aan kinderen? Of is het maar beter dit verhaal helemaal niet aan kinderen te vertellen?

Reageren?


Jona -prediking uitgesproken zondag 30 november 2001, Nederlands Vervormde Samen-Wegkerk, Julianaweg 4, te Dimpelle, ZH, 10.30 uur. Met after-preek-discussie.
Copyright - De Wonderwereld van de Bijbel

Bedenk altijd: Gods woord is eeuwig en onveranderlijk! Toch?

Zie het Gastenboek
Reageer in het Gastenboek!


 
= Home =